ID.nl logo
18 RTX-videokaarten getest
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

18 RTX-videokaarten getest

Met de GeForce RTX-series bracht Nvidia voor het eerst in jaren weer echte vernieuwing op het gebied van grafische kaarten. Vandaag gaan we twee vragen beantwoorden: wil je er één? En zo ja, welke videokaart kies je dan?

Hoewel we lang moesten wachten op deze nieuwe grafische kaarten, heeft de markt in de afgelopen twee jaar meer meegemaakt dan we voor mogelijk hadden gehouden. Vooral dankzij een enorme vraag naar deze producten van miners van cryptovaluta (Bitcoin, Ethereum etc.) werden videokaarten veel duurder. Een stevige game-pc was al niet goedkoop, maar met die prijsstijgingen werd dat voor velen onbetaalbaar. Tel de zakkende prijzen van Xboxen en Playstations daarbij op, en de liefhebbers van pc-gaming hadden genoeg te klagen.

Totdat afgelopen september Nvidia de RTX 2080 en RTX 2080 Ti uitbracht, waarbij vooral de laatste weer een echt grote stap in pure grafische rekenkracht met zich meebracht. Zelfs op 4K weet de GeForce RTX 2080 Ti in het gros van de games boven de magische 60 fps te blijven, serieus 4K-gamen is daarmee voor het eerst werkelijkheid geworden en dat is een prachtige prestatie van Nvidia. Laten we niet vergeten dat AMD niets heeft dat in de buurt komt van dit grafische geweld en dat de 4K-ervaring op consoles daar ook niet bij in de buurt komt.

Hoge prijzen

Reden voor pc gamers om de klaagzang dus even te parkeren? Niet helemaal, want met een prijskaartje van 1.200 euro is de RTX 2080 Ti niet meer dan een heel mooi stuk speelgoed voor de zeer welvarende pc-game-elite. Dan klinkt 800 euro voor een RTX 2080 bijna als een koopje, maar laten we niemand voor de gek houden en stellen dat die videokaart feitelijk in hetzelfde schuitje zit voor slechts marginaal minder selecte doelgroep. De Nvidia RTX 2070 is –als je goed zoekt – voor circa 500 euro te vinden en daarmee eerste videokaart van deze nieuwe generatie voor de grotere doelgroep. Qua prestaties staat de RTX 2080 Ti op eenzame hoogte, terwijl de RTX 2080 gemiddeld rondom het prestatiepunt van de GTX 1080 Ti ligt en de RTX 2070 qua prestaties grofweg tussen de oude GTX 1080 en GTX 1080 Ti in valt. Dat is geen gigantische stap vooruit in die middenklasse en gamers die nu al voorzien zijn van een dergelijk krachtige kaart uit de 10-serie, zullen hun hand op of in de buurt van de knip willen houden.

Ray Tracing

Om gamers toch te overtuigen over te stappen, heeft Nvidia een aantal troeven achter de hand, met ‘Ray Tracing’ vooraan de rij. Ray-tracing is de techniek waarin een beeld wordt gegenereerd door individuele lichtstralen te volgen en te simuleren hoe ze reageren op elke aanraking. Een benadering van hoe wij met onze ogen de wereld zien. Met deze nieuwe GeForce RTX-kaarten heeft Nvidia een aantal nieuwe gespecialiseerde ‘RT-cores’ toegevoegd, wiens enige taak is om die ray-tracing-berekeningen uit te voeren.

In theorie kan Nvidia daar iets mee doen wat we in jaren niet hebben gezien: een echte stap vooruit maken wat beeldkwaliteit betreft. Met deze techniek zouden we ongekend goede reflecties en sfeer dankzij accurate verlichting en schaduwen kunnen krijgen in games. Hoewel het onderdeel is van zowel de DirectX12- als Vulkan-api en daarmee in theorie iets wat we veel vaker gaan zien, vereist het wel dat game-ontwikkelaars iets met deze techniek doen. Toen bij lancering van de RTX-videokaarten bleek dat er nog geen enkele game daadwerkelijk iets met ray-tracing kon doen, was de kritiek niet meer dan begrijpelijk.

Tijdens het schrijven van dit artikel voegde EA ray-tracing-ondersteuning toe aan Battlefield V, daarmee de eerste game die er daadwerkelijk gebruik van kon maken en onze eerste hands-on-ervaring. Met ray-tracing (DXR genoemd in de game) aan, zien we inderdaad prachtige en accurate reflecties. Zeker in combinatie met een hdr-monitor is de beeldkwaliteit fenomenaal. Stormen we door de prachtige Rotterdam-map in die game heen op een groot scherm, dan krijgen we een voorproefje van next-gen-gaming voor de massa. Het resultaat mag er echt zijn.

©PXimport

Niet zonder zorgen

Toch zijn er de nodige zorgen. Battlefield V op DirectX12, nodig voor ray-tracing, is namelijk nog niet zo feilloos als op DirectX11 en veroorzaakt af en toe zwarte schermen. Ook lijkt de ray-tracing-implementatie nog niet perfect, zo zien we soms opvallende, ongewenste lichteffecten. En hoewel het detailniveau van DXR instelbaar is, zien we beperkt visueel verschil tussen Low en Ultra. En we moeten daarbij dan nog opmerken dat de impact op de prestaties aanzienlijk is: 4K met hdr en ray-tracing is niet haalbaar. Zelfs voor 1080p- of 1440p-gaming wil je eigenlijk toch de duurdere RTX 2080 Ti hebben.

De realiteit is dat realtime-ray-tracing prachtig is, maar dat we pas aan de beginfase staan. Ons vermoeden is dat de feature in Battlefield V ontzettend is gepusht, om maar iets te kunnen laten zien en dat we vooral dienen te wachten op implementaties in meer games. Ray-tracing is zeker geen gimmick – films maken er al jaren gebruik van – maar we kunnen simpelweg nog niet concluderen dat jij daar nu een nieuwe videokaart voor wilt kopen.

