ID.nl logo
iPhone 12 of iPhone 13? Dit zijn de belangrijkste verschillen
© Reshift Digital
Huis

iPhone 12 of iPhone 13? Dit zijn de belangrijkste verschillen

Je bent eruit: je wil een nieuwe iPhone. Maar wordt het een model uit de nieuwste iPhone 13-serie of ga je voor een iPhone 12-model uit 2020? De oudere iPhones zijn goedkoper, maar missen de vele vernieuwingen en verbeteringen van de iPhone 13-reeks. Tijd om de verschillen op een rij te zetten. Zo kom je erachter welke generatie iPhone het beste bij jou past.

#brandedcontent - Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Vodafone

Betere schermen

Naar het scherm van je iPhone kijk je de hele dag en waarschijnlijk jarenlang, dus alle verbeteringen aan het scherm zijn mooi meegenomen. Ten opzichte van de iPhone 12-modellen hebben de iPhone 13-toestellen een scherm dat een stuk feller kan, wat vooral handig is op zonnige dagen. De notch met slimme Face ID-gezichtsontgrendeling is bovendien twintig procent kleiner en valt daarom minder op.

De belangrijkste schermverbetering in jaren is voorbehouden aan Apple’s beste smartphones, de 13 Pro en 13 Pro Max. Die gebruiken – in tegensteling tot alle andere iPhones – geen 60Hz-scherm meer maar een 120Hz-scherm. Apple noemt dit zijn ProMotion-scherm. De hogere verversingssnelheid betekent dat het scherm zich veel vaker per seconde vernieuwt, waardoor het beeld veel vloeiender overkomt. Animaties zien er mooier uit, geoptimaliseerde games spelen prettiger en tekst leest rustiger weg. Kenners zijn het erover eens: wie gewend is aan een 120Hz-scherm, wil niet meer terug naar 60Hz. 

Langere accuduur en snellere processor

De iPhone 12-serie gaat probleemloos een lange dag mee, maar je mag verwachten dat elke smartphonegeneratie innoveert. Apple stopt daarom flink grotere accu’s in de iPhone 13-serie en dat levert een merkbaar langere accuduur op. Apple zegt dat de iPhone 13 mini en 13 Pro 1,5 uur langer meegaan op een acculading dan hun voorgangers en dat de 13 en 13 Pro Max het 2,5 uur langer volhouden dan de 12 en 12 Pro Max. De grotere accu’s maken de iPhone 13-modellen wel wat zwaarder dan hun voorgangers.

De iPhone 13-modellen zijn ook sneller dan hun voorgangers. Dat komt omdat ze draaien op de nieuwste Apple A15 Bionic-processor, die krachtiger is dan de A14-processor uit de iPhone 12-reeks. Het verschil merk je vooral bij zware games en minder bij apps als WhatApp en Netflix. 

©PXimport

Betere camera’s met meer functies

Misschien wel het grootste verschil tussen de iPhone 12-serie en de iPhone 13-reeks zijn de camera’s. Apple heeft belangrijke verbeteringen doorgevoerd, waardoor de camera’s overdag en in het donker mooiere foto’s en video’s maken dan de iPhone 12-smartphones. Zo vangt de groothoekcamera van de iPhone 13-serie tientallen procenten meer licht, wat duidelijkere foto’s oplevert. En de uitstekende beeldstabilisatie die vorig jaar alleen in de iPhone 12 Pro Max zat, vind je nu ook in de iPhone 13. De 13 Pro en 13 Pro Max schieten bovendien scherpere portretten in het donker en kunnen drie keer optisch inzoomen. Hun voorgangers doen dat respectievelijk twee en tweeënhalf keer, dus met de nieuwste iPhones kun je verder én beter inzoomen.

De flink betere camera’s van de iPhone 13-serie maken ook nieuwe functies mogelijk. Zo kun je de geavanceerde ultragroothoekcamera van de iPhone 13 ook gebruiken voor macrofotografie, dus om van heel dichtbij foto’s te maken. Bijvoorbeeld van een bloem, de regen op het raam of een insect. Ben je meer van het filmen? Met de nieuwe Cinematic Mode film je met een professioneel scherptediepte-effect.

Meer opslagruimte

Als je de goedkoopste versies van de iPhone 12 en iPhone 13 vergelijkt, zie je dat de iPhone 12 64 GB opslaggeheugen heeft en de iPhone 13 128GB. De nieuwste iPhone biedt standaard dus dubbel zoveel ruimte aan apps, games, foto’s en andere media. Met dit technische verschil in het achterhoofd valt het prijsverschil tussen de nieuwste iPhone en die van vorig jaar erg mee. Want waar de 128GB iPhone 13 een adviesprijs van 909 euro heeft, kost de 128GB-variant van de iPhone 12 zo’n 859 euro. Eenmalig een paar tientjes meer betalen levert dus een veel betere iPhone op.

De iPhone Pro-modellen hebben al langer minstens 128 GB opslagruimte. Wie écht veel bestanden op zijn iPhone wil opslaan, is het beste af met de 13 Pro (Max). Die heeft maximaal 1 TB (1000 GB) opslaggeheugen, waar de 12 Pro (Max) maximaal 512 GB heeft.

Langer updates 

Tot slot een onderbelicht verschil tussen iPhones: het introductiejaar. Het jaar van verschijnen geeft namelijk aan tot wanneer je software-updates kunt verwachten. De iPhone 12 is een jaar ouder dan de 13 en daarom zal Apple de softwareondersteuning ook een jaar eerder stoppen. Een verschil dat vooral relevant is voor wie zo lang mogelijk met zijn of haar nieuwe iPhone wil doen. De iPhone 13 krijgt niet alleen langer updates, maar biedt als gezegd ook allerlei technische verbeteringen. De iPhone 12 is een goede keuze als je een premium iPhone voor een lagere prijs wil. 

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos