Het Oordeel
De Pluspunten
- Vermakelijke gevechten
- Krankzinnige fatalities
- Een daadwerkelijk Mortal Kombat-toernooi
De Minpunten
- Het verhaal is niet zo bijzonder
- Het gefaalde Amerikaanse accent van Karl Urban
- Veel opvallende CGI
Mortal Kombat 2 is vooral een vermakelijke knokpartij. Van de tenenkrommende oneliners tot de brute bloedbaden, voelt dit als een walkthrough van een game - dat is in de gevechten heel leuk, daar tussenin soms wat minder. Veel mensen zullen geneigd zijn om dit ‘slecht’ te noemen, maar Mortal Kombat 2 weet juist precies wat het moet zijn.
Hoewel de vorige Mortal Kombat-film geen mainstream populariteit behaalde, was het wel een dikke verrassing. Het wist pure lol op het scherm te toveren, met lekker gekibbel tussen personages en brute fatalities. Er waren echter ook wat missers: zo werd de film opgehangen aan een origineel personage, vechter Cole Young, terwijl we aan het Mortal Kombat-toernooi zelf niet toekwamen.
De hype voor het tweede deel werd meteen aangezwengeld: de film uit 2021 eindigt met een uitnodiging voor het daadwerkelijke Mortal Kombat-toernooi. Het grootste pijnpunt werd dus al goedgemaakt - we zaten simpelweg naar een prequel te kijken, en in het volgende deel zouden alle verwachtingen worden ingelost.
Dat zei regisseur Simon McQuoid zelf ook tijdens een persconferentie voor Mortal Kombat 2: het tweede deel moet de maximalistische Mortal Kombat-geest belichamen. Nou, dat is gelukt: ‘maximalistisch’ is het enige juiste woord waarmee je deze film kunt beschrijven.
Hoe een deel van de cast tijdens diezelfde persconferentie met droge ogen durfde te zeggen dat het vooral praktische gevechten zijn, is me een raadsel - het is één groot CGI-festijn. Dat is echter totaal niet erg, want er wordt een over-the-top spektakel mee neergezet.
Boonuspunten
Om de Mortal Kombat-fans meteen maar even over de streep te trekken: oorspronkelijke Mortal Kombat-maker Ed Boon heeft een handje in deze film. Schrijver Jeremy Slater zegt Ed geregeld aan z’n mouw te hebben getrokken als hij vastliep in een knokpartij. Dan wist hij meteen met een brute oplossing te komen, waarmee het gevecht alleen maar beter werd.
Hoewel het bij dit soort verhalen altijd maar de vraag is wat ervan klopt, kunnen we wel bevestigen dat de gevechten een hoogtepunt zijn. Je kan van het verhaal zeggen wat je wilt, maar tijdens het daadwerkelijke geknok hoop je dat de film voor eeuwig doorgaat. Gelukkig gebeurt dat niet - dan zou je namelijk nooit die fenomenale fatalities kunnen zien.
De gevechten zijn idioot, memorabel en vooral heel erg vet. Personages gebruiken hun movesets uit de games, spuwen constant kleinerende woorden en we bevinden ons continu in omgevingen die duidelijk levels zijn.
Als een walkthrough
De gevechten zijn fantastisch, maar de momenten daar tussenin? Tja, die voelen een beetje alsof je iets genaamd ‘Mortal Kombat Walkthrough Movie’ hebt aangeklikt op YouTube. Die voelen enerzijds als opvulling, anderzijds als een simpel hinkelpad naar het volgende gevecht.
Het verhaal is precies wat je ervan verwacht: in het Mortal Kombat-toernooi nemen Earthrealm en Netherrealm het tegen elkaar op, en als Earthrealm verliest, dan zwaait er wat. Shao Kahn staat daarbij niet boven een goed potje valsspelen, dus moeten de personages die niet vechten alsnog op pad om Kahn z’n trucs te dwarsbomen. Simpel? Ja, maar het volstaat.
Het script bestaat buiten de gevechten om nog altijd uit oneliners, het verhaal draait om simpele MacGuffins en zelfs de meest betekenisvolle verhaallijnen weten niet hard te raken. Het is eigenlijk één groot excuus om te vechten, maar ja, daar hebben we het toernooi al voor. Buiten de gevechten en het toernooi om vertraagt de film enigszins. Met alleen een toernooi heb je geen film, lijkt de angst te zijn.
Het Cage-feest
Ditmaal verschuift de focus (gelukkig) van Cole Young naar Kitana, die in feite de nieuwe hoofdpersoon is. Maar er is nog veel harder ingezet de publieksfavoriet: Johnny Cage, gespeeld door Karl Urban (The Boys).
Johnny Cage is omgetoverd tot secundaire hoofdpersoon, geheel met zijn eigen worsteling. Achter die zonnebril schuilt namelijk een teder, onzeker hartje. Cage is immers slechts een acteur, dus wat heeft die te zoeken in het toernooi van de goden? Hoewel hij niet zo’n succesvol grappenkanon is als Kano, is Johnny Cage toch wel een van de meest vermakelijke onderdelen van Mortal Kombat 2.
De opper-Amerikaanse acteur wordt gespeeld door de Nieuw-Zeelandse Karl Urban, die zijn natuurlijke accent niet helemaal lijkt te kunnen onderdrukken. Tussen de overdreven Amerikaanse tongval hoor je dus ook nog sporen van een Nieuw-Zeelands accent. Dit voelt erg gek, maar in een campy film als Mortal Kombat 2 bederft het de pret ook niet.
Mortal Kombat 2 weet namelijk dondersgoed wat het is: een bloederige knokpartij die vooral leuk moet zijn. Als het lukt om je over te geven aan de idiote vechtpartijen, is dit een van de meest vermakelijke films die nu in de bios draait. Mortal Kombat-puristen kunnen waarschijnlijk een hoop negatiefs zeggen over hoe de lore wordt verfilmd, maar als je voor maximalistische gore komt, ga je hoe dan ook genieten.
Mortal Kombat 2 is nu te zien in de bioscoop.














