ID.nl logo
Foscam E1: prima wifi-camera met teleurstellende software
© Reshift Digital
Huis

Foscam E1: prima wifi-camera met teleurstellende software

Beveiligingsproducten voor in en om het huis zijn volop verkrijgbaar. Foscam doet ook al enige tijd mee met diverse camera's om huis en haard in de gaten te houden. De Foscam E1 is de eerste volledig draadloze wifi-camera van het bedrijf, die je overal vrijelijk kunt neerzetten. Maar hoe handig is dat eigenlijk?

De E1-camera kun je los neerzetten op bijvoorbeeld een tafel op een kast, maar het is ook mogelijk om hem om te hangen. Daarvoor wordt een speciale bevestiging meegeleverd, die je aan een muur kunt vastschroeven. De camera zelf wordt via een sterke magneet aan die bevestiging vastgemaakt en kun je - door de halfronde cirkel - in de gewenste stand draaien. De camera zit dan stevig vast, maar kan wel met een flinke ruk van de magneet worden losgetrokken. Dat moet ook wel mogelijk zijn, want omdat de camera op een oplaadbare batterij werkt, ontkom je er niet aan om deze van tijd tot tijd op te moeten laden.

Basisstation

Alhoewel de E1-camera volledig draadloos is, moet je - om de beelden te kunnen bekijken of opnemen - gebruik maken van een basisstation. Deze wordt meegeleverd met het hier besproken basis- of starterspakket. Dat basisstation vereist een stroomadapter en een vaste netwerkverbinding, dus helemaal onafhankelijk van kabels ben je niet. Het basisstation regelt de verbinding tussen de camera en de cloudopslag van Foscam. Bij de eerste setup moet je de camera met het basisstation verbinden. Dat kan gelukkig wel geheel draadloos en met een druk op de synchronisatieknop bovenop de camera en het basisstation. Een Engelstalige digitale stem vertelt je of het koppelen is gelukt. Je kunt maximaal vier E1-camera's met het basisstation verbinden, andere camera's van Foscam werken niet met het basisstation.

©PXimport

Instellen

Na het koppelen van de camera kun je het systeem gaan configureren. Foscam heeft een smartphone-app voor Android en iOS waarmee je de beelden van de camera live kunt bekijken of eerder opgenomen beelden via de motion detectie kunt terugkijken. Om de app verbinding te laten maken met het basisstation, moet je eerst een account aanmaken en vervolgens de QR-code van het basisstation in de app registreren. Daarna is de installatie voltooid en kun je de camera en het basisstation gebruiken.

Camera

De E1- camera kan beelden opnemen in full hd-resolutie (1080P), maar als je energie wilt besparen, kun je ook voor een lagere resolutie kiezen. De camera heeft een kijkhoek van 110 graden, waardoor je een vrij breed spectrum van de gefilmde locatie kunt bekijken. Er is ook een nachtmodus om in het donker te kunnen filmen. Hij is geschikt voor zowel binnen als buiten, de camera is spatwaterdicht. Geluid opnemen is mogelijk en er is een 'talk-back'-functie, zodat je via de app (zie verderop) ook terug kunt praten.

De E1 heeft een 5000mAh oplaadbare accu ingebouwd. Het is geheel afhankelijk van het gebruikersscenario hoe lang je met de accu doet, maar wij konden er 8 dagen lang mee werken, waarbij de camera op de tuin gericht was. Via een meegeleverde usb-kabel en -adapter kun je de camera binnen drie uur weer volledig opladen, maar je zult de camera dan in de meeste gevallen en afhankelijk waar je hem hebt staan, of hebt opgehangen, op een andere plek moeten opladen. Tijdens het opladen kun je de camera overigens wel blijven gebruiken voor het maken van opnamen.

