ID.nl logo
⚡ Thuisbatterij kopen: waar moet je op letten?
© © Peter Varga
Energie

⚡ Thuisbatterij kopen: waar moet je op letten?

Met een thuisbatterij (of thuisaccu) kun je de overdag opgewekte energie van je zonnepanelen opslaan om te gebruiken in de avonduren. Maar ook zónder zonnepanelen kun je stroom opslaan op het moment dat die het goedkoopst is, waarna je de stroom vervolgens kunt gebruiken als het afnemen van energie het duurst is. Dat klinkt erg aantrekkelijk, maar waar moet je allemaal op letten bij de aanschaf van een thuisaccu?

In dit artikel vertellen we je:

  • Hoe je bepaalt welke opslagcapaciteit je nodig hebt

  • Welke typen thuisaccu’s er zijn en wat de voor- en nadelen daarvan zijn

  • Waarom een 'slimme' thuisbatterij interessant kan zijn

  • Of je de investering op dit moment wel kunt terugverdienen

  • In welke gevallen je een losse omvormer nodig hebt

  • Lees ook: Haal meer uit je zonnepanelen met een thuisaccu

Kies de juiste opslagcapaciteit

Met een thuisaccu kun je het overschot aan stroom van je zonnepanelen of goedkoop ingekochte elektriciteit vanaf het net tijdens de daluren opslaan voor later gebruik. Hoeveel elektriciteit je precies kunt opslaan, hangt af van de opslagcapaciteit van de thuisbatterij. Er zijn thuisaccu's met een capaciteit van 2 kWh, maar ook van 5, 10 en zelfs 20 kWh. Het is bovendien mogelijk om meerdere thuisbatterijen aan elkaar te koppelen. Dat heet een modulair systeem. Hiermee kun je je voorbereiden op de (nabije) toekomst, bijvoorbeeld als je van het gas af gaat of een elektrische laadpaal bij je woning installeert. 

Welke opslagcapaciteit je nodig hebt, hangt af van de omvang van je gezin en je energiegebruik. Een thuisaccu van rond de 5 à 6 kWh wordt vaak aanbevolen. Heb je een groot gezin, dan heb je eerder een grotere accu van 10 kWh of meer nodig. Ook als je huis is voorzien van een warmtepomp is een grotere thuisbatterij wenselijk. Idealiter kies je een opslagcapaciteit die ongeveer 1,5 tot 2 keer zo groot is als je gemiddelde dagelijkse energieverbruik.

Hoewel je dat misschien zou verwachten, heeft het rijden van een elektrische auto weinig invloed op de benodigde opslagcapaciteit van je thuisaccu. Omdat elektrische auto's doorgaans een accucapaciteit van 40 tot 100 kWh hebben, is het onmogelijk om een EV volledig op te laden met een thuisbatterij. 

Tegelijkertijd kan een elektrische auto zelf (in de toekomst) ook fungeren als een soort thuisaccu. Sommige EV’s beschikken immers over de mogelijkheid om bidirectioneel te laden, wat inhoudt dat het voertuig niet alleen kan worden opgeladen, maar de energie in de accu ook kan gebruiken om andere elektrische apparaten in huis op te laden of terug te leveren aan het stroomnet. Het aantal geschikte elektrische auto's is momenteel nog klein. 

⚡ Meer weten over deze ontwikkeling? Lees dan ons artikel Wanneer kunnen we bidirectioneel laden in Nederland?

©Halfpoint - stock.adobe.com

Je wilt overigens niet zomaar een thuisaccu kopen die veel meer opslagcapaciteit heeft dan je dagelijks aan energie gebruikt of opwekt. Een thuisbatterij is namelijk niet bedoeld om voor langere periodes energie in op te slaan. Het overschot aan zonnestroom dat je in de zomer opslaat, kun je dus niet bewaren om in de winter te gebruiken. Daarvoor is een brandstofcel daarentegen wél geschikt.

Als je zonnepanelen niet genoeg opwekken om de thuisbatterij te vullen, betaal je bovendien onnodig veel voor de thuisaccu. Je kunt het best contact opnemen met een of meerdere leveranciers van thuisbatterijen om je te laten adviseren over de opslagcapaciteit die bij jouw huishouden past, nu en in de toekomst.

Welk type thuisaccu kies je?

Er worden verschillende typen thuisaccu's gebruikt, met elk zo hun eigen voor- en nadelen. De ene thuisbatterij is bijvoorbeeld groter en zwaarder dan de ander. Kies je voor meerdere kleine accu’s in een modulair systeem, dan ben je flexibeler. Ze zijn namelijk makkelijker te plaatsen, en als er een defect raakt hoef je niet meteen je gehele systeem te vervangen. Ook kun je het milieu in overweging nemen. Het ene type thuisaccu is duurzamer dan het andere.

Doorgaans heb je de keuze tussen een lithium-ionaccu en een zoutwateraccu, maar er zijn ook loodzuurthuisaccu’s. Die laatste zijn het goedkoopst, maar hebben ook een minder lange levensduur en zijn groter en zwaarder. Het voordeel van lithium-ion is dat ze zowel compact als licht zijn, en bovendien snel kunnen opladen. Aan de andere kant heeft dit type een hoge milieu-impact doordat het zware metalen en schadelijke stoffen bevat. Ook is het recyclen ervan lastig. De zoutwateraccu is wat dat betreft een milieuvriendelijk alternatief. Die heeft bovendien een langere levensduur, maar neemt tegelijkertijd wel meer plaats in beslag dan een lithium-ionaccu.

©Solarwatt GmbH

Let op het vermogen van de omvormer

Voor optimale prestaties is het belangrijk dat het vermogen van je thuisaccu is afgestemd op het vermogen van je zonnepanelen. Het vermogen geeft aan hoe snel de accu kan opladen en ontladen. Als je veel apparaten tegelijk wilt opladen, is het belangrijk om meer vermogen te hebben. 

Bij het installeren van een thuisbatterij heb je ook een omvormer nodig om de stroom van je zonnepanelen op te kunnen slaan. Bij sommige modellen is die geïntegreerd, voor andere modellen moet je een losse omvormer bestellen. Meestal volstaat de omvormer van je reeds geïnstalleerde zonnepanelen niet. Plaats je de zonnepanelen tegelijk met een thuisaccu, dan kun je vaak een hybride omvormer kiezen, die voor beide werkt.

Heeft de thuisaccu 'slimme' functies?

Niet alle thuisaccu’s zijn 'slim'. Dat wil zeggen dat ze een algoritme gebruiken om 'keuzes' te maken. Zo kan een slimme thuisbatterij bijvoorbeeld automatisch opladen wanneer de energieprijzen het voordeligst zijn. Daarnaast brengt de software je dagelijkse verbruik in kaart, waardoor die kan inschatten hoeveel energie je nog zult verbruiken die dag.

Is er aan het einde van de dag nog energie over, dan kan de thuisaccu de overtollige stroom verkopen op het moment dat de tarieven het meest winstgevend zijn. Je hebt wel een dynamisch energiecontract nodig om te 'handelen' op de energiemarkt. Hierbij verschilt de prijs van stroom van uur tot uur.

⚡ Lees ook: Hoe profiteer je optimaal van een dynamisch energiecontract?

Daarnaast kunnen niet alle thuisaccu's met een smarthomesysteem communiceren. Wil je de thuisbatterij in je slimme huis integreren, check dan of de accu compatibel is. Je kunt de thuisaccu dan onder meer op afstand bedienen. Lees je wel altijd goed in over privacy en veiligheid. Sommige fabrikanten hanteren hogere beveiligingsnormen dan anderen.

©VisualProduction

Levensduur en terugverdientijd

Een thuisaccu is niet goedkoop; voor een accu van 6 kWh ben je al snel rond de 4.500 euro kwijt. Daarom wil je vast weten hoelang het duurt voordat je hem hebt terugverdiend (en of het de forse investering wel waard is). De levensduur van een thuisbatterij ligt momenteel op slechts 10 tot 15 jaar, afhankelijk van onder meer het accutype en het aantal cycli waarbij de accu wordt opgeladen en weer ontladen. Op dit moment lijkt het nog onmogelijk om een thuisaccu terug te verdienen. Mogelijk verandert dat in de toekomst.

⚡ Lees meer over de terugverdientijd van een thuisaccu.

Je kunt de btw (soms) terugvragen

In sommige gevallen is het mogelijk om de btw na de aankoop van een thuisbatterij terug te krijgen. Dat scheelt weer in de portemonnee. Je moet hierbij echter aan een aantal voorwaarden voldoen, en als je eerder al de btw op zonnepanelen hebt teruggevraagd, zitten er nog wat extra haken en ogen aan. Het is echter niet onmogelijk.

⚡ Lees hier hoe je de btw op een thuisaccu precies terugvraagt.

Kies voor een erkend installateur

De plaatsing en installatie van een thuisbatterij kun je het best laten doen door een erkend installateur. Vanwege de hoge elektrische spanningen van de accu kunnen er risico’s ontstaan als de installatie niet goed wordt uitgevoerd. Via het Centraal Register Techniek kun je een betrouwbare vakman vinden.

⚡ Andere klusjesman nodig? Zo vind je een echte vakman.

Vraag een offerte aan voor thuisbatterij:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.