ID.nl logo
Fietsen op de Waddeneilanden
© Reshift Digital
Mobiliteit

Fietsen op de Waddeneilanden

Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog: de Waddeneilanden hebben samen ruim 350 kilometer aan fietspaden. Een ideale bestemming dus wanneer je er met je elektrische fiets op uit wilt!

Fietsen op Texel

Het zal je niet verwonderen dat het grootste Waddeneiland ook de meeste fietspaden hebt: in totaal kun je er ruim 135 km fietspad verkennen. Je kunt hier dus met gemak een week doorbrengen. Er zijn veel leuke plaatsjes en schitterende natuur, waardoor je heel uiteenlopende fietsroutes kunt samenstellen. Ook herbergt Texel verschillende bezienswaardigheden, zoals Ecomare (zeehondenopvang), het maritiem- en Juttersmuseum en het Cultuurhistorisch Museum. Online kun je ook al een aantal mooie tochten vinden, van tussen de 20 en 35 kilometer lang. Uitzetten van een route op Texel kan makkelijk met het Fietsknoop-systeem: je fiets van genummerd (witgroen) bord naar genummerd bord. Dat is een stuk makkelijker dan onthouden dat je na die boerderij met het rieten dak naar links moet en bij het derde hectometerpaaltje weer naar rechts.

Fietsen op Vlieland

Zin in een dagje Vlieland? Dit eiland is zeker de moeite waard om te verkennen op je e-bike. Je vindt er 26 km fietspad, die door de meest prachtige natuur voeren. Het eiland is autovrij, wat het fietsen een fijne (en stille!) beleving maakt. Ook prettig: je kunt op Vlieland eigenlijk niet verdwalen. Het is dus niet per se nodig om een route te volgen. Wil je liever wel wat houvast? Fiets dan de tocht naar het Posthuys Vlieland, de bekendste fietstocht van het eiland. Een plek met historie: dit was de verblijfplaats van Vlielands laatste postiljon te paard.

Fietsen op Terschelling

Terschelling is in grootte het tweede Waddeneiland. Geen wonder dat je er ruim 83 km fietspad vindt! Dat maakt het eiland bij uitstek geschikt voor liefhebbers van lange fietstochten, maar ook voor mensen die gewoon lekker een uurtje willen fietsen. Wil je in één keer zoveel mogelijk van het eiland zien? Er zijn verschillende routes waarmee je een ‘Rondje Terschelling’ kunt fietsen. Je komt dan door een aantal dorpjes, zoals West-Terschelling, Midsland en Horn, maar fiets ook stukken door de duinen of pal langs de Waddenzee. Deze route is ongeveer 37 kilometer lang. Zelf fietsroutes uitzetten kan natuurlijk ook. Omdat er op Terschelling veel te zien is, kun je leuke combinaties van fietsroutes en bezienswaardigheden maken. Verken bijvoorbeeld het westelijke gedeelte van het eiland en breng een bezoek aan de wereldberoemde Brandaris en Museum ’t Behouden Huys, of fiets juist in oostelijke richting en ga kijken bij het Kaapsduin (voor een adembenemend uitzicht) of bij het Drenkelingenhuisje. Ook vind je hier het strand van Oosterend, dat zonder overdrijven een van de mooiste stranden van Nederland is.

Fietsen op Ameland

Hoewel Ameland een van de kleinere Waddeneilanden is, heeft het wel ruim 100 km fietspad. Wil je die allemaal ontdekken, dan kun je daar dus rustig een lang weekeind of midweek voor uittrekken. Je kunt bijvoorbeeld één dag het westelijke deel van het eiland verkennen. Je kunt ervoor kiezen om via de plaatjes Ballum en Hollum te fietsen, maar je kunt ook een route door de duinen nemen: je fietst dan door de Zwanewaterduinen, ballumerduinen en Lange Duinen. Iets voorbij Hollum kun je de iconische vuurtoren van Ameland bezoeken. De vuurtoren is in het hoogseizoen elke dag geopend. Heb je een beetje conditie, beklim hem dan (236 treden). Je hebt dan een schitterend uitzicht over het eiland en het Waddengebied. Ga je voor het oostelijke deel van het eiland? De plaatsjes Nes en Buren zijn een bezoekje meer dan waard. Na Buren kom je geen dorpjes meer tegen, maar alleen prachtige natuur. Je kunt helemaal doorfietsen tot ’t Oerd, een natuurgebied met veel verschillende bijzondere planten, dieren en vogels. Onderweg vind je een uitkijkplateau (mét fietspomppaal) en uitzichtpunt Oerdblinkert, het hoogste duin van Ameland (24 meter), met weidse vergezichten.

Fietsen op Schiermonnikoog

Een ideale bestemming voor een dagje fietsen is Schiermonnikoog: de 30 km fietspad voeren door pittoreske dorpjes, over mooie landweggetjes en door schitterende duingebieden. Bijzonder is dat je op Schiermonnikoog onderweg geen richtingsborden en/of gekleurde routepaaltjes tegenkomt. De plaatselijke VVV heeft wel fietsroutes uitgezet, maar die zijn alleen op papier verkrijgbaar. De routes worden verkocht in het VVV-kantoor, maar je kunt op dezelfde site ook een aantal routes downloaden. Wil je vooral veel natuur zien, verken dan het oostelijke deel van het eiland; kies je voor het westelijke deel, dan kies je min of meer automatisch voor het enige dorp dat het eiland rijk is: Schiermonnikoog. Plaatselijk wordt het trouwens ook wel Aisterbun (Oosterburen) of Darp (Dorp) genoemd.

Fietsen met knooppuntenHeb je geen zin om ingewikkelde routebeschrijvingen te onthouden? Fiets dan via fietsknooppunten: witgroene ronde borden met een nummer erop. Samen bestrijken ze praktisch het complete fietspadennetwerk van Nederland. Je hoeft dan niet meer te onthouden waar je precies linksaf of rechtsaf moet slaan: je fiets gewoon van nummer naar nummer. Heel makkelijk dus! Je kunt een route uitzetten via de ANWB of Fietsknoop. Er is ook een bijbehorende app voor iOS en voor Android. Nog niet uitgefietst? Meer fietsroutes vind je in het

-

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos