ID.nl logo
Printen in de cloud: wat is het en hoe werkt het?
© REDPIXEL - stock.adobe.com
Huis

Printen in de cloud: wat is het en hoe werkt het?

De cloud heeft veel dingen in ons dagelijks leven beïnvloed. De manier waarop we printen is daar een goed voorbeeld van. Met cloudprinten kun je eenvoudig documenten afdrukken, waar je ook bent, en vanaf elk apparaat dat je gebruikt – of dat nu je laptop, smartphone of tablet is. Heel makkelijk dus. Maar wat is cloudprinting precies, hoe werkt het, en welke diensten en printers ondersteunen deze technologie?

Dit artikel in het kort: 🖨️ Wat is cloudprinten? 🖨️ Hoe werkt cloudprinten? 🖨️ Voordelen van cloudprinten 🖨️ Populaire cloudprint-diensten 🖨️ Cloudprinten in de praktijk 🖨️ Ondersteunde printers 🖨️ Wat kosten cloudprint-diensten?

Lees ook: Inkjet of laser: welke printer moet je kiezen?

Wat is cloudprinten?

Cloudprinten is een technologie waarmee je documenten en afbeeldingen kunt printen vanaf elk apparaat met een internetverbinding, zonder dat je je fysiek dicht bij de printer hoeft te bevinden. Dit betekent dat je vanaf je smartphone, tablet, laptop of zelfs een desktopcomputer documenten kunt afdrukken, ongeacht waar je bent. Het enige wat je nodig hebt is toegang tot de clouddienst die je printer ondersteunt.

Hoe werkt cloudprinten?

De werking van cloudprinten is eenvoudig. Wanneer je een printopdracht geeft vanaf een apparaat (bijvoorbeeld je laptop of smartphone), wordt het document eerst naar een cloudserver geüpload. Deze cloudserver communiceert vervolgens met de printer die aan dezelfde dienst is gekoppeld. Nadat de opdracht is verwerkt, wordt het document naar de printer gestuurd en geprint.

Hier is een stap-voor-stap uitleg van het proces:
1. Document uploaden: Je kiest een document op je apparaat en selecteert de optie om te printen via de clouddienst.
2. Verbinding met clouddienst: Het document wordt geüpload naar de clouddienst zoals Apple AirPrint of Mopria Print Service.
3. Verwerking in de cloud: De clouddienst verwerkt het document en stuurt de printopdracht naar de juiste printer.
4. Afdrukken: De printer ontvangt de opdracht en print het document uit.

Deze printers ondersteunen Apple Airprint 👇

Voordelen van cloudprinten

Een van de belangrijkste voordelen is de flexibiliteit: je kunt overal printen, of je nu thuis bent, op kantoor, of onderweg. Daarnaast is er het gemak; je hoeft geen drivers te installeren op elk apparaat. Zodra je printer is ingesteld op de clouddienst, kun je vanaf elk apparaat met een internetverbinding printen. Cloudprinten is bovendien multifunctioneel, omdat het doorgaans meerdere soorten bestanden ondersteunt, van tekstdocumenten tot afbeeldingen en zelfs e-mails.

Populaire cloudprint-diensten

Er zijn verschillende cloudprint-diensten, elk met hun eigen kenmerken en voordelen. Hieronder bespreken we enkele van de meest populaire opties.

1. Apple AirPrint

Apple AirPrint is een ingebouwde functie op iOS en macOS waarmee gebruikers draadloos kunnen printen zonder extra software te hoeven installeren. Zolang je printer AirPrint-compatibel is, kun je direct printen vanaf je iPhone, iPad, of Mac. Het is een zeer gebruiksvriendelijke optie, vooral voor mensen die al volop gebruikmaken van het Apple-ecosysteem.

2. Mopria Print Service

Mopria is een universele printoplossing die is ontworpen om draadloos printen eenvoudig te maken vanaf Android-apparaten. Hoewel veel moderne printers de Mopria-standaard ondersteunen, moet je wel de Mopria Print Service-app op je Android-apparaat installeren om van deze functie gebruik te kunnen maken. Zodra de app is geïnstalleerd, kun je eenvoudig printen zonder extra instellingen of specifieke printer-apps.

3. HP ePrint

HP biedt een cloudprint-dienst genaamd ePrint. Met HP ePrint kun je een document eenvoudig naar het unieke e-mailadres van je HP-printer sturen, waarna de printer het automatisch afdrukt. Handig als je even niet bij je eigen apparaten kunt en toch iets wilt afdrukken.

Google en Chromebooks Google Cloud Print was lange tijd een van de meest populaire cloudprint-diensten. Gebruikers konden printen vanaf elk apparaat dat gekoppeld was aan hun Google-account, rechtstreeks naar een compatibele printer. Helaas is Google Cloud Print eind 2020 beëindigd. Heb je een Chromebook, dan heb je gelukkig wel de beschikking over een gelijksoortige optie: CUPS (Common Unix Printing System). Dit systeem is geïntegreerd in Chrome OS en maakt het mogelijk om eenvoudig verbinding te maken met zowel lokale printers als netwerkprinters zonder dat je extra software of drivers hoeft te installeren. Gebruikers kunnen printers via usb of wifi instellen, en Chrome OS herkent automatisch veel printers. Met CUPS kunnen ook cloud-compatibele printers op afstand worden gebruikt, waardoor je vanaf je Chromebook flexibel kunt blijven afdrukken, zelfs zonder Google Cloud Print.

Deze printers ondersteunen Mopria Print Service 👇

Cloudprinten in de praktijk

Stel je voor dat je op weg bent naar een belangrijke vergadering en je realiseert je dat je een document moet afdrukken dat op je laptop staat. Met cloudprinten kun je eenvoudig het document vanaf je smartphone of laptop naar de printer op kantoor sturen, zodat het klaar ligt wanneer je arriveert. Dit bespaart tijd en maakt het werken efficiënter, vooral op de werkvloer.

Ook thuis biedt cloudprinten voordelen. Je kunt bijvoorbeeld vanaf de bank een foto afdrukken vanaf je telefoon zonder op te staan, of zelfs tijdens het reizen documenten naar je printer thuis sturen zodat ze klaarliggen bij thuiskomst. Extra tip: heb je kinderen en wil je opa en oma regelmatig verrassen met de nieuwste foto's? Zet daar dan ook een (foto)printer neer die cloudprinten ondersteunt.

Het verschil tussen cloudprinten en DirectPrint Bij specificaties zie je ook vaak staan dat een printer DirectPrint ondersteunt. Maar dit is niet hetzelfde als cloudprinten. DirectPrint betekent dat je direct vanuit je apparaat naar de printer kunt sturen, zolang beide in hetzelfde netwerk zitten. Dit werkt bijvoorbeeld via wifi of bluetooth. Cloudprinten daarentegen gaat via een online service, waardoor je vanaf elke locatie kunt printen, ongeacht waar de printer zich bevindt, zolang die maar met het internet verbonden is. Cloudprinten biedt dus meer flexibiliteit, terwijl DirectPrint vooral handig is voor lokaal printen zonder internet.

Printpapier nodig?

(zonder dat dat in de papieren loopt?)

©Daniel Krasoń - stock.adobe.com

Ondersteunde printers

Niet alle printers ondersteunen cloudprinten, maar veel moderne modellen doen dat wel. Fabrikanten zoals HP, Canon, Epson en Brother hebben allemaal printers met ingebouwde cloudfuncties. Bij de aanschaf van een nieuwe printer is het belangrijk om te controleren of deze cloudprinten ondersteunt en welke diensten compatibel zijn. Wanneer je bij vergelijkingssite Kieskeurig.nl bijvoorbeeld kijkt bij all-in-one printers, kun je onder 'Opties' filteren op printers die bijvoorbeeld Apple Airprint, Mopria Print Service en HP ePrint ondersteunen. Sommige printers ondersteunen meerdere diensten.

Wat kost dat?

DienstKostenVoorwaarden
Apple AirPrintGratisIngebouwd in iOS en macOS, geen extra software of abonnement nodig.
Mopria Print ServiceGratisMopria Print Service-app gratis beschikbaar in Google Play Store, ondersteund door veel moderne printers.
HP ePrintGratis (basisfunctionaliteit)Mogelijk extra kosten voor premiumdiensten of zakelijke oplossingen.

Conclusie

Of je nu onderweg bent, thuis werkt, of op kantoor zit, met cloudprinten kun je altijd bij je printer. Door te kiezen voor een printer die cloudprinten ondersteunt en een dienst die bij jouw apparaten past, maak je het jezelf een stuk makkelijker. Als je vaak print en de vrijheid wilt om dat vanaf elk apparaat te doen, is het zeker de moeite waard om te investeren in een printer met cloudprintmogelijkheden.

Deze printers ondersteunen HP ePrint 👇

Ook interessant: Nieuwe printer? Zo bereken je eenvoudig zelf de kosten per afdruk

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.