ID.nl logo
Huis

iPhone 6s (Plus) - Apple's beste smartphone ooit

Zoals bij iedere s-serie, voert Apple met de iPhone 6s (en 6s Plus) weer een groot aantal updates onder de motorkap door. Zo is de iPhone 6s sneller, werkt de camera beter en beschikt het touchscreen over het zogenoemde 3D Touch. Maar is dit alles genoeg reden om over te stappen op de nieuwe iPhone?

De iPhone 6s is qua uiterlijk amper te onderscheiden van de iPhone 6. Nog steeds heeft het toestel ronde hoeken, een aluminium behuizing, en die bekende witte strepen op de achterkant. Aan de voorkant zit de inmiddels beroemde home-knop, aan de zijkant zitten volumeknoppen en een aan/uit-knop. Lees ook: 12 briljante tips voor iOS 9.

De grootste vernieuwing aan het uiterlijk van het toestel is dat die nu in een andere kleur beschikbaar komt. Naast de standaard zilver, goud en spacegrijs-uitvoering is er ook een zalmroze toestel beschikbaar - niet de kleur die wij zouden kiezen, maar wel die we kregen van Apple.

iPhone 6s is stuk sneller

Het is vooral de binnenkant van de telefoon die hem een stuk beter maakt dan zijn voorganger. De processor is een heel stuk sneller, en dat is één van de dingen die direct opvalt. Apple zegt zelf dat het gaat om een versnelling van wel 30 procent ten opzichte van de iPhone 6, en hoewel we het niet hebben kunnen benchmarken is het duidelijk merkbaar dat de 6s veel sneller is.

Misschien heeft dat ook te maken met het verdubbelde werkgeheugen: Dat is nu van 1 GB naar 2 GB gegaan. Daardoor is het makkelijk schakelen tussen applicaties, en blijven meer apps op de achtergrond werken waardoor die sneller opstarten als je ze aanzet.

©PXimport

Naast de bekende kleuren is de nieuwe iPhone ook in het roze beschikbaar.

De vingerafdrukscanner die we al sinds de iPhone 5 in Apple-apparaten zien, zit ook in de 6s verwerkt in de homeknop. Die is in dit model aanzienlijk sneller - zo snel zelfs, dat je je notificaties amper kunt lezen wanneer je de telefoon met je duim aanzet. Een eerste-wereld-probleem, zullen we het maar noemen.

3D Touch

Is er dan helemaal niets revolutionair anders aan de 6s? Jawel. 3D Touch, dat eerst nog bekend stond als 'Force Touch', is een opvallende nieuwe functie in het scherm. Dat scherm is namelijk drukgevoelig, waardoor je er op meerdere manieren op kunt drukken. Naast de gewone tik en het lang ingedrukt houden, kun je ook extra hard op het scherm tikken.

Op die manier kun je verschillende acties uitvoeren door op verschillende manieren te tikken op het scherm. Klik je in Safari normaal op een link, dan opent er een nieuwe pagina. Druk je het scherm echter iets harder in, dan verschijnt er eerst een preview van het nieuwe tabblad zodat je weet of het wel de moeite waard is om te klikken. Dat werkt ook op het home-scherm, waar je met een camera-app bijvoorbeeld al een snelle selfie kunt maken voor je de app ook echt geopend hebt.

©PXimport

Qua design behoort de iPhone 6 nog altijd tot de mooiste toestellen van dit moment.

Wat 3D Touch doet, doet het bijzonder goed. De functie werkt altijd, herkent iedere aanraking perfect en voelt nooit alsof het 'in de weg' zit. De potentie van 3D Touch is enorm, en kan zorgen voor een grote verandering in hoe je je telefoon bedient.

Potentie van 3D Touch

We zeggen 'kan', want op dit moment is dat nog lang niet het geval. Er zijn namelijk nog maar weinig apps beschikbaar die 3D Touch gebruiken. Aanvankelijk waren het alleen de standaard-apps van Apple zelf (Safari, Foto's etc.), en inmiddels is er een handjevol apps zoals Facebook en, verrassend, WhatsApp, dat 3D Touch gebruikt. Maar tenzij je een erg grote Apple-fan bent die al het nieuws in de gaten houdt, weet je niet welke apps 3D Touch hebben.

Het hangt op dit moment erg af van de ontwikkelaars die aan de slag gaan met 3D Touch. Hoe meer apps er gebruik van gaan maken, des te groter is de kans op succes.

Helaas werkt 3D Touch niet meteen intuïtief, want je weet niet precies welke functies in een app het ondersteunen. Als je niet weet dat het er is, mis je het bovendien niet. De iPhone kan namelijk gewoon op de normale manier bediend worden.

©PXimport

3D Touch is een mooie toevoeging, waar we in de toekomst veel van verwachten. Maar nu nog niet.

Vertrouwd iOS 9

Standaard draait de iPhone 6s op iOS 9, en is inmiddels te updaten naar iOS 9.1. Je vindt in iOS 9.1 op de nieuwe iPhone echter weinig unieks dat je niet ook op andere iApparaten terugvindt. iOS 9 is wel het meest uitgebreide besturingssysteem tot nu toe, en werkt net zo intuïtief als altijd. Ja, sommige gebruikers vinden Android fijner en zouden nooit naar iOS overstappen - een keuze die vooral met smaak te maken heeft.

