ID.nl logo
Waar het mis ging met BlackBerry
© Reshift Digital
Huis

Waar het mis ging met BlackBerry

ACHTERGROND - BlackBerry, het bedrijf dat eerder jarenlang opereerde onder de naam Research in Motion (RIM), houdt waarschijnlijk binnen een jaar op te bestaan. Overnamegesprekken zijn in volle gang. Waar ging het mis?

De fabrikant was ruim een decennia lang bepalend in de mobiele communicatie-industrie, maar moet noodgedwongen de strijd staken. Vrijdag bleek dat, ondanks het verschijnen van het nieuwe BlackBerry 10 platform, de omzet maar de helft was van eerder begroot, waardoor een koerswijziging noodzakelijk is en 4500 mensen ontslag zal worden aangezegd.

Waar ging het mis? BlackBerry heeft een flink aantal jaar koppig vastgehouden aan een smartphonestrategie die niet meer werkte: het bieden van veilige messaging-apparaten in een wereld waar apps de dienst uitmaken en gebruikers van alles met hun devices willen doen. De meeste journalisten voorspelden daarom al lange tijd dat het vroeg of laat afgelopen zou zijn. Afgelopen winter kwam BlackBerry nog, na het wegbonjouren van de oprichters, met het BlackBerry 10 OS op de proppen en de BlackBerry Z10 smartphone. Eindelijk was er dan toch een capabel modern mobiel computerplatform, terwijl het bedrijf tegelijkertijd het handelsmerk, de hoogstaande security, kon blijven bieden. Een toestel met het karakteristieke toetsenbord, de BlackBerry Q10, volgde enkele maanden later.

Securitykoning

Hoewel BlackBerry 10 geen bedreiging kon vormen voor iOS of Android, was het in veel opzichten wel het platform dat bedrijven zouden moeten kiezen om met goed beveiligde smartphones te werken. Daarbij denk ik vooral aan organisaties in finance, defensie, zorg en aan bestuurders. Een aantal sectoren heeft lange tijd geroepen dat ze zo'n platform nodig hadden en dat iOS en Android niet geschikt is geweest. Maar kennelijk niet - bedrijven kopen geen BlackBerry's, ondanks prima apparaten waarop BB10 draait. De nieuwe BlackBerry haalt het in veel opzichten niet bij de iPhones en high-end Android smartphones, maar als het draait om security, dan is de BlackBerry Z10 en Q10 goed genoeg, vooral als communicator-device.

Het trieste van alles is dat de meeste bedrijven die nog vasthouden aan BlackBerry vooral de oudere BlackBerry 7-modellen kopen en niet de nieuwe BlackBerry 10-types. Ik begrijp daar niets van. Misschien komt het omdat IT-organisaties niet in de nieuwe BlackBerry server willen investeren die nodig is om BlackBerry 10 te ondersteunen.

Ondertussen hebben iOS en Android afgelopen jaren flinke stappen geboekt op gebied van security, maar konden zij nooit tippen aan de standaarden van BlackBerry. Afgelopen week werd zelfs Windows Phone 8 nog gecertificeerd voor de belangrijke FIPS 140-2 encryptiestandaard. Het gevolg hiervan is dat veel bedrijven reden hebben gezien van BlackBerry af te stappen. Voormalig Gartner-analist Philip Redman heeft me onlangs verteld dat uit onderzoek onder bedrijven blijkt dat bijna niemand meer geïnteresseerd is in het aanschaffen van nieuwe BlackBerry's - laat staan BES10.

Bedrijven keerden Canadese fabrikant de rug toe

Ook Forrester schetst hetzelfde beeld. "De meeste klanten en ondervraagde bedrijven lopen weg van BlackBerry", zegt analist Charles Golvin. "Deze bedrijven zijn meestal tevreden met het niveau van de security in iOS en Android als deze worden aangevuld door goede MDM-oplossingen. Er zijn kleine niches waar BlackBerry sterk blijft vanwege de securitykroon, maar dit is marginaal te noemen."

De resultaten die BlackBerry presenteerde zijn zeer teleurstellend te noemen. Het bestuur van de fabrikant onderzoekt "strategische opties" als de verkoop van een deel of zelfs het gehele bedrijf. Reuters laat weten dat de interesse in BlackBerry klein is; in de smartphone-divisie zou zelfs niemand geïnteresseerd zijn. De patenten die de firma bezit zijn minder waard dan verwacht omdat ze afhangen van standaarden, wat betekent dat een koper vastzit aan vastgestelde licentiegelden. En BlackBerry's twee andere inkomstenstromen - zijn BlackBerry Enterprise Service (BES) beheerplatform en zijn netwerk operationscenter voor beveiligd berichtenverkeer - hebben alleen waarde als er BlackBerry's circuleren waarvan de berichten beveiligd moeten worden.

Het is daarom niet verrassend dat afgelopen week bericht werd dat BlackBerry 40 procent van zijn medewerkers de wacht aanzet voor het einde van het jaar. Het bedrijf kan niet anders. Het maakte vrijdag bekend dat het afgelopen kwartaal maar 1,6 miljard dollar omzet draaide, terwijl 3,2 miljard dollar verwacht werd. Ook moest voor bijna 1 miljard dollar aan onverkochte apparaten afgeschreven worden.

Ik heb eerder als grap gesuggereerd dat de NSA een geschikte partij zou zijn om BlackBerry op te kopen en dat is niet zo'n gekke gedachte. Overheidsdiensten hoven hun securitystandaarden niet te laten supporten door Apple, Google, Samsung en Microsoft en vormen een nichemarkt. Het kan daarom best zijn dat BlackBerry door een overheid wordt opgekocht.

BlackBerry heeft officieel gezien het bijltje er nog niet bij neer gegooid en zal dat ook niet doen. Vorige week kondigde het bedrijf nog de BlackBerry Z30 aan, een verbeterde, grotere versie van de Z10 die later deze herfst in de winkels zal liggen - mits de carriers besluiten het apparaat te verkopen. De eerste uitrol vindt plaats in het Verenigd Koninkrijk en het Midden-Oosten; markten waar BlackBerry beter presteert dan in Europa en de Verenigde Staten. Voor de rest van de wereld houdt BlackBerry het op "later dit jaar", wat in sommige delen van de wereld ook "nooit" zou kunnen betekenen.

BBM-mislukking aanstaande

BlackBerry zou afgelopen weekend een versie uitbrengen voor iOS en Android van zijn ooit populaire BlackBerry Messaging service (BBM), maar dat lukte niet vanwege technische problemen na het uitlekken van een vroege versie voor Android. Forrester-analist Golven zegt dat BlackBerry vooral hoopt hiermee geld te verdienen aan bedrijven die op een veilige manier berichten, voice en video willen behandelen. Maar hij heeft sterke twijfels bij het succes van deze strategie, aangezien de kleine klantenbasis van BBM en de beschikbaarheid van talloze (gratis) concurrerende diensten.

Het is nog te vroeg om te zeggen dat BlackBerry opgegeven is, maar er zijn genoeg signalen die daarop wijzen. Ik hoop dat ik het verkeerd heb, maar ik denk dat de BlackBerry Z30 de laatste BlackBerry is geweest.

Bron: ComputerWorld.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.