ID.nl logo
Raspberry Pi als printserver - Deel je printer dankzij een Linux-server
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Raspberry Pi als printserver - Deel je printer dankzij een Linux-server

We hebben al verschillende handige how to's gepubliceerd over nuttige toepassingen voor de Raspberry Pi, het compacte moederbordcomputertje dat je voor zo'n 35 euro al in huis haalt. We pakken nu de draad weer op, en laten zien hoe je het ding inzet als printserver.

In eerdere how to's gingen we dieper in op de Raspberry Pi als ultieme knutsel- en downloadcomputer. Ook het aanmaken van een cloudserver werd uitvoerig besproken.

In de nieuwe workshop koppelen we een printer aan de Raspberry Pi en zetten het computertje zo in als printserver. Op die manier print je vanaf iedere computer, tablet of smartphone in huis of zelfs als je het huis uit bent. Daarvoor configureren we Cloudprint van Google en AirPrint van Apple.

01 Up-to-date Raspbian

Als besturingssysteem voor onze Raspberry Pi gebruiken we Raspbian. Voor de installatie en eerste configuratie daarvan verwijzen we naar onze cursus van vorig jaar. Voor we verdergaan, kun je het beste ervoor zorgen dat de software up-to-date is. Dat kan met de opdrachten sudo apt-get update en daarna sudo apt-get upgrade (om de updates binnen te halen). Daarna installeren we de benodigde printserver-software met:

sudo apt-get install avahi-daemon cups cups-pdf cups-driver-gutenprint openprinting-ppds python-cups python-daemon python-pkg-resources

©PXimport

02 Toegang van buitenaf

Na de installatie voer je het commando sudo nano /etc/cups/cupsd.conf uit. Voeg vooraan de regel Listen localhost:631 een # (hekje) toe en creëer een nieuwe regel met Port 631. Daardoor krijgen we ook vanaf andere computers toegang tot de printserver CUPS (Common Unix Printing System). Daarna voegen we in de secties , en vlak voor de regel telkens de regel Allow @Local toe om de toegang te beperken tot gebruikers van de Raspberry Pi. Sla je wijzigingen op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X.

©PXimport

03 Beheerder

Herstart nu de CUPS-server, zodat die het gewijzigde configuratiebestand opnieuw inleest: sudo service cups restart. Omdat we vanaf de volgende stappen de printserver willen beheren via de webinterface, voegen we ook de gebruiker 'pi' toe aan de groep van beheerders van de printserver: sudo adduser pi lpadmin. Verander ook het wachtwoord als je dit nog niet gedaan hebt: passwd. Bezoek nu in je webbrowser de url https://IP:631/, waarbij IP het IP-adres van je Raspberry Pi is. Als je een waarschuwing krijgt over het beveiligingscertificaat, negeer dat dan.

©PXimport

3 extra stappen

Seriële console 01

Als je het onhandig vindt om een toetsenbord en scherm aan te sluiten op je Raspberry Pi om Raspbian te configureren of netwerkproblemen op te lossen, dan komt een usb-naar-TTL seriële kabel van pas (zie het artikel '15 accessoires voor de Raspberry Pi'). Sluit de vier draadjes op de juiste manier aan op de GPIO-pinnen van de Pi: op de bovenste rij van links naar rechts rood, niets, zwart, wit en groen.

©PXimport

Seriële console 02

Download op een Windows-pc de PL2303-drivers. Unzip het bestand en installeer het programma. Hierna sluit je de usb-kant van de usb-naar-TTL seriële kabel aan op je pc. Let op: die kabel geeft ook stroom aan de Raspberry Pi, dus sluit niet tegelijk de micro-usb-kabel van de Pi op stroom aan! Wil je dat wel, haal dan het rode draadje uit de GPIO-pinnen. Windows zoekt nu naar nieuwe hardware.

©PXimport

Seriële console 03

Kijk in de melding dat de driver geïnstalleerd is welke poort er gebruikt wordt, bijvoorbeeld COM5. Open nu het programma PuTTY, kies als verbindingstype Serial, vul bij Serial line de poort in en bij Speed 115200. Klik op Open en druk op Enter om de verbinding te starten. Daarna log je op het terminalvenster van PuTTY in met de gebruikersnaam pi en standaardwachtwoord raspberry.

