ID.nl logo
Review Fiat 600e - Veel méér dan alleen een leuk smoeltje
© Igor Stuifzand
Mobiliteit

Review Fiat 600e - Veel méér dan alleen een leuk smoeltje

De Fiat 600e is een belangrijke nieuwkomer. Niet alleen voor het Italiaanse merk zelf, dat na heel lange tijd weer eens een nieuw model kan aanbieden in de compacte klasse, maar vooral omdat de 600e – in een prijscategorie met een flink groeiend aanbod – méér te bieden heeft dan alleen zijn knappe koppie. In deze review maken we uitgebreid kennis met de nieuwe elektrische Fiat.

Rampzalig
Conclusie

Op basis van dezelfde techniek die de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric gebruiken, heeft Fiat een auto ontwikkeld met een heel eigen gezicht en een heel eigen karakter. Die bovendien erg prettig rijdt. Net als zijn concerngenoten springt de Fiat 600e efficiënt om met de energievoorraad in de 54kWh-batterij. Fiat heeft de 600e lager geprijsd dan de hierboven genoemde EV's van Peugeot en Jeep, zonder te beknibbelen op de uitrusting of afwerking. De concurrentiestrijd in deze prijscategorie wordt echter wel steeds heviger ...

Plus- en minpunten
  • Design dat niet gaat vervelen
  • Efficiënte aandrijflijn
  • Eenvoudige bediening
  • Prettige rijeigenschappen
  • Op alle uitvoeringen SEPP-subsidie
  • Technisch geen baanbrekende auto
  • Er zijn scherper geprijsde concurrenten
  • Hier en daar goedkope materialen
  • Trekhaak is niet mogelijk

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

In deze review van de Fiat 600e komen de volgende onderwerpen aan bod: • Eerst even een rondje om de Fiat 600e • Is de Fiat 600e een praktische auto? • De accutechniek en aandrijflijn onder de loep • Is het beloofde verbruik in de praktijk haalbaar? • En hoe bevalt de 600e op de weg? • Wat kost de Fiat 600e en wat zit er voor dat geld op? • Wat zijn de concurrenten van de Fiat 600e?

©Igor Stuifzand

Opnieuw heeft Fiat allerlei details van de klassieke 500 in een nieuwe vorm gegoten.

Eerst even een rondje om de Fiat 600e

Heb ik jou niet al eens eerder ergens gezien? Die vraag borrelt onherroepelijk op wanneer je de nieuwe Fiat 600e voor het eerst ziet staan. Maar je hoeft niet aan jezelf te twijfelen: de designers van het Italiaanse merk hebben er een kunst van gemaakt om pakkende details van de klassieke Fiat 500 uit de jaren 50 en 60 (het beroemde 'Rugzakje') elke keer weer in een nieuw, eigentijds en tegelijk tijdloos jasje te steken. Terwijl alle 'retro' elementen helemaal niet geforceerd op het netvlies liggen.

Hoewel er duidelijke gelijkenissen zijn met de uit 2015 stammende Fiat 500X – die gewoon in productie blijft – oogt de nieuwe 600e jong en fris en helemaal van deze tijd. De ronde koplampen met halfgesloten 'oogleden' geven de auto een vriendelijk voorkomen, de achterkant oogt door de kleine hoekige lichtunits juist lekker breed – zodat het niet allemaal te schattig of zoetsappig wordt. Geinig detail: de Italiaanse 'Tricolore' in de achterbumper. Opdat geen misverstand ontstaat over de oorsprong van de 600e.

©Igor Stuifzand

Geen twijfel mogelijk: de Fiat 600e is een Italiaanse auto.

Fiat heeft ervoor gekozen om geen grijstinten meer op de kleurenwaaier van de 600e te zetten. Je kunt de auto bestellen in het wit, rood of een metalliek lak. Daarvoor heeft Fiat beeldende namen als The Sun of Italy (tomaatrood), The Earth of Italy (een beigetint), The Sky of Italy (lichtblauw) en The Sea of Italy (blauwgroen) bedacht. Zwart kan trouwens ook, voor wie het allemaal niet zo bont en kleurrijk hoeft. Kies je voor de La Prima, dan hoef je niet bij te betalen voor de oranjerode lak.

©Igor Stuifzand

In de 600e La Prima zorgt de ivoorwitte kleurstelling voor een ruimtelijk geheel.

