ID.nl logo
Sony Xperia XZ1 - Grijze muis
© Reshift Digital
Huis

Sony Xperia XZ1 - Grijze muis

Sony smartphones zijn altijd heel herkenbaar. De toestelbenaming is daarentegen volkomen ontspoord. Neem de Xperia XZ1, onmiskenbaar Sony en de naam is heeft de aantrekkingskracht van een wiskundeformule.

Ja, Sony maakt nog altijd smartphones. Daar waar andere smartphonefabrikanten over elkaar heen rollen met specificaties en extra functies in hun smartphonelijnen, blijft Sony een beetje achter. Ook de Xperia-verkoopcijfers zijn niet ‘je van het’ geweest de afgelopen jaren, waardoor Sony-telefoons langzaam uit het straatbeeld en uit de hoofden lijken te verdwijnen.

Design

Het ontwerp is al jaren ongeveer gelijk en de aanpassingen aan Android zijn minimalistisch. Wat overigens niet als minpunt gezien hoef te worden. Integendeel, de Xperia XZ1 draait al op Android 8.0 (Oreo) en het ontwerp is nog altijd fraai, maar om eerlijk te zijn wel wat verouderd.

De metalen behuizing heeft een fraaie kromming om de zijkanten van het toestel en de boven- en onderkant lijken wat rechter afgesneden. Hierdoor heeft het ontwerp ook wat weg van de Lumia-smartphones van weleer. Toch is het een echt Sony-toestel, dat slank is en van een stevige (waterdichte) bouwkwaliteit, met aan de onderkant een usb-c-poort, bovenop gewoon een koptelefoonaansluiting en aan de rechterkant een unieke sluiter- en aanknop, waarbij in laatstgenoemde een vingerafdrukscanner verwerkt zit. Wat mij betreft de beste plek voor een vingerafdrukscanner, ongeacht je het toestel in je linker- of rechterhand vastpakt.

Ondanks dat oogt de Xperia XZ1 wel wat verouderd. Niet alleen is het ontwerp van Sony de afgelopen jaren min of meer gelijk gelijk gebleven, ook heeft het toestel ontzettend dikke randen (bezels) rondom het scherm. Het scherm heeft een diagonaal van 5,2 inch (13 cm), maar heeft verder een flink formaat. Andere fabrikanten weten in ongeveer een gelijke behuizing een veel groter scherm te passen, zoals de Samsung Galaxy S8, Huawei Mate 10 Pro en de OnePlus 5T, die een scherm van (bijna) 6 inch hebben. Met een iets langwerperige beeldverhouding, dat wel.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

HDR-scherm

Dat 5,2 inch-scherm is voorzien van een full-HD resolutie (1920x1080). Prima voor normaal gebruik, maar mocht je de Xperia XZ1 ook voor VR willen gebruiken, dan is het toch wat onscherp. De Xperia XZ1 is ook de eerste smartphone met een HDR-scherm. Hiermee zou het toestel in staat zijn nog meer kleuren en een beter contrast weer te geven. Ik heb intussen bijna het hele

(van Sony zelf nota bene) bekeken op het HDR-scherm van de XZ1 en de OnePlus 5T (zonder HDR dus) ernaast. Maar ik moet zeggen dat HDR (vooralsnog) op een smartphone vooral marketing is. Verschil is nauwelijks te zien, enkel wanneer je twee toestellen naast elkaar houdt merk je dat je door de betere kleurweergave en contrast alles wat gedetailleerder en verfijnder oogt. Mooi hoor. En begrijp me niet verkeerd, het scherm van de XZ1 is puik. Maar verwacht niet teveel van HDR.

Het scherm is puik. Maar verwacht niet teveel van HDR.

-

Specificaties

Intern is alles dik in orde. Een snelle Snapdragon 835-processor, vergezeld door 4GB aan werkgeheugen zijn zat om het toestel vlot te laten werken. Er is 64GB opslag beschikbaar, dat je gewoon kunt uitbreiden met een geheugenkaartje.

Accu

Op papier valt de accucapaciteit wat tegen: 2.700 mAh. De meeste concurrenten beschikken over een capaciteit van 3.000 of meer. In praktijk valt het gelukkig te overzien. Je kunt een dag met een volle acculading doen, met een beetje moeite lukt anderhalve dag ook wel. Dat is indrukwekkend voor de beschikbare accucapaciteit, maar het had fijn geweest als Sony het toestel had voorzien van een iets grotere accu.

Camera

Al jaren stellen Xperia’s me teleur op smartphone-cameragebied. Ik merk vooral heel erg veel ruis en bewegingsonscherpte op, en dat is zonde, want niet alleen heeft Sony fantastische camera’s, ook zijn ze leverancier van smartphone-cameralenzen van vrijwel alle andere grote smartphonefabrikanten, waaronder Samsung en Apple, die beide bekend staan om hun beste smartphonecamera. Waarom Sony niet mee kan komen is me daarom een raadsel, zouden ze hun eigen lenzen softwarematig niet goed afgestemd krijgen?

Zoals je na het lezen van de vorige alinea wellicht al vermoedde. Ook de enkele camera van de Xperia XZ1 is niet heel indrukwekkend. Qua functies wel, de slowmotion-videomogelijkheid werkt goed, evenals de mogelijkheid om het object waarop je focust automatisch te volgen. Zelfs de app biedt een goede balans, waarbij gevorderde fotografen en gewone plaatjesschieters snel de optimale foto maken.

De kwaliteit van de foto’s komt gewoonweg niet helemaal mee met toestellen in dezelfde prijsklasse. Dat is blijft verwonderlijk. Vooral wanneer er veel tegenlicht is, of weinig licht, dan blijft er weinig detail zichtbaar, treed er ruis op en is er bewegingsonscherpte. Terwijl kleuren juist doorgaans mooi worden weergegeven. Vooral als de lichtomstandigheden wel goed zijn en de beweging beperkt blijft.

Oreo zonder Treble

Op softwaregebied zit het met Sony altijd wel goed. Dat wordt onderstreept door het feit dat de Xperia XZ1 tijdens zijn aankondiging dit najaar de eerste smartphone was met Android 8.0 (Oreo). Bovendien blijft Android behoorlijk intact gelaten, Sony voelt gelukkig niet de noodzaak om aan alle schroefjes te draaien van het besturingssysteem.

Android Oreo kent een belangrijke vernieuwing: Treble. Hiermee wordt de kern van Android als het ware gescheiden van de rest van het besturingssysteem, waardoor Google in staat is zelf deze kern van updates te blijven voorzien. Wanneer fabrikanten dit ondersteunen is dat goed voor de veiligheid van Androidgebruikers. Helaas ondersteund de Xperia XZ1 Treble voorlopig niet. Dat is wel jammer.

Een ander minpuntje van Android op de Xperia XZ1 is dat Sony bloatware op het toestel zet. Natuurlijk zijn er talrijke Sony-apps, dat is het probleem niet. Vervelend is wel dat je een overbodige AVG-virusscanner op je toestel aantreft. Het feit dat het Android-systeem de AVG-app ook meteen als zwaar achtergrondproces identificeert maakt de bloatware gênant.

3D maker

Nieuw is de 3D maker-app. Met deze app kun je objecten en personen via de camera in 3D vastleggen. Bijvoorbeeld om op de pc of in AR te hergebruiken of om in 3D af te drukken. Een leuke toevoeging, alhoewel je vaak moet oefenen voordat je een beetje goed resultaat hebt. Het is jammer dat de Xperia XZ1 niet over een dubbele camera beschikt, want dan zou het toestel beter in staat moeten zijn diepte vast te herkennen en dus het object beter vast te leggen. Vooralsnog is de 3D maker nog een gimmick, maar zeker leuk om eens mee te spelen.

©PXimport

©PXimport

Prijs

De Xperia XZ1 kost op het moment van schrijven zo’n 630 euro. Dat is net even te prijzig, vooral als je je bedenkt dat je voor minder geld ook uitstekende toestellen kunt krijgen als de OnePlus 5T, Nokia 8 en zelfs de Galaxy S8 van Samsung is naar een gelijk prijspunt gedaald. Het zal mij persoonlijk niet verbazen als de Xperia XZ1 in relatief korte tijd behoorlijk in prijs daalt, dus mocht je het toestel in de aanbieding voorbij zien komen, dan is de Xperia een veilige keuze. Maar meer dan 600 euro is deze smartphone niet waard.

Conclusie

De Xperia XZ1 is een oerdegelijk toestel, dat wat verouderd oogt door zijn ontwerp en dikke schermranden. Hij draait op de recentste Androidversie en het scherm is keurig, maar verwacht niet teveel van de HDR. De camera stelt echter nog wat teleur. Al met al is de XZ1 een prima keuze, wanneer hij nog wat in prijs zakt.

Oké
Conclusie

**Prijs** € 630,- **Kleur** Zwart, zilver, blauw, roze **OS** Android 8.0 (Oreo) **Scherm** 5,2 inch HDR LCD (1920 x1080) **Processor** 2,35 GHz octacore (Qualcomm Snapdragon 835) **RAM** 4GB **Opslag** 64 GB (uitbreidbaar met geheugenkaart) **Batterij** 2.700 mAh **Camera** 19 megapixel (achter), 13 megapixel (voor) **Connectiviteit** 4G (LTE), Bluetooth 5.0, wifi, gps, nfc **Formaat** 14,8 x 7,3 x 0,7 cm **Gewicht** 155 gram **Overig** Vingerafdrukscanner, usb-c, koptelefoonpoort, waterdicht **Website** [www.sonymobile.com](https://www.sonymobile.com/nl/products/phones/xperia-xz1/)

Plus- en minpunten
  • Schermkwaliteit
  • Schone en recente Android
  • Waterdichte bouwkwaliteit
  • Oogt verouderd
  • Bloatware
  • Teleurstellende camera
  • Prijs
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.