ID.nl logo
Waar voor je geld: 5 steelstofzuigers met een hoge zuigkracht
© Miele
Huis

Waar voor je geld: 5 steelstofzuigers met een hoge zuigkracht

Bij ID.nl zijn we dol op kwaliteitsproducten waar je niet de hoofdprijs voor betaalt. Een paar keer per week speuren we binnen een bepaald thema naar zulke deals. Op zoek naar een snoerloze steelstofzuiger met veel power? Vandaag hebben we vijf producten voor je gespot met een goede prijs-kwaliteitverhouding.

Dyson Cyclone V10 Absolute

De Dyson Cyclone V10 Absolute is momenteel aantrekkelijk geprijsd. Vanwege het bescheiden gewicht van 2,6 kilo gebruik je deze steelstofzuiger moeiteloos op verschillende verdiepingen. Een volle acculading is goed voor een werking van een uur, zodat je jouw hele huis aan kant maakt. Na afloop plaats je het apparaat in het muurstation om de batterij weer op te laden. Een pluspunt is het ruime vermogen van 150 watt. Dankzij de hoge zuigkracht belanden stof, kruimels, dierenharen en overig vuil soepel in het reservoir van 0,77 liter.

Dyson levert bij dit uitgebreide model diverse accessoires mee. Handig is de gemotoriseerde miniborstel, want daarmee creëer je een kruimeldief. Daarmee maak je onder meer meubelbekleding en traptreden schoon. Verder zijn er twee vloerzuigmonden bijgesloten. Hiermee reinig je zowel harde als zachte ondergronden. Voor moeilijk bereikbare plekken is de kierenzuiger een uitkomst. Daarnaast bevat de productdoos nog een hulpstuk om de steel in een hoek van negentig graden te buigen. Je kunt vervolgens onder meubels stofzuigen. Na de schoonmaakronde berg je alle accessoires netjes op in het muurstation.

Samsung Jet 60 Turbo (VS15A6031R1/EN)

Zoek je een betaalbare steelstofzuiger met een hoge zuigkracht, dan is dit exemplaar van Samsung een goede keuze. De Jet 60 Turbo ondersteunt namelijk een respectabel vermogen van 150 watt. Fijn is dat je de meegeleverde zuigborstel voor zachte en harde vloeren kunt gebruiken. Tijdens het stofzuigen komt de draaibare kop van 180 graden goed van pas. Hierdoor verander je makkelijk van richting en bereik je elke hoek van de kamer.

Naast de hoofdborstel kun je ook nog twee opzetstukken gebruiken. Die zijn onder meer geschikt voor kieren en kleine oppervlakten. Volgens Samsung ondersteunt de accu van 2000 mAh een gebruikersduur tot veertig minuten. De batterij is overigens uitneembaar, zodat je hem zo nodig kunt vervangen. Voor een verse oplaadbeurt hang je de Jet 60 Turbo in het muurstation. Als je klaar bent met stofzuigen, leeg je met één druk op de knop het reservoir van 0,8 liter. Tot slot is het lage gewicht van slechts 2,3 kilo een pluspunt.

Miele Triflex HX2

De Triflex HX2 is de krachtigste steelstofzuiger van Miele. Het Duitse kwaliteitsmerk ontwikkelde een efficiëntere motor met meer zuigpower. Dankzij een opgegeven vermogen van 272 watt leent dit product zich voor alle vloertypes, zoals laag- en hoogpolig tapijt. Deze huishoudhulp bevat een hoogwaardig HEPA 15-filter, waardoor allergische personen mogelijk minder last ervaren. Miele belooft namelijk een filterwerking van 99,999 procent. Hierdoor blijven piepkleine stofdeeltjes in deze steelstofzuiger achter.

De behuizing heeft een uitneembare accu van Varta. Die gaat op een enkele batterijlading tot een uur mee. Kortom, je hebt tijd genoeg om alle kamers te stofzuigen. Een nuttige functie is dat je de hoek kunt aanpassen. Op die manier kom je ook op lastig bereikbare plekken, zoals onder kasten en meubels. De productdoos telt flink wat accessoires, waaronder meerdere opzetmonden, een zachte afstofborstel en een turbo-zuigmond. Verder zijn er een wandoplader en opzethouder inbegrepen. Bezitters van huisdieren kunnen eventueel ook nog een uitgebreidere versie overwegen. Tegen een kleine meerprijs ontvang je dan een zuigmond met ledverlichting en een mini-turboborstel voor dierenharen. Lees hier wat Kieskeurig.nl-bezoekers van de Triflex HX2 vinden.

Lees ook: Dit zijn de 7 meest gemaakte fouten bij het stofzuigen

Bosch BCS711XXL

Met een gemiddelde beoordeling van een 8,6 scoort deze betaalbare steelstofzuiger erg goed op Kieskeurig.nl. Gebruikers zijn onder meer te spreken over de ledverlichting op de gemotoriseerde zuigmond, want zes felle leds maken het vuil duidelijk zichtbaar. Andere veelgehoorde pluspunten zijn de goede zuigkracht en lange accuduur. Volgens Bosch kun je tot honderd vierkante meter achter elkaar stofzuigen. In tegenstelling tot veel andere steelstofzuigers heeft dit model een klein stofreservoir van 0,3 liter. Gelukkig is het legen van deze opvangbak een fluitje van een cent.

Voor toegang onder banken en kasten heeft de steel een knikoptie. Je kunt het uiteinde zelfs helemaal plat op de vloer neerleggen. Gebruik daarnaast de smalle zuigmond voor kieren en de afstofborstel voor meubilair. Verder transformeer je dit apparaat met de korte zuigmond in een krachtige kruimeldief. Na het stofzuigen plaats je de Bosch BCS711XXL in het muurstation. Het opladen van de accu duurt ongeveer vijf uur.

Dyson Gen5 Detect

De Dyson Gen5 Detect is één van de beste steelstofzuigers van dit moment. Lees maar eens deze positieve reviews van meerdere testers. Naar eigen zeggen ontwikkelde het gerenommeerde stofzuigermerk voor dit product zijn krachtigste motor ooit. Met een toerental van 135 duizend rotaties per minuut en vermogen van 280 watt ervaren gebruikers dan ook een hoge zuigkracht. Je activeert tijdens jouw schoonmaakrondje door het huis desgewenst laserdetectie. Zo zie je zelfs minuscule stofdeeltjes op een harde vloer liggen. Hoe meer vuil de Gen5 Detect aantreft, hoe hoger de ingestelde zuigkracht. Dat werkt automatisch!

In de behuizing bevindt zich een oplaadbare accu met een hoge capaciteit. Dyson claimt een werktijd van zeventig minuten zonder dat je hierbij verlies van zuigkracht ervaart. Een interessante toevoeging is het geïntegreerde display. Daarop bekijk je het aantal opgezogen deeltjes. Verder verschijnen op dit scherm ook eventuele onderhoudsmeldingen. Voor allergische mensen is het aanwezige HEPA-filter een uitkomst, want dat vangt pollen en huisstofmijt op . Zoals je van een product in deze prijsklasse mag verwachten, levert Dyson nuttige accessoires mee. Je vindt in de verpakking onder andere een gemotoriseerde vloerzuigmond en mini-turboborstel.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.