Het interieur van de Fiat 600e is geheel in lijn met het buitendesign. Afgeronde vormen overheersen. In de uitvoering La Prima zijn de stoelen bekleed met ivoorkleurig kunstleer, waarin over de gehele rugleuning en zitting met turquoise draad het Fiat-logo is geborduurd. De ivoorkleur keert bij de La Prima terug op het dashboard. Kies je voor de goedkopere en minder rijk uitgevoerde Red, dan krijg je zwarte stoffen stoelbekleding en een rode sierlijst op het dashboard.

Centraal op het dashboard is een 10,25-inch touchscreen geplaatst voor de bediening van alle multimedia en tal van rij- en veiligheidsfuncties. Net als in de kleine Fiat 500e en de Jeep Avenger stel je aircovoorkeuren in met afzonderlijke fysieke knoppen en ook de rijrichting bepaal je door een knopje op het dashboard in te drukken. Een eenvoudige oplossing, die prima werkt.

©Igor Stuifzand

Het multimediasysteem van de 600e is eenvoudig te bedienen.

Is de Fiat 600e een praktische auto?

De Fiat 600e deelt zijn platform met de andere compacte SUV's uit het Stellantis-aanbod: de Peugeot e-2008, Opel Mokka Electric, genoemde Jeep Avenger Full-Electric en DS 3 E-Tense. Al deze modellen hebben ongeveer dezelfde afmetingen: de Fiat 600e heeft een lengte van 4,17 meter en een hoogte van 1,52 meter, de afstand tussen de voor- en de achteras (de wielbasis) meet 2,56 meter.

Bij modellen uit deze compacte klasse kan natuurlijk niet meer binnenruimte worden gecreëerd dan de buitenmaten toelaten. Voor een auto van 4,17 meter lang heeft de Fiat 600e een verrassende hoeveelheid bewegingsvrijheid te bieden. Vier volwassenen passen er prima in. Echter wel met het voorbehoud dat ze niet allemaal 1,90 meter of langer zijn, want dan komen er toch wat knieën in de knel. De hoofdruimte is overal toereikend.

©Igor Stuifzand

Voor een auto met een lengte van 4,17 meter is de Fiat 600e relatief ruim.

Hetzelfde verhaal gaat op voor de bagageruimte. Voor een auto uit de compacte klasse is een laadvolume van 360 liter helemaal niet verkeerd. De vloer van de kofferbak is in hoogte verstelbaar, zodat de (zanderige) laadkabel apart van je luxe reistassen kan worden opgeborgen. Hoeveel bagage er mee kan als de rugleuning van de achterbank (in twee ongelijke delen) is neergeklapt, vertelt Fiat niet. Als we een gokje mogen wagen, houden we het bij zo'n 1.200 liter.

©Igor Stuifzand

Met de achterbank in stelling past er 360 liter achter in de Fiat 600e.

Net als bij de Peugeot e-2008 en de Jeep Avenger Full-Electric kan er onder de elektrisch aangedreven Fiat 600e geen trekhaak worden gemonteerd. Dat beperkt de praktische gebruiksmogelijkheden van de auto: alleen op dak kan extra vracht mee, in de vorm van een dakkoffer of een fietsenrek.

Rond de bestuurdersstoel kun je trouwens heel wat kleine spulletjes kwijt. Onder de oprolbare flap over de middenconsole, die sterk doet denken aan de beschermhoes van een tablet, vind je een groot opbergvak. Omdat de elektromotor van de Fiat 600e voorin ligt en de voorwielen aandrijft, kon er onder de voorklep geen extra laadruimte worden gecreëerd.

©Igor Stuifzand

Onder het oprolbare hoesje op de middenconsole is een groot opbergvak te vinden.

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

De accutechniek en aandrijflijn onder de loep

Zoals vermeld: de Fiat 600e staat op hetzelfde platform als de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric, en maakt zodoende gebruik van dezelfde batterij- en aandrijftechnologie. Het gaat om een upgrade van de batterij en motor die in de eerste compacte EV's van Peugeot, Citroën, DS Automobiles en Opel werden gebruikt. Daarbij werd de batterijcapaciteit vergroot van 50 naar 54 kWh, en het motorvermogen van 136 pk werd opgeschroefd naar 156 pk.

©Igor Stuifzand

Voorin ligt een 156 pk sterke elektromotor, die de voorwielen aandrijft.

Met deze 54kWh-batterij (netto: 51 kWh) ligt een hoogste laadsnelheid van 100 kW binnen bereik. Prima, voor een auto uit deze prijsklasse. Het laadvermogen loopt bij zo'n 30 procent SoC ('state of charge') echter al terug naar circa 75 kW, terwijl bij 65 procent SoC nog maar net 50 kW wordt gehaald. Dankzij het compacte formaat van de batterij duurt het echter krap een halfuurtje om van 10 naar 80 procent 'state of charge' (SoC) op te laden. Niet grensverleggend, maar beslist acceptabel. Op een volle accu kom je ruim 400 kilometer vooruit, zo belooft Fiat.

©Igor Stuifzand

De laadpoort van de Fiat 600e zit linksachter, wat ons betreft niet de meest ideale plek.

De elektromotor brengt een maximum vermogen van 156 pk en een hoogste koppel van 260 Nm over op de aangedreven voorwielen. Daarmee bereikt de Fiat 600e keurige prestaties. Vanuit stilstand zit je in 9,0 seconden op 100 km/h. Misschien is dat naar sommige EV-maatstaven niet indrukwekkend, maar in de dagelijkse praktijk kun je uitstekend met het overige verkeer meekomen.

Het maximum vermogen van de elektromotor is trouwens afhankelijk van het gekozen rijprogramma. Alleen in de Sport-stand krijg je het volledige aantal pk's. Blijf je in Normaal, dan is het vermogen naar 109 pk teruggeschroefd. In Eco resteert daarvan nog maar 82 pk. Afdoende voor in de stad en gunstig voor het verbruik, maar in veel situaties kom je daarmee vermogen tekort. Je kunt door de D-knop twee keer in te drukken kiezen voor regeneratief remmen, hoewel het zelfremmend vermogen beperkt is. In elk geval behoort 'one-pedal driving' niet tot de mogelijkheden.

©Igor Stuifzand

Ondanks de donkere wielkuipranden en dorpellijsten probeert de 600e geen SUV te zijn.

Is het beloofde verbruik in de praktijk haalbaar?

Voor een goede verbruiksindicatie rijden we met elke elektrische testauto dezelfde route van 170 kilometer. Deze route leidt door de stad met veel verkeer en verkeerslichten, via provinciale en secundaire wegen en over enkele snelwegtrajecten, waar we de cruisecontrol op 100 km/u en 130 km/u vastzetten. We leggen onze verbruiksronde na de avondspits af, om bij 130 km/u geen snelheidsovertredingen te riskeren en druk (vracht)verkeer zoveel mogelijk te ontlopen. We maken van de verbruikstest geen race of recordpoging 'zuinig rijden', en proberen met elke testauto zoveel mogelijk dezelfde rijstijl aan te houden. We zetten de airco op 21 graden en kiezen voor maximaal regeneratief remmen, indien mogelijk op 'one-pedal driving'.

Hoe zit dat dan met het praktijkverbruik van de Fiat 600e? De elektrische aandrijflijn van de compacte EV's uit de Stellantis-stal hebben immers de reputatie dat er vooral bij lage temperaturen veel energie verloren gaat, waardoor de modellen bij lange na niet in de buurt komen van het officieel opgegeven WLTP-verbruik of de beloofde actieradius.

Maar dat is met de upgrade van de batterij- en aandrijftechnologie definitief verleden tijd, zo hebben we inmiddels in meerdere Stellantis-EV's aan den lijve ondervonden. Berekend volgens de genormeerde WLTP-formule, is het gemiddelde stroomverbruik van de Fiat 600e vastgesteld op 15,2 kWh/100 km. Met een bruikbare batterijcapaciteit van 51 kWh zou een actieradius van 409 kilometer haalbaar zijn. Dat wil zeggen: onder de voor de batterij meest gunstige bedrijfsomstandigheden.

©Igor Stuifzand

Met een volle batterij, begint de boordcomputer altijd met een actieradius van zo'n 400 kilometer.

Wij testten de Fiat 600e in februari, officieel dus in de winter. Nu noteert het KNMI tegenwoordig maandelijks nieuwe warmterecords, en dat pakt voor de energiebehoefte van een EV gunstig uit. Het kost de batterijmodules immers minder moeite om op een ideale bedrijfstemperatuur te komen dan bij vrieskou of extreme hitte, terwijl de airco geen groot temperatuurverschil tussen buiten en binnen hoeft te overbruggen.

Met 8 graden op de boordcomputer is er geen sprake van Elfstedenkoorts, wanneer we met de Fiat 600e onze vaste verbruiksronde afleggen. De auto moet echter opboksen tegen ander natuurverschijnselen: een krachtige westenwind met windstoten van kracht 6 tot 7. Tijdens de 20 kilometer lange snelwegetappe die we (net als bij elke andere test-EV) rijden met de cruisecontrol op 130 km/h, krijgt de 600e de wind vol op zijn bolle neus.

©Igor Stuifzand

Overal 600-logo's: in de wielen, op de dorpels, bij de koplampen, op de neus en in de achterbumper.

Ondanks zijn krachtsinspanningen blijft de 600e zuinig met de stroomreserves omspringen. Wanneer we de auto na 170 kilometer weer thuis voor de deur parkeren, geeft de boordcomputer een gemiddelde van 17,9 kWh/100 km aan. Op minder stormachtige dagen kan dat eenvoudig worden overtroffen; de technisch identieke Jeep Avenger heeft al aangetoond dat het veel zuiniger kan. Met 51 kWh als bruikbare batterijcapaciteit is op basis van het door ons gerealiseerde verbruik een actieradius van 285 kilometer haalbaar. Maar ook daar is gemakkelijk meer van te maken.

©Igor Stuifzand

Met zijn uitgewogen onderstel is de Fiat 600e een prettige kilometervreter.

En hoe bevalt de Fiat 600e op de weg?

Wanneer je voor de eerste keer achter het stuur stapt van de Fiat 600e, word je aangenaam verrast door de prettige comfortabele stoel en de fijne zithouding achter het kleine, dikke stuur. De overzichtelijkheid van het dashboard is goed, de digitale weergave van alle informatie is duidelijk en gemakkelijk leesbaar. Om het verblijf aan boord verder te veraangenamen, heeft de 600e La Prima zelfs standaard stoelmassage. De afwerking van het interieur is in orde, het materiaalgebruik – met ivoorwit kunstleer en zwart (hard) kunststof – is oké.

©Igor Stuifzand

Comfortabele stoelen, die in de La Prima een massagefunctie (alleen de bestuurder) en verwarming hebben.

Hoewel de Fiat 600e onderhuids identiek is aan de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric, rijdt de auto behoorlijk anders. De Peugeot blaast het spreekwoordelijke Franse veercomfort nieuw leven in, terwijl de Jeep Avenger door zijn stugge onderstel een behoorlijk springerige auto is. Alsof je in een heuse offroader onderweg bent, en dat past uitstekend bij het stoere imago van het Amerikaanse merk.

En de Fiat 600e? Die zit precies tussen de Peugeot en de Jeep in. Zijn onderstel is minder op souplesse afgestemd dan dat van de e-2008, maar zo onrustig als de Avenger gedraagt hij zich zeker niet. Fiat heeft voor de gulden middenweg gekozen, en dat pakt wat ons betreft positief uit. Hoewel de 600e erg licht stuurt, maakt hij zowel op de snelweg als op hobbelige B-weggetjes een uitgewogen indruk.

Met 156 pk in het Sport-programma weet de 600e zich in het verkeer uitstekend staande te houden. Natuurlijk: er zijn snellere EV's. Mede dankzij zijn lage gewicht van 1495 kilo, hebben we met de Fiat gedurende de testweek echter geen moment het gevoel gehad dat de auto tekortschiet. Voor de sportieve automobilist die meer wil, zit er trouwens een snellere versie aan te komen, met 240 pk op alle vier de wielen. Die komt op de markt als Abarth 600e.

©Igor Stuifzand

Drie rijprogramma's: Eco, Normaal en Sport. Alleen in Sport beschik je over de volledige 156 pk.

Wat kost de Fiat 600e en wat zit er voor dat geld op?

Vooralsnog is de Fiat 600e in één batterij- en vermogensvariant verkrijgbaar. Er bestaat keuze uit twee uitrustingsniveaus: de Red en de La Prima. Dat maakt de prijslijst erg overzichtelijk. De 600e Red kost 35.990 euro, de La Prima wordt voor 40.990 euro aangeboden. Met die bedragen komen beide versies eenvoudig in aanmerking voor SEPP-aanschafsubsidie. Daarvoor geldt immers 45.000 euro als maximum aankoopbedrag.

De 600e Red kan beslist niet worden beschouwd als een tot op het bot uitgeklede instapper. Goed, hij staat op stalen 16-inch wielen met plastic doppen, maar met een rode sierlijst over het dashboard, automatische airconditioning, led-koplampen, Apple CarPlay en Android Auto, cruisecontrol en online verbinding met Uconnect-services, word je ook in de Red-uitvoering in de watten gelegd.

©Igor Stuifzand

Standaard staat de 600e Red op 16-inch wielen van staal, de La Prima heeft deze mooie 18-inch lichtmetalen wielen.

Voor 5000 euro meer mag je van de duurdere La Prima echter een waslijst aan extra's verwachten. De ivoorwitte kunstleren bekleding en stoelmassage aan de bestuurderszijde hebben we al genoemd, het multimediasysteem is uitgebreid met standaard navigatie. De La Prima staat op 18-inch lichtmetalen wielen. De auto heeft verder donkergetint privacy glass voor de achterpassagiers, een parkeercamera, elektrische stoelverstelling voor de bestuurder, stoelverwarming, een audiosysteem met zes speakers (in plaats van vier), de dubbele laadvloer, een automatisch bediende achterklep en adaptieve cruisecontrol.

De veiligheidsuitrusting van de 600e Red omvat alleen de meest essentiële zaken, zoals een automatische noodremfunctie en vermoeidheidsherkenning. De La Prima voegt daar een grootlichtassistent, adaptieve cruisecontrol, actieve rijbaanassistentie, dodehoekwaarschuwing en verkeersbordherkenning aan toe.

©Igor Stuifzand

De Fiat 600e is een vrolijke, vriendelijke verschijning. Kies je voor de La Prima, dan is de oranjerode metallic lak standaard.

Wat zijn de concurrenten van de Fiat 600e?

In de prijsklasse tussen de 35.000 en de 40.000 euro heeft de EV-koper veel keuze. Alleen al bij de Stellantis-merken, die allemaal gebruikmaken van dezelfde technologie, is het aanbod zeer gevarieerd: Citroën ë-C4, DS 3 E-Tense, Opel Mokka Electric, Jeep Avenger Full-Electric, Peugeot e-2008 – en daar komt binnenkort de Alfa Romeo Milano nog bij. Alleen in eigen huis is er al een groot aantal alternatieven voor de Fiat 600e, hoewel die doorgaans allemaal iets hoger geprijsd zijn.

Maar er zijn meer modellen die in dezelfde vijver vissen als de Fiat 600e. Zoals de Volvo EX30, misschien wel een van de meest spraakmakende EV's van de laatste tijd. Dat model deelt op zijn beurt weer technologie met de Smart #1. Volkswagen heeft de ID.3, Cupra de Born en Renault de Megane E-Tech Electric. De Hyundai Kona Electric en Kia Niro EV zijn in basistrim net zo duur als de Fiat 600e La Prima. De uit China afkomstige MG 4 Electric en BYD Dolphin zitten met een gelijkwaardig motorvermogen duidelijk onder de prijs van de Fiat 600e.

©Igor Stuifzand

Fiat heeft de prijs van de 600e een paar duizend euro onder die van de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger gehouden.

🚘🔌 Vergroot je actieradius: volg ons op Facebook!


Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025
© TP-Link
Huis

Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025

Wat maakt een mesh wifi systeem de allerbeste van het jaar? Natuurlijk, je kunt afgaan op specificaties, maar die zeggen niet alles. Je hebt veel meer aan eerlijke reviews. Het TP-Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7-systeem is door consumenten op Kieskeurig.nl verkozen tot Best Reviewed van het Jaar 2025 in de categorie routers. Wat deze router zo bijzonder maakt, lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - in samenwerking met TP-Link

Best Reviewed 2025: de strengste jury van Nederland

Op Kieskeurig.nl delen elke dag duizenden mensen eerlijke ervaringen met producten die ze écht gebruiken. Die collectieve feedback vormt de basis voor de Best Reviewed‑awards: producten die zich het hele jaar lang in de praktijk hebben bewezen en keer op keer hoge tevredenheid laten zien bij echte gebruikers. Het gaat dus niet om mooie beloftes en marketingtaal, maar om wat mensen dagelijks merken in de praktijk: is het apparaat betrouwbaar? Doet het wat het moet doen? Is het makkelijk in gebruik? De strengste jury van Nederland heeft gesproken: in de categorie Routers werd de TP‑Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7 uitgeroepen tot dé favoriet van 2025.

Wat maakt de TP-Link Deco BE25 zo bijzonder?

Wat dit mesh-systeem technisch zo aantrekkelijk maakt, is de combinatie van moderne wifi-technologie en slimme netwerkfuncties. De TP-Link Deco BE25 ondersteunt Dual-Band WiFi 7 met een gecombineerde snelheid tot 3,6 Gbps, waardoor bandbreedte-intensieve toepassingen zoals 4K-streaming en online gaming soepel verlopen. Elke unit is bovendien voorzien van twee 2,5 Gbps-bekabelde poorten, wat zorgt voor maximale doorvoercapaciteit en flexibele aansluitmogelijkheden voor bijvoorbeeld een NAS, pc of gameconsole.

