ID.nl logo
Windows 11: de zin en onzin van TPM
© Reshift Digital
Huis

Windows 11: de zin en onzin van TPM

Tot de aankondiging van Windows 11 had het overgrote deel van de computergebruikers nog nooit of slechts vaag van TPM gehoord. En ineens is deze wat obscure chip een systeemvereiste voor het nieuwe Windows. Was dat echt bittere noodzaak of speelt er meer?

Alles over Windows 11

Windows 11 is onderweg. We hebben alle artikelen, al het nieuws en alle tips voor je verzameld op één handige pagina. Hier vind je 'm

TPM staat voor Trusted Platform Module. Feitelijk is het een veiligheidschip die allerlei zaken betreffende encryptie en daarmee samenhangende taken voor z’n rekening neemt. Denk aan iets als een generator van écht random (willekeurige) getallen, de mogelijkheid tot het opslaan van biometrische gegevens, het genereren van veilige sleutels voor gelimiteerd gebruik en DRM-gerelateerde dingen. Hét voordeel van TPM moet zijn dat het een extern onderdeel is, dat volledig los werkt van de hoofdprocessor of andere onderdelen in je systeem. Dientengevolge kan de TPM-chip nagaan of er ‘gerommeld’ wordt met een computer. Indien dat geconcludeerd wordt, wordt er een ‘niet veilig’-vlaggetje gezet. Het booten van een systeem begint alleen als dat door de TPM als verantwoord wordt beschouwd. Door Windows wordt de TPM onder meer gebruikt voor Bitlocker schijfversleuteling, aanmelden via Hello (waaronder vingerafdrukscanners en webcam vallen).

Windows 11 staat voor de deur en speciaal daarom organiseert Tech Academy een gratis webinar: Kennismaken met Windows 11. In deze webinar krijg je een eerste kennismaking met het nieuwe besturingssysteem van Microsoft. Je kunt je hier volledig gratis inschrijven! 

©PXimport

Niet écht noodzakelijk

Probleem is dat al deze technieken vooral door professionele gebruikers in met name grote bedrijven gebruikt worden. Een thuisgebruiker, zelfstandige of klein bedrijf is er veelal niet echt geïnteresseerd in. Bovendien heeft Bitlocker tijdens updates van Windows al regelmatig voor problemen gezorgd, dus heel vrolijk word je daar ook niet van. Meest interessante: al de genoemde technieken werken ook uitstekend zonder TPM-chip, alleen dan op een iets lager veiligheidsniveau. Nu bevelen we je sowieso al niet aan om privacygevoelige gegevens of onmisbare unieke bestanden op een Windows-systeem te bewaren. Het is vele malen veiliger om die direct op een NAS of in eigen beheer (of bedrijfsbeheer) draaiende cloudservice met stevige versleuteling te bewaren. Wil je toch een setje gegevens veilig lokaal (en vooral ook tijdelijk) op bijvoorbeeld je laptop bewaren, dan is er het bewezen stabiele VeraCrypt (voortgekomen uit het inmiddels om onbekende reden ter ziele zijnde TrueCrypt).

Saillant detail is dat VeraCrypt (en TrueCrypt in het verleden) geen gebruik maken van TPM. En er zelfs fel tegenstander van zijn, omdat het ding een vals gevoel van veiligheid geeft. Om een van VeraCrypt voorziene beveiligde container (die na decryptie gekoppeld wordt als virtueel schijfstation) te kunnen kraken is ten eerste al toegang tot een computer nodig waarbij administratorrechten nodig zijn of fysieke toegang. Dit scenario is – zo beredeneren de ontwikkelaars terecht – óók onveilig voor TPM. Heb je eenmaal een wachtwoord en ben je een systeem binnen, dan is er ook geen lieve moedertje in de vorm van een TPM-chip dat nog hulp biedt. Sterker nog: de TPM kan dan gereset worden, keyloggers kunnen wachtwoorden achterhalen enzovoort.

©PXimport

Opvallend

Het is dus opvallend dat Microsoft (trouwens tevens de ontwikkelaar van TPM, ‘wij van WC-eend…’) TPM als systeemeis stelt voor de installatie van Windows 11. Ten eerste schoffeert het daarmee een relatief trouwe achterban aan thuisgebruikers en gamers. De eerste categorie lijkt overigens steeds minder interessant voor Microsoft, en het is ook de categorie die al jarenlang aan het overstappen is op alternatieven als tablets en smart-tv’s. In de groep gamers vind je vooral de meer hardcore gebruikers, die ongetwijfeld de inmiddels al bekende trucjes gaan gebruiken om Windows 11 – als ze daar al behoefte aan hebben – op unsupported hardware te installeren.

DRM

Helaas is er nog een catch voor de ‘dwarsliggers’. Microsoft gebruikt TPM ook voor DRM, het knalhard koppelen van software en hardware wordt er eenvoudiger mee dan ooit. Doorverkopen van licenties wordt daarmee een heel stuk moeilijker tot onmogelijk, om maar wat te noemen. Ook leidt dit soort ‘alternatief’ tot potentieel ernstige privacy-risico’s (systemen zijn immers altijd feilloos traceerbaar), ironisch genoeg precies dat wat die TPM moet tegengaan. Ook de verplichte koppeling van de gebruikersaccount aan een Microsoft-account in Windows 11 levert potentieel ellende op wat dat betreft.

Recente CPU vereist voor Windows 11

Samenhangend met de TPM-restrictie is er ook de vreemde systeemeis dat Windows 11 alleen geïnstalleerd kan worden op een systeem voorzien van een een CPU die niet ouder is dan een jaar of twee, drie. De reden daarvoor is vaag, en heeft mogelijk te maken met TPM-functionaliteit die is ingebouwd in processoren of chipsets. Veel aannemelijker lijkt hier een andere reden. Intel heeft grote problemen om de veiligheid van z’n processoren onder controle te krijgen. Spectrum en Meltdown galmen luid na en leiden nog steeds tot zeer regelmatige microcode-updates, die meegeleverd worden in de reguliere updaterondes van Windows 10. 

Voor zowel Microsoft als Intel betekent dit extra werk. Werk waar ze liever geen tijd aan besteden, waarbij ook nog eens geldt dat microcode-updates altijd een zeker risico met zich meebrengen. Als het daar fout gaat, gaat het goed mis. De nieuwere generaties Intel CPU’s hebben nog altijd last van Spectre- en Meltdown (achtige) problemen, maar in mindere mate (beter beheer(s)baar dus, waarschijnlijk). 

Tot slot geldt dat zowel Microsoft als Intel nagenoeg volledig op elkaar zijn aangewezen. De een kan niet zonder de ander. Dat is te danken aan een über-traditioneel bedrijfsleven dat te veel vasthoudt aan oude ideeën. Het is nu interessant om te zien wat daar gaat gebeuren. We gokken dat de grote multinationals hier en daar wat zuchten maar uiteindelijk gaan investeren in wéér een nieuwe generatie werkstations (de servermarkt wordt allang gedomineerd door Linux en Unix). 

Het wordt met name ‘spannend’ bij middelgrote en kleinere bedrijven. Hebben zij de behoefte en het geld om verder nog prima functionerende computers te vervangen om een besturingssysteem te draaien dat in essentie ’t zelfde is als Windows 10? En – veel belangrijker – willen zij nog investeren in een hardware-toekomst die gedicteerd wordt door redelijk zinloze systeemeisen van een softwarefabrikant die onvoorspelbaar kunnen veranderen?

TPM de deal breaker van Windows?

Dat laatste is wat de TPM-chip wellicht vooral als deal breaker de geschiedenis in zal doen gaan. Dat mensen weinig zin hebben om wéér een nieuwe computer aan te schaffen – en zeker eentje primair bedoeld als Windows-systeem – spreekt voor zich. Zeker nadat mensen in Corona thuiswerktijd massaal nieuwe computers aanschaften, deels gebaseerd op de belofte van Microsoft wat Windows 10 de laatste versie van Windows is. Je mag er dan vanuit gaan dat jouw computer nog vele jaren Windows-compatibel blijft. Een deel van die de afgelopen anderhalf jaar aangeschafte systemen heeft geen TPM of een niet-ingeschakelde TPM aan boord. Tegelijkertijd heeft Microsoft bekend gemaakt dat het al in 2025 over en uit is wat Windows 10 betreft. Da’s al heel snel voor een besturingssysteem dat zo ongeveer ’t eeuwige leven beloofd was. Geen mooie aanbevelingen voor Windows 11. Tel daarbij op het vernielde startmenu en het voor Windowsgebruikers onhandige dock en je snapt dat de kritiek aanzwelt. De ellende doet allemaal erg denken aan Windows ME en Windows 8.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.