©PXimport

Bedienen via app

De Foscam-app is nodig voor het terugkijken van de opnames en voor het instellen van de diverse camera-opties. Zonder app kun je niets wijzigen, want het basisstation kent geen webinterface waar zaken zijn in te stellen. De app werkt echter zowel via het mobiele netwerk als via je eigen wifi-verbinding, waardoor je dus ook buitenshuis naar de beelden kunt kijken. Via de app kun je de videokwaliteit van de camera's wijzigen, de firmware updaten of de gevoeligheid instellen. De camera moet vanzelfsprekend dan ook zijn aangesloten. Videopnames die door de camera worden gemaakt, worden getriggered door beweging, en je kunt kiezen uit drie gevoeligheidsopties: high, medium en low.

In de praktijk merken we dat medium het beste werkt, maar dat is ook deels afhankelijk van waar de camera op gericht is. Bewegende objecten als gordijnen en planten zorgen volgens er Foscam niet voor dat de camera aanspringt. Er is ook een functie waarbij je kunt kiezen uit Activity Detection en Human Detection, maar wij konden in de praktijk geen verschil tussen deze twee typen ontdekken. De camera neemt telkens maximaal tien seconden video op, en als er binnen die tien seconden opnieuw beweging wordt gedetecteerd, wordt direct weer opgenomen. De video's lopen echter niet naadloos in elkaar over; de camera neemt dan een seconde of drie niets op, dus wat er in de tussentijd gebeurt kun je niet terugzien. De beeldkwaliteit van de beelden is goed, zowel overdag als bij nachtopnames.

©PXimport

Beperkingen

De app biedt geen mogelijk om de camera alleen actief te zetten op bepaalde tijden, bijvoorbeeld om alleen beelden 's-nachts op te nemen. De camera reageert dus altijd op bewegingen, maar het zou beter zijn als je ook nog kunt instellen wanneer de camera actief mag zijn. Zeker omdat het een model betreft dat op batterijen werkt en je dus eigenlijk zou mogen verwachten dat je zelf de controle hebt over wanneer de camera kan worden ingezet.

©PXimport

Omdat de video's in de cloud worden opgeslagen, kun je ze via de app te allen tijde terugkijken, ook als de camera zelf offline is, bijvoorbeeld wanneer de batterij leeg is. De status van de batterij kun je per camera terugzien in de app. Via een timeline kun je door alle eerder gemaakte opnamen scrollen, maar dat werkt in de praktijk niet heel prettig; op een smartphone is de timeline net wat aan de kleine kant en wordt - als je de telefoon horizontaal gebruikt - het tijdstip van de opname zelf niet getoond en kun je ook niet meer terug- of vooruit bladeren naar andere dagen in de tijdlijn. Bovendien krijgen we vaak de melding 'Failed to playback, try again' als we door de tijdlijn scrollen. De Foscam-app geeft een melding op je smartphone als er een opname wordt gemaakt bij beweging en je kunt het beeld dan meteen terugkijken.

Wanneer er iets mis is met (de verbinding met) het basisstation, een camera niet meer werkt of de batterij ervan leeg is, krijg je hier echter geen melding in de app; alleen als de batterij bijna leeg is ontvang je van tevoren meldingen. Maar als je niet weet waarom een camera offline is, lijkt het alsof alles werkt, maar pas als je bepaalde opties probeert te wijzigen, merk je dat deze niet worden opgeslagen. Er staat dan alleen even kort in beeld 'Logging in...', maar vervolgens gebeurt er niks. Ben je van huis, dan weet je dus niet waarom er geen verbinding met de camera of het basisstation kan worden gemaakt. Het zou beter zijn als de gebruiker een melding in de app krijgt waarin bijvoorbeeld wordt aangegeven dat het basisstation of de camera offline is en dat er in logbestanden wordt bijgehouden wat er zich heeft plaatsgevonden.

