Cybercrime dreigt een onbeheersbaar probleem te worden, waarbij deskundigen zich afvragen of veilig internetten nog wel mogelijk is. De digitale misdaad wordt steeds professioneler en internationaler, en een terroristische digitale aanslag is zeker denkbaar. Dat blijkt uit de ICT Barometer van Ernst & Young.
Maar: wordt er een beetje adequaat gereageerd op deze dreiging? Nee, zegt Ernst & Young. Voornamelijk de overheid is te weinig geïnteresseerd in cybercrime. Zo heeft driekwart van alle overheidsinstellingen geen enkel noodplan, aldus het onderzoek. Ook in het bedrijfsleven heeft minder dan de helft noodmaatregelen klaarliggen. Binnen de overheid heeft 62 procent van de ondervraagden onvoldoende vertrouwen in de beveiliging tegen cybercrime. Dit is aanmerkelijk lager dan binnen het bedrijfsleven, waar meer dan de helft het volste vertrouwen heeft in de werkgever op dit gebied.
Uit het ICT Barometer onderzoek blijkt bovendien dat wanneer een bedrijf een cybercrime aanval te verduren heeft gehad, slechts een kleine groep hiervan ook daadwerkelijk aangifte doet bij politie of justitie. Twee op de tien bedrijven ondernemen zelfs helemaal geen actie en bij kleine bedrijven (tot 20 werknemers) is dit zelfs in vier op de tien gevallen zo. Het gros van de respondenten geeft aan het onderzoek in eigen beheer te houden. Gevraagd naar het vertrouwen in politie en justitie antwoordt 83 procent van de ondervraagden, weinig of geen vertrouwen te hebben.
"Ook hieruit blijkt dat we het in Nederland niet goed voor elkaar hebben," stelt Jacob Verschuur, van Ernst & Young. "Burgers moeten betere informatie krijgen en hun vertrouwen moet herwonnen worden. De onlangs gehackte OV-chipkaart draagt aan het laatste zeker niet bij. Ook een situatie als in Engeland in oktober 2007, waar de gevoelige informatie van 25 miljoen burgers door een fout van de overheid zoek raakte, is in Nederland een reële dreiging."
















