ID.nl logo
Huis

Coöperatie Duurzame Energie voorziet hele buurt van groene stroom

Op het dak van de Haarlemse Fablo-tennishal liggen meer dan 1300 zonnepanelen. Niet om het bedrijf zelf van stroom te zien, maar om de lichten van 220 huishoudens in de buurt te laten branden. De samenwerking tussen bedrijven en burgers - het Coöperatie Duurzame Energie Ramplaan - om voor eigen, lokale en duurzame energie te zorgen blijkt een gouden combinatie.

Veel van de straten in het Ramplaankwartier in Haarlem lopen van noord naar zuid. Niet erg gunstig voor wie zonnepanelen op zijn dak wil leggen, vertelt Art den Boer. Hij is één van de vrijwilligers van de Coöperatie Duurzame Energie Ramplaan, de coöperatie die als één van de eersten in Nederland een samenwerking regelde tussen buurten en bedrijven om zonne-energie gedeeld aan te bieden. “Sowieso is het in steden zoals Haarlem vaak lastig om zonnepanelen aan te leggen”, vertelt Den Boer. “De huizen zijn vaak wat kleiner, en ouder. Het kost dan heel veel geld om dat ineens van groene stroom te moeten voorzien.”

De stichting bedacht daarom een onorthodox plan: in plaats van dat iedereen in de buurt zelf zonnepanelen zou neerleggen werd gekeken of het niet misschien samen gedaan kon worden, met de hulp van een ondernemer uit de buurt. Den Boer: “We vroegen ons af: als we zelf geen zonnepanelen kunnen plaatsen, zou het dan niet gewoon op een ander dak kunnen?” Dat bleek mogelijk nadat de leden van de coöperatie aan de praat kwamen met de eigenaar van een grote bloembollenhal in de buurt. De Fablohal is een groot gebouw dat in de winter wordt omgebouwd tot tennishal, en dat pal naast het Ramplaankwartier ligt – een echt onderdeel van de gemeenschap. “We spraken met de eigenaar, die ook wel enthousiast was over het plan om de zonnepanelen op zijn dak te leggen. ‘Ik gebruik dat dak verder toch niet’, was zijn redenatie.”

Plannen

De stichting ging veel lobbyen, flyerde op markten en sprak iedereen in de omgeving aan over de plannen. Na een tijd bleken er genoeg geïnteresseerden die ervoor open stonden te investeren in de zonnepanelen. Op de grote bedrijfshal net buiten de wijk werden 1.347 zonnepanelen geplaatst, die een aantal omliggende woningen in Haarlem en de dorpen Aerdenhout en Overveen van groene stroom voorzien. Makkelijk was dat niet. De coöperatie in de Ramplaan begon in 2011 met het kijken naar de mogelijkheden, maar het duurde tot september 2015 voor de zonnecentrale ook daadwerkelijk opende.

Het kostte veel tijd om genoeg buurtbewoners zover te krijgen te investeren in de plannen. Uiteindelijk vond de stichting genoeg leden die een intentieverklaring wilden tekenen. Maar het werven van leden was slechts één stap van de lange weg die de coöperatie moest bewandelen. Den Boer en zijn collega-vrijwilligers moesten in gesprek met veel partijen, zoals verzekeraars, investeerders, en zelfs het ministerie om de obstakels te overwinnen.

Het kostte veel tijd om genoeg buurtbewoners zover te krijgen te investeren in de plannen

-

Een groot probleem was de torenhoge energiebelasting die gebruikers bij het leggen van de zonnepanelen alsnog moesten betalen. Den Boer: “De elektriciteit wordt via het reguliere elektriciteitsnet naar de bewoners gestuurd. Dat betekent dat je er energiebelasting over moet betalen, en die is niet mis. De stroom zelf kost 4 cent per KWh, maar daar komt dan nog 17 cent belasting bovenop. Dat maakt het nou niet echt aantrekkelijk.” Daar kwam gelukkig al snel een einde aan, met de postcoderoosregeling die in 2014 inging. Daarbij is de eerste 10.000 kWh vrijgesteld van die energiebelasting.”

Een ander probleem waar de coöperatie tegenaan liep was de grootverbruikersaansluiting. “Die moesten we aanvankelijk verplicht nemen, maar dat kost heel veel geld. Dat hadden we niet zomaar liggen, en het doorberekenen aan de stroomafnemers was geen optie. Gelukkig heeft minister Kamp ook daar een oplossing voor bedacht. Een fysieke aansluiting is niet nodig, maar er moeten nog steeds wel gescheiden aansluitingen zijn. De oplossing is een virtuele aansluiting, waarbij er slechts een minimale technische aanpassing nodig is. Dat maakt de investering een stuk voordeliger.

Bovendien moest het elektriciteitsnet worden aangepast. Den Boer vergelijkt het huidige net met een boom, waarbij de dikke stam de oorspronkelijke stroomvoorziening is waar de energieleverancier aan voldoet, en de huishoudens die de stroom binnenkrijgen de takken. “Bij collectieve energie draai je dat echter om”, zegt Den Boer. “In dat geval komt er veel meer binnen vanuit één plek, juist bij die takken. Daarvoor moest er wat aangepast worden aan het stroomnet.”

©PXimport

Uitdagingen

Het is nog een hele opgave om een hele buurt voor zo’n lange tijd van stroom te voorzien. Je kijkt immers niet alleen naar de periode van zo’n 10 jaar die het kost om de investering terug te verdienen, maar ook naar het onderhoud van de zonnepanelen. Als er iets stuk gaat, moet dat natuurlijk gerepareerd worden. Bovendien is het moeilijk de energiebehoeftes voor lange tijd vast te leggen. Den Boer: “

Stel dat iemand nu meedoet met acht zonnepanelen, maar dat de kinderen daarvan over een paar jaar uit huis gaan. Ineens hoef je al die Xboxen niet meer aan te sluiten en gaat het stroomverbruik drastisch omlaag, zodat dat huishouden nog maar zes panelen nodig heeft.” Volgens Den Boer is dat met een coöperatie echter makkelijker te regelen. “Je kijkt dan gewoon wie er in de buurt juist ineens weer kinderen bij krijgt, of misschien heeft iemand verderop net een nieuwe Tesla gekocht en kan die nog wel wat extra stroom gebruiken.

Een ander probleem ligt bij de bedrijven zelf. “Je wilt niet hebben dat een bedrijf na vijf jaar zegt: ‘Weet je wat, eigenlijk hoef ik die panelen niet meer’, want dan zit de hele buurt ineens zonder stroom. We maken daarom van tevoren goede afspraken met de gebouweigenaren, die we ook notarieel laten vastleggen. Zo weten we zeker dat een bedrijf zijn dak voor minimaal 25 jaar beschikbaar stelt.” Hetzelfde geldt overigens voor de deelnemende leden zelf. Die tekenen vooraf een intentieverklaring waarin staat dat ze willen meedoen met het project.

Den Boer geeft toe dat veel van dergelijke bedrijven nu nog vooral meedoen vanuit de goedheid van hun hart. “Er zit weinig financiële motivatie achter, al zijn we inmiddels wel zo ver dat veel bedrijven een financiële vergoeding kunnen krijgen als ze aan een dergelijk project mee doen.” Dat moet ook wel, want het kost uiteindelijk wel tijd en geld om de zonnepanelen en het dak te onderhouden en om administratieve zaken te regelen. Meestal doen bedrijven echter mee omdat ze duurzaamheid of buurtgevoel nu eenmaal belangrijk vinden.

