ID.nl logo
Cinebar Ultima Surround 4.0-set - Mix tussen hi-fi en soundbar
© Reshift Digital
Huis

Cinebar Ultima Surround 4.0-set - Mix tussen hi-fi en soundbar

Teufel heeft al 35 jaar ervaring met het ontwerpen van geluidssystemen. Het assortiment van het Duitse bedrijf rijkt van totaaloplossingen voor je thuisbioscoop tot hoogwaardige hi-fi speakers. De Cinebar Ultima is een cross-over van al deze zaken. Want hoewel het design gebaseerd is op een hi-fi speaker-lijn van Teufel, is het toch echt een soundbar. Voor deze Cinebar Ultima Surround 4.0 review hebben we 'm grondig getest.

We hebben voor deze test de beschikking gekregen over het volledige 4.0-systeem met extra surround speakers. Dat is geen goedkope set, je moet 979,99 euro neertellen om hem in huis te halen. Voordat je hem aanschaft, is het ook een slim idee om je tv-meubel goed op te meten. Deze soundbar is namelijk behoorlijk aan de maat: 110 cm lang, 16,4 cm diep en 13,3 cm hoog.

Daarnaast weegt de Ultima 11 kilo. Die grootte brengt een aantal zeer positieve eigenschappen met zich mee (daarover later meer), maar hij kan er ook voor zorgen dat hij wat moeilijker te plaatsen is.

©PXimport

Bouwkwaliteit

De vier luidsprekers in de soundbar vallen uiteraard direct op. Ze hebben namelijk een behoorlijk uitgesproken ontwerp. Twee van de luidsprekers kijken je aan en de andere twee zijn naar de zijkanten gericht. Teufel wil hiermee zorgen voor een breed geluidsveld. De twee ovale, zwarte vlakken die je wat verder naar het midden van de soundbar vindt, zijn baswoofers. Het is mogelijk om draadloos een Teufel-sub aan dit systeem te verbinden, maar het idee achter deze Ultima-set is dat dat niet direct nodig is voor een overtuigende vertaling van lage frequenties.

Die insteek komt voort uit andere producten uit de Ultima-serie. Ben je bekend met Teufel, dan herken je de Ultima-naam wellicht van de eerder genoemde luidsprekerserie. Losse speakers die bij uitstek geschikt zijn voor het luisteren van muziek; echte hi-fi voor liefhebbers.

Stereosystemen dus, zonder losse subwoofers. Deze 4.0-set zou je dan ook kunnen zien als een cross-over product met een focus op multi-inzetbaarheid - dat gaan we uiteraard uitgebreid aan de tand voelen met een hoop verschillende soorten geluidsmateriaal. 

Mocht je overigens de uitgesproken luidspreker- en wooferontwerpen niet mooi vinden, wordt er een front met zwart speakerdoek meegeleverd zodat je de boel kunt afdekken. Dat afdekken zorgt er wel voor dat de soundbar een stuk logger en groter oogt.

Zoals gezegd hebben we voor onze test de beschikking gekregen over de complete 4.0-set. Dit betekent dat er ook twee losse Effekt-speakers zijn meegeleverd. Twee eenvoudige, zwarte kastjes die je draadloos kunt verbinden met de soundbar.

Het is jammer dat er niet twee achter-speakers met dezelfde, uitgesproken uitstraling beschikbaar zijn, maar desalniettemin voldoen de Effect-Speakers prima. De volledige 4.0-set is, zoals gezegd, niet bepaald goedkoop. Je kunt er ook voor kiezen het systeem zonder de surroundspeakers aan te schaffen; dat drukt de prijs tot 699 euro.

©PXimport

Verbinden en opstellen

Hoewel Teufel voor de Cinebar Ultima bij hun hi-fi-lijn leent, zijn de aansluitingen achterop de Ultima precies wat je van een soundbar verwacht. Er is hmdi-arc, hdmi cec, een optische aansluiting, micro usb en usb-a. Draadloos verbinden is ook mogelijk, daarvoor krijg je de beschikking over Bluetooth aptX - het nieuwste bluetooth-protocol dat vrijwel latency-vrije, lossless streaming mogelijk maakt. Via de hdmi-aansluiting is de Cinebar Ultima daarnaast compatibel met Dolby Digital, Pro Logic II en DTS. Ook werkt de bar eenvoudig samen met verschillende smart speakers.

De soundbar aansluiten is eenvoudig en rechttoe rechtaan: stekker in het stopcontact, hdmi-kabel in de achterkant en gaan. Een kanttekening: de meegeleverde stroomkabel is echt ongelofelijk kort. Voor de meeste setups zul je vrijwel zeker moeten investeren in een langere vervanger. De Effekt-surroundspeakers verbinden draadloos. 

Je kunt in het menu instellen op welke afstand ze ongeveer staan. Zo kan het systeem automatisch de benodigde vertragingstijden naar de achterspeakers berekenen. Bij het instellen valt wel direct het eerst minpunt op: het menu. Er is gekozen voor een nogal uitgesproken, rood lettertype in een vierkante stijl. Het geheel doet denken aan de ietwat gedateerde ‘eerst een nummertje trekken’-borden die je in menig gemeentelijk kantoor of bij de groenteboer vindt.

Tijdens het gamen is het vooral het extreem grote geluidsveld dat bijdraagt aan een immersieve ervaring.

