ID.nl logo
De perfecte foto op ieder feestje
© Reshift Digital
Huis

De perfecte foto op ieder feestje

Gasten die alle kanten opstuiven en je hun rug toekeren, gedempt licht dat ook nog eens snel wisselt. Op een feest is het voor veel smartphonegebruikers bijna onmogelijk om mooie foto's te maken. Wil je toch een aantal herinneringen vastleggen op een feestje? Lees dan verder.

De eigenaar van de feestzaal heeft het licht gedimd voor een lekker sfeertje. De dj draait z'n muziek en baadt de zaal voor wat extra sfeer in snel wisselende felle kleuren. De hapjes die zo mooi werden geserveerd zien er na twee minuten uit als een miniatuur-slagveld. Wie zegt dat fotograferen op een feest gemakkelijk is?

Ook als je nog nooit tijdens een feest gefotografeerd hebt, kun je je wel een beetje voorstellen wat de problemen zijn. Het gebrek aan licht is voor de meeste smartphones een flinke uitdaging. Ruis zal vrijwel meteen opduiken in je foto's. Bovendien is het vinden van een juiste compositie ook niet eenvoudig. Op feesten is het vaak druk, waardoor het beeld snel rommelig wordt. We helpen je in deze cursus op weg. Hierbij nemen we de smartphone als basis, maar maken we ook uitstapjes naar de compactcamera en de spiegelreflexcamera, waarmee nog meer mogelijk is.

Licht

De lichtomstandigheden op een feest stellen je voor twee uitdagingen: er is vaak maar weinig licht en de (wisselende) kleuren brengen de automatische witbalans van je telefoon al snel in de war. Als het mogelijk is om handmatig de instellingen op je telefoon aan te passen, dan kun je zelf het een en ander verbeteren. Je kiest een langere sluitertijd, een groot diafragma (klein diafragmagetal) en een hoge ISO-waarde. Hierdoor kun je bijna altijd een goed belichte foto maken, hoe slecht de lichtomstandigheden ook zijn. Het gebruik van deze uiterste waarden levert echter wel problemen op. Allereerst geeft een te lange sluitertijd namelijk bewogen beelden. Dit houdt in dat zowel de mensen die je fotografeert, maar ook jijzelf volledig stil moeten staan om bewegings-onscherpte te voorkomen.

©PXimport

En tijdens een feest staat niemand echt stil. Daarbij krijg je met een te groot diafragma, een te kleine scherptediepte. Dit houdt in dat er maar een zeer klein gebied van je foto scherp wordt. Zeker als je meerdere mensen in één opname wilt vangen, moet je voldoende scherptediepte hebben om iedereen scherp op de foto te krijgen. En het laatste probleem uit dit rijtje, is dat een te hoge ISO-waarde veel ruis oplevert. Dit is een probleem dat vooral door de relatief kleine sensor van je telefoon zeer snel zal opspelen. Gelukkig worden feestfoto's vooral op social media gedeeld, en dus op computers, tablets en smartphones bekeken. Een grote weergave of een afdruk komt dus niet vaak voor.

Balans vinden

Als je niet handmatig de instellingen van je camera kunt bepalen, zul je creatief aan de slag moeten tijdens het fotograferen. Houd hierbij de vorige drie problemen in de gaten en zoek telkens naar een goede balans.

Door scherp te stellen op donkere delen in je foto, zoals een donker silhouet, zal je camera automatisch een langere sluitertijd kiezen, waardoor je foto's beter belicht zijn. Andersom geldt ook dat je foto's donkerder worden wanneer je scherpstelt op lichtere objecten, zoals een lamp of reflecterend wit T-shirt. Daarnaast hebben een heleboel telefoons de optie om HDR-opnamen te maken. In dat geval maakt de camera kort achter elkaar meerdere foto's met verschillende sluitertijden en combineert de resultaten tot één beeld. Nadeel hieraan is dat de kans op bewegingsonscherpte zeer groot is omdat het langer duurt om één foto te maken.