“Veel bedrijven die meedoen, zoals de Fablohal hier, zijn nauw verbonden met de gemeenschap en willen daar graag iets voor terugdoen. En door dat buurtgevoel raken ook bewoners weer meer betrokken bij hun wijk.” Volgens Den Boer ontstaat er zo een trots onder de buurtbewoners. “Normaal sta je niet zo stil bij waar je elektriciteit vandaan komt. Het komt uit de muur, het is er, en dat neem je voor lief terwijl je iedere maand tientjes afstaat aan een naamloze grote corporatie. Maar bij dit soort buurtinitiatieven voel je je toch trots: ‘Dit is ónze stroom die wíj met onze buurt hebben opgewekt’. En dat werkt voor bedrijven ook weer zo.”

Win-win

Aan de andere kant is het bedrijfstechnisch niet helemaal altruïstisch om mee te doen. Uiteindelijk moeten industrieën toch gaan ‘vergroenen’, en veel bedrijven beseffen dat ze beter vroeg dan laat kunnen instappen. Den Boer: “Veel steden hebben duurzaamheidsdoelstellingen. Haarlem wil bijvoorbeeld in 2040 helemaal klimaatneutraal zijn. Bedrijven moeten daar uiteindelijk linksom of rechtsom aan mee gaan werken, en je ziet dat dat op deze manier sneller gebeurt. Hetzelfde geldt voor het MVO-beleid (‘Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen’) wat steeds belangrijker wordt, dus bedrijven zoeken nu al manieren om daar invulling aan te geven.”

De meeste bedrijven doen nog mee uit de goedheid van hun hart, niet om financieel gewin

-

Volgens Den Boer wordt duurzaamheid ook steeds belangrijker bij de beslissing van klanten om met een bedrijf in zee te gaan. “‘Groen zijn’ is niet langer een wassen neus. Een bedrijf komt er niet meer mee weg om alleen te zeggen dat ze het milieu belangrijk vinden. Ze moeten het ook echt kunnen aantonen. Klanten letten daar steeds meer op, en stroomafnemers ook.”

Natuurlijk ontvangen de bedrijven zelf ook stroom van de voorziening. “Vaak zie je een hybride werking, waarbij bijvoorbeeld een kwart van de opgewekte stroom voor het bedrijf zelf is – dat heeft uiteindelijk toch meer nodig – en de rest voor de wijk. Dat is dus een win-win-situatie.”

De toekomst

De stap die daarop volgt is volgens Den Boer minstens zo belangrijk. Volgens hem gaan bedrijven na het plaatsen van zonnepanelen nadenken over wat ze nog méér kunnen doen. “Vaak zie je dat dit stap één is en dat bedrijven zo enthousiast zijn over zo’n initiatief dat ze verder gaan kijken. Misschien zijn er wel meer opties, zoals een gezamenlijke windmolen kopen. Of misschien kunnen ze samenwerken met de buurt om te zorgen dat die van aardgas kan afstappen.” Zulke dingen moeten in de toekomst toch gaan gebeuren, denkt Den Boer, maar het maakt een verschil in hoe je het aan burgers vraagt. “Een gemeente kan zeggen: ‘Over 25 jaar moet je van aardgas af zijn, zorg maar dat je het geregeld krijgt’, maar daar wordt niemand gelukkig van. Je bent beter af als je burgers en bedrijven stimuleert dat uit zichzelf te doen, omdat het nu eenmaal voor iedereen goed is.”

Het verschilt overigens erg per gemeente hoe daar tegenaan gekeken wordt, zegt Den Boer. De gemeente Haarlem vindt die stimulatie bijvoorbeeld belangrijk en stelt daarom de daken van het gemeentehuis beschikbaar voor een coöperatie van huishoudens in de binnenstad – maar lang niet iedere gemeente is nog zo vrijgevig.

Den Boer denkt dat het coöperatief afnemen van energie groot gaat worden. “Je ziet het in steeds meer steden gebeuren. In Breda is bijvoorbeeld een initiatief waar een groot veld is aangewezen voor het plaatsen van zonnepanelen. Dat kan hier in Haarlem eigenlijk niet omdat hier de ruimte niet is, maar per stad zijn er veel verschillen in hoe coöperaties te werk gaan.” Toch moet er nog veel gebeuren voor iedereen een zonnecellenproject kan opstellen, denkt Den Boer. “Het is nog te veel gedoe. Stichtingen, die bestaan uit vrijwilligers, zijn er nog veel tijd aan kwijt en voor veel deelnemers zit er ook nog een hoop werk aan vast. Waar we naartoe willen is dat iedereen lokaal opgewekte groene stroom kan krijgen zonder gedoe.”

