ID.nl logo
🚱 7 dingen die je niet met water moet schoonmaken
© Vadym Drobot | Drobot Dean
Huis

🚱 7 dingen die je niet met water moet schoonmaken

Wie schoonmaken zegt, zegt water … toch? Niet altijd: sommige materialen en spullen kunnen daar niet goed tegen. Gelukkig zijn er slimme alternatieven. In dit artikel lees je waarvoor je beter geen water kunt gebruiken – en wat je dan wél kunt doen.

7X: Liever geen water! 1. Elektronische apparaten
2. Houten meubels
3. Gietijzeren pannen
4. Leer en suède
5. Fluweel en zijde
6. Muziekinstrumenten
7. Marmer

Natuurlijk lees je ook wat je dan wél kunt gebruiken!

Lees ook: Dit zijn de 10 meest gemaakte fouten tijdens het schoonmaken

1. Elektronische apparaten

❌ In elektronische apparaten zoals smartphones, laptops, televisies en andere gadgets zitten gevoelige interne circuits. Zelfs een kleine hoeveelheid water kan door openingen in het apparaat lekken en kortsluiting veroorzaken. Vooral bij moderne elektronica met veel aansluitingen en ventilatieopeningen is het risico groot.

✅ Gebruik voor het schoonmaken van elektronische apparaten een droge microvezeldoek om stof en vingerafdrukken te verwijderen. Voor hardnekkige vlekken kun je de doek licht bevochtigen met een oplossing van isopropylalcohol. Dit verdampt snel en laat geen vocht achter. Daarnaast kun je voor plekken zoals tussen toetsen of ventilatieroosters een busje perslucht gebruiken om stof en vuil weg te blazen.

Iso-wattes? Isopropylalcohol, ook wel bekend als IPA (niet te verwarren met het bier), is een veelgebruikt schoonmaak- en desinfectiemiddel. Het is een kleurloze, vluchtige vloeistof met een sterke geur, en het verdampt snel. Isopropylalcohol is populair vanwege zijn ontsmettende eigenschappen en omdat het snel droogt zonder resten achter te laten. In tegenstelling tot water, kan isopropylalcohol geen kortsluiting veroorzaken, omdat het geen elektrische stroom geleidt en snel verdampt zonder resten of vocht achter te laten. Hierdoor is het een veelgebruikt middel voor het schoonmaken van toetsenborden, schermen, en andere elektronica. Isopropylalcohol is meestal niet verkrijgbaar in gewone supermarkten, maar je kunt het wel vinden bij drogisterijen (zoals Kruidvat, Etos of DA), apotheken of gespecialiseerde winkels. Ook online is het makkelijk te bestellen. Het wordt vaak verkocht in verschillende concentraties, zoals 70% of 99%, waarbij de 70%-variant populair is voor desinfectie en schoonmaken. Bij een supermarkt kun je soms schoonmaakalcohol (ethanol) vinden, maar dit is niet hetzelfde als isopropylalcohol en heeft iets andere eigenschappen.

2. Houten meubels

❌ Hout is een natuurlijk, poreus materiaal dat water absorbeert. Door te veel water kan het uitzetten, waardoor het kromtrekt, scheurt of beschadigd raakt. Daarnaast kunnen er waterkringen of vlekken ontstaan, vooral op onbehandeld hout, die moeilijk te verwijderen zijn.

✅ Gebruik bij voorkeur een speciale houtreiniger of een mengsel van gelijke delen azijn en olie om houten meubels schoon te maken. Dit voedt het hout, voorkomt uitdroging en geeft een mooie glans. Wil je toch water gebruiken? Zorg er dan voor dat je een lichtvochtige doek gebruikt die goed uitgewrongen is, zodat er geen overtollig water op het hout blijft liggen. Maak na het schoonmaken het hout direct droog met een andere doek om te voorkomen dat vocht in het hout trekt.

3. Gietijzeren pannen

❌ Gietijzer heeft een natuurlijke anti-aanbaklaag die ontstaat door het inbranden van olie. Deze laag beschermt de pan tegen roesten en maakt koken makkelijker. Water kan deze laag beschadigen en ervoor zorgen dat het ijzer gaat roesten, vooral als de pan na het schoonmaken niet goed wordt afgedroogd.

✅ Om gietijzeren pannen schoon te maken, wrijf je de pan in met grof zout en een zachte doek of spons. Het zout werkt als een mild schuurmiddel dat etensresten verwijdert zonder de beschermende laag aan te tasten. Spoel de pan daarna kort af en droog hem grondig af met een doek. Vet de pan vervolgens licht in met een beetje olie om de beschermlaag intact te houden en roestvorming te voorkomen.

©Zarina Lukash - stock.adobe.com

4. Leer en en suède

❌ Zowel leer als suède zijn gevoelig voor vocht. Leer kan uitdrogen, verkleuren of stug worden als het met water in aanraking komt. Dit kan leiden tot barsten of vervorming. Suède, dat een ruwere textuur heeft, kan vlekken krijgen en vervormen als het nat wordt, waardoor de structuur ervan verloren gaat.

✅ Gebruik voor leren meubels een speciale leerreiniger, die vuil verwijdert zonder het leer te beschadigen of uit te drogen. Toch met water? Ook hier geldt: zo min mogelijk. Een lichtvochtige doek dus, met  een beetje zachte zeep. Daarna meteen afdrogen! Voor suède gebruik je een suèdeborstel om vuil en stof te verwijderen. Bij hardnekkige vlekken kun je voorzichtig witte azijn aanbrengen met een doekje. Suède mag nooit nat worden, omdat het daardoor blijvend kan beschadigen.

5. Fluweel en zijde

❌ Misschien heb je een bank met fluwelen bekleding, of zijden sierkussentjes. Als daar vlekken op komen, is schoonmaken met water geen goed idee. Zowel fluweel als zijde zijn gevoelig voor waterschade. Fluweel kan stug worden, terwijl zijde kan gaan vlekken of verkleuren als het nat wordt, vooral als het niet goed gedroogd wordt.

✅ Gebruik voor fluweel een speciale borstel om stof en vuil voorzichtig van het oppervlak te verwijderen. Een kledingstomer kan ook een goede optie zijn om kreukels en vuil te verwijderen zonder dat het materiaal nat wordt. Voor zijde gebruik je een speciale zijdereiniger, en hooguit een klein beetje koud(!) water. Wring vochtige zijde niet uit, maar laat het altijd liggend drogen, uit de buurt van direct zonlicht.

6. Muziekinstrumenten

❌ Veel muziekinstrumenten zijn gemaakt van hout, dat gevoelig is voor vocht. Water kan ervoor zorgen dat het hout vervormt. Bij metalen onderdelen kan water roest veroorzaken.

✅ Reinig houten instrumenten met een droge, zachte doek om stof en vingerafdrukken te verwijderen. Voor metalen onderdelen kun je een licht vochtige doek gebruiken, maar zorg ervoor dat je het instrument daarna direct droogt om roestvorming te voorkomen. Voor houten oppervlakken is het verder verstandig om een speciale houtreiniger of een wax te gebruiken.

©kvladimirv

7. Marmer

❌ Marmer is een poreus materiaal dat gemakkelijk vlekken absorbeert, vooral als het in contact komt met water in combinatie met zure schoonmaakmiddelen of etensresten zoals citroensap. Te veel water kan ervoor zorgen dat marmer dof wordt en kan kringen of blijvende vlekken achterlaten.

✅ Maak marmeren oppervlakken schoon met een mengsel van milde zeep en water, maar gebruik het in kleine hoeveelheden en zorg ervoor dat je het oppervlak direct droogt met een zachte doek. Het is belangrijk dat er geen water achterblijft. Voor hardnekkige vlekken kun je een speciaal marmerreinigingsproduct gebruiken, dat het oppervlak niet aantast en het marmer zijn glans behoudt.

Water? Soms dus niet!

Het is dus niet altijd het beste idee om meteen naar een emmer water of een natte vaatdoek te grijpen wanneer je iets wilt schoonmaken. Voor sommige voorwerpen en materialen kun je beter iets anders gebruiken. In de tabel hieronder hebben we alles nog even voor je op een rijtje gezet.

Materiaal of voorwerpAlternatief schoonmaakmiddel
Elektronische apparatenDroge microvezeldoek, isopropylalcohol
Houten meubelsHoutreiniger, mengsel van azijn en olie
Leer en suèdeLeerreiniger, suèdeborstel, zachte zeep
Gietijzeren pannenGrof zout en droge doek, eventueel olie
Fluwelen en zijden stoffenFluweelborstel, stoom, speciale zijdereiniger
MuziekinstrumentenDroge doek, speciale hout- of metaalreiniger
MarmerMilde zeep, marmerreinigingsproduct, direct drogen

P.S. Maar vaak gewoon wél!

Er blijven genoeg dingen in huis over die je wel met water mag schoonmaken. Denk aan tegels in je badkamer en keuken, glas en ramen en zelfs roestvrijstalen oppervlakken (RVS). Zorg er wel voor dat je RVS na het schoonmaken nadroogt om strepen te voorkomen.


Ook altijd met 💧
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.