-

Los van of het lettertype in de smaak valt of niet, zorgt het ervoor dat het menu onoverzichtelijk is. Het led-schermpje heeft namelijk maar ruimte voor één woord. Je bent dus constant aan het scrollen, naar het volgende menu aan het klikken en vervolgens weer aan het scrollen. Het ontbreekt hierin echt aan overzicht. Daar komt nog bij dat bijvoorbeeld het instellen van de afstand van de Effekt-speakers niet direct op de meest logische plek in het menu verstopt zit. Gelukkig zijn de meest belangrijke functies eenvoudigweg te besturen via een knop op de meegeleverde afstandsbediening.

De klank en Dynamore

Bij het beluisteren van muziek valt direct op dat het Teufel inderdaad is gelukt een zeer overtuigende laagweergave neer te zetten. Zelfs zonder die externe sub klinkt de Cinebar Ultima echt ongelofelijk vol. Met als kanttekening dat het laag hier en daar toch wat slordig wordt. Bij moderne hiphopproducties sneeuwt het echte sublaag het midlaag een beetje onder. Zo komt het fundament van een soulvolle bas er mooi uit, terwijl de ronkende textuur ietwat in het laaggeweld verdwijnt. Dat is natuurlijk deels inherent aan het genre - het laag moet groots - maar het heeft ook te maken met het feit dat het laag niet altijd even strak klinkt.

Desalniettemin is de weergave van de Cinebar Ultima erg overtuigend. Voornamelijk het grote geluidsveld is indrukwekkend. De speakers aan de zijkant zorgen bij het beluisteren van muziek echt voor een brede muur van geluid, terwijl de lokalisatie ook nog enigszins overeind blijft. Het middenhoog, waar de meeste stemmen zich bevinden, klinkt daarnaast kernachtig en precies. Wel ontbreekt het hier en daar een beetje aan échte definitie in het hoog.

©PXimport

Tijdens het gamen is het vooral het extreem grote geluidsveld dat bijdraagt aan een immersieve ervaring. Vanwege zijn grootte vult deze soundbar echt moeiteloos heel je woonkamer. Het stevige laag helpt om tussenfilmpjes en spectaculaire momenten goed te vertalen, maar het is vooral de veelzijdigheid die het lekker gamen maakt op de Cinebar Ultima. 

Een goed voorbeeld hiervan is Grand Theft Auto 5: de soundbar gaat zowel prima om met East Los FM als de chaotische vuurgevechten. Zo word je te allen tijde meegenomen in het verhaal. Tegenover die verhalende klank en het grote geluidsveld, staat wel dat de lokalisatie niet heel precies is. Je wilt er in ieder geval geen beslissingen op in-game leven of dood op maken. Extreem precieze lokalisatie is zelden een eigenschap van een soundbar, maar het moet toch worden gezegd.

Toen we de vorige keer een Teufel-soundbar testten, keken we ook al uitgebreid naar de Dynamore-modus. Met deze modus verandert het geluidsveld aanzienlijk: er komt nog meer focus te liggen op breedte en ook de lokalisatie in het middengebied vertroebelt iets. 

Je moet je oren echt even de tijd geven om te wennen. Zijn ze eenmaal gewend, dan geeft Dynamore, zeker in combinatie met de Effekt-speakers, haast een wolk van geluid. Niet alles is meer even aanwijsbaar, maar zeker bij spectaculaire actiefilms heb je het gevoel dat je echt middenin de actie zit.

©PXimport

Concluderend

Er is niet veel aan te merken op de Cinebar Ultima. Het enige waar je echt rekening mee moet houden is dat hij moet passen. Qua grootte uiteraard, maar ook qua smaak en wensen. De Cinebar Ultima heeft een behoorlijk excentrieke uitstraling, met of zonder afdekkende frontjes en er zijn - met het onoverzichtelijke menu, de hele korte stroomkabel en het her en der rommelige sublaag – we wat slordigheden.

Daar staat tegenover dat het echt een hele goede totaaloplossing is, zelfs voor behoorlijk grote woonkamers. Maar wel een totaaloplossing met een twist: het is een echt cross-over product. Ben je op zoek naar een soundbar die overweg kan met alle Dolby-codecs en, naast gaming, hoofdzakelijk het hart van een thuisbioscoop vormt, is dit misschien niets voor jou. Zoek je de beste soundbar die eigenlijk wat meer aanvoelt als een grote hi-fi speaker en daarom perfect kan dienen als geluidshart van je woonkamer, dan kun je deze Cinebar Ultima - met of zonder extra Effekt speakers - zeker overwegen.

Uitstekend
Conclusie

Zoek je naar een soundbar die overweg kan met alle Dolby-codecs en het hart van een thuisbioscoop vormt, dan is dit niets voor jou. Wil je een soundbar die eigenlijk wat meer aanvoelt als een grote hi-fi speaker en daarom perfect kan dienen als geluidshart van je woonkamer, dan is de Cinebar Ultima - met of zonder extra Effekt-speakers – zeker het overwegen waard.

Plus- en minpunten
  • Groot geluidsveld, multi-inzetbaar, dynamore-modus, dynamische weergave, overtuigende laagweergave zonder subwoofer
  • Menu onoverzichtelijk, meegeleverde stroomkabel te kort
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.