©PXimport

04 Voeg printer toe

Sluit nu je printer aan op één van de usb-poorten van de Raspberry Pi en schakel hem in. Klik dan in de webinterface van CUPS bovenaan op Administration en klik op het knopje Add Printer. Je krijgt dan de vraag om de gebruikersnaam en het wachtwoord in te geven van een printerbeheerder. Daarna krijg je naast Local Printers alle aangesloten usb-printers te zien en naast Discovered Network Printers alle ontdekte netwerkprinters. Als je printer zelf al een netwerkaansluiting heeft, kun je die immers ook door je Pi laten beheren.

©PXimport

05 Merk en model

Selecteer je printer en klik op Continue. Op de volgende pagina geef je je printer een naam, beschrijving en locatie. Hierna vink je Share This Printer aan om de printer te delen met andere computers op je netwerk. Klik op Continue. Op de pagina erna geef je het merk en model van je printer in. CUPS doet al een suggestie, maar die is niet altijd correct. Staat je printer er niet tussen, download dan op de website van de fabrikant een ppd-bestand (PostScript Printer Description) voor de printer en geef dat bestand hier in.

©PXimport

06 Standaardinstellingen

Nadat je op Add Printer geklikt hebt, kun je een aantal standaardinstellingen voor je printer ingeven. Welke instellingen mogelijk zijn, hangt van model tot model af. Bij onze printer zijn de instellingen vrij beperkt, opgedeeld in drie onderdelen (General, Banners en Beleid), maar bij andere printers krijg je heel wat opties te zien. Klik op elk van de onderdelen en wijzig de instellingen als je ze standaard anders wilt. Klik tot slot onderaan op Set Default Options om je wijzigingen door te voeren.

©PXimport

07 Testpagina

Je printer is nu aan CUPS toegevoegd, zodat je Raspberry Pi erop kan afdrukken. Maar uiteraard moeten we dit eens uittesten. Klik op de beheerpagina van de printer bovenaan op het uitklapmenu Maintenance en kies dan Print Test Page. Onderaan de pagina krijg je daarna de status van de testafdruk te zien, bijvoorbeeld Sending data to printer. Controleer nu of de testafdruk met succes uit je printer rolt. Deze beheerpagina kun je overigens altijd opnieuw oproepen door bovenaan rechts op Printers te klikken en daarna op de naam van je printer.

©PXimport

OpenPrinting

Op deze website vind je een Printer Compatibility Database. Vul in de lijst met printers het merk en model van je printer in en klik op Show this printer. Je krijgt dan te zien of de printer al dan niet ondersteund is onder Linux en welke drivers aan te raden zijn. Gebruikers kunnen ook commentaren achterlaten, wat ook handig om te lezen is.

©PXimport

Extra drivers

De ondersteuning van je printer door de Raspberry Pi kan wel eens roet in het eten gooien. Afhankelijk van je printermodel zijn de installatiestappen in deze workshop misschien niet voldoende. Kijk dan eens in de wiki van Debian welke pakketten je moet installeren voor de juiste drivers voor het merk van je printer. Let op: soms zul je de vraag krijgen om software voor Intel-processoren te installeren, wat niet op de Raspberry Pi met een ARM-processor werkt.

08 Voeg printer toe in Windows

Nu je Raspberry Pi als printserver werkt, moeten we ervoor zorgen dat we vanuit Windows toegang krijgen tot de printer. Omdat we op onze Raspberry Pi een recente versie van CUPS draaien, deelt die automatisch je printer op je netwerk. We hebben dus enkel software onder Windows nodig om de printer te ontdekken. Daarvoor download je het programma Bonjour Print Services for Windows van Apple. Start na installatie de Wizard Bonjour-printer, die automatisch de printer op je Raspberry Pi-printserver herkent. Klik op Volgende.

©PXimport

09 Driver

In de volgende stap selecteer je de fabrikant en het model van je printer, zodat Windows de juiste driver kan installeren. Normaal gezien heeft Windows minstens de juiste fabrikant al geselecteerd en met wat geluk zelfs het juiste model. Staat je model er niet tussen, kies dan een gelijkaardig model (zoek op de website van de fabrikant welk model ermee compatibel is) of klik op Bladeren om een aangepaste driver te installeren. Die vind je wellicht nog op de website van je printerfabrikant. Klik op Volgende en tot slot op Voltooien.

©PXimport

10 Testpagina

Na de installatie van je printer verschijnt het apparaat onder Printers en faxapparaten in het onderdeel Apparaten en printers van je configuratiescherm. Vervolgens kun je door met rechts op de printer te klikken allerlei opties instellen, zoals de voorkeursinstellingen. Je kunt de printer ook als je standaardprinter instellen en door op het icoontje te dubbelklikken krijg je de afdruktaken te zien. Kortom, voor Windows gedraagt de printer zich alsof hij rechtstreeks op je computer aangesloten is.

