ID.nl logo
Zekerheid & gemak

NX8800GT-T2D512E-HD-OC

De G92, beter bekend als GeForce 8800 GT, is een modernere variant op de succesvolle G80, bekend van de 8800 Ultra, GTX en GTS. De G92 wordt geproduceerd op 65 nm in plaats van 90 nm en het aantal transistors is van 681 miljoen naar 754 miljoen verhoogd.

De 8800 GT heeft 112 stream processors, waardoor de kaart tussen de 8800 GTS (96 stream processors) en de 8800 GTX (128 stream processors) terecht komt. De stream processor-klok draait op een topsnelheid van 1.5 GHz, net als bij de 8800 Ultra, terwijl de rest van de gpu op 600 MHz draait. Normaliter draait het 512 MB gddr3-geheugen op 1.8 GHz maar MSI heeft deze kaart uit de doos overgeklokt naar 1.9 GHz en een gpu-snelheid van 660 MHz.

Het resultaat is verbazingwekkend, gezien de lage prijs van deze kaart. De 8800 GT haalt de 8800 GTS in vrijwel alle games met gemak in en scoort amper lager dan de 8800 GTX. In de veeleisende DirectX 10-game Lost Planet weet de kaart boven de 30 fps te blijven in resoluties tot 1600x1200 met 4x anti-aliasing. Bij Call of Juarez is het beeld iets minder rooskleurig, maar de kaart weet consistent een paar fps meer te halen dan ATI's recente kaarten als het gaat om DirectX 9-games. In vier van de vijf geteste DX9-games haalt de 8800 GT op 1600x1200 meer dan 100 fps. In FEAR zien we tweemaal zo hoge waarden als bij de Radeon HD 3870, het huidige paradepaardje van ATI, maar omdat FEAR een door nVidia gesponsorde game is hechten we hier niet zo heel veel waarde aan. Dat nVidia deze prestaties in een single-slot-design heeft weten te persen is indrukwekkend. De fan is uiterst stil en omdat de kaart slechts één slot in beslag neemt past de kaart in vrijwel alle normale computerkasten. Slechts de lengte kan voor problemen zorgen: 23.1 cm, hetzelfde als de Radeon HD 3870.

De 8800 GT is voorzien van PureVideo 2-hardware, die superieur is aan de PureVideo 1-technologie die we in andere 8800-kaarten terugvinden. Het neemt meer werk van de cpu over dan voorheen en biedt een betere kwaliteit bij de verwerking van het videosignaal. In onze HQV HD-test haalt de kaart dan ook een score van 100. PureVideo 2 is niet zo efficiënt als ATI's UVD in de Radeon HD 3800-serie omdat jaggies minder goed verwerkt worden en VC-1-content niet compleet gedecodeerd kan worden in de gpu.

De Radeon HD 3800-serie en de 8800 GT maken gebruik van nieuwe pci-express 2.0-sloten, zoals die op moederborden met een Intel X38, nVidia nForce 700-serie of AMD 770/790. Pci-express 2.0 is backwards compatibel met pci-express 1.0 en biedt een tweemaal zo hoge bandbreedte wanneer de grafische kaart en moederbord deze standaard ondersteunen. Dat betekent dus dat een pci-express 2.0-slot met 16 lanes zo'n 8 Gb/s in beide richtingen weet te realiseren. Op dit moment is er nog geen zinnig gebruikersscenario voor dergelijke snelheden. Pci-express 2.0 brengt wel een acht-pins stroomstekker die de kaart van 150 watt kan voorzien. MSI realiseert zich dat er maar weinig voedingen met een dergelijke connector zijn, dus op deze grafische kaart vindt u nog de ouderwetse zes-pins-connector. Voor nog oudere voedingen levert MSI een molex-adapter mee.

MSI heeft de NX8800GT-T2D512E-HD-OC gebundeld met twee games, Colin McRae Dirt en Lord Of The Rings Online, evenals een svideo-adapter en dvi-vga-dongle. Daarmee biedt dit pakket dus prima waar voor zijn geld. De kaart is duurder dan de Radeon HD 3870 maar biedt betere prestaties en is vooral ten opzichte van zijn andere GeForce 8800-familieleden zijn tijd ver vooruit.

PluspuntenMinpuntenConclusie

  • Sneller dan een 8800 GTS

  • Single-slot-ontwerp

  • Goede hd-decoding

  • PureVideo 2 mist VC-1-decoding

De NX8800GT-T2D512E-HD-OC is de enige juiste keuze voor gamers die graag op een hogere resolutie hun gang willen gaan, zonder te diep in de buidel te tasten of getracteerd te worden op een hoop lawaai uit de computerkast.

Legendarisch
▼ Volgende artikel
Super Mario-medley wint een Grammy
Huis

Super Mario-medley wint een Grammy

Een medley gebaseerd op soundtracks uit Super Mario-games van het Jazzorkest 8-Bit Big Band heeft afgelopen zondagnacht een Grammy gewonnen.

De medley ‘Super Mario Praise Break’ won een Grammy Award voor beste arrangement (instrumentaal of a capella). In de medley zijn nummers als Gusty Garden Galaxy uit Super Mario Galaxy en Bomb-Omb Battlefield uit Super Mario 64 te horen.

De 9-Bit Big Band is afkomstig uit New York en heeft al eens eerder een Grammy gewonnen voor gamemuziek. In 2022 won het orkest een Grammy voor het nummer Meta’s Knight’s Revenge uit de SNES-game Kirby Superstar.

View post on X

De Grammy Awards

De Grammy Awards worden al sinds 1959 georganiseerd en worden gezien als een van de belangrijkste prijzen voor muziek ter wereld. Ze worden vaak vergeleken met de Oscars, die worden uitgereikt aan films. Dit jaar won Bad Bunny de prijs van album van het jaar, en ging Billie Eilish er vandoor met een Grammy voor nummer van het jaar. Overigens won Austin Wintory een Grammy in de categorie beste gamesoundtrack voor de soundtrack van Sword of the Sea.

De Super Mario-reeks van Nintendo valt op diverse spelcomputers van het bedrijf te spelen, waaronder de Nintendo Switch 2 en Nintendo Switch. Onder de meest recente grote hoofddelen vallen Super Mario Wonder en Super Mario Odyssey.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!