ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Waarom er in Nederland nog geen magneettreinen rijden

In Nederland hebben we steeds meer hogesnelheidslijnen rijden, van de Thalys en de ICE tot de Eurostar. Maar zo snel als de Japanse shinkansen (zweeftrein) hebben we hier nog niet. De magneettrein loopt hier vertraging op. Dit is waarom.

In Beijing rijdt een magneetzweeftrein op een kippenstukje van ruim 8 kilometer met 105 kilometer per uur, waarmee dagelijks 2.800 reizigers worden geholpen. Het is de zesde zweeftrein in de wereld. De eerste vijf zijn te vinden in Zuid-Korea, Japan en elders in China. Die in Shanghai gaat tot wel 430 kilometer per uur, wat veel sneller is dan de hogesnelheidstreinen die we kennen in Europa en maximaal 320 kilometer per uur rijden. Maar niet in landen buiten Azië.

Er wordt wel veel getest, bijvoorbeeld in Europa. Denk aan de Hyperloop, waar bij ons in Nederland door de TU Delft hard aan wordt gewerkt. In Duitsland startte men al in 1971 met het testen van de Maglev (magnetic levitation), zoals de magnetische manier van treinen heet. Het idee is dat er een geleidebaan is waarom trein een soort grijper omheen vouwt die via elektromagneten aantrekkingskracht uitoefenen op de rails. De trein zweeft als het ware boven de rails, maar dit is slechts 10 tot 20 millimeter. Het kan op twee manieren, want of de elektromagneten zitten in de trein, of in de baan.

Passieve rails

Het verschil tussen de twee is dat als de baan elektromagneten heeft, het voertuig licht kan zijn en deze makkelijker kan zweven. Echter is er veel rails nodig en is het goedkoper om juist een zogeheten passieve rails te hebben, zodat je alleen hoeft te investeren in wat duurdere treinen die zijn voorzien van elektromagneten. De treinen gebruiken minder energie dan de treinen die we nu in Nederland kennen.

Op zich zijn er dus veel voordelen, maar het nadeel is dat er nu eenmaal al rails ligt. Er is al een systeem in werking en het is moeilijk om daaraan wijzigingen door te voeren. Het is dan uiteindelijk een kostbare lijn om neer te leggen en reizigers moeten daarna bereid zijn om meer geld neer te tellen voor een ticket dat ze weliswaar meer tijd moet besparen dan bij een reis met een bestaande trein.

In Nederland hadden we er bijna één tussen Amsterdam en Groningen. Maar omdat de kosten zo hoog zijn en de trein de hoofdsteden van de tussenliggende provincies zou overslaan, is er gekozen voor een meer gangbare methode in de vorm van de gewone intercity. Onze economie vraagt echter steeds meer om snelheid, bijvoorbeeld in goederenvervoer, waardoor het niet ondenkbaar is dat er ooit een magneettrein speciaal daarvoor komt.

De Stichting Freedom of Mobility is echter bezig met het ontwikkelen van wel tien Maglev-trajecten in Nederland, waarbij het gaat om het vervoeren van mensen. Denk bijvoorbeeld aan een lijn tussen verschillende luchthavens en tussen verschillende hoofdsteden. Daarvoor is echter hulp nodig van het bedrijfsleven, want de overheid lijkt nog niet echt warm te lopen voor deze nieuwe technologieën.

Ongeteste tech

In Amerika zijn de treinen om die reden ook niet te vinden. Er is onvoldoende financiering, omdat de overheid vaak onvoldoende kennis heeft over de technologie of deze te nieuw en onbewezen vindt. Dit speelde vooral begin deze eeuw. Maar aangezien Japan in 2010 supergeleiding toevoegde aan die Maglevtechniek, is er nieuwe hoop dat ook Amerika straks een eigen magneetzweeftrein heeft. Die supergeleiding zorgt ervoor dat de magneetzweeftrein op gigantisch hoge snelheden kan zweven. In 2015 tikte een Japanse magneettrein 603 kilometer per uur aan. Dat is sneller dan de snelste TGV ooit reed (dat was 574,80 km/u).

Er zijn een heleboel voordelen te ontdekken aan magneetzweeftreinen, maar tegelijkertijd is er één grote aanwezige die de boel verstiert. Namelijk geld. Dat is ook te merken in de regio van München, waar tussen het centraal station en de luchthaven Franz-Josef Strauss een baan moest komen. Hierdoor zou de reistijd van drie kwartier naar tien minuten gaan. Een enorme vooruitgang. Maar de kosten liepen op tot 3,4 miljard euro waarna de stekker uit het project werd getrokken.

