ID.nl logo
iCloud Drive: Zo werkt de synchronisatiedienst van Apple
© Reshift Digital
Huis

iCloud Drive: Zo werkt de synchronisatiedienst van Apple

Wil je je persoonlijke bestanden toegankelijk maken op zowel je iPhone als op je iPad of MacBook, dan kun je hiervoor iCloud Drive gebruiken. Daarmee kun je namelijk bestanden synchroniseren tussen Apple-apparaten. We leggen hier uit hoe.

Apple-gebruikers kennen iCloud wel: het is de centrale cloudopslagdienst waar je je iPhone-foto’s opslaat, je notities en agenda’s tussen je Mac en iPhone kunt synchroniseren en waar reservekopieën van je iPhone worden opgeslagen. iCloud is echter ook een verzamelplek voor andere diensten van Apple, zoals Zoek mijn iPhone, sleutelhanger-synchronisatie en iCloud Drive. Over deze laatste dienst van de techgigant uit Cupertino hebben we het hier.

Voor veel mensen is het niet duidelijk wat iCloud Drive precies inhoudt, wat het verschil is met iCloud en wat een Apple ID ermee te maken heeft. Om producten van Apple te kunnen gebruiken, moet je een Apple-account hebben. Dit heet je Apple ID. Met je Apple ID kun je aankopen doen in de App Store, afspraken maken bij een Apple Store als je een probleem hebt en jezelf registreren voor allerlei Apple-diensten.

Volledige integratie

Een onderdeel van iCloud is iCloud Drive; dit is de cloudopslagdienst van Apple. Je kunt bestanden op je iCloud Drive opslaan door ze te slepen vanuit de Finder naar de iCloud Drive-map, maar het grote voordeel is dat iCloud Drive compleet geïntegreerd is in macOS. Dit betekent dat je vanaf verschillende Apple-apparaten aan je bestanden kunt werken. De bestanden worden opgeslagen op je iCloud Drive en je kunt er op een ander apparaat zonder problemen aan verder werken.

Doordat zowel iCloud Drive als macOS door Apple wordt gemaakt, is de integratie veel slimmer, makkelijker en intuïtiever dan andere oplossingen. Om iCloud Drive te kunnen gebruiken op al je apparaten, moet je het per apparaat even activeren. Ga op een iPhone of iPad naar je iCloud-instellingen en zet de schuif achter iCloud Drive aan. Op je Mac zet je het vinkje aan bij Systeemvoorkeuren, Apple ID, iCloud Drive.

©PXimport

Om al je bestanden op iCloud Drive in te zien, heb je verschillende opties. Op je Mac ga je gewoon naar de Finder en kijk je aan de linkerkant. Onder Favorieten vind je normaal gesproken je documenten-, download- en apps-mappen. Eronder vind je een kopje iCloud. Hier zie je je iCloud Drive ook staan.

Je kunt al je iCloud Drive-documenten ook vinden vanaf een andere pc door naar icloud.com te gaan en in te loggen met je Apple ID. Klik op iCloud Drive en je ziet dezelfde inhoud als in de Finder. Op je iPhone of iPad open je de app Bestanden. Tik beneden op Bladeren en tik op iCloud Drive.

Bestanden synchroniseren

iCloud Drive is geen online opslagdienst in de zin dat je bestanden van je computer naar iCloud Drive kunt slepen om ruimte te besparen op je Mac. Je moet iCloud Drive als een synchronisatiedienst zien die ervoor zorgt dat je je bestanden altijd kunt inzien, bewerken en opslaan op alle apparaten die met je iCloud-account zijn verbonden.

Je kunt echter wel ruimte besparen op je online iCloud Drive door ervoor te kiezen bepaalde apps ervan uit te sluiten. Ga op je Mac naar Systeemvoorkeuren, Apple ID en klik op Opties achter iCloud Drive. Een optie die veel opslagruimte in beslag neemt, is Map ‘Bureaublad’ en ‘Documenten’.

©PXimport

Als je dit hebt geactiveerd, worden bestanden die op je bureaublad of in je documenten-map staan, automatisch gesynchroniseerd met iCloud Drive zodat je deze ook op een iPad, iPhone of andere Mac tot je beschikking hebt. Erg handig, maar wil je ruimte besparen, dan kun je deze optie beter uitzetten.

Het kan overigens gebeuren dat er nog oude bestanden op je iCloud Drive staan die je ooit eens met een oude iPhone, iPad of Mac hebt gemaakt. Deze zie je dan ook in de Finder. Hier staat echter een grijs wolk-icoontje achter, dit betekent dat de map of het bestand alleen online is opgeslagen en (nog) niet naar je Mac is gekopieerd.

Wil je deze bestanden wel lokaal beschikbaar hebben, klik dan op het icoontje. Het bestand wordt naar je schijf gekopieerd en het wolk-icoontje verdwijnt.

Integratie met apps

iCloud Drive komt tot leven als je een app in macOS opent. Alle interne apps van macOS ondersteunen iCloud Drive en vrijwel alle bekende programma’s van derden bieden integratie met de opslagdienst. Als je een Apple-app opent, zoals Numbers of Pages en een nieuw bestand creëert, dan klik je bovenin op Naamloos en wijzig je de naam van het document.

Standaard slaat het programma je documenten op in de documentenmap van je thuismap. Om de opslaglocatie te veranderen, klik je op het driehoekje naast de naam. Hier selecteer je achter Locatie de optie iCloud Drive. Het bestand wordt nu opgeslagen in de hoofdmap van iCloud Drive.

©PXimport

Wil je een map op je iCloud Drive aanmaken, dan klik je op Andere, selecteer je de map iCloud Drive aan de linkerkant en klik je op Nieuwe map. Nu wordt het bestand in een submap op je iCloud Drive opgeslagen. Als je het bestand nu op een andere Mac of iOS-apparaat wilt openen, moet je zorgen dat je op dat apparaat met dezelfde Apple ID bent ingelogd en in de systeeminstellingen de optie iCloud Drive aan hebt staan.

Bestanden delen met anderen

Het is tenslotte ook mogelijk om een bestand of map van je iCloud Drive te delen met anderen, bijvoorbeeld als je samen aan een document wilt werken. Ga in de Finder naar je iCloud Drive-map en selecteer de map of het bestand dat je wilt delen. Middels je rechtermuisknop selecteer je Deel, Voeg personen toe. Je hebt nu een aantal opties om de inhoud te delen: via een e-mailbericht, via de Berichten-app, door middel van een gekopieerde koppeling of via AirDrop.

Deze laatste optie is erg handig als de persoon zich op het moment van delen in de buurt bevindt. Je selecteert de Mac, iPad of iPhone van deze persoon en de koppeling wordt meteen gedeeld. Klik op Delingsopties om regels te definiëren voor de ontvanger.

©PXimport

Als je achter Toegankelijk voor de optie Iedereen die de link heeft selecteert, dan heb je geen overzicht wie allemaal inzage hebben in het document. Dit is wel handig als je wilt dat ontvangers het bestand ook weer met anderen mogen delen. Onder Bevoegdheid is standaard Kan wijzigingen aanbrengen geselecteerd, dit is essentieel als je met anderen aan een bestand wilt werken.

Wil je dat mensen geen veranderingen aan kunnen brengen, kies dan voor Alleen lezen. Je kunt in je iCloud Drive-map overigens ook precies zien of er bestanden door anderen met je gedeeld zijn of met wie je bepaalde bestanden hebt gedeeld. Je ziet de naam van de persoon die het bestand met je gedeeld heeft in het grijs achter de bestandsnaam staan. Je kunt tot slot de deelopties wijzigen door met de rechtermuisknop op het bestand of de map te klikken en voor Deel, Toon personen te kiezen.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.