ID.nl logo
4K of 8K? OLED of (Neo) QLED? Wat past beter bij jou?
© Reshift Digital
Huis

4K of 8K? OLED of (Neo) QLED? Wat past beter bij jou?

Wie een nieuwe televisie koopt, moet niet enkel weten welk budget hij wil uitgeven, maar ook welke technologie hij in huis wil halen. Daarom is het belangrijk dat je weet hoe die technologieën onderling verschillen en waarin ze uitblinken. In dit artikel leggen gaan we dieper in op de belangrijkste keuzes die je moet maken.

#brandedcontent - Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met PlatteTV.

De nieuwe standaard-resolutie: 4K

Full HD, 1.920 x 1.080 pixels, is lang de standaard geweest, maar is ondertussen vrijwel verdwenen. Enkel de erg kleine maten gebruiken het nog. De nieuwe standaard is 4K: 3.840 x 2.160 pixels, oftewel vier keer meer pixels dan Full HD. En dat verschil merk je zeker, en wel om twee redenen. Onze schermen zijn veel groter geworden, en de beeldkwaliteit van wat we kijken is kwalitatief sterk vooruitgegaan. Gloednieuwe series stream je vrijwel altijd in 4K. Het beeld is scherper, er is meer detail zichtbaar, en zelfs op grote schermen kan je zelden nog individuele pixels zien.
 

©CIDimport

©CIDimport

Nog een stapje beter: 8K

En toch, er zijn tv’s die nog meer resolutie bieden. 8K-modellen zoals de Samsung QN800A en QN900A bieden een resolutie van 7.360 x 4.320 pixels, dat is nog eens vier keer meer dan 4K. Bij deze resolutie zijn pixels zo klein dat je ze echt niet meer ziet (tenzij je vlak voor het scherm staat). De beelden zijn daardoor zo echt dat het lijkt alsof je door een raam kijkt. Maar zie je dat verschil ook echt? In normale kijkomstandigheden raden we 8K enkel aan bij heel grote schermen (denk aan 75 inch en groter). De voordelen van 8K zijn ook het sterkst bij 8K-content, maar die is maar nauwelijks beschikbaar. 8K-tv’s gebruiken de slimste upscalingtechnieken om wat je kijkt om te zetten naar 8K en de resultaten zijn indrukwekkend, maar de voordelen blijven wel relatief beperkt. Wel een leuk voordeel van de Samsung 8K-modellen is dat ze uitgerust zijn met MultiView, waarbij je verschillende bronnen tegelijk kunt bekijken, nagenoeg zonder kwaliteitsverlies.

©CIDimport

©CIDimport

(Neo) QLED voor superhelder beeld

De Samsung QLED-modellen zijn in essentie LCD-tv’s die gebruik maken van LED-achtergrondverlichting met quantum dot-technologie. QLED-tv’s leveren een uitzonderlijk hoge helderheid en zeer ruim kleurbereik. Ze zijn dan ook ideaal als je vaak bij meer licht tv kijkt, en zijn een uitstekende keuze voor sport. De allernieuwste Neo QLED-modellen maken gebruik van miniLEDs in de achtergrondverlichting. Het scherm is onderverdeeld in heel veel zones die de tv onafhankelijk van elkaar kan dimmen (als het beeld op die plaats donker is), of net sterk kan aansturen (in de zones waar het beeld helder is). Die techniek noemen we local dimming, en ze verbetert erg goed het contrast. Omdat ze erg veel zones gebruiken kunnen nadelige gevolgen zoals zichtbare zonegrenzen of fletse lichtaccenten veel beter vermeden worden. (Neo) QLED-modellen hebben wel een wat beperkte kijkhoek, wie niet centraal voor het beeld zit, ervaart mogelijk een wat fletser beeld.

(Neo) QLED tv’s zijn een naam die je enkel bij Samsung vindt, maar ook merken zoals Philips en TCL maken tv’s met dezelfde technologie. Ze zijn beschikbaar in 43, 50, 55, 65, 75 en 85 inch.

©CIDimport

©CIDimport

OLED voor perfect zwart

Wil je absoluut het beste contrast dan kies je een OLED-tv. Op een OLED-scherm geeft elke pixel zelf licht. Er is geen achtergrondverlichting zoals bij een LCD-tv en wanneer een pixel uitgeschakeld wordt is hij perfect zwart, ook als de pixel daarnaast het felste wit toont. Dat immense contrast geeft beelden een vaak tastbare diepte. OLED is de keuze bij uitstek voor de filmliefhebber. Het heeft bovendien een zeer ruime kijkhoek, dus ook als je niet recht voor de tv zit heb je bijna perfect beeld. OLED-tv’s kunnen ook uitstekende helderheid geven maar enkel wanneer dat op een beperkt deel van het scherm is. Bij algemeen heldere beelden, denk aan een sneeuwlandschap, moet de OLED-tv zijn helderheid beperken.

OLED-tv’s kan je vinden bij LG, Philips, Panasonic, Sony en Hisense. Ze zijn beschikbaar in schermformaten van 48, 55, 65, 77 en 83 inch, en LG biedt ook een 8K-model.

©CIDimport

©CIDimport

Tips!

Je kan reviews lezen en meer artikels zoals dit opzoeken, maar voor je een keuze maakt raden we je aan om naar een vakwinkel te gaan. Daar kan je zelf de verschillen in beeldweergave ervaren. Dat is vaak meer waard dan eindeloze uren op het internet naar informatie te zoeken.

Denk eraan dat de kijkomstandigheden, je woonsituatie en je belangrijkste kijkactiviteiten van groot belang zijn bij het maken van de juiste keuze. Sport kijk je misschien meer overdag dan ’s avonds. Bekijk je je films liefst in een donkere bioscoopsfeer? Hoe groot mag of moet je nieuwe tv zijn?

Hulp nodig bij het uitzoeken van de juiste televisie?

Met het groeiende aanbod aan mooie, nieuwe televisies, blijft het soms lastig om de voor jou persoonlijk perfecte tv te vinden. We kunnen nog zo lang al die nieuwe technologieën bespreken, maar uiteindelijk gaat het om de juiste optie vinden voor jouw smaak en situatie. Mocht je daarbij wat hulp kunnen gebruiken, dan kun je altijd terecht bij een van de tien PlatteTV-vestigingen. Met doelgerichte expertise bieden de medewerkers van PlatteTV op maat gemaakte service voor jou en je televisie-eisen. 

Of je dan de verschillen van hdr-panelen of resoluties wilt ervaren of toch liever even aanhoort hoe die ene soundbar klinkt: PlatteTV helpt jou de juiste keuze te vinden én bij je thuis af te leveren. De installatiespecialisten van PlatteTV kunnen je ook helpen bij onder andere het ophangen en aansluiten van je thuisbioscoop. Zo ben je helemaal verzekerd van het beste plaatje in huis, ongeacht wat je zoekt.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.