©PXimport

11 Voeg printer toe in OS X

In OS X gaat het toevoegen van je printer nog eenvoudiger. Open in de systeemvoorkeuren Afdrukken en scanners en klik linksonder op het plusteken. Als alles correct verloopt, krijg je in het menu dat verschijnt je printer op de Raspberry Pi te zien. Klik erop, waarna je Mac automatisch de juiste drivers downloadt en je printer configureert. De printer is nu toegevoegd, en je kunt klikken op Open afdrukwachtrij en dan in het menu Printer allerlei taken uitvoeren, zoals een testpagina aanmaken of dit de standaardprinter maken.

©PXimport

12 AirPrint

©PXimport

Nu configureren we AirPrint. Hiervoor installeren we een programma voor AirPrint met het commando:

sudo wget https://raw.github.com/tjfontaine/airprint-generate/master/airprint-generate.py

Daarna passen we twee bestanden aan (omdat het AirPrint-protocol aangepast is in iOS 6) met de commando's:

sudo sh -c "echo 'image/urf application/pdf 100 pdftoraster' > /usr/share/cups/mime/airprint.convs"

sudo sh -c "echo 'image/urf urf string(0,UNIRAST<00>)' > /usr/share/cups/mime/airprint.types"

13 AirPrint (2)

Herstart CUPS met sudo service cups restart. Daarna genereren we het AirPrint-servicebestand met het commando:

sudo python airprint-generate.py -d /etc/avahi/services/

Daarna herstarten we Avahi met sudo service avahi-daemon restart. Dat voltooit de AirPrint-ondersteuning op je Raspberry Pi. Wel een waarschuwing: het afdrukken via het AirPrint-protocol gaat op de Pi een stuk trager dan op de normale manier als normale netwerkprinter. Houd hiermee rekening als je langere documenten wilt afdrukken. Probeer in de volgende stap eerst een kort document van één pagina om te testen.

©PXimport

14 AirPrint in iOS

Als alles goed verloopt, krijg je nu automatisch op je iPad of iPhone je op de Raspberry Pi gedeelde printer te zien als een AirPrint-printer in het dialoogvenster met de printerselectie. In Safari bijvoorbeeld druk je op het deelknopje links naast de url, kies je Druk af, dan op Kies printer en daar krijg je je printer te zien. Druk erop om de printer te kiezen, stel het aantal exemplaren in en of je dubbelzijdig wilt afdrukken en druk tot slot op Druk af.

©PXimport

15 AirPrint op Android

Ook onder Android is het mogelijk om via AirPrint documenten op je printer af te drukken. Dat kan met de app PrintBot. Met de gratis versie kun je drie afbeeldingen of pdf-documenten van maximum 1 MB per maand afdrukken. De Pro-versie kost drie euro. Die laat je een onbeperkt aantal afdrukken maken, ondersteunt bestanden tot 20 MB en kan ook webpagina's met afbeeldingen afdrukken. Druk in de app op Network connection / Scan. Selecteer de gevonden printer en druk op OK om hem toe te voegen.

©PXimport

16 AirPrint op Android (2)

Druk daarna in PrintBot op Printer en kies de fabrikant en het model van je printer als die nog niet automatisch juist gekozen zijn. Druk op OK. Ook de standaard paginagrootte en paginaresolutie zijn nu te kiezen. Druk op Print test page om te controleren of de printer correct geconfigureerd is. Daarna kun je vanuit eender welke app die acties om bestanden te delen ondersteunt PrintBot kiezen om een document af te drukken. Kies de printer en de resolutie en druk daarna op Print.

©PXimport

17 Google Cloud Print

Maak je liever gebruik van de Google-diensten dan van het Apple-ecosysteem, dan kan dat ook, namelijk met Google Cloud Print. We moeten dus van de op de Raspberry Pi aangesloten printer een Google-cloudprinter maken. Dat kan met de software cloudprint-service. Rechtsklik op die website op de twee .deb-bestanden en kopieer de link. Type dan in PuTTY wget en een spatie, waarna je tegelijk op de linker- en rechtermuisknop klikt om de link te plakken. Doe dat voor beide links om de bestanden te downloaden. Installeer ze daarna met de opdracht sudo dpkg -i cloudprint*.deb.

