ID.nl logo
ESP Easy: bouw je eigen domotica-systeem
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

ESP Easy: bouw je eigen domotica-systeem

Zelf je eigen domoticasensor maken is niet zo moeilijk of duur. Je hebt een sensor nodig en een microcontrollerbordje dat de sensorgegevens draadloos doorstuurt naar je domoticacontroller. In dit artikel sluiten we temperatuur-, luchtvochtigheids- en luchtdruksensoren en een lcd-schermpje aan op een ESP8266 WiFi Module. We installeren er de ESP Easy-firmware op en integreren onze sensor met het opensource-domoticasysteem Domoticz, zodat je in het dashboard van je domoticacontroller de meetgegevens kunt aflezen. Je eigen domotica-systeem in 17 stappen!

01 ESP8266

Het hart van een domoticasensor bestaat uit een controllerbordje dat sensorgegevens inleest en doorstuurt naar je domoticacontroller. Een populaire keuze bij doe-het-zelvers zijn bordjes gebaseerd op de ESP8266 WiFi Module, geproduceerd door het Chinese bedrijf Espressif Systems. De controller werkt op een klokfrequentie van 80 of 160 MHz, heeft 64 kilobyte instructiegeheugen en 96 kilobyte datageheugen, 512 kilobyte tot 4 megabyte ram, 802.11 b/g/n wifi en 16 gpio-pinnen voor communicatie met de buitenwereld. Vooral de controllerbordjes van AI-Thinker zijn populair, in het bijzonder de minimalistische ESP-01 met 6 bruikbare pinnen en de ESP-12E met 20 bruikbare pinnen.

02 ESP Easy

Met alleen de hardware ben je nog nergens: de firmware die op de ESP-module draait, bepaalt de functie van het controllerbordje. Oorspronkelijk was de NodeMCU-firmware een populaire keuze voor de ESP8266, maar ook de Arduino-firmware is ondertussen ondersteund. Het interessante aan die laatste is dat je dan met de Arduino IDE programma’s voor de ESP-module kunt ontwikkelen. En de ontwikkelaars van de ESP Easy-firmware maken het ons nog makkelijker: ESP Easy verandert je ESP-module in een multisensorapparaat dat je eenvoudig via een webinterface configureert.

©PXimport

03 Firmware downloaden

Op het moment van schrijven nemen de ontwikkelaars van ESP Easy hun firmware op de schop. We kiezen daarom niet voor de stabiele release, maar voor een ontwikkelversie van de volledig herschreven versie 2.0. Download het zipbestand (bij ons was dit ESPEasy_v2.0.0-dev11.zip, dat in de praktijk heel stabiel bleek) en pak het uit. Naast de broncode zie je er ook allerlei bin-bestanden. Dat is de binaire versie van de firmware. De namen maken duidelijk welke je nodig hebt: normal bevat alleen de stabiele plug-ins, test ook de testplug-ins en dev ook de plug-ins die nog in ontwikkeling zijn. 1024 is voor ESP-modules met 1 MB flash en 4096 voor ESP-modules zoals de ESP-12E met 4 MB flash.

04 Firmware flashen

Dit artikel illustreren we met de ESP-12E, die een micro-usb-connector heeft met ingebouwde usb-naar-serieel-converter voor seriële communicatie met je pc. Download eerst de CP2102-drivers van de website van Silicon Labs. Sluit daarna de ESP-module via usb aan op je pc. Gebruik je een ander model ESP-module, dan heb je nog een usb-naar-ttl-converter nodig, die je op de gpio-pinnen van je module aansluit. Bekijk de wiki van ESP Easy voor meer informatie. Het flashen van de firmware gaat met de tool FlashESP8266.exe in het zipbestand met de firmware. Kies de seriële poort (bijvoorbeeld COM0) en het bin-bestand met de gewenste firmware.

©PXimport

05 Wifi-configuratie

Wanneer de vers geflashte ESP-module opstart (druk op het RST-knopje op het bordje nadat het flashen voltooid is), functioneert hij als een draadloos toegangspunt met ssid ESP_Easy_0. Verbind ermee via je smartphone of een ander wifi-apparaat en voer als wachtwoord configesp in. Open daarna je webbrowser, die je naar de captive portal van de ESP-module omleidt. Kies daar met welk ssid je de ESP-module wilt laten verbinden en voer het bijbehorende wachtwoord in. Druk op Connect om de verbinding op te zetten.