©PXimport

Deep learning

De andere grote truc van Nvidia in de nieuwe videokaarten is de complete tegenpool van ray-tracing. Deep Learning Anti-Aliasing of DLSS brengt geen verbetering van de beeldkwaliteit, maar evenaart de beeldkwaliteit van bestaande anti-aliasing-technieken op een veel slimmere manier. Nvidia test en optimaliseert games die DLSS ondersteunen vooraf met behulp van z’n gigantische neurale netwerk (AI voor je games dus). GeForce RTX-kaarten geven die games vervolgens vlotter weer op hoge beeldkwaliteit. Het gevolg is beeldkwaliteit van een hoge resolutie, sterk anti-aliased beeld, maar dan met een 25-50 procent hogere framerate dan voorheen. Op het moment van schrijven en ruim twee maanden na de release van de GeForce RTX-kaarten is het echter nog wachten op een echte DLSS-ervaring. Enkele demo’s en benchmarks zijn veelbelovend, maar wij kunnen pas echt enthousiast worden als we het in echte games kunnen zien en ervaren.

Te vroeg uitgebracht?

Twee veelbelovende technieken dus, maar ook twee waar we eigenlijk op zitten te wachten om nu eens echt indruk te maken in de praktijk. Dat zal ongetwijfeld gebeuren, maar we moeten opmerken dat beide technieken simpelweg nog niet rijp zijn. We vragen ons af waarom deze producten niet iets later uit zijn gebracht, tegelijk met bredere ondersteuning in games. Dure videokaarten moeten het hebben van early adopters, maar het is de taak van Nvidia om die early adopters echt meerwaarde te bieden – niet enkel de belofte voor te houden dat het echt komen gaat. Nvidia vraagt dus extra geduld van deze fanatiekste doelgroep, maar vraagt tegelijk ook de hoofdprijs. Dat is niet het aantrekkelijkste voorstel.

Redenen genoeg om er wel één te kopen

Toch zijn er voldoende redenen om deze RTX-kaarten serieus te overwegen, anders hadden we er uiteraard geen 18 stuks uitvoerig aan de tand gevoeld. Gamers die nog op oudere hardware gamen, denk aan de 9-series (GTX 960 t/m 980 Ti), of op nog oudere hardware (GTX 770 bijvoorbeeld) kunnen we verzekeren van een gigantische prestatiewinst met de nieuwe RTX-kaarten. Elke game-pc van drie jaar of ouder komt niet in de buurt van de prestaties die een 2018-game-pc met moderne processor en GeForce RTX-kaart neer zal zetten. De meer betaalbare RTX 2070 biedt zich aan als aantrekkelijk, nog redelijk te betalen optie, die alles uit die tijd ruim achter zich laat.

En voor gamers die op dit moment het allerbeste willen hebben? Of je nu om 4K-gaming geeft, of wilt gamen op WQHD (1440p) op hoge framerates: los van wat ray-tracing en DLSS nog beloven te gaan bieden de komende maanden, is er simpelweg niets krachtiger dan de high-end-modellen in de GeForce RTX-range. Wil je het beste, en kun je het betalen, dan wil je toch echt een GeForce RTX 2080 of RTX 2080 Ti.

Drie giganten strijden om één been

Wil je een Nvidia GeForce-kaart kopen in Nederland, dan is de kans groot dat je uitkomt bij ASUS, Gigabyte of MSI. Tezamen hebben zij het gros van de markt in handen en zijn ze verantwoordelijk voor alle achttien kaarten in deze test. Nvidia verkoopt zelf ook de zogeheten Founder’s Edition direct vanaf z’n eigen website, maar sinds jaar en dag is bekend dat je die vooral uit een voorliefde voor het unieke aluminium design moet overwegen. De door ons geteste modellen van de boardpartners van Nvidia blijven koeler en stiller, en zijn vaak nog goedkoper ook.

Gewoontedieren

Alle drie de fabrikanten volgen de klassieke goed-beter-best-opbouw. Bij ASUS zijn de Turbo-modellen de instappers, de Dual-modellen de middenmoters en de ROG Strix-modellen de indrukwekkende doch prijzige toppers. Gigabyte heeft als instapper de Windforce, als middenmoter de Gaming OC en het topmodel Aorus Xtreme. MSI compliceert het verhaal iets met verschillende benamingen en designs afhankelijk van de exacte chip. Zo is de RTX 2070 Armor een instapper, maar bestaat er geen RTX 2080 Ti Armor. Mocht je het overzicht verliezen: de prijskaartjes in de tabel laten er geen misverstanden over bestaan. Wat smaak betreft valt er ook niet te twisten, maar we merken wel op dat de kaarten veel op elkaar lijken. Monochroom lijkt de dominante ‘kleurstelling’ van 2018, met rgb als focus-feature op bijna elke kaart. Voor de liefhebbers van een witte pc behuizing vallen de MSI Armor- en ASUS Dual-kaarten op met veel witte details, en de volledige witte Gigabyte Gaming OC White doet daar nog een schepje bovenop.

Even traditiegetrouw zijn deze fabrikanten niet heel happig om hun instapmodellen te laten testen. Gezien de testresultaten vinden wij dat erg jammer. Meer uitgeven voor iets wat jij mooi vindt snappen wij, maar objectief gezien kunnen we alvast stellen dat de goedkopere opties in deze test eigenlijk al uitstekend zijn.

#RGBAllTheThings!

Hoe zie je het verschil tussen een echt luxe kaart en een instap-videokaart? Door de hoeveelheid rgb-verlichting natuurlijk! Flauw, maar wel de realiteit. Bij ASUS treffen we rgb nagenoeg alleen in de duurste ROG-kaarten aan. En hoewel MSI en Gigabyte iets van kleurverlichting in het instap- en middensegment hebben, zijn het wederom de topmodellen waar echt veel op zit. De ASUS ROG-kaart houdt rgb redelijk strak en bescheiden, MSI zet met z’n Gaming X Trio juist in op de gedachte dat meer rgb beter is. Zij die niet vies zijn van echt knettergekke rgb, dienen de Gigabyte Aorus Xtreme kaarten te bekijken, want met rgb-effecten in de ventilatoren is dat de meest extravagante verschijning.

©PXimport

De beste GeForce RTX 2080 Ti

Hoewel het verschil van honderd euro tussen de goedkoopste en de duurste RTX 2080 Ti een aardig bedrag is, zal dat geen breekpunt zijn voor iemand die al op het punt staat minimaal 1.300 euro uit te geven aan een nieuwe videokaart. Dat maakt de keuze voor de duurdere alternatieven niet direct vanzelfsprekend, want de twee goedkoopste (1.299 euro) Gigabyte Gaming OC en MSI Duke, doen nauwelijks onder voor de topmodellen van 1.399 euro. De grofweg 2 procent verschil in benchmarkprestaties tussen de traagste en de snelste ga je nooit voelen in games en daarbij zijn deze kaarten ook koel en stil. De MSI Duke oogt iets indrukwekkender en is nipt efficiënter dan de Gigabyte, maar het zijn minuscuul kleine verschillen. Bij gelijke prijs geven we toch de Gigabyte GeForce RTX 2080 Ti Gaming OC onze Redactietip voor beste prijs-kwaliteitverhouding bij de 2080 Ti, vanwege het extra jaar garantie; het meest tastbare verschil tussen die twee.

Maar de beste? Bovenin strijden de ASUS ROG Strix, de MSI Gaming X Trio en de Gigabyte Aorus Xtreme. Die drie zijn nu eenmaal wat sneller en maken visueel meer indruk. Wat design betreft springt Gigabyte er het meest uit: verlichting in de fans zelf, aparte kappen op de kaart, alles om maar echt op te vallen. Liefhebbers van extreme looks worden rijkelijk voorzien en het extra jaar garantie telt hier ook, maar we moeten kritisch opmerken dat er duidelijk gekozen is voor ‘vorm boven functie’, en dat de aparte ventilatoren de Aorus Xtreme zowel wat luider als wat warmer maakt.

Tussen de MSI Gaming X Trio en de ROG Strix dan? De ROG is iets koeler, de MSI is iets stiller. De MSI is iets goedkoper en maakt visueel gezien veel indruk, maar de onnodige keuze voor 3 PCIe-power-aansluitingen maakt hem lastiger met voedingen te combineren. Daarbij merken we op dat de ASUS een handige ‘quiet mode’ kent (iets stiller, iets warmer) en de enige is die z’n rgb-synchronisatie goed voor elkaar heeft. En voor dit soort bedragen verwachten we dat elk element van de ervaring klopt. De ROG Strix gaat er dan ook vandoor met de titel Best getest.

©PXimport

Kleine zaken maken het verschil

Als we constateren dat de verschillen op gebied van snelheid, warmte en geluid niet extreem groot zijn, dan verleggen we onze aandacht naar prijs, uitstraling en details. MSI probeert z’n topmodel betaalbaarder te houden, terwijl ASUS zich liever profileert met z’n (objectief) betere rgb-synchronisatie tussen verschillende producten. Dat zie je niet in een tabel terug en lijkt minder tastbaar dan een lagere prijs, maar biedt wel echte meerwaarde. De meerwaarde van een stalen pootje om te voorkomen dat videokaarten doorzakken, zoals bij de Gigabyte Aorus Xtreme is een ander praktisch pluspunt – al is het ’t extra jaar garantie op die modellen waar wij echt over te spreken zijn.

De beste GeForce RTX 2080

Omdat de RTX 2080 een stuk zuiniger is dan de RTX 2080 Ti, zien we veel kleinere verschillen in de warmte- en geluidsproductie. Dan kunnen we wederom opmerken dat de Aorus Xtreme kaart niet de efficiëntste is, maar hier is het verschil in de praktijk dermate klein dat je je best kunt laten leiden door de uitstraling van het model. ASUS maakt het echter wel erg bont, want de meerprijs van 150 euro boven een instapmodel RTX 2080 voor hun prachtige ROG Strix-variant is wel heel gortig.

Dat maakt de goedkopere RTX 2080-opties objectief gezien het meest interessant. De MSI Gaming X Trio, MSI Duke, Gigabyte Gaming OC en ASUS Dual zijn praktisch gelijkwaardig. De extra garantie geeft in wederom de Gigabyte Gaming OC onze Redactietip. De winst gaat naar de MSI Gaming X Trio, die voor hetzelfde bedrag in tegenstelling tot de wat ingetogen Gigabyte Gaming OC visueel wel echt indruk maakt op dat prijspunt. Niet vaak zien we een fysiek beest van een kaart met zo veel rgb maar iets meer kosten dan de instappers. De ASUS Dual is weliswaar iets efficiënter, maar duurder en in deze klasse wegen we uitstraling toch mee.

©PXimport

De beste GeForce RTX 2070

Bij de RTX 2070 moeten we kritisch zijn over de forse prijsverschillen. 170 euro tussen de goedkoopste en de duurste is niet iets wat een paar procent prestatieverschil en wat featureverschillen kunnen verdedigen. Met 699 euro zitten de RTX 2070 Aorus Xtreme en ROG Strix dermate dicht tegen de RTX 2080-kaarten, dat wij niet zien waarom je dan niet voor de echt veel snellere chip gaat. De MSI RTX 2070 Gaming Z houdt de prijs beter binnen de perken, maakt fysiek wederom veel indruk en is een ongekend stille kaart die zelfs de gevoeligste oortjes niet zal belasten. In onze optiek de beste premium RTX 2070.

Toch is het de goedkoopste van het stel die eigenlijk het aantrekkelijkst lijkt als het op de prijs-prestatieverhouding aankomt. Waar de Gigabyte Gaming OC erg goed scoorde bij de RTX 2080 en RTX 2080 Ti, is de meerprijs voor extra garantie met 70 euro (of 100 euro voor de witte kleur) boven de MSI RTX 2070 Armor erg fors, en daarbij is de Armor wat stiller en koeler. Deze MSI is dan wel nipt minder snel, maar dat verschil staat totaal niet in verhouding tot de andere verschillen, iets wat de Gigabyte Windforce wel parten speelt. Daarbij is het een prachtige kaart om te zien, zolang de zwart-wit-combinatie in jouw systeem past, en zijn zowel de temperaturen als de geluidsproductie uitstekend in orde. Als je een nieuwe videokaart zoekt zonder de hoofdprijs te betalen, is de MSI Armor dus onze Redactietip.

©PXimport

Conclusie

De lancering van de GeForce RTX-kaarten zullen we niet snel vergeten. Het zijn prachtige chips, maar de hoge prijzen en het feit dat Nvidia’s twee grote focus-features bij lancering niet werken, zal nog even doordreunen. Maar zolang de kracht niet wordt beantwoord door de enige concurrent, kunnen liefhebbers van high-end-game-pc’s niet om de GeForce RTX-kaarten heen.

Welke kaart dan wijsheid is? Onder de streep zijn de verschillen in de tabel beperkt. Moderne grafische chips zijn efficiënt en de fabrikanten zijn inmiddels zeer ervaren in het maken van efficiënte koeloplossingen. Daarbij moeten we een flinke portie nuance toevoegen en stellen dat er altijd kleine verschillen tussen chips zitten, ook als je meerdere keren exact dezelfde uitvoering koopt. Enkele tientallen megahertz verschil is geen uitzondering. We kijken dan ook primair naar hoe efficiënt de koeloplossing is, al zijn ook die verschillen niet wereldschokkend.

Liggen de prijzen op moment van jouw aanschaf anders, of heb je een specifieke voorkeur voor een andere uitstraling? Wees dan niet bang om van onze aanraders af te wijken, want met de juiste prijs is geen van deze achttien kaarten een slechte koop.

Testmethode

Veel videokaarten boosten hun snelheid aan het begin van hun werklast erg hoog. Hierdoor lijken ze in traditionele benchmarks – die maar een paar minuten duren – sneller, terwijl je daar in het dagelijks gebruik niet van profiteert. Wij bekijken dan ook de gemiddelde prestaties tussen de 30e en 40e minuut: hoe de kloksnelheid is op dat moment, hoe warm ze worden en hoeveel geluid ze maken op 50 centimeter afstand. Daarbij kijken we naar het verbruik van de pc wanneer enkel de videokaart wordt belast en wanneer het hele systeem intensief wordt gebruikt. We testen met een Intel Core i7-8700K, ASUS ROG Strix Z370-F Gaming, 16 GB Corsair DDR4, een Samsung 960 PRO SSD en een Seasonic Prime Titanium 850W-voeding en meten het verbruik ‘aan de muur’.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Hybride back-uppen met een NAS: zo gebruik je de cloud voor extra veiligheid
© ER | ID.nl
Huis

Hybride back-uppen met een NAS: zo gebruik je de cloud voor extra veiligheid

Een hybride back-up combineert lokale opslag met een back-up naar een clouddienst. Goed ingericht zorgt het ervoor dat digitale gegevens zoals documenten en foto's niet alleen altijd veilig zijn, maar ook altijd weer snel zijn te herstellen. Een hybride back-up is hiermee de volgende stap in de bescherming tegen digitale rampen. Een NAS is een waardevolle schakel in de hybride back-up. We laten zien hoe dat werkt en wat de grote merken te bieden hebben.

In dit artikel

Je leest wat een hybride back-up is en waarom je met de 3-2-1-1-0-regel minder risico loopt bij diefstal, brand, hardwarepech en ransomware. Je ziet hoe een NAS past in zo'n aanpak: eerst een extra kopie in huis, daarna automatisch een kopie naar de cloud. Ook leggen we uit welke software je daarvoor bij Synology en QNAP gebruikt (zoals Synology Drive, Active Backup for Business, Hyper Backup en QNAP Hybrid Backup Sync) en waar je op let bij snelheid, retentie en meldingen, zodat je back-up niet alleen bestaat, maar ook terug te zetten is.

Lees ook: Je e-mail back-uppen? Dit zijn de beste manieren

Hoe we onze fysieke bezittingen moeten beschermen, dat weten we wel. Daarom staat in elk huis wel een brandblusser, hangen er rookmelders en hebben we de risico's die te groot zijn om zelf te dragen met verzekeringen afgedekt. De honderden jaren waarin we dit hebben geleerd en verfijnd, hebben we in dit digitale tijdperk niet. Binnen zeer korte tijd moeten we bepalen hoe we onze snel groeiende hoeveelheid digitale gegevens (zoals documenten, foto's en video's) beschermen tegen technische fouten en agressieve handelingen van hackers en ransomware. En of dit al niet complex genoeg is, roepen de experts dat wat we ook doen 'het zeker een keer misgaat' en 'beschermen alleen daarom ook niet voldoende is'. Digitale weerbaarheid is gevraagd. Back-ups zijn onverminderd een onmisbaar onderdeel van de inzet op digitale weerbaarheid, maar wel alleen als we de manier van back-uppen aanpassen aan de veranderende wereld met méér data en méér dreiging. 

Effectief back-uppen

Een back-up is pas effectief als je er zeker van kunt zijn dat, als het echt nodig is, je er al jouw gegevens mee kunt herstellen. Om dit te bereiken, is niet alleen het maken van een back-up belangrijk, maar ook de manier waarop je dat doet, hoe vaak en met welke middelen. Bedrijven leggen dit vast in het back-upbeleid. Voor consumenten is dat minder noodzakelijk, maar ook zij ontkomen er niet aan te beslissen hoe ver je met een back-up terug wilt gaan in de tijd (de retentie), waar en op welke media je de back-ups wilt maken (locatie en media), hoelang het herstel mag duren (de hersteltijd), hoe vaak je test en ook hoe vaak je een back-up wilt maken (de frequentie). Deze laatste bepaalt bijvoorbeeld in hoge mate of en welke gegevens je bij een incident verliest. Alles na de laatste back-up kan immers niet hersteld worden uit de back-up. Slaat op donderdag een virus toe en is de laatste back-up van zondag, dan zijn alle wijzigingen en de nieuwe gegevens van na zondag verloren. Maar vaker en meer back-ups kosten tijd en opslag.

De cloud als offsite back-up

De afgelopen jaren is de hoeveelheid digitale gegevens die ieder van ons heeft en gebruikt flink toegenomen. Maar niet alleen de hoeveelheid is veranderd, ook het belang van die gegevens. Waren het eerst vooral digitale kopieën van analoge documenten en foto's, inmiddels is de digitale versie veelal de enige versie. Daarom is de regel voor een goede back-up ook aangepast. Stelde die eerder dat je minimaal 3 kopieën van de data moet hebben, die je op 2 verschillende media bewaart waarvan 1 op een andere locatie wordt opgeslagen (de 3-2-1-regel). Vanwege de dreiging en vernietigende impact van ransomware zijn daar 1 kopie op onveranderlijke opslag én zeker weten dat de back-up zich met 0 fouten laat herstellen aan toegevoegd. Kortom: 3-2-1-1-0. Niet elk aspect hiervan is even gemakkelijk te realiseren. Onveranderlijke opslag is lastig, evenals opslag buiten het eigen huis. Althans, tot de komst van cloud. Want door een kopie van de gegevens juist daar op te slaan, is de veilige opslag buiten het eigen huis voor iedereen haalbaar. Daar is bovendien de beveiliging op hoog niveau, inclusief versiebeheer, wat dit een acceptabel alternatief maakt voor het wegschrijven op een onveranderlijk medium. Wel zijn zowel de snelheid van de back-up als het herstel afhankelijk van de snelheid van de internetverbinding. Bij herstel gaat het doorgaans wel om individuele bestanden waardoor dat nadeel minder zwaar weegt.

©BS | ID.nl

De grotere digitale dreiging vraagt om een vernieuwde back-upstrategie: 3-2-1-1-0.

Rol van de NAS

Hoewel een NAS op zichzelf geen back-up is, kan een NAS wel een belangrijke rol vervullen in een back-upstrategie. Dit komt door een aantal kenmerkende voordelen van een NAS. Zo ontstaat, door documenten en foto's van andere apparaten naar de NAS te kopiëren, direct al een eerste kopie van die gegevens op een ander medium. Beschikt de NAS over twee of meer schijven, dan kan de opslagcapaciteit van de NAS bovendien zo worden ingericht dat deze niet alleen de opslagcapaciteit van de schijven combineert, maar belangrijker, de gegevens beschermt tegen fouten van de hardware. Gaat er dan een harde schijf stuk, dan zijn er geen gegevens verloren. Een groot verschil met de kwetsbare opslag op pc, laptop of mobiele apparaten. Tot slot kan een NAS zelfstandig taken uitvoeren. Wil je de gegevens behalve op de NAS ook in de cloud hebben staan, dan kan de NAS dit op elk willekeurig moment uitvoeren. Daarbij is de NAS energiezuiniger dan een pc en werkt ook prima als deze op zolder of in de meterkast staat. Een stabiele internetverbinding is voldoende.

©BS | ID.nl

De NAS vervult een centrale rol in de hybride back-up, met eerst opslag op de NAS en dan back-up naar de cloud.

Back-up met Synology Drive

Back-up is altijd een belangrijk verkoopargument geweest van een Synology-NAS. Belangrijk is wel dat niet elke Synology-NAS dezelfde software biedt om te gebruiken. Voor de back-up van gegevens naar de NAS is er keuze uit Synology Drive, dat voor alle apparaten beschikbaar is, en Active Backup for Business, dat een Plus-, XS- of XS+-model vereist.

De manier waarop Synology Drive werkt, is vergelijkbaar met hoe Microsoft OneDrive of Google Drive werkt. Synology Drive kopieert de bestanden en mappen op een Windows-pc, Mac, smartphone of tablet naar een NAS en omgekeerd, zodat op alle apparaten dezelfde bestanden en mappen staan. Hiervoor is op alle apparaten de Synology Drive-software nodig en op de NAS de Synology Drive Server-package. Al deze software is gratis te downloaden en te gebruiken. Eenmaal verbonden kunnen wijzigingen in bestanden en mappen direct worden gesynchroniseerd met de andere apparaten. Het is ook mogelijk om een back-up te maken, handmatig of via een zelf te kiezen schema. Alle configuratie gebeurt bij Synology Drive op de verschillende apparaten. Centraal op de NAS levert de Admin Console vooral inzicht in de status van de verbonden apparaten, maar ook enkele geavanceerde opties zoals het werken met teammappen voor gedeelde documenten en versiebeheer. Dit laatste gaat tot maximaal 32 eerdere versies.

Synology Drive synchroniseert gegevens tussen alle apparaten met de Drive-client en een NAS met de Drive Server-software.

Back-up met Active Backup for Business

Naast Synology Drive beschikken Synology NAS-apparaten uit de Plus-, XS- of XS+-serie met Active Backup for Business over een tweede back-upoplossing. Deze kan behalve de data ook de bijbehorende systemen veiligstellen en herstellen. Het is dus data én bare-metal. Een ander belangrijk verschil met Synology Drive is dat bij Active Backup for Business (SABB) alle configuratie op de NAS gebeurt. De software is alleen een service die op de verbonden Windows-, Linux- en Mac-systemen wordt geïnstalleerd; deze werkt onzichtbaar voor de gebruiker. SABB kan een te back-uppen systeem opstarten, back-uppen en weer uitschakelen. Elk systeem met de SABB-agent wordt zichtbaar in het SABB-dashboard op de NAS. Een back-up instellen gebeurt door in het dashboard een policy te kiezen of te maken en die aan een apparaat te koppelen. Voor het systeemherstel biedt SABB de mogelijkheid een SABB Recovery Media te maken en daarmee het defecte systeem te starten en te herstellen.

Het back-upbeleid wordt op de NAS bepaald en naar alle verbonden apparaten gestuurd.

"Vermijd alle handmatige acties"

Volgens Bob Botezatu, Director Threat Research bij antivirusmaker Bitdefender, hebben niet alleen bedrijven belangrijke digitale zaken om te beschermen. "Eigenlijk alles wat belangrijk is, moet beschermd worden. Voor consumenten in elk geval persoonlijke media zoals foto's en video's. Die hebben de hoogste sentimentele waarde." Back-ups zijn volgens hem dan ook niet onderhandelbaar. "Die moeten er gewoon zijn." Maar zo 'gewoon' is dat niet. In de woorden van Peter Graymon, General Manager Nordics bij back-upspecialist Acronis, zijn back-ups "te vaak een patchwork van back-upmethoden en middelen met externe schijven, usb-sticks en wisselende tools." Complexiteit, zoals hij die beschrijft, maakt het geheel onbetrouwbaar. "Vermijd alle handmatige acties. Een goede back-upstrategie is gebaseerd op eenvoud, automatisering en bescherming." Of het dan gaat volgens de oude 3-2-1- of de nieuwe 3-2-1-1-0-regel is minder belangrijk.

Cloudsynchronisatie met Synology

Met de data verzameld op de NAS is het tijd om de back-up naar de cloud te realiseren. Synology biedt hiervoor Hyper Backup. Hiermee kunnen bestanden en mappen op de NAS naar een andere NAS ergens ter wereld of een externe schijf worden geback-upt, maar voor echte zekerheid ook naar een cloudopslagdienst. Hyper Backup ondersteunt een groot aantal cloudservices zoals Dropbox, Strato HiDrive, Microsoft Azure, Google Drive en ook de C2-cloud van Synology. De laatste biedt de keuze tussen opslag in Duitsland of de Verenigde Staten en tussen Basic met standaardinstellingen of Advanced waarbij je zelf zaken als retentie en deduplicatie kunt configureren. In beide gevallen is er een 30-dagen proefperiode, daarna moet voor de opslag worden betaald. Versleutelen van de back-up is bij beide opties mogelijk. Om data terug te zetten of de back-up te controleren is er Hyper Backup Explorer. Deze desktopapplicatie maakt vanaf elk apparaat direct verbinding met een back-up in de C2-cloud.

Hyper Backup verbindt een Synology NAS met de eigen C2 Storage of een van de andere cloudservices.

Back-up bij QNAP

Ook QNAP biedt software om data eerst naar de NAS en daarna de cloud te back-uppen. Kenmerkend voor het bedrijf is de veelheid aan opties en keuzes, wat het niet per definitie eenvoudiger maakt. Helaas is veel van de QNAP-software niet Nederlandstalig. Wel is deze, net als bij Synology, gratis, wat het eenvoudiger maakt meerdere oplossingen te verkennen en pas daarna een definitieve keuze te maken.

Voor een back-up van bestanden en mappen naar een NAS is er NetBak Replicator. De Engelstalige software laat zich eenvoudig installeren en komt dan met een wizard om het doel van de back-up en de te back-uppen mappen en bestanden te kiezen. Het kent een Simple en een Advanced modus en een optie om na afronden van de back-up de computer uit te schakelen. Automatisch inschakelen om een back-up te maken ontbreekt, evenals versies voor Mac of Linux. Voor de Mac adviseert QNAP gebruik van Apple Time Machine en de bijbehorende service op de NAS te activeren. Dit werkt prima, maar is natuurlijk geen QNAP-oplossing en wijkt dan ook geheel af van de werking van NetBak Replicator.

NetBak Replicator van QNAP is een rechttoe-rechtaan back-upprogramma voor Windows-pc's.

Back-up met Hyper Data Protector

Een tweede back-upmogelijkheid bij QNAP is de combinatie van Hyper Data Protector met NetBak PC Agent. Het verschil met NetBak Replicator is dat hiermee behalve de data ook hele schijven kunnen worden geback-upt, inclusief de systeemdisk. Voor systeemherstel kan met NetBak PC Agent een usb-opstartdisk worden gemaakt waarmee de pc kan worden herstart en hersteld. Hoewel QNAP het een agent noemt, werkt NetBak PC Agent toch vooral als een Windows-programma. De gebruiker kan het zelf starten en stoppen en ook handmatig acties uitvoeren. Voor de samenwerking met de NAS is op de NAS de installatie van Hyper Data Protector vereist. Dit is een QNAP-package die bij de installatie ook het Container Station virtualisatieplatform van QNAP installeert. Wie de Hyper Data Protector start op de NAS, schakelt dan ook over naar de eigen webinterface van dit onderdeel. Daar is, door de directe verwijzingen naar back-up en herstel van Microsoft Hyper-V en VMware-virtualisatieplatformen, te zien dat de insteek van het programma, ondanks dat het ook back-up en herstel van gegevens biedt, vooral ook gericht is op de professionele omgeving. Een voordeel hiervan is wel dat ook herstel zich laat plannen. Handig voor wie regelmatig zijn pc wil resetten.

QNAP NetBak PC Agent kan behalve data back-uppen en herstellen ook het hele systeem veiligstellen en biedt hiervoor de optie een usb-opstartschijf te maken.

Cloudsynchronisatie met QNAP

Staan de gegevens eenmaal op de QNAP-NAS, dan is Hybrid Backup Sync (HBS) de manier om de gegevens naar de cloud te back-uppen. HBS is een zeer complete oplossing voor zowel back-up, synchronisatie als herstel tussen een QNAP-NAS en een van de vele ondersteunde clouddiensten. Tot de laatste behoren Microsoft OneDrive, Google Drive, Dropbox, Strato HiDrive en ook QNAP's eigen myQNAPcloud One. De laatste is een betaalde dienst, maar komt met 16 GB gratis voor elk account, ideaal om het eens te proberen. HBS verbinden met elk van de ondersteunde cloudservices gaat erg eenvoudig.

QNAP Hybrid Backup Sync ondersteunt een veelheid aan cloudopslagdiensten om mee te synchroniseren of data te back-uppen.

Hybride back-up zonder NAS of NAS-software

Wil je je gegevens veiligstellen zonder NAS of ingewikkelde NAS-software, dan biedt Acronis True Image een gebruiksvriendelijk alternatief. Deze combinatie van antimalware en back-upsoftware maakt offline images van schijven of volledige systemen, zodat je bij problemen kunt terugkeren naar een veilig moment. De desktopversie (voor Windows en Mac) maakt volgens een eigen schema automatische, volledige of incrementele back-ups. Die kunnen worden opgeslagen op een andere schijf, pc, NAS of in de Acronis-cloud, die fysiek in Duitsland staat en onder Europese privacywetgeving valt. De cloudopslag is afhankelijk van de gekozen versie en uitbreidbaar tot 5 TB. Back-ups zijn eenvoudig te beheren via de software of webbrowser.

Acronis True Image combineert antimalware met back-up en systeemherstel en bewaart back-ups zowel lokaal, op de NAS als in de cloud.

Laat je niet verrassen

Hoewel het ook zonder kan, biedt een NAS een mooie manier om back-up naar de cloud te vereenvoudigen. Het ontlast de overige apparatuur en het netwerk en kan deze en andere taken helemaal zelfstandig uitvoeren op momenten dat het jou goed uitkomt. Dat de NAS de back-up bijna onzichtbaar uitvoert, is mooi, maar ook een risico. Word je niet goed geïnformeerd over het slagen en zeker het mislukken van back-ups, dan kan dit voor onaangename verrassingen zorgen. Zowel Synology als QNAP bieden uitgebreide logmogelijkheden op de NAS én voorzien in de optie via bijvoorbeeld e-mail over gebeurtenissen te worden geïnformeerd, zoals ook de voortgang van de back-ups. Hetzelfde geldt voor de opties van de back-up in de cloud. Zeker wanneer je een echte back-updienst gebruikt, is er alle mogelijkheid specifiek via de browser te zien wat de voortgang is en of bijvoorbeeld aanvullende opslag nodig is.

Laat je automatisch informeren door de NAS over gebeurtenissen en controleer ook regelmatig de status van de back-ups online.
▼ Volgende artikel
Review HP OmniBook 7 Aero – Perfect voor onderweg
© Jeroen Boer - ID.nl
Huis

Review HP OmniBook 7 Aero – Perfect voor onderweg

Onderweg telt soms iedere gram, zeker als je veel reist. Voor wie niet houdt van een zware rugtas heeft HP de OmniBook 7 Aero. Deze laptop weegt nog geen kilogram, maar heeft toch een processor met 8 cores in combinatie met 32 GB RAM. Dat klinkt als een uitstekend product voor wie veel onderweg is. Of dat echt zo is? Wij hebben hem getest.

Uitstekend
Conclusie

De HP OmniBook 7 Aero is al met al een heel fijne laptop en dat komt voor een groot deel door het gewicht. Je moet hem dus ook vooral overwegen als je echt een lichte laptop wilt hebben. De laptop weegt nog geen kilo, waardoor je hem altijd makkelijk meeneemt. Ondanks het lage gewicht zijn de prestaties prima en kun je comfortabel werken. Over de stevigheid hoef je je geen zorgen te maken; de aluminium-magnesiumbehuizing is lekker degelijk. Natuurlijk heeft HP wel wat concessies moeten doen om dat lage gewicht te bereiken. Zo is de accucapaciteit niet heel indrukwekkend, al overleef je met 12 uur werktijd op zich wel een werkdag. Voor hetzelfde geld kun je zeker laptops kopen waar je langer op kunt werken, maar die wegen dan ook een stuk meer dan een kilo.

Plus- en minpunten
  • Superlicht
  • Genoeg aansluitingen
  • Uitstekend toetsenbord
  • 32 GB RAM
  • Luidruchtige koeling
  • Accucapaciteit kan beter
OnderdeelSpecificatie
ProcessorAMD Ryzen AI 7 350
RAM32 GB
GPUAMD Radeon 860M
Opslag1 TB ssd
Beeldscherm13,3 inch, ips (2560 × 1600 pixels)
Aansluitingen2x usb-c (DisplayPort en laden), usb 3.2, HDMI 2.1, 3,5mm-headsetaansluiting
DraadloosWifi 6, bluetooth 5.4
Afmetingen29,7 × 21,1 × 1,7 cm
GewichtMinder dan 1000 gram
Accu43 Wh
OSWindows 11 Home

Natuurlijk wist ik dat de HP OmniBook 7 Aero ongeveer een kilogram weegt, maar toch was ik positief verrast toen ik hem uit de doos haalde. De OmniBook 7 Aero is zó licht dat het bijna een stuk speelgoed lijkt. Dat is gelukkig niet het geval, want de behuizing van een aluminium-magnesium-legering zit ondanks het geringe gewicht degelijk in elkaar. Het is daardoor een laptop die je zonder zorgen in je rugtas stopt, waarna je eigenlijk niet meer merkt dat je hem bij je hebt. Mijn eigen laptop is met 1,35 kilogram ook niet bijzonder zwaar, maar toch voel ik een duidelijk verschil als ik de OmniBook 7 Aero meeneem. Fijn als je dagelijks met de trein naar kantoor of studie gaat.

©Jeroen Boer - ID.nl

Waar ik ook blij van word, is dat HP ondanks de compacte behuizing toch in een fijne verzameling aansluitingen heeft voorzien. Natuurlijk wordt de basis tegenwoordig gedekt door usb-c en daarvan krijg je er twee die allebei geschikt zijn voor zowel laden als het aansluiten van een beeldscherm. Thuis of op kantoor kun je hem dus met één kabel aansluiten op je werkplek. Maar omdat je een lichte laptop waarschijnlijk juist onderweg gebruikt, is het fijn dat HP je ook twee normale usb-poorten, een HDMI-aansluiting en een headsetaansluiting geeft. Zo kun je hem ook gewoon gebruiken op plekken waar nog een oudere monitor of beamer staat en heb je ook voor een usb-stickje geen adapter nodig. Het enige dat een klein beetje jammer is, is dat de usb-c-poorten geen usb 4 ondersteunen terwijl de gebruikte processor dat op zich wel kan.

©Jeroen Boer - ID.nl

Je krijgt naast twee usb-c-poorten ook een HDMI-aansluiting en normale usb-poorten.

Lekker tikken

Als je het scherm openklapt, wordt het palmgedeelte in een lichte hoek gezet zodat je fijner kunt tikken. Dat is op de OmniBook sowieso geen straf. Het toetsenbord heeft een prettige aanslag met duidelijke feedback. Prettig, zeker als je net als ik veel met teksten werkt. Het toetsenbord ziet er met zijn grijze toetsen ook overzichtelijk uit en heeft toetsverlichting in twee helderheidsstanden. Een eigenschap die wat mij betreft vooral weer onderweg als je werkt op allerlei ongunstige locaties onmisbaar is. De touchpad met geïntegreerde fysieke knop laat zich eerder omschrijven als oké. Het geheel werkt op zich goed, maar voelt wel minder premium dan het uitstekende toetsenbord.