▼ Volgende artikel
Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort
Huis

Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort

Valve heeft laten weten dat het eigenlijk al de bedoeling was dat we de prijs en releasedatum van de vorig jaar aangekondigde Steam Machine zouden weten. De bekendmaking van deze details is echter uitgesteld door het aanhoudende tekort van geheugen en opslag.

Dat liet het bedrijf weten in een blogpost. Daarin praat het bedrijf niet alleen over de Steam Machine - het aankomende apparaat van Valve waarmee pc-games op televisie gespeeld kunnen worden - maar ook de nieuwe Steam Controller en vr-headset Steam Frame.

"Toen we deze producten in november aankondigden, gingen we ervan uit dat we de specifieke prijzen en lanceringsdata nu wel al hadden kunnen delen", zo stelt Valve. "Maar de tekorten op het gebied van geheugen- en opslagcomponenten waar onze hele bedrijfstak mee kampt, zijn sindsdien behoorlijk toegenomen.  De beperkte beschikbaarheid en oplopende prijzen van deze cruciale onderdelen hebben ons ertoe gedwongen om onze plannen voor vraagprijs en levering bij te stellen (vooral voor de Steam Machine en Steam Frame)."

Valve laat weten dat het nog altijd de bedoeling is dat alle drie de producten ergens in de eerste helft van dit jaar verschijnen. "Er moet echter nog wel wat werk worden verzet voordat we de definitieve prijzen en lanceringsdata kunnen vastleggen, zeker gezien het feit dat de factoren die hierop van invloed zijn heel snel kunnen veranderen. We houden jullie zoveel mogelijk op de hoogte terwijl we proberen die plannen zo snel mogelijk rond te krijgen."

Stijgende RAM-prijzen

De aanhoudende tekorten en alsmaar stijgende prijzen voor geheugen zijn dus de oorzaak van het feit dat we de prijs en releasedatum van de Steam Machine nog niet weten. Prijzen van RAM (Random Access Memory) stijgen alsmaar doordat er massaal RAM nodig is om het alsmaar populairder wordende AI werkende te houden, en daardoor zijn er ook steeds minder componenten beschikbaar om de RAM te produceren. Onlangs gingen er al geruchten dat dit ook voor intern uitstel van de PlayStation 6 kan leiden.

Over de Steam Machine

De Steam Machine is een kubusvormig apparaat dat Steam-games af kan spelen. Het apparaat kan op televisie of een monitor aangesloten worden. In de Steam Machine zit een 'semi-custom' AMD-videokaart. In combinatie met FSR-upscalingtechniek is het in principe mogelijk om games in een resolutie van 4k en met zestig frames per seconde te spelen, zo wordt ook in de nieuwe blogpost benadrukt.

SteamOS dient als besturingssysteem, al wordt dit wel aangepast om het op een groter scherm bruikbaar te maken. Er zullen twee varianten van de Steam Machine beschikbaar komen: één met 2 TB aan opslag en één met 512 GB aan opslag. Tot slot kan ook de voorkant van de Steam Machine verwisseld worden om het apparaat een ander uiterlijk te geven.

View post on X
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites
© ER | ID.nl
Huis

Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites

Wil je snel een moderne website zonder ingewikkelde code en geavanceerde CMS-instellingen? Google Sites is verrassend veelzijdig! Je bedenkt een geschikte titel, voegt pagina’s toe en publiceert tot slot de volledige website met één klik. Lees hoe je binnen enkele uren een volwaardige website bouwt en vervolgens beheert.

We laten in dit artikel stapsgewijs zien hoe Google Sites werkt. Na afloop heb je voor jouw hobbyproject, vereniging of eetclubje een mooie website gebouwd. Technische kennis is niet nodig en ook heb je geen krachtige hardware nodig.

Site openen

Voor Google Sites is een Google-account vereist. Heb je dat nog niet, dan kun je jezelf gratis registreren. Ga in dat geval met een willekeurige browser naar www.kwikr.nl/gglac en doorloop via Account maken het aanmeldproces.

Je start eenvoudig met een nieuwe website. Ga naar https://sites.google.com en log zo nodig in met jouw Google-account. Er zijn diverse sjablonen beschikbaar. Daarmee kun je bijvoorbeeld vlot een portfolio, helppagina of fotogalerij optuigen. Wie zijn of haar website liever zelf wil vormgeven, begint het beste vanaf nul. Klik op Lege site om het ontwerpvenster te openen.

Misschien heb je al een onderwerp voor jouw website bedacht. Klik linksboven op Geef de naam van de site op en typ een relevante naam. Bedenk ook alvast een paginatitel. Zo krijgt de beginpagina van je website alvast wat smoel.

Begin je met een sjabloon of een lege site?

Korte rondleiding

Voordat je daadwerkelijk begint met 'bouwen' is het nuttig om even de indeling van Google Sites te verkennen. Rechts zie je drie vaste tabbladen voor het creëren van je site. Gebruik het onderdeel Invoegen om allerlei contentblokken op de pagina te plaatsen, zoals tekstvakken, afbeeldingen en knoppen. Met het onderdeel Pagina’s bepaal je de structuur van de website, terwijl je met Thema’s het uiterlijk aanpast.

Tijdens het ontwerpen wil je tussentijds wellicht zien hoe de website er aan de voorkant uitziet. Klik dan rechtsboven in de knoppenbalk op Voorbeeld (pictogram met laptop en smartphone). Gebruik de opties rechtsonder en zie hoe de pagina schaalt op een smartphone, tablet en desktop. Je klikt linksboven op het pijltje om weer terug te keren naar het ontwerpvenster.

Een pluspunt is dat Google Sites automatisch het concept opslaat. Behalve jijzelf ziet niemand de inhoud van de website. Pas wanneer je klaar bent om live te gaan, kun je de boel publiceren.

Gebruik de onderdelen Invoegen, Pagina’s en Thema’s om de website in te richten.

Openingsbeeld

Met het toevoegen van een openingsbeeld en een logo krijgt je website wat meer persoonlijkheid. Zweef met de muisaanwijzer boven het blok met de paginatitel en klik op Afbeelding / Uploaden. Selecteer nu een foto op je pc of laptop en kies Openen. Het gekozen beeld verschijnt direct op je website. In plaats van een lokaal opgeslagen afbeelding kun je ook beeld van een online bron selecteren, zoals Google Afbeeldingen, Foto’s of Drive. Klik in dat geval op Afbeelding / Selecteren.

Elke serieuze website heeft een eigen logo. Dat voeg je makkelijk toe. Zweef met de cursor linksboven de naam van de website en kies Logo toevoegen. Klik onder Logo op Uploaden en selecteer de gewenste afbeelding op je computer. Bevestig met Openen. Je voegt eventueel een alternatieve tekst aan het logo toe. Op die manier weten mensen met een visuele beperking wat het logo inhoudt.

Je kunt in hetzelfde menu ook een zogeheten favicon toevoegen. Dit kleine pictogram verschijnt in het tabblad van de browser. Nuttig voor de herkenbaarheid van jouw website. Klik rechtsboven op het kruisje om de instellingen te sluiten.

Plaats met enkele muisklikken een logo op de website.

Titel en broodtekst

Wie weet wil je jouw website vullen met interessante artikelen en mooie foto’s. We beginnen met het toevoegen van tekst. Ga in het rechterdeelvenster naar Invoegen en kies Tekstvak. Klik achter Normale tekst op het kleine pijltje en kies Titel, Kop of Subkop. Je typt vervolgens de tekst. Gebruik de opties in de werkbalk om onder andere het lettertype en de grootte te wijzigen. Verder verander je eventueel de kleur en voeg je desgewenst een emoticon toe.

Klik achter de zojuist getypte titel en druk op Enter. Je kunt nu naar hartenlust een artikel tikken. Maak belangrijke woorden bijvoorbeeld vet of onderstreep een opvallende zin. Daarnaast voeg je ook makkelijk een opsomming met nummers of opsommingstekens toe. Je maakt de openingspagina op die manier aantrekkelijk voor jouw toekomstige bezoekers.

Boven het tekstvak verschijnt een werkbalk met uiteenlopende opmaakfuncties.

Foto’s toevoegen

Een website met voornamelijk tekst is natuurlijk saai. Voeg daarom ook leuke foto’s toe. Ga naar Invoegen en klik daarna op Afbeeldingen / Uploaden. Je bladert op de computer naar de fotomap. Selecteer één of meer afbeeldingen en bevestig met Openen. Het beeld verschijnt meteen op de website. Je sleept de foto met ingedrukte muisknop eenvoudig naar de beoogde plek. Plaats op die manier bijvoorbeeld drie kiekjes naast elkaar.

Bepaal zelf of je een kleine of grote foto op de website wilt publiceren. Klik eerst op een afbeelding om deze te selecteren. Je past het formaat simpel aan. Doe dat door de blauwe bolletjes te slepen. Als je slechts een gedeelte van de afbeelding wilt gebruiken, maak je een uitsnede. Klik in de werkbalk boven het geselecteerde beeld op het pictogram Afbeelding bijsnijden. Alles wat binnen het fotokader valt, is op de website te zien. Gebruik zo nodig de schuifregelaar om in te zoomen. Sluit de bewerking via het vinkje.

Je kunt ook nog een bijschrift onder de afbeelding plaatsen. Selecteer een foto en klik in de werkbalk op het pictogram met de drie puntjes. Via Bijschrift toevoegen verschijnt er onder de afbeelding een tekstkader. Typ nu een relevante zin.

Google Sites ondersteunt alle gangbare fotoformaten.

Diavoorstelling

Wil je een heleboel foto’s laten zien? Wanneer je tientallen kiekjes aan een pagina toevoegt, wordt het al gauw een rommeltje. Google Sites bevat hiervoor een slimme oplossing. Creëer met een zogeheten afbeeldingscarrousel een soort diavoorstelling van jouw favoriete foto’s.

Ga in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen en scrol zo nodig een stukje omlaag. Kies Afbeeldingscarrousel en klik op Afbeelding toevoegen. Wijs nu via het plusteken en Afbeelding uploaden twee of meer foto’s aan. Zodra je op Openen klikt, verschijnen ze in het overzicht. Wijzig desgewenst de volgorde door een kiekje met ingedrukte muisknop te verplaatsen.

Je kunt nog wat opties van de diavoorstelling wijzigen. Klik rechtsboven op het pictogram van het tandwiel om de instellingen te openen. Beslis of je de diavoorstelling automatisch wilt starten. Je kunt hierbij de snelheid van de presentatie aanpassen. Kies tussen Snel, Medium, Traag en Erg traag. Geef ook aan in hoeverre je bijschriften wilt weergeven. In dat geval voeg je bij elk beeld een tekst toe. Zweef hiervoor boven de foto en klik op de spraakballon. Je kiest nu Bijschrift toevoegen, waarna je de tekst typt. Via Invoegen verschijnt de afbeeldingscarrousel op de webpagina.

Publiceer fraaie afbeeldingen in een diavoorstelling op jouw website.

Contentblok

In de voorgaande tips heb je artikelen en beelden als afzonderlijke blokken aan de website toegevoegd. Het is natuurlijk mooier wanneer tekst en beeld vloeiender in elkaar overlopen. Dat regel je met zogenoemde contentblokken.

Navigeer in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen. Merk op dat er zes verschillende contentblokken beschikbaar zijn. Kies bijvoorbeeld voor een afbeelding met aan de rechterkant een alinea. Hierbij staan tekst en beeld dus naast elkaar. Je kunt als alternatief ook drie plaatjes tonen met daaronder evenzoveel bijpassende teksten. In dat geval kies je voor een lay-out met drie kolommen.

Heb je een geschikt contentblok op het oog? Sleep dat dan met ingedrukte muisknop naar jouw website. De inhoud is nog leeg. Het staat je vrij om een verse foto te selecteren en nieuwe tekst te typen. Bovendien kun je ook een bestaand tekst- en beeldblok naar het contentblok slepen.

Met contentblokken krijgt de webpagina een heel andere indeling.

Overige tekstopties

Google Sites heeft nog meer bruikbare tekstopties in huis. Wil je bijvoorbeeld veel informatie compact presenteren, kies dan bij het onderdeel Invoegen voor Samenvouwbare groep. Typ hierbij eerst een korte kopregel en tik een uitgebreidere uitleg in het hoofdtekstvak. Dit is het gedeelte dat kan ‘uitklappen’.

Voor lange pagina’s is een automatisch gegenereerde inhoudsopgave een goede toevoeging. Als je op Inhoudsopgave klikt, verschijnen alle koppen van de bewuste pagina onder elkaar. Klikt de bezoeker op een kop, dan navigeert diegene direct naar de bijbehorende tekst. Wanneer je op een later moment een kop verandert, wijzigt de inhoudsopgave vanzelf mee.

Met een inhoudsopgave krijgt de webpagina meer structuur.

YouTube-video

Op YouTube is er over bijna ieder onderwerp wel een filmpje te vinden. Je kunt zo’n video desgewenst op je website publiceren. Dit noem je ook wel het embedden van een video. Overigens hoeft deze content niet per se van jezelf te zijn. Je kunt namelijk elk YouTube-filmpje aan jouw website toevoegen.

Ga naar het onderdeel Invoegen en kies YouTube. Mogelijk dien je hiervoor wel een eindje omlaag te scrollen. Je zoekt vanuit Google Sites rechtstreeks op YouTube. Typ één of meerdere trefwoorden en probeer interessant videomateriaal te vinden. Overigens plak je net zo makkelijk een link van een YouTube-video in het invoerveld. Klik op een geschikte video en bevestig rechtsonder met Invoegen.

Het filmpje verschijnt op de webpagina. Aan jou de taak om een geschikte plek te kiezen. Je kunt het videokader naar eigen inzicht verslepen. Pas verder ook de afmetingen van het filmpje aan. Dat werkt op soortgelijke wijze als je eerder met foto’s hebt gedaan. Versleep dus de blauwe bolletjes.

Zoek rechtstreeks in de enorme catalogus van YouTube naar interessante video’s.

Plattegrond

Soms is het nuttig om een plattegrond op de website te plaatsen. Wellicht wil je bijvoorbeeld een routebeschrijving naar een specifiek adres toevoegen. Dankzij een verhelderend kaartje weet de bezoeker precies waar hij of zij terechtkan.

Klik in het onderdeel Invoegen op Kaart. Er komt een nieuw Google Maps-venster tevoorschijn. Zoek naar de locatie waarvan je een plattegrond wilt toevoegen. Je kunt bijvoorbeeld op de naam van een bedrijf of straat zoeken. Google Maps plaatst een rood markeringsteken op het kaartje, maar dat kun je naar eigen inzicht verplaatsen. Tevreden? Publiceer deze plattegrond dan met Selecteren op de webpagina.

Kies welke plattegrond van Google Maps je wilt toevoegen.

Extra webpagina’s

Tot dusver hebben we alleen de beginpagina onder handen genomen. Een website bestaat meestal uit meerdere webpagina’s. Die kun je makkelijk toevoegen. Open in het rechterdeelvenster het onderdeel Pagina’s. Je ziet hier als het goed is de homepage al staan. Zweef met de muisaanwijzer boven het plusteken en kies Nieuwe pagina. Bedenk een relevante naam, waarna je via Klaar deze pagina daadwerkelijk aan de website toevoegt.

Er verschijnt nu een leeg ontwerpvenster. Alleen diverse vaste elementen zijn van de beginpagina overgenomen, zoals de websitetitel, het openingsbeeld en het logo. De paginatitel is al voor je ingevuld, maar die kun je eenvoudig wijzigen. Merk op dat er rechtsboven een menu zichtbaar is. Bezoekers kunnen zo tussen verschillende pagina’s van jouw website navigeren. Vul iedere nieuwe pagina onder meer met tekst-, beeld- en contentblokken zoals je in eerdere tips hebt geleerd.

Voeg aan de website zoveel pagina’s toe als je maar wilt.

Submenu’s

Als je flink wat webpagina’s hebt toegevoegd, wordt het al gauw onoverzichtelijk. Je lost dit euvel op door submenu’s te gebruiken. Klik achter de naam van een pagina op het pictogram met de drie puntjes en kies Subpagina toevoegen. Je geeft deze pagina een naam en bevestigt met Klaar. Merk op dat de subpagina onder de hoofdpagina wordt weergegeven. Bovendien verschijnt er in het navigatiemenu van jouw website nu een pijltje met onderliggende pagina’s. Zorg zo voor een logische navigatiestructuur.

Als je een uitgebreide website maakt, ligt het gebruik van subpagina’s voor de hand.

Thema wijzigen

Met een thema wijzig je in één keer de opmaak van jouw website, zoals het lettertype en de kleuren. Google Sites heeft van zichzelf enkele standaardthema’s in huis. Klik in het rechterdeelvenster op het onderdeel Thema’s en kies onder Gemaakt door Google een van de suggesties. Het uiterlijk wijzigt meteen. Bij ieder thema kun je een kleurtje en letterstijl kiezen.

Je kunt ook zelf een nieuw thema creëren. Daarmee heb je meer invloed op de vormgeving van jouw website. Klik in de rechterbalk onder Custom op het plusteken. Geef het nieuwe thema een naam. Je kunt eventueel een logo en bannerafbeelding (openingsbeeld) toevoegen. Wanneer je dat in een eerdere tip al hebt gedaan, laat je deze opties leeg. Klik op Volgende. Je selecteert een mooi kleurenpalet en klikt wederom op Volgende. Kies nu voor de titels en hoofdtekst een prettig lettertype. Sluit via Thema maken het venster.

De naam van je nieuwe thema verschijnt in het rechterdeelvenster. Je kunt nu allerlei details aanpassen. Klik maar eens op Kleuren en verander de vormgeving van de achtergrond, titels en hoofdtekst. In de overige opties wijzig je onder andere de regelafstand, sitebreedte en positie van het navigatiemenu. Er is zéér veel mogelijk!

Geef jouw website met een (standaard)thema een andere huisstijl.

Publiceren

Ben je helemaal tevreden over jouw website? Hoog tijd om het openbaar te maken! Klik rechtsboven op de blauwe knop Publiceren. Het (gratis) domein begint altijd met https://sites.google.com/view/. Het einde van deze url kun je zelf verzinnen. In ons voorbeeld is de volledige link https://sites.google.com/view/curacao-tips.

Is de websitenaam al bezet, dan geeft Google Sites dat netjes aan. Bedenk in dat geval iets anders. Overigens zijn er ook mogelijkheden om een eigen domeinnaam te koppelen, maar daar zijn kosten aan verbonden. Je dient de beoogde url dan eerst bij een geschikte domeinprovider te kopen. Klik tot slot op Publiceren. Bezoekers kunnen nu je gepubliceerde website bewonderen.

Bepaal onder welk webadres je de website wilt publiceren.