©PXimport

18 Google-login

Nu moet je inloggen bij Google Cloud Print met je Google-account. Dat kan door op je Raspberry Pi de opdracht sudo service cloudprintd login in te geven. Geef daarna je Google-gebruikersnaam (zonder @gmail.com) en het bijbehorende wachtwoord in. Gebruik je tweefactor-authenticatie, dan moet je weten dat de cloudprint-service dat niet ondersteunt. Maak dan eerst online een nieuw applicatiespecifiek wachtwoord aan en geef dat daarna in op je Raspberry Pi. Als alles correct is, krijg je de melding dat je CUPS-printers als cloudprinters toegevoegd zijn.

©PXimport

19 Printen vanuit de cloud

Start nu de cloudprint-service met sudo service cloudprintd start. Log nu met hetzelfde Google-account in en klik op Printers, waarna je je door de Raspberry Pi gedeelde printer te zien krijgt. Het voordeel van Google Cloud Print ten opzichte van AirPrint is dat dit ook over internet werkt. Bovendien vereist het gebruik van je printer dat je met dezelfde Google-account ingelogd bent. AirPrint daarentegen is enkel bedoeld om op je lokale netwerk te gebruiken en voorziet dan ook niet in gebruikers en wachtwoorden.

©PXimport

20 Printen in Google Chrome

Google Cloud Print wordt van huis uit al door Google Chrome ondersteund. Als je een document afdrukt, klik je dan bij de bestemming op Wijzigen en kies je onderaan de lijst onder het kopje Google Cloud Printer je printer. Chromebooks drukken standaard via Google Cloud Print af. Google-diensten ondersteunen echter ook Google Cloud Printer als je een andere browser gebruikt. Druk je bijvoorbeeld een document af dat je in Google Drive hebt staan, dan krijg je bij de bestemming de keuze tussen een lokaal aangesloten printer of je printers die je op Google Cloud Print hebt aangesloten.

©PXimport

21 Printen onder Android

Het mag niet verbazen dat Android goed Google Cloud Print ondersteunt. Installeer daarvoor de officiële app Cloudprinter van Google. Zodra je de app geïnstalleerd hebt, kun je je cloudprinters selecteren bij het delen van documenten. Open je de app los daarvan, dan krijg je een lijst met recent afgedrukte bestanden te zien. Druk je op het printericoontje bovenaan, dan kun je een lokaal bestand selecteren uit je foto's, galerij en andere bestanden om naar de cloudprinter te sturen.

©PXimport

22 Problemen?

Lukt er iets niet, open dan in je browser de beheerderspagina van CUPS, klik op Administration en dan rechts onder het kopje Server op View Error Log. Google dan op de foutmeldingen die je ziet om een oplossing voor je probleem te vinden. Meer informatie vind je ook op de website van CUPS, waar je op Help kunt klikken om allerlei documentatie te lezen. Dezelfde documentatie vind je ook als je in de beheerderspagina van je eigen CUPS-installatie op Online Help klikt.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025
© TP-Link
Huis

Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025

Wat maakt een mesh wifi systeem de allerbeste van het jaar? Natuurlijk, je kunt afgaan op specificaties, maar die zeggen niet alles. Je hebt veel meer aan eerlijke reviews. Het TP-Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7-systeem is door consumenten op Kieskeurig.nl verkozen tot Best Reviewed van het Jaar 2025 in de categorie routers. Wat deze router zo bijzonder maakt, lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - in samenwerking met TP-Link

Best Reviewed 2025: de strengste jury van Nederland

Op Kieskeurig.nl delen elke dag duizenden mensen eerlijke ervaringen met producten die ze écht gebruiken. Die collectieve feedback vormt de basis voor de Best Reviewed‑awards: producten die zich het hele jaar lang in de praktijk hebben bewezen en keer op keer hoge tevredenheid laten zien bij echte gebruikers. Het gaat dus niet om mooie beloftes en marketingtaal, maar om wat mensen dagelijks merken in de praktijk: is het apparaat betrouwbaar? Doet het wat het moet doen? Is het makkelijk in gebruik? De strengste jury van Nederland heeft gesproken: in de categorie Routers werd de TP‑Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7 uitgeroepen tot dé favoriet van 2025.

Wat maakt de TP-Link Deco BE25 zo bijzonder?

Wat dit mesh-systeem technisch zo aantrekkelijk maakt, is de combinatie van moderne wifi-technologie en slimme netwerkfuncties. De TP-Link Deco BE25 ondersteunt Dual-Band WiFi 7 met een gecombineerde snelheid tot 3,6 Gbps, waardoor bandbreedte-intensieve toepassingen zoals 4K-streaming en online gaming soepel verlopen. Elke unit is bovendien voorzien van twee 2,5 Gbps-bekabelde poorten, wat zorgt voor maximale doorvoercapaciteit en flexibele aansluitmogelijkheden voor bijvoorbeeld een NAS, pc of gameconsole.

Een ander sterk punt is de mogelijkheid tot gecombineerde bekabelde en draadloze backhaul: dit zorgt ervoor dat de verbinding tussen de verschillende wifi-punten niet alleen snel, maar ook uiterst stabiel is, met minder latentie. Dankzij Multi-Link Operation (MLO) wordt data via meerdere frequentiebanden en kanalen tegelijk verzonden, wat zowel de betrouwbaarheid als de snelheid van het netwerk ten goede komt.

Daarnaast zorgt AI-gestuurde roaming ervoor dat je apparaten automatisch verbinden met het sterkste wifi-punt, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Met TP-Link HomeShield beschik je over uitgebreide netwerkbeveiliging, waaronder realtime IoT-beveiliging en ouderlijk toezicht. Tot slot is het systeem universeel compatibel met alle internetproviders, modems én eerdere Deco-modellen, zodat je eenvoudig kunt uitbreiden of upgraden.

Dankzij deze optelsom van slimme functies is de TP-Link Deco BE25 een toekomstbestendige keuze voor iedereen die thuis wil genieten van stabiele, snelle en veilige wifi overal in huis.

©TP-Link

TP-Link Deco BE25: waarom gebruikers zo tevreden zijn

De titel Best Reviewed van het Jaar 2025 is gebaseerd op wat gebruikers in het dagelijks gebruik écht belangrijk vinden: betrouwbaarheid, gebruiksgemak en prestaties. Juist op die vlakken scoort dit mesh-systeem keer op keer hoog.

Dat begint al met het installatieproces. Gebruikers geven aan dat het instellen van de set bijzonder eenvoudig is. "De installatie was erg eenvoudig dankzij de intuïtieve Deco-app, waarbij het systeem binnen een paar minuten operationeel was." Ook de snelheid en prestaties vallen in de smaak. De reacties liegen er niet om: "Ik was gelijk onder de indruk van de snelheid, op sommige plekken in huis haal ik met gemak 400 Mbps." En: "De snelheid is werkelijk top: zelfs in de verste hoeken van het huis blijft de verbinding stabiel en razendsnel."

Dat is mede te danken aan de sterke mesh-dekking en de soepele roaming tussen de units. Een gebruiker vat het krachtig samen: "De mesh WiFi zorgt voor een sterke en stabiele verbinding in het hele huis. Zelfs op zolder blijft de snelheid hoog en zonder haperingen." Anderen merken op dat apparaten automatisch overschakelen naar het dichtstbijzijnde wifi-punt: "Alle apparaten melden zich netjes aan bij het punt dat het dichtste in de buurt is. Telefoons schakelen vloeiend over."

De algehele gebruikservaring wordt bovendien als zeer positief ervaren. Niet alleen vanwege de prestaties, maar ook dankzij de handige app-functies. "Overal in huis een stabiele verbinding. De app biedt handige functies zoals apparaatbeheer en statusweergave," aldus een reviewer. En over de nieuwe WiFi 7-technologie zegt iemand: "Dankzij WiFi 7 profiteer je van extreem hoge doorvoersnelheden en minimale latency, ideaal voor gamen, streamen en zware downloads."

Hoewel er hier en daar kleine opmerkingen zijn - zoals dat de snelheidswinst van WiFi 7 niet altijd zichtbaar is op oudere apparaten - overheerst de positieve toon duidelijk. Wat consumenten vooral waarderen, is hoe de TP-Link Deco BE25 hun wifi-ervaring in huis structureel verbetert: minder uitval, meer snelheid en stabiel internet in elke ruimte. Dat maakt het tot een set waar je echt op kunt bouwen.

©TP-Link

Een eerlijk oordeel

De TP‑Link Deco BE25 combineert technische kracht met eenvoud en gebruiksgemak - precies wat veel consumenten zoeken in hun thuisnetwerk. Door de combinatie van snelle prestaties, brede dekking en een intuïtieve app‑gestuurde installatie verdient dit systeem de titel Best Reviewed van het Jaar 2025. Of je nu een groot huis hebt, meerdere apparaten tegelijk gebruikt of gewoon een stabielere en snellere wifi‑ervaring wilt: de TP-Link Deco BE25 is volgens gebruikers een uitstekende keuze.

Ontdek de TP‑Link Deco BE25 op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend