ID.nl logo
Review Fiat 600e - Veel méér dan alleen een leuk smoeltje
© Igor Stuifzand
Mobiliteit

Review Fiat 600e - Veel méér dan alleen een leuk smoeltje

De Fiat 600e is een belangrijke nieuwkomer. Niet alleen voor het Italiaanse merk zelf, dat na heel lange tijd weer eens een nieuw model kan aanbieden in de compacte klasse, maar vooral omdat de 600e – in een prijscategorie met een flink groeiend aanbod – méér te bieden heeft dan alleen zijn knappe koppie. In deze review maken we uitgebreid kennis met de nieuwe elektrische Fiat.

Rampzalig
Conclusie

Op basis van dezelfde techniek die de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric gebruiken, heeft Fiat een auto ontwikkeld met een heel eigen gezicht en een heel eigen karakter. Die bovendien erg prettig rijdt. Net als zijn concerngenoten springt de Fiat 600e efficiënt om met de energievoorraad in de 54kWh-batterij. Fiat heeft de 600e lager geprijsd dan de hierboven genoemde EV's van Peugeot en Jeep, zonder te beknibbelen op de uitrusting of afwerking. De concurrentiestrijd in deze prijscategorie wordt echter wel steeds heviger ...

Plus- en minpunten
  • Design dat niet gaat vervelen
  • Efficiënte aandrijflijn
  • Eenvoudige bediening
  • Prettige rijeigenschappen
  • Op alle uitvoeringen SEPP-subsidie
  • Technisch geen baanbrekende auto
  • Er zijn scherper geprijsde concurrenten
  • Hier en daar goedkope materialen
  • Trekhaak is niet mogelijk

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

In deze review van de Fiat 600e komen de volgende onderwerpen aan bod: • Eerst even een rondje om de Fiat 600e • Is de Fiat 600e een praktische auto? • De accutechniek en aandrijflijn onder de loep • Is het beloofde verbruik in de praktijk haalbaar? • En hoe bevalt de 600e op de weg? • Wat kost de Fiat 600e en wat zit er voor dat geld op? • Wat zijn de concurrenten van de Fiat 600e?

©Igor Stuifzand

Opnieuw heeft Fiat allerlei details van de klassieke 500 in een nieuwe vorm gegoten.

Eerst even een rondje om de Fiat 600e

Heb ik jou niet al eens eerder ergens gezien? Die vraag borrelt onherroepelijk op wanneer je de nieuwe Fiat 600e voor het eerst ziet staan. Maar je hoeft niet aan jezelf te twijfelen: de designers van het Italiaanse merk hebben er een kunst van gemaakt om pakkende details van de klassieke Fiat 500 uit de jaren 50 en 60 (het beroemde 'Rugzakje') elke keer weer in een nieuw, eigentijds en tegelijk tijdloos jasje te steken. Terwijl alle 'retro' elementen helemaal niet geforceerd op het netvlies liggen.

Hoewel er duidelijke gelijkenissen zijn met de uit 2015 stammende Fiat 500X – die gewoon in productie blijft – oogt de nieuwe 600e jong en fris en helemaal van deze tijd. De ronde koplampen met halfgesloten 'oogleden' geven de auto een vriendelijk voorkomen, de achterkant oogt door de kleine hoekige lichtunits juist lekker breed – zodat het niet allemaal te schattig of zoetsappig wordt. Geinig detail: de Italiaanse 'Tricolore' in de achterbumper. Opdat geen misverstand ontstaat over de oorsprong van de 600e.

©Igor Stuifzand

Geen twijfel mogelijk: de Fiat 600e is een Italiaanse auto.

Fiat heeft ervoor gekozen om geen grijstinten meer op de kleurenwaaier van de 600e te zetten. Je kunt de auto bestellen in het wit, rood of een metalliek lak. Daarvoor heeft Fiat beeldende namen als The Sun of Italy (tomaatrood), The Earth of Italy (een beigetint), The Sky of Italy (lichtblauw) en The Sea of Italy (blauwgroen) bedacht. Zwart kan trouwens ook, voor wie het allemaal niet zo bont en kleurrijk hoeft. Kies je voor de La Prima, dan hoef je niet bij te betalen voor de oranjerode lak.

©Igor Stuifzand

In de 600e La Prima zorgt de ivoorwitte kleurstelling voor een ruimtelijk geheel.

Het interieur van de Fiat 600e is geheel in lijn met het buitendesign. Afgeronde vormen overheersen. In de uitvoering La Prima zijn de stoelen bekleed met ivoorkleurig kunstleer, waarin over de gehele rugleuning en zitting met turquoise draad het Fiat-logo is geborduurd. De ivoorkleur keert bij de La Prima terug op het dashboard. Kies je voor de goedkopere en minder rijk uitgevoerde Red, dan krijg je zwarte stoffen stoelbekleding en een rode sierlijst op het dashboard.

Centraal op het dashboard is een 10,25-inch touchscreen geplaatst voor de bediening van alle multimedia en tal van rij- en veiligheidsfuncties. Net als in de kleine Fiat 500e en de Jeep Avenger stel je aircovoorkeuren in met afzonderlijke fysieke knoppen en ook de rijrichting bepaal je door een knopje op het dashboard in te drukken. Een eenvoudige oplossing, die prima werkt.

©Igor Stuifzand

Het multimediasysteem van de 600e is eenvoudig te bedienen.

Is de Fiat 600e een praktische auto?

De Fiat 600e deelt zijn platform met de andere compacte SUV's uit het Stellantis-aanbod: de Peugeot e-2008, Opel Mokka Electric, genoemde Jeep Avenger Full-Electric en DS 3 E-Tense. Al deze modellen hebben ongeveer dezelfde afmetingen: de Fiat 600e heeft een lengte van 4,17 meter en een hoogte van 1,52 meter, de afstand tussen de voor- en de achteras (de wielbasis) meet 2,56 meter.

Bij modellen uit deze compacte klasse kan natuurlijk niet meer binnenruimte worden gecreëerd dan de buitenmaten toelaten. Voor een auto van 4,17 meter lang heeft de Fiat 600e een verrassende hoeveelheid bewegingsvrijheid te bieden. Vier volwassenen passen er prima in. Echter wel met het voorbehoud dat ze niet allemaal 1,90 meter of langer zijn, want dan komen er toch wat knieën in de knel. De hoofdruimte is overal toereikend.

©Igor Stuifzand

Voor een auto met een lengte van 4,17 meter is de Fiat 600e relatief ruim.

Hetzelfde verhaal gaat op voor de bagageruimte. Voor een auto uit de compacte klasse is een laadvolume van 360 liter helemaal niet verkeerd. De vloer van de kofferbak is in hoogte verstelbaar, zodat de (zanderige) laadkabel apart van je luxe reistassen kan worden opgeborgen. Hoeveel bagage er mee kan als de rugleuning van de achterbank (in twee ongelijke delen) is neergeklapt, vertelt Fiat niet. Als we een gokje mogen wagen, houden we het bij zo'n 1.200 liter.

©Igor Stuifzand

Met de achterbank in stelling past er 360 liter achter in de Fiat 600e.

Net als bij de Peugeot e-2008 en de Jeep Avenger Full-Electric kan er onder de elektrisch aangedreven Fiat 600e geen trekhaak worden gemonteerd. Dat beperkt de praktische gebruiksmogelijkheden van de auto: alleen op dak kan extra vracht mee, in de vorm van een dakkoffer of een fietsenrek.

Rond de bestuurdersstoel kun je trouwens heel wat kleine spulletjes kwijt. Onder de oprolbare flap over de middenconsole, die sterk doet denken aan de beschermhoes van een tablet, vind je een groot opbergvak. Omdat de elektromotor van de Fiat 600e voorin ligt en de voorwielen aandrijft, kon er onder de voorklep geen extra laadruimte worden gecreëerd.

©Igor Stuifzand

Onder het oprolbare hoesje op de middenconsole is een groot opbergvak te vinden.

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

De accutechniek en aandrijflijn onder de loep

Zoals vermeld: de Fiat 600e staat op hetzelfde platform als de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric, en maakt zodoende gebruik van dezelfde batterij- en aandrijftechnologie. Het gaat om een upgrade van de batterij en motor die in de eerste compacte EV's van Peugeot, Citroën, DS Automobiles en Opel werden gebruikt. Daarbij werd de batterijcapaciteit vergroot van 50 naar 54 kWh, en het motorvermogen van 136 pk werd opgeschroefd naar 156 pk.

©Igor Stuifzand

Voorin ligt een 156 pk sterke elektromotor, die de voorwielen aandrijft.

Met deze 54kWh-batterij (netto: 51 kWh) ligt een hoogste laadsnelheid van 100 kW binnen bereik. Prima, voor een auto uit deze prijsklasse. Het laadvermogen loopt bij zo'n 30 procent SoC ('state of charge') echter al terug naar circa 75 kW, terwijl bij 65 procent SoC nog maar net 50 kW wordt gehaald. Dankzij het compacte formaat van de batterij duurt het echter krap een halfuurtje om van 10 naar 80 procent 'state of charge' (SoC) op te laden. Niet grensverleggend, maar beslist acceptabel. Op een volle accu kom je ruim 400 kilometer vooruit, zo belooft Fiat.

©Igor Stuifzand

De laadpoort van de Fiat 600e zit linksachter, wat ons betreft niet de meest ideale plek.

De elektromotor brengt een maximum vermogen van 156 pk en een hoogste koppel van 260 Nm over op de aangedreven voorwielen. Daarmee bereikt de Fiat 600e keurige prestaties. Vanuit stilstand zit je in 9,0 seconden op 100 km/h. Misschien is dat naar sommige EV-maatstaven niet indrukwekkend, maar in de dagelijkse praktijk kun je uitstekend met het overige verkeer meekomen.

Het maximum vermogen van de elektromotor is trouwens afhankelijk van het gekozen rijprogramma. Alleen in de Sport-stand krijg je het volledige aantal pk's. Blijf je in Normaal, dan is het vermogen naar 109 pk teruggeschroefd. In Eco resteert daarvan nog maar 82 pk. Afdoende voor in de stad en gunstig voor het verbruik, maar in veel situaties kom je daarmee vermogen tekort. Je kunt door de D-knop twee keer in te drukken kiezen voor regeneratief remmen, hoewel het zelfremmend vermogen beperkt is. In elk geval behoort 'one-pedal driving' niet tot de mogelijkheden.

©Igor Stuifzand

Ondanks de donkere wielkuipranden en dorpellijsten probeert de 600e geen SUV te zijn.

Is het beloofde verbruik in de praktijk haalbaar?

Voor een goede verbruiksindicatie rijden we met elke elektrische testauto dezelfde route van 170 kilometer. Deze route leidt door de stad met veel verkeer en verkeerslichten, via provinciale en secundaire wegen en over enkele snelwegtrajecten, waar we de cruisecontrol op 100 km/u en 130 km/u vastzetten. We leggen onze verbruiksronde na de avondspits af, om bij 130 km/u geen snelheidsovertredingen te riskeren en druk (vracht)verkeer zoveel mogelijk te ontlopen. We maken van de verbruikstest geen race of recordpoging 'zuinig rijden', en proberen met elke testauto zoveel mogelijk dezelfde rijstijl aan te houden. We zetten de airco op 21 graden en kiezen voor maximaal regeneratief remmen, indien mogelijk op 'one-pedal driving'.

Hoe zit dat dan met het praktijkverbruik van de Fiat 600e? De elektrische aandrijflijn van de compacte EV's uit de Stellantis-stal hebben immers de reputatie dat er vooral bij lage temperaturen veel energie verloren gaat, waardoor de modellen bij lange na niet in de buurt komen van het officieel opgegeven WLTP-verbruik of de beloofde actieradius.

Maar dat is met de upgrade van de batterij- en aandrijftechnologie definitief verleden tijd, zo hebben we inmiddels in meerdere Stellantis-EV's aan den lijve ondervonden. Berekend volgens de genormeerde WLTP-formule, is het gemiddelde stroomverbruik van de Fiat 600e vastgesteld op 15,2 kWh/100 km. Met een bruikbare batterijcapaciteit van 51 kWh zou een actieradius van 409 kilometer haalbaar zijn. Dat wil zeggen: onder de voor de batterij meest gunstige bedrijfsomstandigheden.

©Igor Stuifzand

Met een volle batterij, begint de boordcomputer altijd met een actieradius van zo'n 400 kilometer.

Wij testten de Fiat 600e in februari, officieel dus in de winter. Nu noteert het KNMI tegenwoordig maandelijks nieuwe warmterecords, en dat pakt voor de energiebehoefte van een EV gunstig uit. Het kost de batterijmodules immers minder moeite om op een ideale bedrijfstemperatuur te komen dan bij vrieskou of extreme hitte, terwijl de airco geen groot temperatuurverschil tussen buiten en binnen hoeft te overbruggen.

Met 8 graden op de boordcomputer is er geen sprake van Elfstedenkoorts, wanneer we met de Fiat 600e onze vaste verbruiksronde afleggen. De auto moet echter opboksen tegen ander natuurverschijnselen: een krachtige westenwind met windstoten van kracht 6 tot 7. Tijdens de 20 kilometer lange snelwegetappe die we (net als bij elke andere test-EV) rijden met de cruisecontrol op 130 km/h, krijgt de 600e de wind vol op zijn bolle neus.

©Igor Stuifzand

Overal 600-logo's: in de wielen, op de dorpels, bij de koplampen, op de neus en in de achterbumper.

Ondanks zijn krachtsinspanningen blijft de 600e zuinig met de stroomreserves omspringen. Wanneer we de auto na 170 kilometer weer thuis voor de deur parkeren, geeft de boordcomputer een gemiddelde van 17,9 kWh/100 km aan. Op minder stormachtige dagen kan dat eenvoudig worden overtroffen; de technisch identieke Jeep Avenger heeft al aangetoond dat het veel zuiniger kan. Met 51 kWh als bruikbare batterijcapaciteit is op basis van het door ons gerealiseerde verbruik een actieradius van 285 kilometer haalbaar. Maar ook daar is gemakkelijk meer van te maken.

©Igor Stuifzand

Met zijn uitgewogen onderstel is de Fiat 600e een prettige kilometervreter.

En hoe bevalt de Fiat 600e op de weg?

Wanneer je voor de eerste keer achter het stuur stapt van de Fiat 600e, word je aangenaam verrast door de prettige comfortabele stoel en de fijne zithouding achter het kleine, dikke stuur. De overzichtelijkheid van het dashboard is goed, de digitale weergave van alle informatie is duidelijk en gemakkelijk leesbaar. Om het verblijf aan boord verder te veraangenamen, heeft de 600e La Prima zelfs standaard stoelmassage. De afwerking van het interieur is in orde, het materiaalgebruik – met ivoorwit kunstleer en zwart (hard) kunststof – is oké.

©Igor Stuifzand

Comfortabele stoelen, die in de La Prima een massagefunctie (alleen de bestuurder) en verwarming hebben.

Hoewel de Fiat 600e onderhuids identiek is aan de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger Full-Electric, rijdt de auto behoorlijk anders. De Peugeot blaast het spreekwoordelijke Franse veercomfort nieuw leven in, terwijl de Jeep Avenger door zijn stugge onderstel een behoorlijk springerige auto is. Alsof je in een heuse offroader onderweg bent, en dat past uitstekend bij het stoere imago van het Amerikaanse merk.

En de Fiat 600e? Die zit precies tussen de Peugeot en de Jeep in. Zijn onderstel is minder op souplesse afgestemd dan dat van de e-2008, maar zo onrustig als de Avenger gedraagt hij zich zeker niet. Fiat heeft voor de gulden middenweg gekozen, en dat pakt wat ons betreft positief uit. Hoewel de 600e erg licht stuurt, maakt hij zowel op de snelweg als op hobbelige B-weggetjes een uitgewogen indruk.

Met 156 pk in het Sport-programma weet de 600e zich in het verkeer uitstekend staande te houden. Natuurlijk: er zijn snellere EV's. Mede dankzij zijn lage gewicht van 1495 kilo, hebben we met de Fiat gedurende de testweek echter geen moment het gevoel gehad dat de auto tekortschiet. Voor de sportieve automobilist die meer wil, zit er trouwens een snellere versie aan te komen, met 240 pk op alle vier de wielen. Die komt op de markt als Abarth 600e.

©Igor Stuifzand

Drie rijprogramma's: Eco, Normaal en Sport. Alleen in Sport beschik je over de volledige 156 pk.

Wat kost de Fiat 600e en wat zit er voor dat geld op?

Vooralsnog is de Fiat 600e in één batterij- en vermogensvariant verkrijgbaar. Er bestaat keuze uit twee uitrustingsniveaus: de Red en de La Prima. Dat maakt de prijslijst erg overzichtelijk. De 600e Red kost 35.990 euro, de La Prima wordt voor 40.990 euro aangeboden. Met die bedragen komen beide versies eenvoudig in aanmerking voor SEPP-aanschafsubsidie. Daarvoor geldt immers 45.000 euro als maximum aankoopbedrag.

De 600e Red kan beslist niet worden beschouwd als een tot op het bot uitgeklede instapper. Goed, hij staat op stalen 16-inch wielen met plastic doppen, maar met een rode sierlijst over het dashboard, automatische airconditioning, led-koplampen, Apple CarPlay en Android Auto, cruisecontrol en online verbinding met Uconnect-services, word je ook in de Red-uitvoering in de watten gelegd.

©Igor Stuifzand

Standaard staat de 600e Red op 16-inch wielen van staal, de La Prima heeft deze mooie 18-inch lichtmetalen wielen.

Voor 5000 euro meer mag je van de duurdere La Prima echter een waslijst aan extra's verwachten. De ivoorwitte kunstleren bekleding en stoelmassage aan de bestuurderszijde hebben we al genoemd, het multimediasysteem is uitgebreid met standaard navigatie. De La Prima staat op 18-inch lichtmetalen wielen. De auto heeft verder donkergetint privacy glass voor de achterpassagiers, een parkeercamera, elektrische stoelverstelling voor de bestuurder, stoelverwarming, een audiosysteem met zes speakers (in plaats van vier), de dubbele laadvloer, een automatisch bediende achterklep en adaptieve cruisecontrol.

De veiligheidsuitrusting van de 600e Red omvat alleen de meest essentiële zaken, zoals een automatische noodremfunctie en vermoeidheidsherkenning. De La Prima voegt daar een grootlichtassistent, adaptieve cruisecontrol, actieve rijbaanassistentie, dodehoekwaarschuwing en verkeersbordherkenning aan toe.

©Igor Stuifzand

De Fiat 600e is een vrolijke, vriendelijke verschijning. Kies je voor de La Prima, dan is de oranjerode metallic lak standaard.

Wat zijn de concurrenten van de Fiat 600e?

In de prijsklasse tussen de 35.000 en de 40.000 euro heeft de EV-koper veel keuze. Alleen al bij de Stellantis-merken, die allemaal gebruikmaken van dezelfde technologie, is het aanbod zeer gevarieerd: Citroën ë-C4, DS 3 E-Tense, Opel Mokka Electric, Jeep Avenger Full-Electric, Peugeot e-2008 – en daar komt binnenkort de Alfa Romeo Milano nog bij. Alleen in eigen huis is er al een groot aantal alternatieven voor de Fiat 600e, hoewel die doorgaans allemaal iets hoger geprijsd zijn.

Maar er zijn meer modellen die in dezelfde vijver vissen als de Fiat 600e. Zoals de Volvo EX30, misschien wel een van de meest spraakmakende EV's van de laatste tijd. Dat model deelt op zijn beurt weer technologie met de Smart #1. Volkswagen heeft de ID.3, Cupra de Born en Renault de Megane E-Tech Electric. De Hyundai Kona Electric en Kia Niro EV zijn in basistrim net zo duur als de Fiat 600e La Prima. De uit China afkomstige MG 4 Electric en BYD Dolphin zitten met een gelijkwaardig motorvermogen duidelijk onder de prijs van de Fiat 600e.

©Igor Stuifzand

Fiat heeft de prijs van de 600e een paar duizend euro onder die van de Peugeot e-2008 en Jeep Avenger gehouden.

🚘🔌 Vergroot je actieradius: volg ons op Facebook!


Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.