ID.nl logo
Zo bespaar je energie met smarthome-apparatuur
© Getty Images/iStockphoto
Energie

Zo bespaar je energie met smarthome-apparatuur

Smarthome-producten kunnen je helpen energie te besparen, maar het is wel belangrijk dat je die producten goed gebruikt. Ondanks dat vrijwel alle smarthome-apparaten eenvoudig op afstand via een app zijn te bedienen, betekent dat niet automatisch dat zo'n apparaat ook goed is ingesteld. De bediening via een app heeft vooral betrekking op het bedieningsgemak.

Volgens een onderzoek van GFK schaft 44 procent van de huishoudens smarthome-apparatuur aan om meer aan energiebesparing te doen. Meer dan de helft van deze consumenten is bovendien bereid om meer dan 20 procent extra te betalen voor zulke slimme producten. Maar, kun je eigenlijk wel energie besparen met slimme apparaten? En waar moet je dan op letten?

Slimme lampen

Het was 'vroeger' nog al eens vervelend om lampen die jij (of iemand anders) vergeten was uit te doen, alsnog uit te schakelen. Je moet immers weer terug naar de plek waar de lamp is blijven branden. Met slimme lampen hoef je je daar niet druk over te maken: met één druk op de knop schakel je de lamp(en) uit die je heb laten branden.

Maar het is nog beter en zuiniger wanneer je lamp is voorzien van bewegingsdetectie, al dan niet ingebouwd. Dat soort lampen kun je dan automatisch laten uitschakelen als er een tijd geen beweging heeft plaatsgevonden. Ideaal voor bijvoorbeeld de gang, overloop of de trap.

Wat de lampen zelf betreft: kies waar mogelijk voor zuinige ledlampen: deze zijn zo'n 80 tot 90 procent zuiniger dan conventionele gloeilampen.

Slimme thermostaat

Het doel van een slimme thermostaat is om warmte te produceren op het moment dat je het echt nodig hebt. Een lerend systeem kan aan de hand van jouw aanwezigheid of die van je huisgenoten de verwarming aan- of uitzetten. Maar belangrijk om te weten is dat die leerperiode wel eventjes kan duren; een slimme thermostaat weet niet al na een week wat de optimale instellingen moeten zijn. Het verbruik van je cv-systeem kan direct na de aanschaf en installatie dus nog wel hoger liggen.

Kijk hier voor het aanbod slimme thermostaten op Bol.com

©Axel Bueckert

De algemene regel voor ieder verwarmingssysteem is: verwarm niet je hele huis. Draai radiatorkranen dicht in de kamers die niet verwarmd hoeven te worden, of maak gebruik van een slimme radiatorkraan die je op afstand kunt bedienen of automatisch dichtgaat bij het bereiken van een ingestelde temperatuur. Sluit ook altijd de deuren van ruimtes die op temperatuur zijn of niet verwarmd hoeven te worden. Zo voorkom je dat de opgewekte warmte verloren gaat.

Wil je helemaal geen gas meer gebruiken voor het verwarmen van het water of de verwarming? Dan zou een warmtepomp een goed alternatief kunnen zijn. Let wel: met de huidige hogere prijzen van energie en de onduidelijkheid over het energieplafond van de overheid hoeft het niet altijd te lonen om te investeren in een warmtepomp. Laat je dus goed informeren en lees vooral onze tips over de kosten van een warmtepomp.

Modulerende of aan/uit-ketel

Ook belangrijk: er bestaan twee soorten aansturingsmogelijkheden voor cv-ketels: aan/uit en modulerend.

Bij een aan/uit-aansturing kan een cv-ketel alleen aan of uit worden gezet. Is de temperatuur bijvoorbeeld 17 graden, maar je wil deze op 19 graden instellen, dan gaat de cv-ketel op vol vermogen aan om die temperatuur te bereiken en schakelt vervolgens weer uit. Verhoog je de temperatuur weer met één graad, dan gaat de cv-ketel weer op vol vermogen om die temperatuur te bereiken. Ook bij een vast ingestelde temperatuur op de thermostaat zal een aan/uit-ketel telkens blijven 'bijbranden' om die temperatuur constant te houden.