Eén opvallende feature, die overigens wel alleen in de nieuwe iPhone 6s zit, is dat Siri altijd aan staat. Je kunt de slimme assistent daarmee altijd oproepen door 'Hey Siri' te zeggen en zonder eerst de homeknop ingedrukt te houden. Als je veel van Siri gebruikmaakt, is het een prettige toevoeging, al vonden wij de home-knop ook al praktisch werken.

Een belangrijk punt waar de 6s achterblijft, of in ieder geval gelijk blijft, is de accuduur. Die is op papier een stuk beter dan zijn voorganger, maar door de krachtigere processor en het verdubbelde RAM haal je in de praktijk net zoveel uren uit je accu als je uit de iPhone 6 haalt.

Gelijke camera

Ook de camera van de iPhone is op papier een heel stuk beter dan de vorige telefoons, met 12 megapixels ten opzichte van 8. Een flinke verhoging, maar megapixels zeggen niet altijd alles. Dat blijkt uit het feit dat foto's niet significant beter zijn dan die van de iPhone 6. Ook niet persé slechter, maar we zagen met het blote oog geen heel groot verschil tussen de oude en de nieuwe camera.

Wel nieuw zijn een aantal extra functies in de app, zoals het filmen van 4k-beelden waar je in de praktijk niet heel veel aan hebt (er zijn nog maar weinig 4k-tv's op de markt), maar die er wel voor zorgt dat je geheugen binnen de kortste keren bomvol staat. De iPhone 6s Plus heeft wel een belangrijke nieuwe toevoeging in de cameralens: optische beeldstabilisatie. Waarom dit niet in de iPhone 6s is verwerkt is ook voor ons volstrekt onduidelijk - een gemiste kans. Met de iPhone 6s Plus kan je aanzienlijk mooiere video's schieten dan de 'gewone' iPhone 6, en ook biedt de langere sluitertijd interessante opties voor de iPhone-fotograaf.

©PXimport

De 6s Plus heeft een aanzienlijk betere lens dan zijn kleine broertje.

Live Foto's maken

Live Foto's is een leuke functie in de Foto's-app waarbij alle foto's automatisch een soort gif'je of kort filmpje worden. De camera maakt namelijk anderhalve seconde vóór en anderhalve seconde ná je een foto al een opname. Daardoor krijg je in de Foto's-app de normale foto te zien die je hebt gemaakt, maar kun je door erop te klikken een kort filmpje zien.

Dat klinkt niet spannend, maar het geeft een compleet nieuwe dimensie aan foto's. Die worden er levendiger van, spreken meer tot de verbeelding, zonder dat het filmpjes worden. We zullen niet zover gaan door het een nieuwe fotografische revolutie te noemen, maar als je het hebt over innovatie in fotografie is dit wel één van de meest spannende ontwikkelingen die we recent hebben gezien.

©PXimport

Onder normale omstandigheden is er weinig verschil in fotokwaliteit te zien.

Weinig opslagruimte

Een notoir kritiekpunt op oude iPhones was altijd de opslagruimte, en om onbegrijpelijke redenen is dat in de iPhone 6s niet anders. Je komt anno 2015 niet meer weg met slechts 16 GB, maar dat is wel de opslagruimte van het instapmodel. En nee, net zoals in oudere iPhones is ook de 6s niet uit te breiden met (micro-)sd. Als je daarom de goedkoopste iPhone van 16 GB haalt, hou er dan rekening mee dat dat vol staat voor je het doorhebt en dat je dus moet betalen voor cloud-opslag via bijvoorbeeld iCloud of Dropbox.

Je kunt ook kiezen voor de iPhone 6s met 64 GB of zelfs 128 GB - maar let op dat dat respectievelijk 100 en 200 euro duurder is. Laat je dus niet misleiden door de prijs van de goedkoopste iPhone met 16 GB, want er is geen enkele reden die te kopen.

Conclusie

De voordelen, zoals 3D Touch en de merkbaar snellere processor, maken de iPhone 6s tot een geweldig toestel. Niet alles aan het toestel is perfect: vooral de matige opslagruimte van 16 GB valt tegen, en de accuduur is praktisch hetzelfde als in de iPhone 6. Maar dat mag geen naam hebben. Apple-fans willen deze telefoon toch wel hebben. En terecht. Op dit moment zijn er weinig telefoons te krijgen die zo goed zijn als de iPhone 6s. Heb je echter al een iPhone 6, dan is er vrij weinig reden om te upgraden. De iPhone 6s is namelijk prijzig, en hoewel het toestel op praktisch alle punten beter is dan zijn voorganger, willen we de upgrade niet essentieel noemen.

Fantastisch
Conclusie

iPhone 6s en iPhone 6s Plus --------------------------- **Besturingssysteem:** iOS 9.1 **Kleuren:** Zilver, goud, spacegrijs, rozégoud **Beeldscherm:** 4.7" (of 5,5" voor 6s Plus) met 3D Touch **Resolutie:** 1334 x 750 pixels (1920 x 1080 voor 6s Plus) **Processor:** Apple A9 (dualcore 1,84 GHz) **Werkgeheugen:** 2 GB **Connectiviteit** NFC, bluetooth 4.2, 802.11a/b/g/n/ac wifi, 4G **Accu:** 1,715 mAh (of 2750 mAh in 6s Plus) **Geheugen:** 16, 64 of 128 GB **Camera achter:** 12 megapixels **Camera voor:** 5 megapixels **Website:** [Apple.com](http://www.apple.com/nl/)

Plus- en minpunten
  • Design
  • Razendsnel
  • Camera
  • Potentie 3D Touch
  • 16 GB variant
  • Batterij iPhone 6s
  • Prijs
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.