Ondertussen gaat Japan door. Het land wil een maglev introduceren die standaard 550 kilometer per uur rijdt. Deze wordt wel pas verwacht in 2027. De EU heeft niet zulke langetermijnplannen voor een Europese hogesnelheidsrails, laat staan voor magneetzweeftreinen. Opmerkelijk, want elke minuut die mensen sneller op hun bestemming kunnen zijn staat voor zo’n 369 miljoen euro. Bovendien kan het een duurzamer alternatief zijn voor vliegen binnen de EU.

▼ Volgende artikel
Doctor Sleep-regisseur gaat Stephen King-verhaal The Mist verfilmen
Huis

Doctor Sleep-regisseur gaat Stephen King-verhaal The Mist verfilmen

Mike Flanagan, die eerder onder andere de Stephen King-verhalen Doctor Sleep en The Life of Chuck verfilmde, gaat zich weer bezighouden met een film gebaseerd op een boek van de horrorschrijver. Ditmaal gaat het om The Mist.

Dat is opvallend, omdat The Mist in 2007 ook al verfilmd werd. Toen was het Frank Darabont die de film regisseerde, nadat hij eerder al naam maakte met Stephen King-verfilmingen The Shawshank Redemption en The Green Mile. De in 2007 uitgekomen verfilming van The Mist viel al goed in de smaak, dus sommige fans vragen zich dan ook af of het verhaal nog een verfilming nodig heeft.

Hoe dan ook is Flanagan tegenwoordig een expert op het gebied van Stephen King-films. Zoals gezegd heeft hij al bewerkingen van verhalen als The Life of Chuck, Doctor Sleep en Gerald's Game geleverd, en werkt hij ook aan een miniserie gebaseerd op Carrie. Daarnaast gaat hij de zevendelige Stephen King-epos The Dark Tower omtoveren tot een serie, al is niet bekend wanneer dat gaat gebeuren.

Over The Mist

Het in 1980 verschenen boek The Mist draait om een mysterieuze mist die een dorpje in zijn ban houdt. De mist maakt mensen niet alleen dood, er zitten ook allerlei monsters in die mist uit een andere dimensie. Overigens kwam tien jaar geleden ook een serie gebaseerd op The Mist uit, maar zonder veel succes. De eerdere verfilming uit 2007 wordt wel gezien als een succesverhaal - in ieder geval op kwalitatief gebied.

Mike Flanagan

Flanagan is overigens niet alleen bekend voor zijn verfilmingen van Stephen King-boeken. Hij heeft ook veel succes met zijn horrorseries op Netflix, waaronder The Haunting of Hill House, The Haunting of Bly Manor, Midnight Mass en The Fall of the House of Usher.

▼ Volgende artikel
Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht
Huis

Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht

De extraction shooter Arc Raiders is een groot succes: de game is sinds release 30 oktober vorig jaar meer dan 14 miljoen keer verkocht.

Dat heeft uitgever Nexon deze week aangekondigd bij het bekendmaken van de kwartaalcijfers van het bedrijf. In januari was er daarbij een piek van 960.000 gelijktijdige spelers over alle platforms waarneembaar, en sindsdien zijn er zo'n zes miljoen wekelijkse actieve spelers. Arc Raiders heeft wat Nexon betreft dan ook alle verwachtingen overtroffen.

Arc Raiders kwam zoals gezegd afgelopen oktober uit en is ontwikkeld door het in Stockholm gevestigde bedrijf Embark Studios, dat bestaat uit voormalige Battlefield-ontwikkelaars, waronder de voormalige ceo van DICE, Patrick Söderlund. Hiervoor bracht Embark al de shooter The Finals uit.

Over Arc Raiders

Toen Arc Raiders uitkwam, bleek het spel al snel een hit op Steam en consoles. Dit terwijl de markt voor multiplayershooters zeer competitief is, met franchises als Call of Duty en Battlefield waarvan afgelopen najaar ook nieuwe delen zijn uitgekomen.

De game houdt een derdepersoonsaanzicht aan en betreft een extraction shooter. Spelers gaan in Arc Raiders richting de oppervlakte van de aarde, waar buitenaardse robots genaamd Arcs voor chaos zorgen. Spelers proberen hier waardevolle materialen, wapens en medicijnen te vinden - alleen of in teamverband. Andere spelers lopen echter ook rond op het oppervlak en kunnen je team helpen of juist tegenzitten. Het doel is heelhuids weer ondergronds te geraken met de verzamelde spullen.