Inzoomen

Een van de belangrijkste regels bij het fotograferen met een smartphone is dat je met je smartphone niet moet inzoomen. Je telefoon maakt namelijk gebruik van een digitale zoom, waardoor er veel kwaliteitsverlies optreedt. De ruis in de foto wordt nog beter zichtbaar en je verliest detaillering. Breng je onderwerp dus groter in beeld door een paar stappen naar voren te zetten.

©PXimport

Flitsen

Lukt het met de hiervoor genoemde instellingen niet om een goede foto te maken, dan rest er slechts één ding: licht toevoegen. Je kunt natuurlijk vragen of de tl-verlichting aan mag, maar de kans is klein dat je daar de feestgangers warm voor krijgt. Dus ben je aangewezen op de door velen gevreesde flitser. Je kunt de flitser in je telefoon niet gebruiken om een hele kamer uit te lichten. Daar is het kleine led-lampje simpelweg niet toe in staat. Je kunt het daarentegen wel gebruiken om kleine details bij te lichten zoals een gezicht, hapjes op een tafel of lege glazen. Bij flitslicht gaat het (wederom) om de juiste balans, dit maal tussen de flits en het aanwezige licht.

Zodra het flitslicht de overhand krijgt, zijn lelijke platte flitsfoto's het resultaat. Houd daarom voldoende afstand tot je onderwerp en probeer tegelijk zo veel mogelijk van het omgevingslicht te vangen. Zet je flitser continu aan zodat je ziet waar en hoe het licht valt. Liever iets te veel licht dan te weinig, overbelichting is namelijk eenvoudiger te corrigeren dan onderbelichting. Naast je eigen flitser kan je ook het led-lampje van een andere smartphone of een klein zaklampje gebruiken om je onderwerp uit te lichten.

Als het omgevingslicht voornamelijk afkomstig is van lampen die aan het plafond hangen dan kun je last krijgen van harde schaduwen. Gebruik in dat geval een wit papier onder je telefoon. Je flitslicht en het omgevingslicht zullen dan namelijk op het papier reflecteren waardoor de lelijke schaduw wat verzacht zal worden.

Onthoud wel dat flitsen niet erg bevorderlijk is voor de duur van je accu van je telefoon. Als je echt een avond en nacht wilt doorhalen met fotograferen, neem dan altijd een externe accu mee om je smartphone tussendoor bij te kunnen laden.

Kleurtemperatuur van flitslicht

Pas op met flitslicht. Dat heeft doorgaans een kleurtemperatuur van 5000 kelvin, net als het daglicht midden op de dag. In verhouding tot het meestal warme licht op een feest, is flitslicht dus vrij koel. Wanneer je iemand verlicht met een flitser, terwijl de mensen eromheen verlicht worden door kaarslicht, verschillen de gezichten nogal in kleurtemperatuur. Probeer dit eventueel te corrigeren in de nabewerking.

Witbalans

Mensen die weleens tijdens een concert geprobeerd hebben om een foto te maken met hun smartphone, kennen het witbalans-probleem ongetwijfeld al. Misschien niet van naam, maar wel van het resultaat. Door de flitsende lampen en de wisselende kleuren, bleken je foto's volledig uit en zal er niet meer te zien zijn dan een zweem rood, paars of blauw. Dit komt omdat de telefoon de witbalans bepaalt vóórdat de daadwerkelijke foto wordt gemaakt. De kans is dus groot dat er op het meetmoment een andere kleur lamp brandt dan tijdens het maken van de foto. Hier valt weinig tegen te doen. Er zijn echter twee manieren om toch nog redelijke resultaten te krijgen bij dit soort moeilijke omstandigheden. Ten eerste: speel in op het 'lampenritme'.

