ID.nl logo
Review Volvo EX30 - Kleine EV met grote ambities
Mobiliteit

Review Volvo EX30 - Kleine EV met grote ambities

Dit is de volledig elektrische Volvo EX30, de nieuwste aanwinst in het compacte EV-segment. In deze review pluist Irwin alle ins en outs uit van Volvo's kleine maar krachtige EV. Met een rijbereik tot 480 km, snellaadcapaciteiten tot 153 kW en een krachtige 272pk-motor lijkt de EX30 een competitief totaalpakket te bieden. Maar hoe verhouden de daadwerkelijke actieradius en het energieverbruik zich tot die van de concurrentie?

Watch on YouTube

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

Het is alweer even geleden dat Irwin Versteegh van InstaAutoVlog voor de allereerste keer kennismaakte met Volvo’s benjamin: de Volvo EX30. De volledig elektrische cross-over opereert in de klasse van de Renault Captur. Hij neemt de strijd daarmee op tegen auto's als de Hyundai Kona Electric, de Kia Niro EV en de Peugeot e-2008, die er allemaal al langer zijn en dus alle kans hebben gehad hun bestaansrecht te verwerven. Volvo begeeft zich hiermee in een klasse waar het merk nog niet vertrouwd is.

Inmiddels is Volvo’s kleinste in Nederland leverbaar en voelde InstaAutoVlog de EX30 dik 1000 km stevig aan de tand. Dit is wat er zoal is opgevallen.

Goed aanbod

Met de EX30 is Volvo van plan om een absolute nummer 1-positie in Nederland te pakken. Het merk wil in zowel de zakelijke als particuliere markt een stevig potje meespelen. Hoe? Met onder meer een sterke prijsstrategie. Instappen in de EX30 doe je namelijk vanaf net geen 37.000 euro. Vlijmscherp voor een auto met een 51kWh-accu waarmee je al 344 km ver kunt komen. Je krijgt dan een potente elektromotor van 272 pk. Het opladen gaat vlot dankzij een 11kW-boordlader en een maximaal snellaadvermogen van 133 kW. Dat zorgt voor een 10-80%-lading in slechts 26 minuten. Vanaf de Ultra-uitvoering, die leverbaar is vanaf de Extended Range-variant (met 69kWh-accu) monteert Volvo zelfs een 22kW-boordlader.

Geen warmtepomp 

Een catch is er ook, want deze Single Motor kan niet worden uitgerust met een warmtepompinstallatie. Dat betekent dat het instappertje wat minder geschikt is om het hele jaar mee rond te rijden, want zeker gedurende de wintermaanden kan de range dan sneller teruglopen dan je lief is. Het is dan ook strategischer om minimaal voor de Single Motor Extended Range-variant te kiezen. Die komt met zijn 69kWh-accupakket maximaal 480 km ver en is wél standaard voorzien van een warmtepomp. De prijs? Die gaat omhoog naar minimaal 41.495 euro. Niettemin heb je dan nog steeds een behoorlijk goed totaalpakket met in dat geval ook nog eens 1400 kg trekvermogen.

Het kan nog gekker 

Vanuit Volvo Nederland kregen we de beschikking over een fraaie testauto: een in Cloud Blue uitgevoerde Single Motor Extended Range in Ultra-trim. Een auto die onderaan de streep – inclusief opties als het Breeze-interieur (1000 euro), extra getint glas (395 euro), 20-inch wielen (670 euro) en stoel- en stuurwielverwarming à 360 euro – 51.215 euro in totaal moet kosten. Een behoorlijk complete testauto dus. Nog niet compleet genoeg? Opteer dan voor de Twin Motor Performance. Dan krijg je een extra elektromotor op de vooras, waarmee de dan 428 pk sterke en vierwielaangedreven EX30 ook nog eens 1600 kg mag trekken. De meerprijs? 5000 euro.

Niet ruim, wel comfortabel 

Eenmaal aan boord van de EX30 merk je met name voorin dat het echt een heel comfortabele auto is. Niet de ruimste – zeker op de tweede zitrij is-ie ondermaats krap – maar voorin zit je echt als een vorst. Je geniet bovendien van voldoende leef- en opbergruimte. Vooral het zitcomfort blijkt een sterk punt van de Volvo, en dat wordt gecomplementeerd door een uitstekend gepositioneerde middenarmsteun en een fijne aflegruimte in het deurpaneel. Dat is dan ook goed bevallen gedurende de 1000 testkilometers. En dat voor een interieur dat is vervaardigd uit 100 procent gerecyclede materialen, want ook op dat vlak is de EX30 uiterst duurzaam.

Waar je niet omheen kunt, is Volvo’s aanpak wat betreft het infotainment-gedeelte. Een verticaal geplaatst 12,3-inch touchscreen dat draait op de allerlaatste Volvo/Google-software. Elke EX30 is ermee uitgerust en dus ook standaard voorzien van een internetverbinding, waardoor online EV-routeplanning mogelijk is (waarmee de auto zelf een route via snelladers uitstippelt), net als live-verkeersupdates.

Vreemde eerste laadstop 

Met name de EV-routeplanning heb ik uitgedaagd door met een niet volledig opgeladen batterij (70 procent resterende capaciteit) vanuit Brabant naar Groningen te rijden. Een rit van 320 km, en dat was niet haalbaar met de 211 km resterende range. Volvo’s advies? Een oplaadstop slechts 15 minuten na aanvang van de reis. Een aparte keuze gezien de laadcurve van een elektrische auto. Hoe lager het accupercentage, des te sneller hij oplaadt.

Na het verwijderen van deze vreemde optie berekende de software opnieuw een route en adviseerde het systeem een veel logischer optie in de buurt van Wezep. Een Fastned-locatie direct langs de route en de Volvo voorspelde een resterend accupercentage van 27 procent bij aankomst. Hierbij houdt de software rekening met de snelheid, weercondities en het verlies van energie in aanloop naar een snellaadsessie.

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Hoe dat zo? Omdat de Volvo slim genoeg is om in aanloop naar een snellaadsessie de accutemperatuur – zeker gedurende koudere weersomstandigheden – tijdelijk te verhogen. Dan kan-ie namelijk het maximale DC-snellaadvermogen van in dit geval 153 kW tot zich nemen. Hoe werkte dat in de praktijk? Na een korte opstartfase van ongeveer een minuut nam de EX30 Extended Range Single Motor dik 156 kW tot zich bij een percentage van 10 procent. Een keurige prestatie, maar de EX blijkt ook nog eens een mooie laadcurve te hebben, want bij 33 procent nam-ie nog steeds dik 140 kW tot zich. Bij 64 procent bedroeg dat nog 73 kW, om uiteindelijk bij 80 procent rond de 60 kW uit te komen. De 10-80%-lading werd dan ook in de opgegeven 29 minuten behaald.

Wind mee 

Uiteindelijk verliep de trip richting het noorden dan ook vlekkeloos, met her en der een miscalculatie wat betreft het voorspelde accupercentage bij aankomst. Zeker op de terugweg had de Volvo het moeilijk. Zo had ik op de heenweg een prachtig scenario: wind mee, droog en dat in combinatie met een graad of 9 à 10 buitentemperatuur. Het gemiddelde energieverbruik bedroeg 20,2 kWh/100 km. Toch best een fors verbruik voor een auto in het elektrische B/cross-over-segment, en dat met een snelheid van 105 km/u op de cruisecontrol. De terugweg, met wind tegen en dezelfde gemiddelde snelheid? Dan schommelt het actuele verbruik van de EX30 rond de 24 kWh/100 km. De laatste 100 km reed ik uiteindelijk na het passeren van 19.00 uur, en dat betekent maximaal 130 km/u.

Het uiteindelijke gemiddelde verbruik gedurende de trip? Een veel te forse 23,5 kWh/100 km. Om dat in perspectief te plaatsen: dit verbruik scheelt niet veel met dat van een XC40, terwijl auto’s als een Tesla Model Y, Kia EV6 of Hyundai Ioniq 5 doorgaans een stuk efficiënter zijn, en dat zijn auto’s die soms wel twee klasses hoger opereren. Een directe concurrent in veel minder gunstige weersomstandigheden als een snijdende vrieskou: de Hyundai Kona Electric? Die schommelt rond de 19 kWh/100 km. Uiteindelijk sloot ik de testperiode van 1000 km af met een gemiddeld energieverbruik van 24 kWh/100 km. Veel te hoog en hopelijk weet Volvo dat middels soft- en firmware-updates enigszins te stabiliseren.

Status quo 

Het lijkt dan ook zo te zijn dat Volvo het stukje energieverbruik nog niet echt onder controle heeft. Dat geldt ook voor de XC en C40. Niettemin mogen we de meer dan uitstekende oplaadfaciliteiten beschouwen als een sterke eigenschap, maar dat is wel een klein doekje voor het bloeden. Waar je met een concurrerend model als de Hyundai Kona of Kia Niro minder vaak hoeft te laden, laadt de Volvo wel sneller bij, en dat zorgt onderaan de streep voor een status quo. Al dient wel elke kilowattuur te worden afgerekend, uiteraard.

Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning
© Vadym - stock.adobe.com
Gezond leven

Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning

Meta zou in de loop van dit jaar gezichtsherkenningstechnologie aan diens slimme brillen willen toevoegen.

Dat claimt The New York Times van bronnen te hebben vernomen. De gezichtsherkenningstechnologie zou ergens later dit jaar naar de slimme Ray-Ban- en Oakley-brillen van het bedrijf komen.

Volgens The New York Times zouden de brillen met de technologie gezichten in de omgeving kunnen identificeren via de ingebouwde camera. Daar zouden de brillen profielen van socialmediaplatforms van Meta, zoals Facebook en Instagram, voor gebruiken. Vervolgens zouden dragers van de bril informatie over de persoon in kwestie krijgen.

Logischerwijs zorgt het gerucht voor wat ophef rondom privacy. Meta zou dan ook nog overwegen dat het alleen mogelijk wordt om de technologie in te zetten bij mensen waar de drager een connectie mee heeft op social media. Maar het is nog niet uitgesloten dat Meta er voor kiest dat met de bril ook vreemden herkend kunnen worden via openbare profielen.

Het lijkt waarschijnlijk dat de functie er komt; The New York Times citeert een interne memo van Meta waarin te lezen valt dat het een goed moment is om de functie te lanceren gezien de huidige politieke onrust. Dit omdat veel organisaties die bezwaar zouden maken tegen dergelijke technologie, het te druk zouden hebben met andere problemen. Meta zelf heeft het gerucht aan The New York Times bevestigd noch ontkend.

▼ Volgende artikel
RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt
© ID.nl
Huis

RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

Je merkt het aan laptops, smartphones en gameconsoles: de prijzen lopen dit jaar op. Inflatie speelt mee, maar dat is niet de voornaamste reden. Waar chipmakers, vooral de geheugenfabrikanten, tot voor kort vooral produceerden voor de traditionele (consumenten)markt, gaat er nu steeds meer capaciteit naar grote AI-datacenters. Daardoor worden geheugen en opslag schaarser. En als iets schaarser wordt, stijgt de prijs. Hoe dat zit en wat dat voor jou betekent, lees je hier.

AI als Rupsje Nooitgenoeg

Zie de geheugenchipindustrie als een bakkerij met een beperkt aantal ovens. Jarenlang werd de capaciteit van die ovens gebruikt voor standaardbrood: regulier DRAM-geheugen (Dynamic random access memory)en NAND-opslag (flashgeheugen) voor consumententech. Nu vragen AI-servers om een nieuw soort brood: high bandwidth memory (HBM). HBM is speciaal geheugen dat direct naast de rekenchip zit, zodat data veel sneller heen en weer kan. En de vraag is groot: marktanalisten verwachten dat datacenters in 2026 een heel groot deel van de geproduceerde geheugenchips gaan opslokken, met schattingen die richting 70 procent gaan Het gevolg is simpel: als meer ovens worden gereserveerd voor dat 'speciale brood', kan er minder standaardbrood gebakken worden. En dat betekent dus dat gewoon geheugen fors duurder aan het worden is.

©Bron prijsdata: Tweakers

RAM-tekort is niet de enige oorzaak

Dat de prijzen van geheugen en opslag in korte tijd zo gestegen zijn, ga je dus voelen: want dit zijn basis-onderdelen in bijna elke laptop of smartphone. Daar komt nog bij dat ook cpu's tijdelijk lastiger te leveren (en in sommige gevallen duurder) waren. Ook van andere onderdelen (denk: printplaten, batterijen en stroomregelchips) is de prijs omhoog aan het gaan. Daarnaast maken nieuwe standaarden zoals Wifi 7 en USB 4 sommige onderdelen bovendien complexer en daarmee duurder.

Geheugenchip en geheugen, wat is het verschil?

Een geheugenchip is het fysieke onderdeel dat uit de fabriek komt: zo'n klein rechthoekig blokje dat je op een printplaat ziet zitten. Je kunt het zien als bakstenen en een muur. De geheugenchips zijn de bakstenen. Een RAM-module is de muur, opgebouwd uit meerdere bakstenen op één printplaat. Een typische module bevat meerdere chips die samen die 8, 16 of 32 GB vormen. En precies daarom werkt een tekort aan chips zo snel door. Als er minder chips beschikbaar zijn, kun je minder RAM-modules maken, minder ssd's vullen en minder chips plaatsen in laptops, telefoons en tablets.

©Batorskaya Larisa

Laptops, smartphones en consoles: daarom worden ze duurder

De onderstaande tabel laat zien globaal zien welk deel van het budget naar de verschillende onderdelen gaat. Daarbij moet wel aangetekend dat het om een schatting van percentages gaat; harde cijfers hierover zijn moeilijk te vinden.  Hierdoor zie je beter waar de pijn van de huidige geheugen- en chiptekorten het hardst wordt gevoeld.

OnderdeelLaptopSmartphone (premium)Gameconsole (PS5 Pro/Xbox)
Geheugen & opslag10% - 25%10% - 20%35% of meer
Processor (CPU/SoC)15% - 30%25% - 35%30% - 40%
Scherm / Display10% - 20%15% - 25%N.v.t.
Behuizing / Koeling5% - 10%5% - 10%10% - 15%
Batterij5% - 10%5% - 10%N.v.t.

Kijk je puur naar deze tabel, dan zou je verwachten dat vooral gameconsoles heel sterk in prijs gaan stijgen. Maar volgens kenners van de markt zouden consolebouwers hun best doen om in ieder geval voorlopig de prijs gelijk te houden – juist omdat de Switch 2 net uit is en de Xbox Series en PS5 al meerdere prijsverhogingen hebben gehad. De klap daar zal eerder opgevangen worden door alles eromheen: denk aan accessoires en abonnementen zoals PlayStation Plus.

Bij laptopfabrikanten en smartphonemakers ligt dat anders. Die hebben geen andere producten in het ümfeld die ingezet kunnen worden om de kosten van het belangrijkste product niet al te veel te hoeven verhogen. De stijgende kosten van geheugen, opslag en processor zullen daar dus wel impact gaan hebben, zo is de verwachting.

Welke prijsstijgingen kun je verwachten?

Het blijft een inschatting, maar verschillende marktonderzoeken komen grofweg op hetzelfde neer. Voor een nieuwe laptop moet je dit jaar rekening houden met een extra kostenpost van ongeveer 100 tot 200 euro, afhankelijk van het segment en de gekozen configuratie. Bij smartphones gaat het vaker om 50 tot 100 euro per model. Het precieze bedrag verschilt per merk, maar de tendens is duidelijk: als consument ga je meer betalen.

Hogere prijzen of minder waar voor je geld

Die impact heeft grofweg twee smaken. Enerzijds zal vooral premium tech duurder worden, maar krijg je daar wel meer voor terug; anderzijds zullen bij mid-range tech de prijzen waarschijnlijk minder hard stijgen, maar krijg je daar tegelijkertijd minder waar voor je geld. Krimpflatie.

Premiumtech: duurder, maar meer mogelijkheden

Hier spelen twee dingen: niet alleen zijn chips minder goed leverbaar, er wordt tegelijkertijd hard gewerkt aan nieuwe productietechnieken (zoals de 2-nanometer chiptechnologie van marktleider TSMC). De productie van zo'n nieuwe chip is een ingewikkeld en duur proces. Dat drijft de prijs op.

Wel is het zo dat je als consument profiteert van de mogelijkheden van de nieuwste generatie chips. Die kunnen langer hoge prestaties volhouden en toch koeler blijven, simpelweg omdat de chip efficiënter met energie omgaat. Dat merk je echt in de praktijk. Dus ja, je betaalt meer, maar je krijgt er ook meer voor terug.

©StocksJust4You - stock.adobe.com

Mid-range: niet duurder, wel mindere specs

Bij de middenklasse proberen merken de prijs aantrekkelijk te houden. Als onderdelen duurder worden, moeten ze ergens compenseren. Je krijgt dan voor ongeveer dezelfde adviesprijs als het model van vorig jaar een smartwatch of telefoon met minder opslag, minder RAM of trager werkgeheugen dan de generatie van vorig jaar. Of het model wordt uitgekleed: extra's (bijvoorbeeld een snellere opslagvariant, betere camera, luxere afwerking) verdwijnen.

En de budgetmodellen?

Hele goedkope modellen hebben het extra lastig. Daar zit weinig marge op, dus een stijging van onderdelenprijzen hakt er direct in. Het principe is hetzelfde als bij mid-range, maar het pakt hier vaker scherper uit: er is minder ruimte om kosten op te vangen, dus je merkt het sneller in RAM, opslag of snelheid. Daarnaast kunnen fabrikanten in het laagste segment ook kiezen om instapmodellen te schrappen, of om 'nieuwe' modellen uit te brengen die intern weinig veranderen. Dat betekent vaak ook: minder keuze voor jou.

Conclusie

Tech is in 2026 duurder geworden omdat de chipindustrie zich steeds meer richt op AI-datacenters. Daardoor verschuift productiecapaciteit naar specialistisch geheugen, en stijgen de prijzen van standaardgeheugen en opslag.

Het advies voor jou is vooral praktisch: als je nu al weet dat je extra RAM, een grotere ssd of een nieuwe smartphone, laptop of gameconsole nodig hebt, wacht dan niet te lang. De signalen uit de markt wijzen erop dat prijzen en beschikbaarheid voorlopig onder druk blijven staan. Dat maakt vergelijken weer belangrijker dan de afgelopen jaren. Kijk niet alleen naar de prijs, maar kijk extra goed naar de specificaties. En kijk daarbij vooral naar RAM en opslag: daar zie je de effecten van wat er nu speelt het snelst terug.