06 Wachtwoord

Als de ESP-module erin geslaagd is om met je wifi te verbinden, krijg je het ip-adres te zien. Verbind nu op je smartphone opnieuw met je normale wifi en bezoek dan in je webbrowser (dat kan nu op je pc, een groter scherm is nu wel handiger) het ip-adres van de ESP-module voor de rest van de configuratie. In het tabblad Config is het vooral belangrijk dat je hier een unieke naam geeft aan je module en een beheerderswachtwoord kiest, zodat niet iedereen in je lokale netwerk in staat is om de configuratie te veranderen. Druk onderaan op Submit.

07 Domoticz-controller toevoegen

In het tabblad Controllers staat standaard al een controller toegevoegd met het protocol van Domoticz. Klik ernaast op Edit. Als protocol laat je Domoticz HTTP staan. Vul het ip-adres en de poort (standaard 8080) van je Domoticz-controller in. Heb je de webinterface van Domoticz afgeschermd met een gebruikersnaam en wachtwoord, vul die hier dan ook in. Vink tot slot Enabled aan en klik op Submit. Als je daarna op Close drukt, zie je je Domoticz-controller in de lijst met controllers staan.

©PXimport

08 Statusled

In het tabblad Hardware definieer je waarvoor je de gpio-pinnen inzet. Een handige functie die nieuw is in versie 2.0 van de firmware, vind je onder Wifi Status LED. Als je daar het pinnummer invoert waarop een led is aangesloten, geeft ESP Easy de status van wifi weer op die led. En dat kan ook met de ingebouwde led van de ESP-module. Kies daarvoor GPIO-2 (D4) en vink Inversed LED aan omdat die led active-low werkt. Klik onderaan op Submit. Als ESP Easy niet met wifi verbonden is, knippert de led nu snel tussen helder en zacht.

09 Sensoren en schermpje

Neem nu een breadboard en plaats daarop de (niet op de voeding aangesloten!) ESP-module en een BMP180-sensorbordje. Die laatste is een printplaatje met temperatuur- en luchtdruksensor. Verbind nu VIN op de BMP180 met 3V3 op de ESP-module, GND met GND, SCL met D1 en SDA met D2. Neem nu de AM2302 (DHT22) temperatuur- en luchtvochtigheidssensor, sluit het rode draadje aan op VIN, het zwarte op GND en het gele op D5. Sluit tot slot het OLED-schermpje met SDD1306-controller aan: VCC op VIN, GND op GND, SCL op D1 en SDA op D2. Sluit daarna terug de voeding van de ESP-module aan.

10 Virtuele sensoren in Domoticz

Maak in de webinterface van Domoticz een dummy-sensor aan. Open daarvoor het menu Instellingen / Hardware, kies nieuwe hardware uit de lijst van het type Dummy, geef het apparaat een naam en zorg dat Actief aangevinkt staat. Klik op Toevoegen. Klik daarna bij het virtuele apparaat op Maak virtuele sensoren. Geef de sensor een naam en kies als type Temp+Hum. Klik op OK om de sensor aan te maken. Zoek de sensor daarna in Instellingen / Apparaten en noteer het getal in de kolom Idx. Dit is het id van de sensor. Voeg daarna op dezelfde manier een sensor toe van het type Temp+Baro.

©PXimport

11 DHT-sensor configureren

Open nu de webinterface van ESP Easy. Klik in het tabblad Devices in de eerste rij op Edit. Kies bij Devices voor Environment - DHT11/12/22. Geef de sensor een naam en vink Enabled aan. Kies als GPIO-pin GPIO-14 (D5) en als sensortype DHT 22. Vul bij IDX het id van de sensor in Domoticz in en verzeker je ervan dat Send to Controller aangevinkt staat. Klik daarna op Submit. Klik je daarna op Close, dan zie je in de lijst met apparaten de sensor staan, inclusief de huidige temperatuur en luchtvochtigheid. Ook in Domoticz krijg je de gegevens te zien.

12 BMP-sensor configureren

De BMP180-sensor communiceert met de ESP-module door middel van de I2C-interface. Kijk dus eerst in het tabblad Hardware van ESP Easy na of de I2C-interface correct is geconfigureerd: GPIO-4 (D2) bij SDA en GPIO-5 (D1) bij SCL. Dit zijn ook de verbindingen die je op het breadboard hebt gemaakt. Ga dan naar het tabblad Devices en klik in de tweede rij op Edit. Kies als apparaat Environment - BMP085/180. Geef de sensor een naam, vink Enabled aan en vul de hoogte van je locatie in meters in (om te compenseren voor de luchtdruk). Vul het juiste id van de virtuele sensor in Domoticz in en klik op Submit.

13 Eigen regels aanmaken

Tijdens de redactiesluiting zat er nog een fout in ESP Easy waardoor de firmware de luchtdruk van de BMP-sensor niet correct naar Domoticz stuurt. ESP Easy is gelukkig flexibel genoeg om dit te op te lossen. Vink daarvoor eerst bij je BMP-sensor Send to Controller uit en klik op Submit. Open daarna het tabblad Tools, klik op Advanced, vink Rules aan en klik op Submit. Er verschijnt nu een nieuw tabblad Rules. Open dit. In het tekstveld voeg je nu eenvoudig je eigen regels toe.

©PXimport

14 Timer

Voeg in het tekstveld het onderstaande script toe. Vervang daarin het ip-adres, het poortnummer en het id door de waarden voor jouw situatie. Dit script stuurt elke minuut de sensorgegevens naar Domoticz. Reboot achteraf de ESP-module in Tools / Reboot.

On System#Boot do

timerSet,1,60

endon

On Rules#Timer=1 do

SendToHTTP,192.168.1.101,8080,/json.htm?type=command&param=udevice&idx=230&nvalue=0&svalue=[BMP#Temperature];[BMP#Pressure];BAR_FOR;ALTITUDE

timerSet,1,60

endon

15 OLED-scherm configureren

Dan rest ons alleen nog om het oled-schermpje te configureren zodat we de sensorgegevens ook daarop te zien krijgen. Klik eerst in het tabblad Tools op I2C Scan en kijk welk I2C-adres het oled-scherm gebruikt, standaard 0x3c. Maak daarna een derde apparaat aan in het tabblad Devices en kies als type Display - OLED SSD1306. Kies een naam, vink Enabled aan en controleer of het juiste I2C-adres ingevuld staat. Kies ook de juiste rotatie (normaal of ondersteboven) en schermgrootte.

©PXimport

16 Sensorgegevens tonen

In de rest van de configuratie van het oled-schermpje kies je wat er op het scherm komt. Je hebt 8 regels van 16 tekens die je kunt vullen. Vul op regel 1 T: [BMP#Temperature]^C in, op regel 2 H: [AM2302#Humidity]% en op regel 3 P: [BMP#Pressure] hPa. We gebruiken de temperatuur van de BMP180, omdat die accurater is dan de DHT22. Klik op Submit. Na een minuut (de standaard ingestelde vertraging) krijg je de sensorgegevens op het schermpje te zien.

17 Andere sensoren en actuatoren

De sensoren en het schermpje die we in deze workshop aansloten, zijn uiteraard niet de enige ondersteunde apparaten. Hier vind je een lijst met alle plug-ins. Hier zie je ook welke plug-ins in de normal-firmware zitten en voor welke je de testing- of development-firmware nodig hebt. Op de wiki-pagina van een plug-in staat hoe je het apparaat aansluit en hoe je de plug-in in ESP Easy configureert.

©PXimport

IoT-sensor op batterijen

ESP Easy is handig om van een ESP-module een IoT-apparaat te maken. Maar dat wil je dan niet de hele tijd aan de muur hangen met een usb-voedingsadapter. Gelukkig is de ESP-module ook met batterijen te voeden. Je dient dan wel een aantal trucs uit te voeren om het stroomverbruik te beperken. Lees daarvoor deze pagina op de wiki van ESP Easy. In grote lijnen komt het erop neer dat je ESP-module zich zo lang mogelijk in de slaapmodus moet bevinden. Je meet dan bijvoorbeeld maar één keer per uur de sensorwaarde en schakelt alleen dan even wifi in. Kies ook de juiste ESP-module. Zo is de Wemos D1 mini een zuinig exemplaar dat met wat inspanningen een jaar op drie AA-batterijen blijft werken.

▼ Volgende artikel
Bekijk de nieuwe trailer van The Mandalorian and Grogu
Huis

Bekijk de nieuwe trailer van The Mandalorian and Grogu

Disney en Lucasfilm hebben gisteren een nieuwe trailer van de aankomende bioscoopfilm The Mandalorian and Grogu uitgebracht.

Tijdens de Super Bowl werd er al een trailer uitgezonden, maar die viel niet bij alle fans even goed in de smaak. Lucasfilm lijkt het goed te willen maken met deze nieuwe trailer, die veel meer als een trailer voor een traditionele Star Wars-film voelt.

The Mandalorian en Grogu worden in de aankomende film ingehuurd om Colonal Ward te redden uit de klauwen van Rotta the Hutt - de zoon van Jabba the Hutt. De rol van The Mandalorian wordt zoals in de serie gespeeld door Pedro Pascal, maar ook acteurs als Jeremy Allen White en Sigourney Weaver zijn van de partij.

De film, die de Disney+-serie The Mandalorian opvolgt, draait vanaf 20 mei in Nederlandse bioscopen.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
SSD in topvorm in Windows 11: zo blijft hij sneller en gaat hij langer mee
© MG | ID.nl
Huis

SSD in topvorm in Windows 11: zo blijft hij sneller en gaat hij langer mee

SSD's zijn snel, stil en energiezuinig, maar ze vragen om een iets andere aanpak dan klassieke harde schijven. Windows 11 biedt heel wat instellingen die de prestaties en levensduur van je SSD beïnvloeden. Met deze tips ontdek je welke functies je beter inschakelt, uitschakelt of controleert, zodat je SSD jarenlang betrouwbaar blijft werken.

In dit artikel

In dit artikel loop je de Windows 11-instellingen langs die het meeste invloed hebben op je SSD, zoals snel opstarten, TRIM en geplande optimalisatie. Je checkt ook de gezondheid via S.M.A.R.T., kijkt naar firmware en stuurprogramma's en zorgt dat er genoeg vrije ruimte overblijft voor wear leveling. Tot slot stel je energiebeheer, indexering, slaapstand, schrijfcache en het wisselbestand zo in dat je systeem stabiel blijft en je schijf minder onnodig schrijft.

Lees ook: Check je opslag: zo gezond zijn je HDD en SSD

Solid state drives (SSD) zijn tegenwoordig de standaardopslag in laptops en pc's. Maar ze werken fundamenteel anders dan traditionele harde schijven. Ze gebruiken geheugencellen in plaats van roterende platen, wat enorme snelheidsvoordelen biedt, maar ook specifieke aandacht vraagt voor schrijfbewerkingen, caching en systeeminstellingen. Met enkele gerichte optimalisaties haal je maximale prestaties uit de SSD en verleng je de levensduur. 

Schakel Snel opstarten uit

Snel opstarten is bedoeld om het opstartproces te versnellen, maar de tijdwinst die je hiermee boekt op een SSD is verwaarloosbaar. De functie slaat de kern van het systeem, inclusief essentiële stuurprogramma's, op de schijf op in de toestand waarin je de vorige sessie hebt afgesloten. Daardoor lijkt het systeem sneller te starten, maar eigenlijk hervat het deels de vorige sessie. Snel opstarten kan er ook voor zorgen dat bepaalde updates niet worden geïnstalleerd, omdat de computer niet echt volledig afsluit. Wanneer je deze optie uitschakelt, start het systeem altijd volledig opnieuw op, wat stabieler werkt en problemen voorkomt. Om Snel opstarten uit te schakelen, typ je in de zoekbalk Configuratiescherm en open je Systeem en beveiliging. Klik op Energiebeheer.

Kies in de linkerkolom Het gedrag van de aan/uit-knoppen bepalen. Wanneer je dit venster voor de eerste keer opent dan zal het selectievakje grijs staan, waardoor je niets kunt wijzigen. In dat geval moet je eerst klikken op de optie Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn.

Hoewel Snel opstarten wordt aanbevolen, schakel je het beter uit met een SSD.

Controleer regelmatig op firmware-updates

Firmware-updates kunnen de prestaties van je SSD optimaliseren en de levensduur verlengen. Ze verlopen wel iets complexer dan gewone software-updates, omdat elke fabrikant zijn eigen methode heeft om de firmware bij te werken. Ga daarom altijd naar de officiële website van de fabrikant van de SSD en volg zorgvuldig de instructies.

Een handig hulpmiddel is CrystalDiskInfo. Deze gratis tool toont gedetailleerde informatie over de schijf, waaronder de firmwareversie. Zo kun je snel zien of er een update beschikbaar is. Heeft Windows ondertussen nieuwe stuurprogramma's gedownload maar nog niet geïnstalleerd, dan kun je die toepassen via Apparaatbeheer. Klik met de rechtermuisknop op het Startmenu en kies Apparaatbeheer. Vouw Schijfstations uit. Klik met de rechtermuisknop op je SSD en kies Stuurprogramma bijwerken.

In Apparaatbeheer kun je het stuurprogramma van de SSD bijwerken.
Controleer de S.M.A.R.T.-status

Met tools zoals CrystalDiskInfo zie hoe gezond de SSD is. Van elke harde schijf krijg je bovenaan heel wat informatie: de gezondheidstoestand, het volume, het type schijf, de temperatuur, de interface, het aantal keren dat de schijf is opgestart en het aantal bedrijfsuren dat dit stukje elektronica al meedraait. Het programma toont bovendien het merk en het serienummer van de schijf. Die informatie kan van pas komen als er sprake is van garantie. Daaronder lees je of de schijf de S.M.A.R.T.-technologie ondersteunt en of TRIM actief is. Daarnaast zie je nog een aantal technische parameters die vooral voor specialisten interessant zijn. Wanneer alle indicatoren blauw zijn, kun je op beide oren slapen. Fouten die in het geel verschijnen, zullen mettertijd verergeren. Wanneer bijvoorbeeld het onderdeel Media en Data Integriteit Fouten geel wordt gemarkeerd, is het tijd om een back-up te maken en de schijf te vervangen.

Alle informatie en de status van je SSD via CrystalDiskInfo.

Laat voldoende vrije ruimte over

Een SSD bestaat uit geheugencellen waarin data wordt opgeslagen. Die cellen slijten telkens wanneer ernaar wordt geschreven. Zonder bescherming zouden sommige cellen, zoals diegene waarop vaak systeemdata wordt geschreven, veel sneller verslijten dan andere. Daarom zit diep in de ingebouwde controllerchip van de SSD, een ingebouwde functie die zorgt dat alle geheugencellen evenwichtig worden aangesproken, zodat de schijf gelijkmatig slijt en betrouwbaar blijft. Wear leveling verdeelt de schrijfbewerkingen gelijkmatig over alle cellen, maar deze technologie heeft ruimte nodig om goed te kunnen werken. Als de schijf bijna vol is, kan de controller minder efficiënt herschikken en dan slijten bepaalde cellen sneller. Probeer slechts 75% van de SSD te gebruiken voor opslag en laat de overige 25% vrij om de schijf snel te houden. Dit zal de duurzaamheid op de lange termijn ook vergroten. Er zijn verschillende manieren om opslagruimte vrij te maken in Windows 11. Ga naar Instellingen / Systeem / Opslag en schakel Opslaginzicht in. Of gebruik Schijfopruiming om tijdelijke en ongewenste bestanden te verwijderen.

Door Opslaginzicht te activeren bespaar je automatisch op schijfruimte.

Controleer TRIM

TRIM is essentieel om een SSD gezond en snel te houden. Wanneer je in Windows een bestand verwijdert, markeert het besturingssysteem die ruimte als beschikbaar, maar de SSD weet dat niet vanzelf. Voor de SSD lijkt het alsof de data nog steeds aanwezig zijn.

TRIM vertelt de SSD welke gegevens echt verwijderd zijn, zodat de schijf intern kan opruimen en die ruimte klaar kan maken voor nieuwe schrijfbewerkingen. In Windows 11 is TRIM standaard ingeschakeld, maar het is een kleine moeite om dit even te controleren. Open de Opdrachtprompt als administrator. Dan typ je fsutil behavior query DisableDeleteNotify. Krijg je als resultaat DisableDeleteNotify = 0 dan is TRIM ingeschakeld. Zie je daarentegen DisableDeleteNotify = 1 dan is TRIM uitgeschakeld. Om TRIM in dat geval te activeren, typ je fsutil behavior set DisableDeleteNotify 0 en druk je op Enter.

"DisableDeleteNotify = 0" betekent dat de TRIM-functie is ingeschakeld.

Laat de ingebouwde defragmentatie ingeschakeld

In de begindagen van SSD's waren deze schijven minder duurzaam dan nu. Daarom werd destijds afgeraden om te defragmenteren. Het leverde geen snelheidswinst op en kon zelfs schadelijk zijn, omdat het onnodig veel lees- en schrijfbewerkingen veroorzaakte. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, kunnen SSD's nog steeds in beperkte mate fragmenteren. Met de huidige technologie is de ingebouwde defragmentatie-optie in Windows 11 toch een veilig en nuttig hulpmiddel om de schijf gezond te houden. Tijdens deze optimalisatie voert het systeem ook automatisch een TRIM-opdracht uit, zoals in de vorige tip werd uitgelegd. Laat de ingebouwde optimalisatie dus gewoon ingeschakeld. Zoek op Stations defragmenteren en optimaliseren. Selecteer dee SSD en klik op Optimaliseren. Controleer via Instellingen wijzigen of Geplande optimalisatie is ingeschakeld. De meeste experts raden een wekelijks schema aan om dit te doen. Gebruik liever geen defragmentatietools van derden. Veel van die tools beweren dat ze de SSD versnellen, maar in de praktijk doen ze vaak niets of voeren ze overbodige schrijfopdrachten uit.

De knop die defragmenteert, heet nu Optimaliseren.

Stel de energiemodus in op Beste prestaties

Wanneer je computer een tijdje inactief is geweest, kun je vooral bij een laptop merken dat hij in het begin traag reageert. Dat komt doordat Windows standaard de energie-instellingen aanpast om stroom te besparen. Door de energiemodus op Beste prestaties te zetten in plaats van op Beste energie-efficiëntie, kun je die vertraging elimineren en de snelheid merkbaar verhogen. Druk op Win+I om Instellingen te openen. Ga dan naar Systeem / Aan/uit en accu. Vouw het menu Energiemodus open en kies bij zowel Aangesloten op netstroom als Op batterijstroom de optie Beste prestaties.

Zet beide energiemodi op de instelling Beste prestaties.

Indexering uitschakelen, ja of nee?

Windows indexeert standaard de bestanden om sneller te kunnen zoeken. Daarvoor maakt het systeem een catalogus van alle bestanden op de schijf. Bij oudere, trage harde schijven had dit een merkbare invloed op de prestaties, omdat de schijf voortdurend kleine stukjes data moest lezen en schrijven. Op een SSD liggen de zaken anders. De toegangstijden zijn extreem kort en de kleine schrijfbewerkingen van de indexering zijn verwaarloosbaar op vlak van snelheid en levensduur. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan het zinvol zijn de indexering uit te schakelen, bijvoorbeeld op een lichte pc met weinig RAM of op oudere hardware, of als je zelden zoekt via Verkenner of het Startmenu. In alle andere gevallen laat je de functie beter aan, of beperk je de indexering tot specifieke mappen, zoals Documenten. Op deze manier beperk je de indexering. Druk op Win+S en typ Indexeringsopties. Klik op het resultaat Indexeringsopties. Selecteer Wijzigen om te zien welke locaties worden geïndexeerd. Haal de vinkjes weg bij overbodige mappen en laat alleen Documenten (of andere gewenste mappen) geselecteerd.

Wil je de indexering volledig uitschakelen dan open je Verkenner en klik je in het linkerdeelvenster op Deze pc. Klik met de rechtermuisknop op het Windows-station (meestal C:). Kies Eigenschappen en onder het tabblad Algemeen verwijder je het vinkje bij De inhoud en eigenschappen van bestanden op dit station mogen worden geïndexeerd. Klik op Toepassen om de wijziging op te slaan.

Je kunt de mappen selecteren die je toch wilt indexeren.

Zet de slaapstand (hibernate) uit als je die niet gebruikt

Wanneer de slaapstand is ingeschakeld, schrijft je Windows 11-pc bij het afsluiten grote hoeveelheden gegevens naar de SSD. Het bestand hiberfil.sys, dat Windows hiervoor aanmaakt, kan tientallen gigabytes groot zijn. Gebruik je de slaapstand nooit, dan kun je die beter uitschakelen. Zo bespaar je schijfruimte en verminder je onnodige schrijfbewerkingen, wat de levensduur van de SSD ten goede komt. De slaapstand is bedoeld om je snel te laten hervatten waar je was gebleven, maar dat voordeel weegt niet altijd op tegen de extra belasting van de SSD. Om de slaapstand uit te schakelen, typ je Opdrachtprompt in het zoekvak en kies je Als administrator uitvoeren. Bevestig met Ja in de prompt van het Gebruikersaccountbeheer. Typ vervolgens het commando: powercfg /hibernate off en druk op Enter. Wil je later de slaapstand opnieuw activeren, gebruik dan hetzelfde commando met on in plaats van off: powercfg /hibernate on.

Schakel de slaapstand uit via de Opdrachtprompt.

Schrijfcache inschakelen

De schrijfcache is een tijdelijk buffergeheugen (meestal RAM) waarin Windows en de SSD-controller gegevens eerst opslaan voordat ze fysiek naar de NAND-cellen van de SSD worden geschreven. Dat heeft twee voordelen. Het verhoogt de snelheid, omdat meerdere kleine schrijfbewerkingen worden samengevoegd tot één grotere, efficiëntere operatie, én het verlengt de levensduur van de SSD doordat er minder vaak hoeft te worden geschreven. Het enige risico is dat je bij stroomuitval of een plotselinge systeemcrash gegevens kunt verliezen als de data in de cache nog niet naar de SSD zijn weggeschreven. Bij laptops met een batterij is dat risico klein, maar bij desktops zonder noodvoeding (UPS) kan het wel voorkomen. Om de schrijfcache in te schakelen open je via het zoekvak Apparaatbeheer. Vouw Schijfstations open en dubbelklik op je SSD.

Open het tabblad Beleidsregels. Zorg dat de optie Schrijfcache op het apparaat inschakelen is aangevinkt. Dit bevordert zowel de prestaties als de duurzaamheid. Laat de optie Leegmaken van Windows-schrijfcachebuffer op apparaat uitschakelen uitgeschakeld, tenzij je zeker weet dat je computer beschermd is tegen stroomuitval (bijvoorbeeld met een noodstroomvoeding).

Laat de optie om de schrijfcache te gebruiken ingeschakeld.
Laat het wisselbestand ingeschakeld

Sommige bronnen raden aan om het wisselbestand (pagefile.sys) voor de SSD uit te schakelen, omdat dit het aantal schrijfbewerkingen zou verhogen en zo de levensduur zou verkorten. In de praktijk is dat niet meer relevant. Moderne SSD’s kunnen enorme hoeveelheden schrijfcycli aan, gemeten in TBW (terabytes written). Het wisselbestand wordt door Windows zeer spaarzaam gebruikt, alleen wanneer het RAM tijdelijk tekortschiet. Bovendien gaat het meestal om kleine, tijdelijke blokken die continu worden overschreven. Zelfs bij intensief gebruik kom je met een SSD van 300 TBW pas na vele jaren in de buurt van de slijtagegrens. Een systeem met 16 GB RAM en normaal gebruik schrijft hoogstens enkele gigabytes per dag naar het wisselbestand. Zelfs bij 10 GB per dag is dat slechts 3,6 TB per jaar. Dat is nog geen 2% van de levensduur van een doorsnee SSD van 500 TBW. Laat het wisselbestand dus gewoon ingeschakeld. Zonder pagefile loop je kans op instabiliteit of "Out of memory"-fouten, en sommige programma's (zoals Photoshop, Premiere of CAD-software) vereisen het zelfs.

Laat het virtueel geheugen in de Systeemeigenschappen gewoon ingeschakeld.

View post on TikTok

Handig om mee te nemen:

Portable SSD's