ID.nl logo
Elektrisch barbecueën: de slimme keuze voor snel en smakelijk grillen
© Halfpoint - stock.adobe.com
Huis

Elektrisch barbecueën: de slimme keuze voor snel en smakelijk grillen

Zeg je mooi weer, dan zeg je gezellig barbecueën. Waar veel mensen kiezen voor houtskool of gas, komen er steeds meer mogelijkheden voor elektrisch grillen in de buitenlucht. En die BBQ’s bieden meer mogelijkheden dan alleen snel een sateetje grillen.

Dit artikel in het kort:

  • De verschillende soorten barbecues
  • Nadelen van een BBQ op kolen of gas
  • Voordelen van de elektrische BBQ
  • Drie modellen besproken: Weber Q-serie, Weber Lumin en Ninja Woodfire Grill

Lees ook: Proef de zomer: dit zijn de leukste manieren om gezellig buiten te eten

Iedereen kent ze wel: elektrische barbecues, eventueel op een onderstel. Snoer erin, afwasbaar roostertje boven de hitte-elementen, water onder in de lekbak en grillen maar! Lekker snel en makkelijk. Plus heel praktisch voor de doordeweekse maaltijd of een BBQ voor een klein gezelschap. Lekker licht en klein ook, dus de portable barbecue kan ook mee op vakantie.

Hoe makkelijk deze grills ook zijn, ze kennen ook nadelen voor de grillmaster die net wat meer verwacht en verlangt van zijn apparaat. Doorgewinterde hobby-BBQ’ers missen de rooksmaak die kolen of briketten aan je eten geven. Ook is het vermogen vaak te laag om de BBQ echt heel heet te laten worden en vlees snel dicht te schroeien. Tot slot missen de kleine grills een deksel om bijvoorbeeld spareribs langdurig op lage temperatuur te laten garen.

Toch maar aan de kolen, denk je? Niet nodig! Verschillende topfabrikanten brengen elektrische barbecues op de markt die zelfs aan de veeleisende grillkok veel te bieden hebben. Ze hebben verschillende voordelen en nadelen.

Voordelen elektrische BBQNadelen elektrische BBQ
Je hebt er geen kolen of gas voor nodig, een stroomaansluiting is genoegVerbruiken veel stroom, dus hogere elektrarekening bij veelvuldig gebruik
Temperatuur is te regelen met knoppenStopcontact in de buurt nodig
Snel op temperatuur, dus voorverwarmen niet van toepassingNiet altijd geschikt voor op de camping door hoog vermogen
Vergeleken met kolen geen roetuitstoot, dus een schonere omgevingsluchtMist het rookaroma van de traditionele kolen-BBQ (lees vooral even verder als dit punt belangrijk voor je is)
Ook geschikt voor beginners

Drie topmodellen elektrische barbecues

Hier bespreken we drie modellen: een klassieker van Weber, een nieuw topmodel van Weber en een innovatie van Ninja.

Weber Q-serie

De Weber Q-serie bestaat uit verschillende modellen barbecues, de 1400 en 2400. Ze zijn allebei zowel zonder als met een los meubeltje (stand) te koop. Het verschil tussen de modellen is het grilloppervlak. Bij de 1400 is dat 43 bij 32 centimeter, de 2400 biedt 54 bij 39 centimeter aan grillruimte. De grote weegt ruim 18 kilo en de kleinere ruim 12 kilo: te tillen, maar niet lang te dragen. Het grillrooster is gemaakt van geëmailleerd porselein dat de warmte goed verdeelt. Deze barbecues zijn snel warm en het vet wordt opgevangen in een speciaal lekbakje, dat je na gebruik kunt weggooien. Een nadeel van deze modellen is dat het deksel geen thermometer heeft en je dus de temperatuur niet kunt bijhouden.

Voor wie?

Deze BBQ’s zijn vooral geschikt voor het snel grillen van BBQ-vlees als hamburgers, spiesen en worsten voor groepen van zeven (de 1400) tot tien (de 2400) personen.

Stopcontact te ver weg?

Pak er een stevig verlengsnoer bij!

Weber Lumin

De Weber Lumin en het kleinere (en voordeligere) model Lumin Compact zijn de nieuwste vindingen van het bekende BBQ-bedrijf. Ook deze apparaten zijn zowel met als zonder bijpassend onderstel te koop.

Deze elektrische barbecues kunnen temperaturen bereiken van wel 315 graden Celsius, iets heel bijzonders in ‘elektrisch BBQ-land’. Dat is handig om steaks snel dicht te grillen, en ook om aangekoekt vet te laten verkolen, zodat je de restjes na je eetfeest makkelijk wegveegt met een roestvrijstalen borstel.

Wat de Lumin onderscheidt van andere modellen en merken, is de veelzijdigheid. Door de verschillende instellingen te gebruiken, kun je ermee grillen, roken, koken en zelfs stomen via de meegeleverde waterbak en het stoomrekje. Is je eten klaar, dan schakel je de warmhoudfunctie in. De temperatuur stel je in via een draaiknop aan de zijkant en houd je bij via de geïntegreerde thermometer in het deksel.

Via een draaiknop kun je de temperatuur regelen. Rooksmaak kun je bereiken door het bijgeleverde stoom- en rookreservoir te vullen met houtsnippers. Zoals de naam al aangeeft, gebruik je dit onderdeel ook om eten te stomen.

Een duidelijk voordeel is de veelzijdigheid. Die is meteen ook het nadeel: het moet net zijn wat je zoekt. Wil je alleen wat vlees of groente grillen voor de familiebarbecue, dan ben je beter af met een eenvoudig model zonder toeters en bellen.

Voor wie?

Weber mikt met dit model op mensen die veel verwachten van hun BBQ en die er door de verschillende functies meer mee doen dan alleen grillen.

Lees ook: Het regent! Kan de airfryer de barbecue vervangen?

Ninja Woodfire Grill XL

De Ninja Woodfire Grill is splinternieuw op de Nederlandse markt. He bedrijf onderscheidt zich door een uitgebreide rookfunctie te bieden via de rookbox en houtpellets, die moet zorgen voor vergelijkbare smaak als op een houtskoolbarbecue. Het apparaat is te gebruiken als grill, als smoker en als outdoor airfryer. Verder zijn er functies voor onder meer drogen en opwarmen van eten.

Dit apparaat bedien je via een draaiknop en drukknoppen op de voorkant waarmee je de functie en temperatuur kiest. De grill heeft IPX4-certificering, waardoor hij bestand is tegen regen en in principe alle seizoenen buiten kan staan (al raden we een hoes wel aan als je hem langere tijd niet gebruikt).

Deze Ninja heeft een grilloppervlak van 28 x 37 centimeter, wat kleiner is dan de andere besproken barbecues. De grillplaat is voorzien van antiaanbaklaag en het hele apparaat weegt 12 kilo.

Voor wie?

Zoek je een compacte buitenkeuken met uiteenlopende functies voor niet al te grote groepen, en houd je erg van rooksmaak, dan sluit de Ninja Woodfire Grill goed aan bij je wensen.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.