ID.nl logo
Galaxy Gear - Samsungs slimme horloge stelt teleur
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Galaxy Gear - Samsungs slimme horloge stelt teleur

Samsung lanceert met de Galaxy Gear zijn allereerste smartwatch, welke toch vooral bedoeld lijkt om concurrent Apple af te troeven op de markt voor draagbare gadgets. Is de Gear zijn hoge prijskaartje waard? Of doe je er toch beter aan even te wachten op het aanbod van andere fabrikanten...

Deze week vond de CES-elektronicabeurs plaats in Las Vegas, en als daar iets duidelijk werd is het wel dat de draagbare gadget een van de grote trends van 2014 zal worden. En laten we eerlijk zijn, het concept staat natuurlijk als een huis. Wie wil er nou geen horloge dat je binnenkomende berichten laat lezen, telefoongesprekken laat voeren, dienst doet als multimediacenter en foto's kan maken? Ik in ieder geval wel! Ik ging dan ook vol verwachting met het Samsung-apparaatje aan de slag, om enkele dagen later gedesillusioneerd de handdoek in de ring te gooien.

Industrieel design

Zoals ik na mijn eerste hands-on-ervaring met de Gear op de IFA-beurs al concludeerde, is het design van dit horloge mooi, maar niet bepaald praktisch. Het Samsung-horloge is met zijn 74 gram aan de zware kant, en de module met daarop het display is behoorlijk dik. Dit zorgt ervoor dat, vooral bij mensen met dunne polsen, het horloge log aandoet. Het is teleurstellend dat deze dikke behuizing geen extra voordelen met zich meebrengt, want het horloge is bijvoorbeeld niet stof- of waterdicht.

©PXimport

De Gear is behoorlijk dik, waardoor het horloge niet bij iedereen prettig om de pols zit.

Het is zeker een opvallende verschijning, de Galaxy Gear, waarbij de kunststof polsband mooi samenkomt met de metalen behuizing van het kleine scherm. De schroefjes die aan de voorzijde te zien zijn geven de gadget een stoer en industrieel uiterlijk. Afgezien van de vormfactor is er dus weinig op het design van de Gear aan te merken.

Alleen Samsung-smartphones

Een van de grootste nadelen van het slimme horloge is dat deze alleen samenwerkt met nieuwere Samsung-toestellen als de Galaxy S4, S3, Note 2 en Note 3. Samsung stuurde de laatstgenoemde dan ook met het horloge mee, zodat we de Gear in ieder geval naar behoren konden testen. Deze beperkte compatibiliteit maakt de Gear dus direct een no-go voor iedereen die geen splinternieuw Samsung-toestel in huis heeft, terwijl huidige concurrenten als de Sony Smartwatch 2 en de Pebble wel met vrijwel alle (Android-) smartphones samenwerken.

Het in gebruik nemen van de Galaxy Gear is kinderlijk eenvoudig dankzij de NFC-ondersteuning. Tik met de smartphone even tegen het oplaadstation van de Gear, en de twee apparaten zijn verbonden. Voor het doorsturen van berichten, notificaties, media en gesprekken wordt gebruikgemaakt van Bluetooth, dus deze dien je wel constant ingeschakeld te houden als je de Gear gebruikt.

Het kleurendisplay is 1,63 inch groot en heeft een resolutie van 320 x 320 pixels. Meer dan genoeg om korte teksten goed op te kunnen lezen en door het menu te swipen. In de polsband van de Gear zit een 1,9 megapixel-camera gebouwd, en de gemaakte foto's en video's zijn redelijk goed op het display te zien. Ga je deze media op het grote scherm van je Galaxy-telefoon of de pc bekijken, dan blijkt al snel dat de camera van een zeer matige kwaliteit is. Hierdoor zal je voor het betere fotowerk toch echt nog je smartphone uit je broekzak moeten halen. Daarbij is het ook jammer dat je filmpjes van maximaal 15 seconden kunt schieten.

©PXimport

De metalen behuizing en kleine schroefjes zorgen voor een stoer en industrieel design.

Gear-apps

Het aantal apps voor de Galaxy Gear is vooralsnog beperkt en ze zijn vooral afkomstig van Samsung zelf. Het app-aanbod van derden groeit maar langzaam. En dat is jammer, want het zijn toch juist apps als Evernote en Runtastic die de gebruikservaring van de Gear op dit moment enigszins verrijken. Onder Samsungs eigen apps vinden we onder meer een agenda, stappenteller en uiteraard spraakassistent S Voice. Een van de beste apps is echter wel de weer-app. Open je deze dan krijg je een voorspelling voor de komende week, erg handig en overzichtelijk.

De Gear draait op een matige 800 MHz-processor en beschikt over 512 MB aan RAM. Genoeg om het apparaatje naar behoren te laten draaien, maar wanneer je door de menu's veegt zal je toch regelmatig wat vertraging zien. De 315 mAh-batterij laat ook wat te wensen over; je kunt de Gear vrijwel iedere dag aan de oplader hangen. Extra onhandig is dat je voor het opladen een speciaal dock om het horloge moet klemmen, waar je vervolgens de micro-usb-kabel in kunt drukken.

Hoe laat is het?

Er is een bewegingssensor in de Gear aanwezig die er onder meer voor moet zorgen dat het display oplicht zodra je wilt kijken hoe laat het is. Niet geheel onbelangrijk natuurlijk voor een apparaat dat in essentie een horloge is. Het werkt echter niet altijd even goed, waardoor je soms enkele seconden moet wachten tot het display aanslaan, of zelfs volledig zwart blijft. Je moet zo nu en dan dus de fysieke aan/uit-knop indrukken om alleen maar even te zien hoe laat het is. Sinds de update werkt het gelukkig iets beter, maar vlekkeloos gaat het bij lange na niet. Een horloge moet gewoon altijd de tijd weergeven.

©PXimport

Samsungs eerste smartwatch gaat helaas gebukt onder tal van kinderziektes.

De recente updates hebben ervoor gezorgd dat de Gear aanzienlijk meer informatie van meerdere apps je smartphone kan weergeven. WhatsApp hoort echter nog altijd niet tot de ondersteunde applicaties, en laat dit voor veel mensen nou de meest gebruikte berichtendienst zijn. Krijg je nog ouderwetse sms'jes binnen, dan zijn deze wel te lezen op het kleine scherm.

Bellen met je pols

Telefoneren is ook mogelijk met de Gear. Binnenkomende gesprekken worden op het schermpje weergegeven, en heb je je contactpersonen voorzien van een foto dan is deze eveneens te zien. Het bellen via het Samsung-horloge is een vrij ongemakkelijk gebeuren. In de sluiting van de polsband zit een microfoon verwerkt, waardoor je als een soort Michael Knight tegen je pols aan het praten bent. Het voelt niet prettig om zo te moeten bellen, en daarbij denkt iedereen in je directe omgeving dat je niet goed bij je hoofd bent. Na enkele testgesprekken greep ik dus maar gauw weer naar m'n telefoon wanneer er gebeld werd.

Conclusie

De Galaxy Gear laat zien dat draagbare gadgets absoluut potentie hebben. De manier waarop Samsung hier echter invulling aan heeft gegeven is ronduit teleurstellend. De Gear werkt namelijk alleen met een select aantal Samsung-smartphones, ondersteunt een handjevol apps en is fors aan de prijs. Daarbij laten de bewegingssensor, camera en batterij behoorlijk te wensen over, wat het moeilijk maakt om de Gear op dit moment aan te raden. Dit ondanks zijn stoere uiterlijk en het prima display. Hopelijk kunnen toekomstige updates en een prijsverlaging de aanschaf van de gadget alsnog verantwoorden.

Slecht
Conclusie

Samsung Galaxy Gear V7000 ------------------------- **Prijs** € 299,- **Besturingssysteem** Android (aangepast) **Beeldscherm** 1,63 inch (320 x 320 pixels) **Processor** 800 MHz **Intern geheugen** 512 MB **Opslag** 4 GB (niet uitbreidbaar) **Batterij** 315 mAh **Connectiviteit** NFC, Bluetooth 4.0 **Sensors** Accelerometer, gyro-sensor **Aansluitingen** Micro-usb via oplaaddock **Afmetingen** 56,6 x 36,8 x 11,1 mm **Gewicht** 73,8 gram **Camera** 1,9 megapixel

Plus- en minpunten
  • Mooi scherm
  • Stoer uiterlijk
  • Prijs
  • App aanbod
  • Batterijduur
  • Werkt met weinig smartphones
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.