Cloud

Gemaakte videobeelden worden bij Foscam in de cloud opgeslagen: alle video's die je dus op je smartphone of tablet terugkijkt, staan online opgeslagen. Het basisstation kan video's standaard bijvoorbeeld niet op je NAS of een andere server in eigen beheer opslaan, maar je kunt er wel een externe usb-drive op aansluiten, zodat de video's alsnog lokaal opgeslagen kunnen worden. Dat werkt alleen met usb-drives met een opslagcapaciteit van minimaal 16GB, en de drive moet FAT32- of EXFAT-geformatteerd zijn. Je kunt niet kiezen om de beelden alleen op de usb-stick op te slaan, ze worden ook altijd in de Foscam-cloud opgeslagen. Dat is nodig omdat je de beelden anders niet kunt terugkijken vanuit de app.

Foscam biedt ook de mogelijkheid om via een webbrowser opgeslagen video's terug te kijken via www.myfoscam.com. Maar omdat we dit niet aan de praat kregen hebben we contact opgenomen met Foscam, die ons vertelde dat het online terugkijken niet werkt voor de E1-camera. Je kunt wel via myfoscam.com inloggen met de accountgegevens van de app en kun je je apparaten erin terugvinden, maar live op opgeslagen video's terugkijken kan niet; je bent dan aangewezen op de app. Volgens Foscam wordt deze functie naar verwachting eind augustus alsnog uitgerold voor de E1-camera.

Summiere informatie Elk product staat of valt met de juiste informatie om gebruikers op weg te helpen. Helaas is de handleiding die bij de E1-camera wordt geleverd erg summier. We vinden bijvoorbeeld niets terug over hoe je de usb-poort op het basisstation kunt gebruiken om je video's lokaal op te slaan en aan welke voorwaarden de drive moet voldoen. Ook de bediening van de app wordt niet genoemd en er staat niets over hoe de Foscam Cloud werkt. Als je een camera wilt synchroniseren om verbinding te maken met het basisstation, staat er dat je de camera tussen de 30 en 90 cm van het basisstation moet plaatsen. Er wordt echter niet vermeld wat het bereik van de draadloze verbinding in de praktijk is als je de camera uiteindelijk op een vaste plek wilt neerzetten. Er staat ook dat - als je de camera en het basisstation wilt configureren - je je smartphone via hetzelfde netwerk moet verbinden en dat deze via het 2.4GHz-netwerk verbinding moet maken. Hieruit zou je kunnen opmaken dat je het basisstation ook via wifi kunt verbinden met je thuisnetwerk, maar dat is niet zo: het basisstation ondersteunt volgens Foscam zelf alleen een LAN-verbinding, maar in de specificaties staat wel dat het basisstation overweg kan met de wifi-standaarden 802.11 b/g/n.

Conclusie

Hoewel de E1-camera in de basis een goed en degelijk apparaat is, dat bovendien mooie heldere videobeelden maakt, is het complete systeem het dat eigenlijk nét niet. Het is jammer dat je nu nog niet de opgemaakte opnamen vanuit iedere browser kunt beheren . Daarnaast ontbreken er in de app wat ons betreft was essentiële functies, zoals meldingen wanneer een of meerdere camera's het niet meer doen of wanneer het basisstation is uitgeschakeld of geen verbinding heeft met internet. Ook is het een gemis dat je niet kunt instellen wanneer je de camera actief wilt hebben, zodat je energie kunt besparen en langer met de accu kunt doen. Kortom: de software stelt ons eigenlijk teleur, terwijl het juist zo'n compleet beveiligingssysteem had kunnen zijn.

Oké
Conclusie

**Prijs:** € 309,95 **Frequentie:** 2.4GHz **Camerasensor:** 1/2.9inch CMOS **Kijkhoek:** 110 graden diagonaal **Videoopnamen:** 1920x1080 / 1280x720 **Videoformaat:** H.264 **Website:** [foscam.nl](https://www.foscam.nl/index.php/e1-1.html)

Plus- en minpunten
  • Eenvoudige installatie
  • Goede beeldkwaliteit
  • Handleiding erg summier
  • Geen app-meldingen bij verbindingsproblemen
  • Geen mogelijkheid om timers in te stellen
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.