ID.nl logo
Consumenten testen: Philips Air Performer – Uitstekende luchtreiniging en ventilator
© Philips
Energie

Consumenten testen: Philips Air Performer – Uitstekende luchtreiniging en ventilator

Schone lucht is een eerste levensbehoefte, maar zelfs thuis is de luchtkwaliteit niet altijd perfect. De Philips Air Performer 7000 series AMF765/10 brengt daar verandering in. Deze 2-in-1 luchtzuiveraar en ventilator verwijdert bijna alle onzichtbare deeltjes die je liever kwijt dan rijk bent. Hoe dat in de praktijk werkt, heeft het Review.nl Testpanel uitvoerig uitgeprobeerd. Hun bevindingen lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - In samenwerking met Philips

De Philips Air Performer is bovenal een luchtreiniger. Kamers tot wel 70 vierkante meter kunnen bijna volledig worden gezuiverd: de zuiveraar verwijdert tot wel 99,97 procent van alle onzichtbare, niet altijd even gezonde deeltjes uit de lucht. Virussen, bacteriën, pollen, huidschilfers en huisstofmijten worden zonder pardon uit de lucht gehaald, en zelfs hardnekkige geurtjes worden in een handomdraai verwijderd.

De slimme luchtzuiveraar werkt op AI-gestuurde software, waardoor het apparaat zijn werking automatisch aanpast. De luchtkwaliteit wordt gedetecteerd, maar ook de gewoonten van de gebruiker worden geanalyseerd, zodat je altijd een op maat gemaakt programma hebt. Bovendien krijg je via de app real-time rapportages over de prestaties van de Air Performer.

Maar dat is niet alles: de Philips Air Performer 7000 Series is namelijk ook een ventilator, en niet zomaar eentje. De krachtige, schone luchtstroom die uit het apparaat komt koelt de ruimte razendsnel af, en door de bijna volledige rotatie wordt elk hoekje van de kamer bereikt. Je hebt de keuze uit wel tien standen, en ook op de slaapkamer komt de Air Performer tot zijn recht, met een geluidsniveau van slechts 20 dB.

©Philips

De Air Performer is zo gebouwd dat hij zelf zo weinig mogelijk energie nodig heeft. Het hele apparaat verbruikt minder stroom dan een doodgewone gloeilamp. Gebruik je de automatische modus, dan slaat de luchtzuiveraar alleen aan als dat nodig is; dat scheelt niet alleen stroom, het zorgt er ook voor dat de filters beduidend langer meegaan.

Met al deze voordelen is het hoog tijd om eens te kijken hoe het Review.nl Testpanel het gebruik ervan heeft ervaren.

Eerste indruk

Het testpanel vond de Philips Air Performer 7000 series AMF765/10 over het algemeen een mooi apparaat, al had een van hen hem wel iets kleiner verwacht. Een aantal testers heeft het apparaat in de slaapkamer geplaatst, waar het uiterlijk wat minder van belang is. Maar over smaak valt niet te twisten: "Het strakke ontwerp past in elk interieur," vindt een van de testers.

De bediening is eenvoudig, en geen van de testers had moeite om het apparaat aan te krijgen. Daar helpt ook de handige app bij die standaard wordt bijgeleverd. Zoals een van de testers het verwoordt: "Vanaf het moment dat ik het apparaat ontving, was ik onder de indruk van de prestaties en gebruiksvriendelijkheid." 

Lucht zuiveren

Dan door naar waar het uiteindelijk echt om draait: het zuiveren van de lucht. Het testpanel is het er roerend over eens dat die functie ontzettend goed werkt. "Na het aanzetten merk je echt dat de lucht schoner is," zegt een van hen.

Veel van de testers hebben astma of hebben last van hooikoorts, en daar helpt de Air Performer ook goed tegen. "De lucht is voelbaar beter dan voordat we het apparaat hadden ontvangen," zegt een van hen. Een ander verwoordt het zo: "Normaal heb ik binnenshuis vaak last van hooikoorts, maar sinds ik de Air Performer gebruik, is dat aanzienlijk verminderd, zo niet volledig verdwenen." Ook een andere tester met hooikoorts zag meteen verbetering: "Ik heb het idee dat ik daar nu minder last van heb. De echte piek moet natuurlijk nog komen, maar tot nu toe ben ik er zeer positief over."

Maar ook gewone huis-, tuin- en keukenproblemen worden door de Air Performer opgelost. "De geur van huisdieren en kookluchtjes verdwijnt snel en effectief," zegt een van de testers, "zelfs toen ik per ongeluk iets had laten aanbranden. Binnen een half uur was de nare geur volledig verdwenen."

©Philips

Ventilatie

Ook de ventilatiefunctie wordt zeer gewaardeerd. "Wat mij positief heeft verrast," zegt een tester, "is de krachtige ventilatiefunctie. Het apparaat laat de lucht efficiënt circuleren en zorgt voor een aangename luchtstroom."

De andere testers zijn het daarmee eens: "Ik ben gevoelig voor hitte tijdens het slapen en ik was op zoek naar een krachtige, maar stille ventilator. De Philips Air Performer voldoet daaraan. Met zijn verschillende snelheidsinstellingen en fluisterstille werking kan ik eindelijk genieten van een goede nachtrust."

Dat komt voor een groot deel door de slaapstand, die muisstil is. "Het is ontzettend fijn dat hij weinig geluid maakt," zegt een van de testers, en ook een andere tester heeft dat ervaren: "De slaapstand is erg prettig. Het is niet helemaal stil, maar door het zachte en vooral constante geluid is het helemaal niet storend."

Extra's

De Philips Air Performer is een simpel apparaat, maar er zijn een paar extra's die erg in de smaak vallen. De app, waarmee je precies kunt zien wat het apparaat heeft gedaan, wordt door alle testers genoemd als een handige functie. Ook de bijgeleverde afstandsbediening wordt genoemd: "Het apparaat is eenvoudig te bedienen, zowel met de afstandsbediening als met de handige app." Tot slot wordt het mooi vormgegeven display nog als extra voordeel genoemd.

Conclusie

De Philips Air Performer 7000 series AMF765/10 is het ultieme 2-in-1-systeem. De functie voor luchtzuivering werkt fantastisch, zelfs bij het deel van de testers dat met astma- of hooikoortsklachten kampt; zonder uitzondering merkten de testers een grote verbetering in de luchtkwaliteit. Bovendien worden nare geurtjes van huisdieren of koken snel verwijderd.

 Ook de ventilatiefunctie wordt geroemd. De Air Performer is een krachtig apparaat en koelt de lucht in huis snel af, maar ook de fluisterstille slaapfunctie werd door veel testers genoemd als groot voordeel. Tel daarbij op de handige app, de fijne afstandsbediening en de zeer gebruiksvriendelijke werking, en je hebt een prachtig apparaat.

De testers zijn dus zeer tevreden over de Philips Air Performer 7000 Series. Het uiteindelijke resultaat daarvan is een dik verdiende 8,0 als gemiddeld eindcijfer.

Ontdek de Philips Air Performer 7000 series AMF765/10

op Kieskeurig.nl
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.