©PXimport

Het klinkt misschien gek, maar in al het bonte geflits en geflikker van de lampen, zit wel degelijk een herkenbaar patroon. Vooral tijdens concerten is er vaak per nummer een voorgeprogrammeerde lampen-routine. Na één minuut heb je deze meestal wel door en kun je, als je handmatig je witbalans kunt aanpassen, de juiste instellingen kiezen en wachten tot dezelfde lichtomstandigheden zich weer voordoen. Het vergt veel geduld maar zorgt wel voor mooi belichte resultaten. De tweede manier om betere resultaten te krijgen, is correctie in je nabewerking. Zelfs met simpele bewerkingsapps kun je je uitgebeten en verkleurde foto's aardig oplappen. Door het aanpassen van de tint, kun je de kleur aanzienlijk verbeteren. Hoewel het verleidelijk is, moet je nooit je belichting zomaar verhogen in de nabewerking. De hoeveelheid ruis zal namelijk exponentieel toenemen. Lukt het aanpassen van je kleuren niet? Kies dan voor een omzetting naar zwart-wit en verhoog het contrast.

Compositie

Op feesten is het vaak druk, waardoor je al snel rommelige foto's krijgt. Te veel onderwerpen in één opname levert zelden een mooie plaat op. Door mensen te isoleren, krijg je vaak aantrekkelijkere foto's. Dit kun je op verschillende manieren doen:

- Met flitslicht kun je ervoor kiezen om één persoon uit te lichten. De omgeving is dan een stuk donkerder en je onderwerp zal er echt 'uitspringen'. Dit kun je in de nabewerking verder benadrukken door te kiezen voor een donker vignet.

- Door te kiezen voor een groot diafragma (klein diafragmagetal) beperk je de scherptediepte. Je kunt je onderwerp dan isoleren door deze in het scherpteveld te plaatsen en alle overige storende elementen daarbuiten te zetten. Om hiermee te kunnen spelen moet er wel voldoende omgevingslicht zijn.

- In de nabewerking kun je nog handmatig selecteren welke gebieden je scherp en onscherp wilt hebben. Zorg echter wel voor soepele overgangen anders ziet het er al snel onverzorgd uit.

©PXimport

Groepsfoto's

Bij sommige feesten heb je het probleem dat je van veel mensen alleen de rug te zien krijgt. Het is afhankelijk van je stijl of je alleen registreert of ook regisseert. Als je niet bang bent om mensen aan te sturen, kun je vragen of dat groepje vrienden even wil poseren. Je kunt ze dan bijvoorbeeld net even iets draaien, zodat je een rustigere achtergrond krijgt, of je vraagt ze om iets dichterbij elkaar te gaan staan, zodat jij ook dichterbij kunt komen. Over het algemeen zullen mensen op een feest eerder geneigd zijn om te poseren dan in andere situaties. Sterker nog: vaak zal het initiatief om te poseren juist van de feestgangers komen. Houd daarbij in gedachten dat groepsfoto's het beste werken bij twee of drie personen.

Als je mensen niet laat poseren, moet je het vaak doen met wat je voor je camera krijgt. De kunst is om uit dat rommelige geheel toch beelden met een leuke compositie te halen. Om creatieve standpunten te krijgen, moet je oefenen én snel kunnen reageren.

©PXimport

Creatief

Als er één gelegenheid is om naar hartenlust te experimenteren met creatieve beelden, is het wel op een feest. Wees niet bang om gekke dingen te doen. Houd je camera schuin voor dynamische effecten. Wissel af tussen portretten en overzichtsfoto's. Neem een hoog of juist een laag standpunt in. Ga bijvoorbeeld eens in de hoek van een ruimte op een stoel staan, om een overzicht te kunnen maken van een grotere groep mensen. Bij feestfotografie zijn er maar weinig regels, dus experimenteer veel. Omdat er meestal veel foto's worden gemaakt, is de afwisseling van verschillende perspectieven aangenaam voor de kijker. Een belangrijke regel om wél in acht te nemen, is: fotografeer geen mensen die eten in hun mond stoppen! En: als mensen zitten, maak dan portretten. Bij staande mensen kun je het beeld wat ruimer nemen.

