ID.nl logo
Huis

Coöperatie Duurzame Energie voorziet hele buurt van groene stroom

Op het dak van de Haarlemse Fablo-tennishal liggen meer dan 1300 zonnepanelen. Niet om het bedrijf zelf van stroom te zien, maar om de lichten van 220 huishoudens in de buurt te laten branden. De samenwerking tussen bedrijven en burgers - het Coöperatie Duurzame Energie Ramplaan - om voor eigen, lokale en duurzame energie te zorgen blijkt een gouden combinatie.

Veel van de straten in het Ramplaankwartier in Haarlem lopen van noord naar zuid. Niet erg gunstig voor wie zonnepanelen op zijn dak wil leggen, vertelt Art den Boer. Hij is één van de vrijwilligers van de Coöperatie Duurzame Energie Ramplaan, de coöperatie die als één van de eersten in Nederland een samenwerking regelde tussen buurten en bedrijven om zonne-energie gedeeld aan te bieden. “Sowieso is het in steden zoals Haarlem vaak lastig om zonnepanelen aan te leggen”, vertelt Den Boer. “De huizen zijn vaak wat kleiner, en ouder. Het kost dan heel veel geld om dat ineens van groene stroom te moeten voorzien.”

De stichting bedacht daarom een onorthodox plan: in plaats van dat iedereen in de buurt zelf zonnepanelen zou neerleggen werd gekeken of het niet misschien samen gedaan kon worden, met de hulp van een ondernemer uit de buurt. Den Boer: “We vroegen ons af: als we zelf geen zonnepanelen kunnen plaatsen, zou het dan niet gewoon op een ander dak kunnen?” Dat bleek mogelijk nadat de leden van de coöperatie aan de praat kwamen met de eigenaar van een grote bloembollenhal in de buurt. De Fablohal is een groot gebouw dat in de winter wordt omgebouwd tot tennishal, en dat pal naast het Ramplaankwartier ligt – een echt onderdeel van de gemeenschap. “We spraken met de eigenaar, die ook wel enthousiast was over het plan om de zonnepanelen op zijn dak te leggen. ‘Ik gebruik dat dak verder toch niet’, was zijn redenatie.”

Plannen

De stichting ging veel lobbyen, flyerde op markten en sprak iedereen in de omgeving aan over de plannen. Na een tijd bleken er genoeg geïnteresseerden die ervoor open stonden te investeren in de zonnepanelen. Op de grote bedrijfshal net buiten de wijk werden 1.347 zonnepanelen geplaatst, die een aantal omliggende woningen in Haarlem en de dorpen Aerdenhout en Overveen van groene stroom voorzien. Makkelijk was dat niet. De coöperatie in de Ramplaan begon in 2011 met het kijken naar de mogelijkheden, maar het duurde tot september 2015 voor de zonnecentrale ook daadwerkelijk opende.

Het kostte veel tijd om genoeg buurtbewoners zover te krijgen te investeren in de plannen. Uiteindelijk vond de stichting genoeg leden die een intentieverklaring wilden tekenen. Maar het werven van leden was slechts één stap van de lange weg die de coöperatie moest bewandelen. Den Boer en zijn collega-vrijwilligers moesten in gesprek met veel partijen, zoals verzekeraars, investeerders, en zelfs het ministerie om de obstakels te overwinnen.

Het kostte veel tijd om genoeg buurtbewoners zover te krijgen te investeren in de plannen

-

Een groot probleem was de torenhoge energiebelasting die gebruikers bij het leggen van de zonnepanelen alsnog moesten betalen. Den Boer: “De elektriciteit wordt via het reguliere elektriciteitsnet naar de bewoners gestuurd. Dat betekent dat je er energiebelasting over moet betalen, en die is niet mis. De stroom zelf kost 4 cent per KWh, maar daar komt dan nog 17 cent belasting bovenop. Dat maakt het nou niet echt aantrekkelijk.” Daar kwam gelukkig al snel een einde aan, met de postcoderoosregeling die in 2014 inging. Daarbij is de eerste 10.000 kWh vrijgesteld van die energiebelasting.”