©Jeroen Boer - ID.nl

Het toetsenbord oogt overzichtelijk én tikt lekker.

Geen last van spiegeling

Het 13,3inch-scherm maakt gebruik van een IPS-paneel en heeft een resolutie van 2560 × 1600 pixels. Hierdoor krijg je goede inkijkhoeken en een scherp beeld. Handig voor onderweg is dat HP het paneel mat heeft afgewerkt, zodat je geen last hebt van storende lichtinval. Ook de helderheid is voor veel omstandigheden hoog genoeg. Verder is het scherm niet heel bijzonder. Zo wordt er slechts een maximale verversingssnelheid van 60 Hz ondersteund, terwijl steeds meer duurdere laptops schermen met een hogere verversingssnelheid hebben. Dat heeft misschien ook iets met de accuduur te maken, iets waarover je verderop meer leest. Boven het scherm vind je een prima webcam die ook geschikt is voor inloggen met gezichtsherkenning via Windows Hello. Prettig is dat de webcam een schuifje heeft om de lens fysiek te bedekken; zo weet je zeker dat je niet bespied wordt.

©Jeroen Boer - ID.nl

Dankzij een ingebouwd schuifje wordt je niet bespied.

Goede prestaties

Op papier stelt de configuratie met een Ryzen AI 7 350, 32 GB RAM en een 1TB-ssd niet teleur. Misschien is 32 GB RAM een beetje overdreven voor een laptop die zich niet laat omschrijven als workstation, maar het is voor een laptop waarvan je het geheugen niet kunt uitbreiden ook weer niet heel gek. Dit is wellicht juist het moment om nog even je slag te slaan voordat laptops met veel geheugen veel duurder worden. De opslag wordt verzorgd door een ssd van 1 TB die gewoon prima presteert. Het is een M.2-ssd die je eventueel kunt vervangen als je opslag tekort komt.

De Ryzen AI 7 350 combineert vier normale met vier energiezuinige cores en heeft een npu die voldoet aan de eisen voor een Copilot+-pc. Je krijgt dus alle extra AI-functies van Windows 11. De prestaties van de chip zijn goed en de laptop scoort een mooie 7527 punten in PCMark 10. Ook de score van 1975 en 12433 punten in CineBench R23 voor respectievelijk single-core- en multi-core-prestaties zijn voor een mobiele processor uitstekend. De prestaties kennen bovendien weinig verval als je de laptop langdurig aan het werk zet. Helaas verandert de koeling dan wel in een soort stofzuiger: de laptop laat goed van zich horen als je hem wat langer aan het werk zet. Bij lichte dingen als browsen of tekstverwerken is de laptop gelukkig wel stil.

©Jeroen Boer - ID.nl

Het scherm heeft geen last van spiegelingen.

Best wel kleine accu

Wanneer een laptop zo dun en licht mogelijk is, kan het bijna niet anders dan dat er ergens concessies gedaan zijn. Dat is in het geval van deze HP overduidelijk de accu, want een accu met een capaciteit van slechts 43 Wh is tegenwoordig wel heel magertjes. Toch wist de HP me positief te verrassen, want de werktijd bij alledaagse (kantoor)werkzaamheden is met zo'n 12 uur helemaal niet zo verkeerd. Natuurlijk zijn er genoeg laptops met een veel langere accuduur (waaronder de eveneens ook superlichte ASUS ZenBook A14), maar een echte dealbreaker is de werktijd ook weer niet.

©Jeroen Boer - ID.nl

De aluminium-magnesium-behuizing oogt netjes en is lekker stevig.

En gamen?

De Ryzen AI 7 350 heeft een geïntegreerde AMD Radeon 860M-gpu en is volgens AMD ook geschikt voor gamen. Je kunt natuurlijk niet verwachten dat een geïntegreerde gpu echt topprestaties biedt. Een score van 2571 punten in 3D mark Time Spy is in ieder geval niet heel indrukwekkend. Ik heb Shadow of the Tomb Raider geïnstalleerd, een spel waarvan ik weet dat het inmiddels goed speelbaar is op een geïntegreerde gpu. Het is een spel van alweer zeven jaar oud, maar grafisch nog altijd mooi. Om op Full HD een beetje soepel te kunnen spelen, moest ik kiezen voor de voorinstelling Lowest waarmee je zo'n 54 fps haalt. Opvallend is dat er met AI-upscaler Intel XeSS niet significant meer frames gehaald worden. Jammer, want op andere laptops heb ik goede ervaringen met zulke AI-upscalers. Het hangt natuurlijk ook een beetje van het spel af en een titel met ondersteuning voor AMD's eigen FSR presteert misschien wel wat beter. De prestaties in Shadow of the Tomb Raider geven wel een goed beeld van de mogelijkheden. Voor soepel gamen zul je wat oudere spellen met lagere kwaliteitsinstellingen of esports-titels moeten spelen. Dit klinkt misschien teleurstellend, maar voor een dunne en lichte ultrabook zijn de prestaties helemaal niet zo verkeerd. 

Conclusie

De HP OmniBook 7 Aero is al met al een heel fijne laptop en dat komt voor een groot deel door het gewicht. Je moet hem dus ook vooral overwegen als je echt een lichte laptop wilt hebben. De laptop weegt nog geen kilo, waardoor je hem altijd makkelijk meeneemt. Ondanks het lage gewicht zijn de prestaties prima en kun je comfortabel werken. Over de stevigheid hoef je je geen zorgen te maken; de aluminium-magnesiumbehuizing is lekker degelijk. Natuurlijk heeft HP wel wat concessies moeten doen om dat lage gewicht te bereiken. Zo is de accucapaciteit niet heel indrukwekkend, al overleef je met 12 uur werktijd op zich wel een werkdag. Voor hetzelfde geld kun je zeker laptops kopen waar je langer op kunt werken, maar die wegen dan ook een stuk meer dan een kilo.