Observeer

Om mooie herinneringen tijdens een evenement te vereeuwigen, is het goed om de hele tijd alert te blijven en zelf niet te veel in het feestgedruis op te gaan. Er zullen zich altijd momenten voordoen die bijzonder zijn om te fotograferen. Een klein groepje mensen dat het uitschatert van het lachen. Mensen die bijzondere moves uitvoeren op de dansvloer. Vrienden die een toost uitbrengen. Schalen met lekkere hapjes die worden geserveerd. Zorg ervoor dat je deze momenten niet mist!

Emotie

Wat was jouw laatste feest? Het laatste feest waarbij je zelf feestganger was? Welk feest van de laatste jaren herinner je je? En wat herinner je je van dat feest? Negen van de tien keer zal het antwoord iets te maken hebben met een emotie of een gevoel. Het supergezellige feest met vrienden die je al jaren niet meer had gezien. De tranen van oma die op haar vijftigjarige bruiloft het cadeau van haar achterkleinkinderen kreeg. Of dat dansfeest waarbij je helemaal uit je dak ging op die meeslepende muziek.

Herinneringen zijn vaak gebaseerd op emoties en gevoelens. Dus focus je op emoties en uitingen van mensen. Het zijn juist deze elementen die je in je beelden moet zien te vangen.

Voorbereiden

Als je echt fanatiek bent en een hele rapportage van de avond wilt maken, zorg dan dat je vroeg aanwezig bent, zodat je tijd hebt om jezelf voor te bereiden. Je kunt alvast testopnames met de instellingen van camera en eventueel flitser maken. En je kunt kijken welke witbalans voor dit feest het beste is. Ook kun je de locatie verkennen voordat de mensen aanwezig zijn. Je hebt dan vaak een beter overzicht en je kunt bepalen waar je bijzondere standpunten kunt innemen. Als je vroeg aanwezig bent, kun je ook detailopnames maken die mooi in de reportage passen. Denk aan schalen met hapjes, die op dat moment nog geheel gevuld zijn. Misschien kun je zelfs mooie detailopnames maken van het bereiden van het eten.

©PXimport

Professioneel

Als je écht fanatiek bent in het maken van foto's tijdens feesten, overweeg dan om een systeem- of zelfs spiegelreflexcamera aan te schaffen. Het grote voordeel hiervan is dat de sensor bijna tien keer zo groot is. De camera kan daardoor onder veel moeilijkere lichtomstandigheden werken en zal aanzienlijk minder ruis veroorzaken in het beeld. Een ander groot voordeel is de mogelijkheid tot het fotograferen in raw-formaat. Met dit bestandstype blijft veel meer informatie bewaard en kun je achteraf nog grove instellingen veranderen zoals de witbalans. Een systeemcamera heeft nog een redelijk handzaam formaat en kan, in vergelijking tot een smartphone, veel meer instellingen handmatig doorvoeren. Ook kun je werken met een externe flitser, waardoor je mooiere resultaten krijgt. In de nabewerking valt er bij het gebruik van een systeem- of spiegelreflexcamera meer te verbeteren doordat de kwaliteit van de foto's stukken beter is. De beelden kunnen zonder problemen op groter formaat worden afgedrukt.

Oefenen

Zoals bij elke tak van fotografie geldt: ervaring is de beste leermeester. Je zult dus veel moeten fotograferen om het onder de knie te krijgen. Gelukkig zijn er altijd wel feestelijkheden om te oefenen. Dus is er een feestje waar je als gast heen gaat? Neem de camera mee en oefen een halfuurtje. Je zult zien dat jouw vaardigheden snel vooruit gaan. Feestfotografie is niet gemakkelijk, maar je kunt er vast heel veel plezier aan beleven!

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.