Een ander probleem waar de coöperatie tegenaan liep was de grootverbruikersaansluiting. “Die moesten we aanvankelijk verplicht nemen, maar dat kost heel veel geld. Dat hadden we niet zomaar liggen, en het doorberekenen aan de stroomafnemers was geen optie. Gelukkig heeft minister Kamp ook daar een oplossing voor bedacht. Een fysieke aansluiting is niet nodig, maar er moeten nog steeds wel gescheiden aansluitingen zijn. De oplossing is een virtuele aansluiting, waarbij er slechts een minimale technische aanpassing nodig is. Dat maakt de investering een stuk voordeliger.

Bovendien moest het elektriciteitsnet worden aangepast. Den Boer vergelijkt het huidige net met een boom, waarbij de dikke stam de oorspronkelijke stroomvoorziening is waar de energieleverancier aan voldoet, en de huishoudens die de stroom binnenkrijgen de takken. “Bij collectieve energie draai je dat echter om”, zegt Den Boer. “In dat geval komt er veel meer binnen vanuit één plek, juist bij die takken. Daarvoor moest er wat aangepast worden aan het stroomnet.”

©PXimport

Uitdagingen

Het is nog een hele opgave om een hele buurt voor zo’n lange tijd van stroom te voorzien. Je kijkt immers niet alleen naar de periode van zo’n 10 jaar die het kost om de investering terug te verdienen, maar ook naar het onderhoud van de zonnepanelen. Als er iets stuk gaat, moet dat natuurlijk gerepareerd worden. Bovendien is het moeilijk de energiebehoeftes voor lange tijd vast te leggen. Den Boer: “

Stel dat iemand nu meedoet met acht zonnepanelen, maar dat de kinderen daarvan over een paar jaar uit huis gaan. Ineens hoef je al die Xboxen niet meer aan te sluiten en gaat het stroomverbruik drastisch omlaag, zodat dat huishouden nog maar zes panelen nodig heeft.” Volgens Den Boer is dat met een coöperatie echter makkelijker te regelen. “Je kijkt dan gewoon wie er in de buurt juist ineens weer kinderen bij krijgt, of misschien heeft iemand verderop net een nieuwe Tesla gekocht en kan die nog wel wat extra stroom gebruiken.

Een ander probleem ligt bij de bedrijven zelf. “Je wilt niet hebben dat een bedrijf na vijf jaar zegt: ‘Weet je wat, eigenlijk hoef ik die panelen niet meer’, want dan zit de hele buurt ineens zonder stroom. We maken daarom van tevoren goede afspraken met de gebouweigenaren, die we ook notarieel laten vastleggen. Zo weten we zeker dat een bedrijf zijn dak voor minimaal 25 jaar beschikbaar stelt.” Hetzelfde geldt overigens voor de deelnemende leden zelf. Die tekenen vooraf een intentieverklaring waarin staat dat ze willen meedoen met het project.

Den Boer geeft toe dat veel van dergelijke bedrijven nu nog vooral meedoen vanuit de goedheid van hun hart. “Er zit weinig financiële motivatie achter, al zijn we inmiddels wel zo ver dat veel bedrijven een financiële vergoeding kunnen krijgen als ze aan een dergelijk project mee doen.” Dat moet ook wel, want het kost uiteindelijk wel tijd en geld om de zonnepanelen en het dak te onderhouden en om administratieve zaken te regelen. Meestal doen bedrijven echter mee omdat ze duurzaamheid of buurtgevoel nu eenmaal belangrijk vinden.

“Veel bedrijven die meedoen, zoals de Fablohal hier, zijn nauw verbonden met de gemeenschap en willen daar graag iets voor terugdoen. En door dat buurtgevoel raken ook bewoners weer meer betrokken bij hun wijk.” Volgens Den Boer ontstaat er zo een trots onder de buurtbewoners. “Normaal sta je niet zo stil bij waar je elektriciteit vandaan komt. Het komt uit de muur, het is er, en dat neem je voor lief terwijl je iedere maand tientjes afstaat aan een naamloze grote corporatie. Maar bij dit soort buurtinitiatieven voel je je toch trots: ‘Dit is ónze stroom die wíj met onze buurt hebben opgewekt’. En dat werkt voor bedrijven ook weer zo.”

Win-win

Aan de andere kant is het bedrijfstechnisch niet helemaal altruïstisch om mee te doen. Uiteindelijk moeten industrieën toch gaan ‘vergroenen’, en veel bedrijven beseffen dat ze beter vroeg dan laat kunnen instappen. Den Boer: “Veel steden hebben duurzaamheidsdoelstellingen. Haarlem wil bijvoorbeeld in 2040 helemaal klimaatneutraal zijn. Bedrijven moeten daar uiteindelijk linksom of rechtsom aan mee gaan werken, en je ziet dat dat op deze manier sneller gebeurt. Hetzelfde geldt voor het MVO-beleid (‘Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen’) wat steeds belangrijker wordt, dus bedrijven zoeken nu al manieren om daar invulling aan te geven.”

De meeste bedrijven doen nog mee uit de goedheid van hun hart, niet om financieel gewin

-

Volgens Den Boer wordt duurzaamheid ook steeds belangrijker bij de beslissing van klanten om met een bedrijf in zee te gaan. “‘Groen zijn’ is niet langer een wassen neus. Een bedrijf komt er niet meer mee weg om alleen te zeggen dat ze het milieu belangrijk vinden. Ze moeten het ook echt kunnen aantonen. Klanten letten daar steeds meer op, en stroomafnemers ook.”

Natuurlijk ontvangen de bedrijven zelf ook stroom van de voorziening. “Vaak zie je een hybride werking, waarbij bijvoorbeeld een kwart van de opgewekte stroom voor het bedrijf zelf is – dat heeft uiteindelijk toch meer nodig – en de rest voor de wijk. Dat is dus een win-win-situatie.”

De toekomst

De stap die daarop volgt is volgens Den Boer minstens zo belangrijk. Volgens hem gaan bedrijven na het plaatsen van zonnepanelen nadenken over wat ze nog méér kunnen doen. “Vaak zie je dat dit stap één is en dat bedrijven zo enthousiast zijn over zo’n initiatief dat ze verder gaan kijken. Misschien zijn er wel meer opties, zoals een gezamenlijke windmolen kopen. Of misschien kunnen ze samenwerken met de buurt om te zorgen dat die van aardgas kan afstappen.” Zulke dingen moeten in de toekomst toch gaan gebeuren, denkt Den Boer, maar het maakt een verschil in hoe je het aan burgers vraagt. “Een gemeente kan zeggen: ‘Over 25 jaar moet je van aardgas af zijn, zorg maar dat je het geregeld krijgt’, maar daar wordt niemand gelukkig van. Je bent beter af als je burgers en bedrijven stimuleert dat uit zichzelf te doen, omdat het nu eenmaal voor iedereen goed is.”

Het verschilt overigens erg per gemeente hoe daar tegenaan gekeken wordt, zegt Den Boer. De gemeente Haarlem vindt die stimulatie bijvoorbeeld belangrijk en stelt daarom de daken van het gemeentehuis beschikbaar voor een coöperatie van huishoudens in de binnenstad – maar lang niet iedere gemeente is nog zo vrijgevig.

Den Boer denkt dat het coöperatief afnemen van energie groot gaat worden. “Je ziet het in steeds meer steden gebeuren. In Breda is bijvoorbeeld een initiatief waar een groot veld is aangewezen voor het plaatsen van zonnepanelen. Dat kan hier in Haarlem eigenlijk niet omdat hier de ruimte niet is, maar per stad zijn er veel verschillen in hoe coöperaties te werk gaan.” Toch moet er nog veel gebeuren voor iedereen een zonnecellenproject kan opstellen, denkt Den Boer. “Het is nog te veel gedoe. Stichtingen, die bestaan uit vrijwilligers, zijn er nog veel tijd aan kwijt en voor veel deelnemers zit er ook nog een hoop werk aan vast. Waar we naartoe willen is dat iedereen lokaal opgewekte groene stroom kan krijgen zonder gedoe.”

▼ Volgende artikel
Maak een lichtgewicht Windows met Tiny11 Builder
© ID.nl
Huis

Maak een lichtgewicht Windows met Tiny11 Builder

Windows is een veelzijdig besturingssysteem, maar compact en gestroomlijnd kun je het niet noemen. Bovendien lijkt elke nieuwe versie er weer extra functies en onderdelen bij te krijgen. Kan het niet wat compacter? Met de juiste hulpmiddelen draai je hier je hand niet voor om: alles voor een lichtgewicht Windows 11.

Wat gaan we doen?

Dit artikel bestaat uit twee delen. In het eerste deel gaan we aan de slag met het gratis Tiny11 Builder. Hiermee maak je een compacte Windows-versie, die je vervolgens kunt installeren. Wil je liever je bestaande Windows 11 compacter maken en Windows niet opnieuw installeren? Daarover lees je in het tweede deel, waarbij we de hulp inroepen van het programma CrapFixer. 

Lees ook: De verborgen parels van Windows 11: deze apps moet je hebben

Aan de slag met Tiny 11

Tiny11 bestaat uit een set hulpmiddelen waarmee je Windows 11 op dieet zet en zorgt voor een lichtgewicht versie van het besturingssysteem. Het werkt grotendeels met scripts die specifieke onderdelen uit de software verwijderen. Resultaat is een compacte versie van Windows die je op de computer kunt installeren. Tiny11 is beschikbaar in twee varianten. De eerste – Tiny11 Maker – is de standaardversie die Windows flink afslankt, maar waarbij je de mogelijkheid houdt om gangbare functies alsnog toe te voegen. Denk aan talen, updates en Windows-onderdelen die je wél graag gebruikt. De tweede variant – Tiny11 Core Maker – pakt het rigoureuzer aan: deze versie stript Windows tot een minimum. Je kunt de eerdergenoemde functies niet meer toevoegen. Volgens de makers leent zo'n ultraslanke Windows-versie zich voor testdoeleinden en is de versie bijvoorbeeld ideaal om in een virtuele machine te gebruiken. Voor dagelijks gebruik is zo'n Windows-versie niet bruikbaar.

Je vindt Tiny11 Builder via GitHub.

Het voorwerk

Om te beginnen, zorg je voor de meest recente versie van Windows 11. Op het moment van schrijven is dat Windows 11 25H2. Je haalt deze versie binnen via https://www.microsoft.com/nl-nl/software-download/windows11. Kies voor het iso-bestand. Die vind je onder Download Windows 11-schijfkopiebestand (ISO) voor x64-apparaten. In het menu selecteer je Windows 11 (multi-versie ISO-bestand voor x64-apparaten) en klik je op Download nu. Wanneer hierom wordt gevraagd, kies je de gewenste taal. Sla het iso-bestand op in een aparte map, die je bijvoorbeeld Windows 11 Compact noemt. Vervolgens haal je de nieuwste versie van Tiny11 op via de eerdergenoemde website. Je vindt het installatiebestand boven aan de pagina. Klik op de knop Code en kies Download ZIP. Pak het zip-bestand uit en plaats het bestand Tiny11maker.ps1 op een eenvoudige locatie, bijvoorbeeld in de root op de C:\-schijf. Je beschikt nu over alles om van start te gaan.

Download de meest recente iso van Microsofts website.

Koppelen

Keer terug naar de map waarin je het iso-bestand hebt opgeslagen. Klik met de rechtermuisknop op het bestand en kies voor Koppelen. Hiermee koppel je de Windows-installatiebestanden aan een virtuele schijf, zodat Tiny11 ermee kan werken. Links in het venster van Verkenner verschijnt de schijf, bijvoorbeeld F:. Als je erop klikt, toont de Verkenner de Windows-installatiebestanden. Onthoud welke schijfletter wordt gebruikt: dit heb je later nodig.

Tiny11 bestaat uit een script dat je aanroept via PowerShell. PowerShell is het scripting-onderdeel van Windows. Open het Startmenu en typ PowerShell. Klik met de rechtermuisknop op Windows PowerShell en kies Als administrator uitvoeren. Een nieuw venster opent. Typ op de opdrachtregel: Set-ExecutionPolicy Bypass -Scope Process. Druk op Enter. Vervolgens typ je de opdracht om Tiny11 Maker te starten: C:\LOCATIE\tiny11maker.ps1 -ISO <LETTER> -SCRATCH <LETTER>. Neem de opdracht letterlijk over, maar vervang LOCATIE door de locatie waar je het Tiny11-script hebt bewaard. Vervang achter -ISO de <LETTER> door de schijfletter van het iso-bestand van Windows, bijvoorbeeld F. Vervang achter -SCRATCH de <LETTER> door de schijfletter waarmee Tiny11 met de bestanden mag werken en opslaan, bijvoorbeeld C. De opdracht kan er dus zo uitzien: C:\tiny11maker.ps1 -ISO F -SCRATCH C.

Je voert het script van Tiny11 uit via de PowerShell-opdrachtregel.

Welke versie

Het iso-bestand van Windows bevat de bestanden voor verschillende Windows-edities, zoals Windows 11 Home en Windows 11 Pro. Tiny11 vraagt welke Windows-versie je wilt afslanken. Elke editie heeft een eigen nummer: typ het nummer van de gewenste editie en druk op Enter. Het grootste deel van het werk zit erop. Kies wel een Windows-versie waarvoor je over een geldige licentie beschikt.

Kies de gewenste versie van Windows 11.

Installeren maar

Tiny11 heeft een nieuwe iso met Windows-installatiebestanden gemaakt. Het bestand heet Tiny11.iso. Met behulp van deze iso en een usb-stick kun je vervolgens een schone installatie van het afgeslankte Windows uitvoeren. Je kunt een opstartbare usb-stick op verschillende manieren maken, waaronder met Rufus. Ga naar https://rufus.ie/nl/ en haal de nieuwste versie binnen. Start de app en wijs bij Apparaat de usb-stick aan. Je hebt een stick met een minimale capaciteit van 8 GB nodig. Bij Opstartselectie kies je Schijf of ISO-image en klik je op Selecteren. Wijs het zojuist gemaakte iso-bestand van Tiny11 aan. Klik tot slot op Starten. Om de afgeslankte versie van Windows op een computer te installeren, start je deze op met de usb-stick. Doorloop de stappen van de installatiewizard, zoals je ook zou doen bij een gangbare installatie. Het resultaat: een afgeslankte Windows-versie.

Met Rufus maak je betrekkelijk eenvoudig een opstartbare usb-stick.

Handig voor Rufus:

USB-sticks in allerlei formaten
Opstartvolgorde

Probeer je de computer op te starten met de usb-stick en lukt het niet? Controleer in de BIOS-instellingen van de computer of de computer daadwerkelijk opstart vanaf de usb-stick. Open de BIOS-instellingen (vaak door het indrukken van de Delete- of F1-toets tijdens het opstarten) en zoek naar een optie die gelijk is aan Boot Order. Zorg dat de usb-stick eerst wordt gebruikt tijdens het opstarten.

Weer opbouwen

Prettig aan de compacte versie van Windows is de mogelijkheid om naderhand de onderdelen toe te voegen die je wel degelijk gebruikt. Heb je gekozen voor Tiny11 Maker (en niet voor Tiny11 Core), dan is dit mogelijk. Open het Startmenu, typ Onderdelen en kies Windows-onderdelen in- of uitschakelen. Plaats vinkjes naast de componenten die je wilt gebruiken. Daarnaast vind je een deel van de standaard-apps via de Microsoft Store: open het Startmenu, typ Store en kies Microsoft Store. Kies Apps en ga op zoek naar de apps die je alsnog wilt gebruiken, bijvoorbeeld Outlook.

Achteraf weer zaken toevoegen.

Tiny11 Core

Heb je de smaak te pakken en wil je een nog compactere Windows-versie? Dan kun je Tiny11 Core overwegen. Deze vind je op dezelfde pagina als het andere Tiny11-script. De resulterende Windows-versie ontbeert alle onderdelen die ook door Tiny11 Maker worden verwijderd, maar haalt ook weg: Windows Component Store, Windows Defender, Windows Update en WinRE. Vooral Windows Update is een onderdeel dat je niet graag kwijt wilt, tenzij je de Windows-versie tijdelijk wilt gebruiken om bijvoorbeeld iets te proberen, en daarbij Windows in een virtuele machine installeert. Met Tiny11 Core een Windows-installatie maken voor dagelijks gebruik, is niet aan te raden. 

Veiligheid voor alles

Wil je een reeds geïnstalleerde versie van Windows compact maken, zorg dan altijd vooraf voor een goede back-up van je bestanden en andere belangrijke gegevens. Gaat er onverhoopt iets mis bij het afslanken van Windows, dan kun je terugvallen op de reservekopie. Je kunt gebruikmaken van het ingebouwde programma van Windows: open het Startmenu, typ Back-up en kies Windows Back-up.

Bestaande Windows afslanken

Heb je al een bestaande Windows-versie draaien en geen behoefte om een nieuwe installatie van een afgeslankte versie uit te voeren? Met een ander programma – CrapFixer – kun je een bestaande Windows-computer uitkleden en hoef je geen schone installatie uit te voeren. Je mag het programma gratis gebruiken. De nieuwste versie vind je op https://github.com/builtbybel/CrapFixer/releases. Pak het zip-bestand uit en dubbelklik op CrapFixer.exe om het programma te starten. Je hoeft het niet te installeren.

CrapFixer is opgebouwd uit drie hoofdonderdelen: Fixer, Restore en Tools. Kies Fixer. Dit onderdeel bestaat uit twee tabbladen: Windows en Applications. Op de tab Windows vind je aan de linkerzijde de collectie met 'opties' die je via CrapFixer kunt uitschakelen als je er geen behoefte aan hebt. De opties zijn onderverdeeld in verschillende categorieën, zoals Gaming, Privacy en System. Klik eerst op Analyze. CrapFixer scant het systeem en geeft aan wat het aan overbodige troep (zoals bloatware) aantreft. In het venster rechts lees je de aanbevelingen. CrapFixer geeft aan of het onderdeel momenteel wordt uitgevoerd, wat de geadviseerde instelling is en of die al is toegepast. Roodgemarkeerde items vragen extra aandacht, bijvoorbeeld als het gaat om de eerdergenoemde bloatware.

Met CrapFixer neem je een bestaande installatie onder handen.

Selecteren maar

Nu komt het leuke werk: bepalen van welke onderdelen je afscheid neemt. Gebruik de lijst aan de linkerkant van het venster om de onderdelen te selecteren. Ben je het eens met de standaardselectie van CrapFixer voor een volledig onderdeel, dan vink je de hoofdcategorie aan. Om bijvoorbeeld alle advertenties uit te zetten, plaats je een vinkje bij Ads. Wil je niet alle wijzigingen toepassen, dan vink je ze individueel aan. Weet je niet zeker wat een onderdeel inhoudt? Klik erop met de rechtermuisknop en kies Help (of druk op de F1-toets): een compacte toelichting verschijnt. Ben je tevreden over de selectie? Uitvoeren maar. Klik op de knop Run Fixer, die je rechtsonder in het venster vindt. 

Meer met plug-ins

CrapFixer ondersteunt plug-ins, waarmee je nog meer onderdelen van Windows 11 kunt afslanken. Klik op Tools en kies Plugins. Rechts vind je een lijst met beschikbare plug-ins. Klik op een plug-in om de beschrijving ervan te lezen boven in het venster. Spreekt die je aan, klik dan op Install. Zodra je CrapFixer weer draait, wordt deze plug-in meegenomen.

Neem apps mee

Werp ook een blik op de tab Applications, eveneens beschikbaar via het onderdeel Fixer. Hier lees je voornamelijk welke apps je kunt uitschakelen. Denk aan apps zoals Bing Nieuws en Weer, Copilot en andere ingebakken programma's zoals Telefoonkoppeling. Wil je deze allemaal verwijderen? Klik op Select all (linksonder in het venster). In plaats daarvan kun je ze ook selectief aanvinken.

Kom je later terug op een bepaalde selectie, dan kun je de situatie ook terugdraaien en de instellingen herstellen. Klik links op Restore. In het rechtervenster lees je wat er is teruggedraaid.

Welke standaard-apps wil je liever niet zien?

Handmatig te werk

Ondanks alle welkome hulp van buitenaf, kun je zelf ook een aantal stappen nemen om Windows meer lichtgewicht te maken. Voorkom allereerst dat er onnodige programma's tijdens de systeemstart worden geladen. Open de Windows-instellingen (Windows-toets+I) en kies Apps / Opstarten. Een overzicht van opstart-apps verschijnt. Zet de schuif op Uit bij de apps die je niet wilt laden. Verwijder ook de apps die nog aanwezig zijn, maar je niet meer gebruikt. Kies Apps / Geïnstalleerde apps. Zoek de app die je wilt verwijderen, klik op Meer opties (herkenbaar aan de drie puntjes) en kies Verwijderen.

Je kunt ook zelf een groot deel van de Windows-onderdelen in- en uitschakelen vanuit de standaardgebruikersomgeving. Open het Startmenu en typ Onderdelen. Klik op Windows-onderdelen in- of uitschakelen. Wil je een volledige categorie uitschakelen, verwijder dan het vinkje bij de hoofdcategorie. Wil je losse onderdelen uitschakelen, dan klap je de hoofdcategorie open en verwijder je de vinkjes bij de ongewenste onderdelen. Plaats de muis op een onderdeel om een compacte beschrijving van het onderdeel te zien. Bij twijfel: schakel het onderdeel niet uit.

Wees kritisch bij het toestaan van opstart-apps.
Groepsbeleid

Ben je een gevorderde gebruiker en beschik je over Windows 11 Pro? Dan kun je ook het onderdeel Groepsbeleid slim gebruiken om Windows compact te maken. Open het venster Uitvoeren (Windows-toets+R) en typ Gpedit.msc. Vooral onder Computerconfiguratie / Beheersjablonen / Alle instellingen kun je flink wat opties aanpassen. Een interessante instelling is Standaardpakketten Microsoft Store uit het systeem verwijderen. Kies Ingeschakeld en zet aan de linkerzijde van het venster vinkjes bij de apps die je niet wilt gebruiken. Neem ook de rest van de categorie Windows-onderdelen door en zoek naar de standaardprogramma's (bijvoorbeeld Windows Agenda). Vaak kun je die individueel uitschakelen (bijvoorbeeld via Windows Agenda uitschakelen).

Voor Pro's: het ingebouwde groepsbeleid gebruiken.

💻 Nieuwe laptop nodig? Kijk en vergelijk op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
De Switch 2 als enige console? (Nintendo Partner Direct) - Bonuslevel
Huis

De Switch 2 als enige console? (Nintendo Partner Direct) - Bonuslevel

Cody en Jacco lopen door de Partner Direct heen en stellen de vraag: is de Switch 2 nu multiplatform-waardig? Ook zit Jacco drie dagen in Zwitserland voor een gamingmuis en is één persoon jarig.

Kom bij onze Discord. Via ⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠⁠deze link kan je met ons en andere luisteraars kletsen over games, deals, nieuws en meer.

Wil je zelf ook een vraag insturen of heb je iets leuks om te melden? Dat kan! Stuur een mailtje naar bonuslevelcast@gmail.com (of bonuslevelkast@gmail.com of bonuslevelqast@gmail.com) en wellicht hoor je jezelf terug in de volgende aflevering!