Een modulerende cv-ketel werkt zuiniger. Het vermogen wordt geleidelijk aangepast aan de warmtevraag. Is de ingestelde temperatuur bereikt, dan schakelt het systeem zich niet uit, maar gaat brandt hij minder hard. De temperatuur in de cv-ketel blijft hierdoor constant en zijn er weinig schommelingen. Wordt de thermostaat verhoogd, dan brandt de (gas)brander geleidelijk iets hoger, totdat de nieuwe temperatuuraanvraag is bereikt. Maar omdat de eerdere temperatuur al was bereikt en constant is gehouden, kost het bijverwarmen veel minder energie dan wanneer de ketel vanaf een lagere temperatuur moet gaan bijverwarmen.

Modulerende ketels werken via een speciaal protocol: OpenTherm. Alle slimme thermostaten werken met het OpenTherm-protocol, maar soms kun je ook kiezen voor een slimme thermostaat dat speciaal geschikt is voor aan/uit-modellen.

Slimme gordijnen

Je zou het wellicht niet meteen denken, maar ook slimme gordijnen zijn bij uitstek geschikt om wat aan je energieverbruik te doen. Veel slimme gordijnsystemen worden geleverd met een module voor zonlichtdetectie die aan de raamzijde van het gordijn kunnen worden bevestigd.

©CIDimport

Stel ze bijvoorbeeld zodanig in dat de gordijnen op koude dagen vanzelf opengaan bij zonlicht. Op die manier kun je de zonnestralen gebruiken om de kamer(s) op koudere dagen alvast op te warmen, zonder dat je direct de verwarming aan hoeft te zetten. Het opwarmen van de kamer via de zonnestralen door de ramen kan zo een paar graden extra warmte opleveren.

Op juist heel hete dagen kun je ervoor kiezen om de gordijnen (automatisch) te sluiten om de hitte buiten te houden en het huis op die manier een paar graden koeler te houden. Ook hiermee bespaar je energie, omdat je dan bijvoorbeeld geen airco hoeft te gebruiken.

Slimme stopcontacten en schakelaars

Ook slimme stopcontacten en schakelaars die zijn gekoppeld aan een domoticasysteem kunnen je helpen om energie te besparen. Hoe eerder energieslurpende apparaten worden uitgeschakeld, des te meer energie je bespaart. Zo kun je apparaten tijdig in- of uitschakelen bij bepaalde bereikte temperaturen, zoals een mobiele airco.

©PXimport

Algemene tips

Voor verdere energiebesparing kijk je ook naar al je andere elektrische apparaten in huis. Kan een oudere koelkast bijvoorbeeld vervangen worden door een nieuw energiezuiniger model? Of zorg ervoor dat je je huidige koelkast zuiniger maakt.

Houd ook in de gaten welke apparaten er thuis allemaal in de stand by-stand staan, zoals je televisie, decoder of mediabox. De iptv-kastjes van de provider kun je soms niet helemaal uitschakelen, omdat het apparaat zich dan weer opnieuw moet aanmelden bij de provider, maar sommige modellen kunnen ook in een diepe slaapstand worden gezet, waardoor ze nog minder energie verbruiken. Het nadeel is dan wel dat je niet snel tv kunt kijken, maar een paar minuten moet wachten tot het apparaat weer uit die diepe slaapstand is gekomen.

Andere apparaten die je liever in één keer uitschakelt als je ze niet gebruikt, bijvoorbeeld als je naar bed gaat, kun je aansluiten op een stekkerdoos met een fysieke aan/uit-knop. Met die knop zet je al die apparaten direct uit en verbruiken ze geen onnodige stroom. Er zijn natuurlijk ook smart stekkerdozen die je via een app op ingestelde tijden in- en uit kunt schakelen, maar let er wel op dat dergelijke stekkerdozen continue stroom verbruiken om de signalen van het domoticasysteem te kunnen ontvangen, al zal het verbruik daarvan vrij laag zijn.

©Proxima Studio - stock.adobe.com

Met een slimme meter heb je een veel nauwkeuriger inzicht in je energieverbruik, omdat dergelijke apparaten je verbruik met de minuut voor je bijhouden. Zo ben je bewuster van je gas- en stroomverbruik, geeft het je inzage in je (sluip)verbruik en hoe je nog meer kunt besparen. Bij de meeste energieleveranciers kun je met een app direct inzicht in je verbruik krijgen, of is het mogelijk om aan de slimme meter een losse module aan te sluiten.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.