Een ander sterk punt is de mogelijkheid tot gecombineerde bekabelde en draadloze backhaul: dit zorgt ervoor dat de verbinding tussen de verschillende wifi-punten niet alleen snel, maar ook uiterst stabiel is, met minder latentie. Dankzij Multi-Link Operation (MLO) wordt data via meerdere frequentiebanden en kanalen tegelijk verzonden, wat zowel de betrouwbaarheid als de snelheid van het netwerk ten goede komt.

Daarnaast zorgt AI-gestuurde roaming ervoor dat je apparaten automatisch verbinden met het sterkste wifi-punt, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Met TP-Link HomeShield beschik je over uitgebreide netwerkbeveiliging, waaronder realtime IoT-beveiliging en ouderlijk toezicht. Tot slot is het systeem universeel compatibel met alle internetproviders, modems én eerdere Deco-modellen, zodat je eenvoudig kunt uitbreiden of upgraden.

Dankzij deze optelsom van slimme functies is de TP-Link Deco BE25 een toekomstbestendige keuze voor iedereen die thuis wil genieten van stabiele, snelle en veilige wifi overal in huis.

©TP-Link

TP-Link Deco BE25: waarom gebruikers zo tevreden zijn

De titel Best Reviewed van het Jaar 2025 is gebaseerd op wat gebruikers in het dagelijks gebruik écht belangrijk vinden: betrouwbaarheid, gebruiksgemak en prestaties. Juist op die vlakken scoort dit mesh-systeem keer op keer hoog.

Dat begint al met het installatieproces. Gebruikers geven aan dat het instellen van de set bijzonder eenvoudig is. "De installatie was erg eenvoudig dankzij de intuïtieve Deco-app, waarbij het systeem binnen een paar minuten operationeel was." Ook de snelheid en prestaties vallen in de smaak. De reacties liegen er niet om: "Ik was gelijk onder de indruk van de snelheid, op sommige plekken in huis haal ik met gemak 400 Mbps." En: "De snelheid is werkelijk top: zelfs in de verste hoeken van het huis blijft de verbinding stabiel en razendsnel."

Dat is mede te danken aan de sterke mesh-dekking en de soepele roaming tussen de units. Een gebruiker vat het krachtig samen: "De mesh WiFi zorgt voor een sterke en stabiele verbinding in het hele huis. Zelfs op zolder blijft de snelheid hoog en zonder haperingen." Anderen merken op dat apparaten automatisch overschakelen naar het dichtstbijzijnde wifi-punt: "Alle apparaten melden zich netjes aan bij het punt dat het dichtste in de buurt is. Telefoons schakelen vloeiend over."

De algehele gebruikservaring wordt bovendien als zeer positief ervaren. Niet alleen vanwege de prestaties, maar ook dankzij de handige app-functies. "Overal in huis een stabiele verbinding. De app biedt handige functies zoals apparaatbeheer en statusweergave," aldus een reviewer. En over de nieuwe WiFi 7-technologie zegt iemand: "Dankzij WiFi 7 profiteer je van extreem hoge doorvoersnelheden en minimale latency, ideaal voor gamen, streamen en zware downloads."

Hoewel er hier en daar kleine opmerkingen zijn - zoals dat de snelheidswinst van WiFi 7 niet altijd zichtbaar is op oudere apparaten - overheerst de positieve toon duidelijk. Wat consumenten vooral waarderen, is hoe de TP-Link Deco BE25 hun wifi-ervaring in huis structureel verbetert: minder uitval, meer snelheid en stabiel internet in elke ruimte. Dat maakt het tot een set waar je echt op kunt bouwen.

©TP-Link

Een eerlijk oordeel

De TP‑Link Deco BE25 combineert technische kracht met eenvoud en gebruiksgemak - precies wat veel consumenten zoeken in hun thuisnetwerk. Door de combinatie van snelle prestaties, brede dekking en een intuïtieve app‑gestuurde installatie verdient dit systeem de titel Best Reviewed van het Jaar 2025. Of je nu een groot huis hebt, meerdere apparaten tegelijk gebruikt of gewoon een stabielere en snellere wifi‑ervaring wilt: de TP-Link Deco BE25 is volgens gebruikers een uitstekende keuze.

Ontdek de TP‑Link Deco BE25 op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend