ID.nl logo
Fairphone 4 review - Duurzame smartphone verbeterd
© ID.nl
Huis

Fairphone 4 review - Duurzame smartphone verbeterd

De Fairphone 4 is een stevig en omvangrijke smartphone die minder belastend is voor het milieu dan een gemiddelde telefoon van vandaag de dag. Het idee achter de smartphonelijn blijft nog steeds nobel, ook al moet je rekening houden met duidelijke beperkingen in de ervaring. Maar dat blijkt in veel gevallen geen probleem te zijn, zoals je leest in deze Fairphone 4 review.

Ergens voelt het toch een beetje vreemd dat het bedrijf dat milieuvriendelijke smartphones uitbrengt, een nieuwe telefoon met betere specificaties lanceert. Toegegeven, de fabrikant brengt minder smartphones uit dan menig ander smartphonefabrikant, Dus als er dan een nieuwe versie verschijnt, dan is die een upgrade meestal waard. Dat blijkt ook wel uit de veranderingen die het bedrijf doorvoerde aan de Fairphone 4, die het toestel toekomstbestendiger maakt dan ooit.

Milieuvriendelijkheid zit hem niet alleen in de materialen die een fabrikant gebruikt. Voor de Fairphone 4 geldt dat de plastic achterkant dit keer voor honderd procent bestaat uit gerecycled materiaal. Ook is het aluminium frame door Fairtrade gecertificeerd en wordt de kobalt en het lithium duurzaam verwerkt in de toekomst. Dat zijn mooie berichten, maar die verliezen hun waarde wanneer je jaarlijks een smartphone koopt. Daarom is een lange gebruikersduur minstens net zo belangrijk als de componenten van zo’n telefoon en ook dat heeft Fairphone begrepen.

En laten we niet vergeten dat je de onderdelen van de telefoon zelf heel gemakkelijk omwisselt wanneer er iets aan vervanging toe is. Denk dan aan de accu of de camera. 

©PXimport

Goed voor het milieu

Ten opzichte van 2020, toen de Fairphone 3+ uit kwam, is een aantal dingen veranderd. Met 6,3-inch is het scherm veel groter dan op z’n voorganger. Het toestel zelf is eveneens groter, beter, dikker én zwaarder. Dat zal niet iedereen bevallen. Prima dat zo’n scherm dan groter is, maar klein is ook fijn. Zeker voor mensen met minder diepe zakken. 

Het toestel oogt niet alleen log, zo voelt het ook. En dat is jammer, want dit kan in de weg gaan staan wanneer iemand de Fairphone 4 overweegt. Het oog wil ook wat, natuurlijk, al is dat lang niet het belangrijkste. Zeker niet voor een duurzaam model.

Qua specs zijn er ook upgrades doorgevoerd, waardoor je waarschijnlijk langer met dit toestel doet dan de Fairphone 3+. Zo zijn er nu configuraties met 6 GB aan werkgeheugen en 128 GB aan opslagruimte en 8 GB aan werkgeheugen en 256 GB aan opslagruimte. Het is bovendien goed om te zien dat er nog steeds ruimte is voor een micro-sd-kaartje. 

De accu heeft meer vermogen (nu 3.905 mAh), waardoor het toestel langer meegaat op een volle lading. Uit onze ervaring doe je er met gemak anderhalve dag en als je het niet al te bont maakt dan haal je de tweede avond ook nog.

Dat zijn mooie zaken, maar de grootste toevoeging is de ondersteuning voor 5g. Hoewel dat netwerk nog niet helemaal uitgerold is in Nederland 5G-telefoons onevenredig groot. Dat Fairphone zich nu ook in de strijd mengt met de Fairphone 4 is goed nieuws. Want nu heb je dus een milieuvriendelijke optie die op twee fronten duurzaamheid uitstraalt: in de componenten en in de duur van het gebruik.

©PXimport

Als je het belangrijk vindt om lang met een toestel te doen en toch gebruik wil maken van de nieuwste netwerktechnologie, dan is dit de kans waar je op hebt zitten wachten.

Verder zet Fairphone zijn duurzame statement kracht bij door vijf jaar garantie en twee Android-upgrades te garanderen. Standaard krijg je er een kale versie van Android 11, met maar één app van Fairphone zelf. Binnen die app lees je meer over het bedrijf en krijg je een digitale gebruikershandleiding. 

Dat soort apps zijn redelijk ongevaarlijk en nemen weinig ruimte in. Plus: de digitale handleiding op je telefoon bespaart niet alleen papier, maar geeft je ook altijd een handig naslagwerk wanneer je onderweg ergens tegenaan loopt of iets wil regelen.

Beperkingen als compromis

Dan komen we aan bij een beperking: de processor. Dit is een Qualcomm Snapdragon 750. Zeker niet de nieuwste, maar ook niet de minste processor. Het is een chipset die bedoeld is voor midrange smartphones. De hardware is niet ontzettend snel, maar werkt prima. Zolang je niet teveel verwacht of veel gamet, dan merk je niet dat dit een oude processor is. 

Hetzelfde geldt voor het type werk- en opslaggeheugen: er bestaan snellere opties, maar dit soort beperkingen zijn nou eenmaal het compromis. Opladen via usb-c gaat vrij traag, maar dat is op de langere termijn goed voor de accu.

Daarnaast is het scherm niet heel helder en is de verversingsnelheid niet hoger dan 60 Hertz. Dat levert soms een beetje schokkend beeld op tijdens het scrollen. En ook games lopen niet zo soepel als je zou willen. Dit soort dingen zijn gelukkig overkomelijk en waarschijnlijk niet belangrijk voor de doelgroep die dit toestel op het oog heeft. Kleuren ogen verder prima en natuurgetrouwd. 

Ook met de scherpte zit het wel, dankzij de pixeldichtheid van 409 pixels per inch. Technisch gezien is dit van minder kwaliteit dan bij de 3+ (met 427 ppi), maar dat verschil is niet te zien met het blote oog. Audio klinkt niet super, maar audioberichten en video’s zijn perfect te volgen.

©PXimport

Achterop zit verder een dubbele camera van 48 megapixel (groothoek- en ultragroothoeklens), met ondersteuning voor hdr. Voorop treffen we een selfiecamera aan van 25 megapixel. De foto’s en video’s komen scherpen uit de verf en weergeven kleuren heel natuurlijk. Ook het diepte-effect komt mooi naar voren, ondanks het gebrek aan extra lenzen.

De beelden springen echter niet van je scherm af, omdat er allerlei beeldoptimalisaties missen. Maar als je van een vorige versie van de Fairphone af komt, dan is dit zeker een flinke verbetering. Nogmaals: de beperkingen die er zijn, zijn concessies die je doet in het kader van het milieu. Het kan allemaal veel slechter.

Conclusie

Concessies en beperkingen daargelaten, zijn we vooropgesteld blij dat er bedrijven als Fairphone zijn. Al is het maar om bewustzijn te creëren voor het feit dat we allemaal zo vaak smartphones kopen en weggooien. Ten opzichte van het vorige model is er gelukkig veel veranderd, waardoor het toestel meer toekomstbestendig is dan ooit tevoren. Bovendien blijft het fijn dat bepaalde onderdelen, zoals het scherm en de speakers, gemakkelijk te vervangen zijn en dat er een kale Android-versie is.

Je moet er wel rekening mee houden dat de processor ietwat oud is, het geheugen niet al te snel en het scherm de allerbeste kwaliteit levert. Ook de camera’s zijn niet jé-van-hét, het opladen duurt lang (maar dat is tevens een pluspunt) en het design valt echt goed tegen. 

Technische concessies zijn een minder groot probleem dan zo’n gedateerd design, en dat kan het toestel wellicht parten spelen. Dan doelen we met name op de afmetingen en het gewicht. Als je je daar overheen kunt zetten, dan heb je verder weinig te klagen over dit toestel en ontzie je het milieu door hem aan te schaffen.

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** vanaf € 579,- **Kleur** Grijs en (gespikkeld) groen **OS** Android 11 **Scherm** 6,3 inch lcd (1.080 bij 2.340 pixels) **Processor** Snapdragon 750 **RAM** 6 tot 8 GB **Opslag** 128 tot 256 GB **Batterij** 3.905 mAh **Camera** 48+48 megapixel (achter), 25 megapixel (voor) **Connectiviteit** 4G, 5G, Bluetooth 5.1, wifi, gps, nfc **Formaat** 162 x 75,5 x 10,5 mm **Gewicht** 225 gram **Overig** dualsim, vingerafdrukscanner, micro-sd-kaartsleuf **Website** [www.fairphone.nl](https://shop.fairphone.com/nl/buy-fairphone-4)

Plus- en minpunten
  • Beter voor het milieu
  • Toekomstbestendig
  • Gemakkelijk te vervangen onderdelen
  • Android
  • Design
  • Opladen duurt lang
  • Beeldkwaliteit
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.