ID.nl logo
Waar voor je geld: deze 5 wasmachines zijn goedkoper dan ooit
© pixel-shot.com (Leonid Yastremskiy)
Huis

Waar voor je geld: deze 5 wasmachines zijn goedkoper dan ooit

Bij ID.nl zijn we dol op kwaliteitsproducten waar je niet de hoofdprijs voor betaalt. Een paar keer per week speuren we binnen een bepaald thema naar zulke deals. Ben je op zoek naar een goedkope wasmachine waarmee je weer járen vooruit kunt? Vandaag hebben we vijf interessante modellen voor je gespot.

Disclaimer: op het moment van schrijven zijn de besproken wasmachines goedkoper dan ooit. De prijzen kunnen schommelen.

Hisense WF5V163BW

Deze goedkope wasmachine van Hisense heeft een vulcapaciteit van maar liefst tien kilo. Om die reden leent de WF5V163BW zich perfect voor gezinnen. Kies op het overzichtelijke bedieningspaneel Sportkleding, Baby Care, Anti-Allergy, Katoen Wit, Katoen Kleur of een ander (supersnel) programma. Daarnaast kun je ook een speciaal reinigingsprogramma draaien. Zie je nog ergens een vuile trui of broek liggen? Geen probleem, want tijdens de wascyclus voeg je nog een kledingstuk toe. Als je deze slimme wasmachine met je thuisnetwerk verbindt, volg je de voortgang in de ConnectLife-app. Zo zie je op je smartphone wanneer de was klaar is en ontvang je bij een eventuele foutmelding gedetailleerde informatie.

Pluspunten zijn de ruime deuropening en trommelverlichting. Dankzij een hoog toerental van 1600 rotaties per minuut komt het wasgoed al relatief droog uit de trommel. Hierdoor profiteer je van een kortere droogtijd. Ondanks de hoge centrifugesnelheid is het energieverbruik nogal laag. Volgens het toegekende A-energielabel vereist de WF5V163BW jaarlijks 42 kilowattuur stroom bij gebruik van het Eco 40-60-programma. Vergeleken met andere wasmachines maakt dit exemplaar wel wat meer geluid. Ga tijdens het centrifugeren uit van een volumeniveau van 77 decibel.

Bosch WGG246Z0NL

Bosch vraagt in zijn eigen webshop voor deze degelijke wasmachine weliswaar 959 euro, maar enkele webshops duiken op het moment van schrijven ruimschoots onder dit bedrag. De specificaties zijn dik in orde. Zo past er negen kilo kleding in de trommel. Daarnaast ondersteunt de WGG246Z0NL een maximale centrifugesnelheid van 1600 rotaties per minuut. Hierbij maakt de wasmachine geen oorverdovend kabaal, want het geluidsniveau blijft steken op 74 decibel. Mooi meegenomen is het lage energieverbruik. Ga bij honderd wasjes uit van 49 kilowattuur. Dat is erg weinig!

Het Nederlandstalige bedieningspaneel spreekt eigenlijk voor zich. Alle gangbare wasprogramma's zijn beschikbaar, waaronder Sport, Jeans/Donkere was, Katoen en Wol. Je kunt ook nog voor een hygiënische of snelle cyclus kiezen. Verder verwijdert de WGG246Z0NL desgewenst vlekken en kreukels uit de kleding. Als de wasmachine eenmaal een programma is gestart, kun je ondertussen evengoed nog kledingstukken toevoegen. Nuttig voor het geval je nog ergens vuil wasgoed ziet liggen.

Whirlpool W7 89 SILENCE BE

Zoek je een goedkope wasmachine? Dit prijsvriendelijke model van Whirlpool is geschikt voor huishoudens tot zo'n drie à vier personen. Zoals de productnaam al aangeeft, maakt de W7 89 SILENCE BE relatief weinig geluid. Reken tijdens het centrifugeren op een snelheid van 1400 toeren per minuut op een volumeniveau van 72 decibel. Een ander speerpunt is het lage energieverbruik van 33 kilowattuur per honderd wasbeurten. In de verlichte trommel past maximaal acht kilo textiel, maar een lager gewicht kan uiteraard ook. Aan de hand van een laadsensor kiest dit witgoedproduct op eigen houtje een optimale wastijd.

Met behulp van de draaiknop en het display kies je tussen diverse gangbare wasprogramma's. Een goede toevoeging is de geïntegreerde stroomfunctie. Volgens de fabrikant ruikt de gewassen kleding hierdoor frisser. Je gebruikt deze functie optioneel om muf ruikende kleding in slechts twintig minuten op te frissen. Tot slot kun je ook een hygiënisch stoomprogramma starten. Whirlpool claimt dat daarmee nagenoeg alle bacteriën worden gedood.

Lees ook: Het ideale vulgewicht voor jouw wasmachine

Miele WSA 033 WCS Active

Wie denkt dat Miele-producten per definitie altijd erg duur zijn, heeft het mis. De hier besproken WSA033 WCS Active heeft namelijk een schappelijk prijskaartje. Hiermee haal je een wasmachine met een lange verwachte levensduur in huis. Diverse onderdelen zijn naar eigen zeggen getest op een gebruik van twintig jaar. Het Duitse kwaliteitsmerk richt zich met dit product op kleine huishoudens tot hoogstens drie personen. De trommel ondersteunt een vulgewicht van maximaal zeven kilo.

Je bepaalt op het aanraakdisplay op welke snelheid deze wasmachine centrifugeert. De maximale waarde bedraagt 1400 omwentelingen per minuut. Verder kun je op maximaal negentig graden wassen. Ten opzichte van andere wasmachines telt de WSA033 WCS Active iets minder programma's, want je kunt bijvoorbeeld geen sport of synthetica selecteren. Wel start je onder meer een energiezuinige of snelle cyclus. Dit apparaat heeft een energieverbruik van 51 kilowattuur per honderd wasbeurten en een geluidsproductie van 72 decibel.

Siemens WG44G2FONL

Voor Siemens-begrippen is de WG44G2FONL momenteel erg betaalbaar. Wegens het bescheiden geluidsniveau van 70 decibel maakt deze wasmachine ten opzichte van veel andere witgoedproducten niet zoveel lawaai. Overigens is deze waarde alleen van toepassing tijdens het centrifugeren op maximaal 1400 rotaties per minuut. Dit product is gecertificeerd met energielabel A. Het stroomverbruik van 49 kilowattuur per honderd wasjes is dan ook erg laag. Deze wasmachine is geschikt voor gezinnen, want de trommel heeft een riante capaciteit van negen kilo.

Je kiest op het Nederlandstalige bedieningspaneel het beoogde wasprogramma, zoals Hygiëne, Outdoor, Katoen, Eco 40-60, Fijne was of Wol. Je kunt ook nog vlekken en/of kreukels verwijderen. Als je iets snel nodig hebt, was je twee kilo kleding in slechts een kwartier schoon. Zie je na aanvang van een programma nog een vuile onderbroek of sok liggen? Stop dit kledingstuk dan gewoon tussentijds in de trommel. Afhankelijk van de belading voegt de WG44G2FONL precies genoeg wasmiddel toe.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.