De Europese Commissie wilde dat DVB-H net als GSM de enige standaard zou zijn. De markt van mobiele televisie is echter anders dan die van mobiele telefonie. Zo verschilt de beschikbaarheid van het spectrum van land tot land. DVB-H is beter geschikt voor het UHF-spectrum, maar sommige landen - zoals de UK en Frankrijk - gebruiken nog de ouders frequenties en stappen pas over rond 2012. En DMB (digital multimedia broadcasting) is beter voor landen als Nederland en Duitsland omdat de technologie gebruikmaakt van DAB (digital audio broadcasting) radionetwerken die al veel in die landen worden gebruikt.

Sommige analisten denken dat de discrepanties in mobiele tv-uitzendingen nooit opgelost zal worden. Door zo snel een standaard te kiezen, dwingt de Europese Commissie juist aanbieders om langzamer over te stappen of om voor een eigen standaard te gaan.

De VS heeft ervoor gekozen om de markt uit te laten maken wat de nieuwe standaard voor mobiele tv wordt. Volgens de VS is het de rol van de overheid om het spectrum beschikbaar te stellen en om competitie aan te moedigen. Het is niet aan een overheid om te bepalen welke standaard bedrijven moeten gebruiken.