ID.nl logo
Airfryer of oven: waar bespaar jíj meer mee?
© Sutthisak - stock.adobe.com
Huis

Airfryer of oven: waar bespaar jíj meer mee?

In menig keuken zien we soms beide apparaten staan: airfryers en ovens. Beide apparaten zijn vergelijkbaar met elkaar, maar kun je toch net even anders gebruiken. En hoe zit het precies met de kosten? Dat laatste aspect 💰 is waar we in dit artikel vooral naar kijken.

Airfryer of oven?

  • Hoe gebruik je beide apparaten over het algemeen?
  • Hoeveel geld kosten ze in het dagelijks gebruik?
  • Hoe zit het precies met de energie-efficiëntie?

Ook een lekker artikel: De beste gezonde recepten voor je airfryer.

Na het lezen van dit artikel kun je zelf goed bepalen wat voor jou de zuinigste optie is: je airfryer of je oven.

Laten we er niet moeilijk over doen: de kosten voor het dagelijkse leven zijn in korte tijd rap gestegen. Iedereen probeert op allerlei manieren geld te besparen. Dat kun je doen door op aanbiedingen te letten, minder impulsaankopen te doen of door energie te besparen. Vooral energie is erg duur geworden. Voor nu lijkt het erop dat de prijzen wel weer gaan dalen, maar hoe zitten we er later dit jaar bij? Omwille van die onzekerheid is het verstandig om verder te kijken naar energiebesparingen in huis, zoals in de keuken.

Airfryer versus oven: hoe je ze gebruikt

Misschien heb je ze allebei in de keuken staan, misschien heb je één van de twee: de airfryer en de oven. In beide gevallen is het handig om te weten hoe het precies zit met het energieverbruik. Om dat echt goed te kunnen bepalen, moeten we eerst kijken naar hoe je beide apparaten gebruikt. Met een airfryer kun je je voedsel snel en gelijkmatig bakken. Ten opzichte van een traditionele frituurpan is dit een veel gezondere optie; dit komt doordat de airfryer heel snel warme lucht circuleert in zijn kleine kamer. Je stopt alles in het mandje en hoeft dan alleen maar te wachten tot het klaar is.

Ovens werken op eenzelfde manier als de airfryer: ook hier circuleert er hete lucht rondom het eten. Het grote verschil is dat je met een airfryer kleine porties klaarmaakt, terwijl je met een oven grotere gerechten of veel meer kleinere porties kunt maken. Dat is over het algemeen wat economischer en tijdvriendelijker, in vergelijking met die airfryer.

Daar tegenover staat weer dat een airfryer altijd afslaat op het moment dat-ie klaar is. Hoewel ovens ook een soortgelijke functionaliteit hebben, gaat niet elk model altijd uit op het moment dat het eten klaar is. Dat betekent dus onnodig energieverbruik.

©RossandHelen photographers

Meld je aan en ontvang het Airfryerwijzer Eindrapport 2024

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl Airfryerwijzer-resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Airfryer versus oven: hoeveel geld ben je kwijt?

Je voelt het wellicht al een beetje aankomen, maar hoeveel geld je kwijt bent aan het gebruik van beide apparaten, ligt er deels aan hoe (vaak) je hem gebruikt. Ook ligt het er nog maar net aan wat voor airfryer of oven je hebt. Je hebt airfryers met vermogens van 1.500 tot 2.000 watt. Dan kunnen we een gemiddeld vermogen van 1.750 watt noteren. Dan moeten we nu kijken hoe lang het duurt om iets klaar te maken. Als voorbeeld nemen we frietjes. Volgens Philips duurt het ongeveer een half uur om ze klaar te maken. Dan komen we uit op een gemiddeld verbruik van iets meer dan 0,87 kWh.

🧮 Verbruik berekenen De afkorting kWh staat voor kilowattuur: de h staat voor hour (uur in het Engels). Een kilowatt is gelijk aan 1000 watt. Om het verbruik te meten, vermenigvuldig je het stroomverbruik in kilowatt met de tijd in uren (of minuten) van gebruik. We kijken nogmaals naar het bakken van die frietjes: je gebruikt een airfryer van 1.750 watt voor 30 minuten. Dan is het verbruik 1,75 kilowatt x 0,5 (de helft van een uur) = 0,87 kWh.

Wat ben je dan kwijt aan het verbruik? De gemiddelde stroomprijs is op moment van schrijven 0,75 euro. Die frietjes bakken kost je dan 65 cent. Je rekent dat uit door het verbruik te vermenigvuldigen met de stroomprijs. Ga je elke week airfryen tegen dezelfde kosten, dan ben je jaarlijks 34 euro kwijt. Ovens hebben vaak het dubbele vermogen van een airfryer, met 2.000 tot 5.000 watt. We hoeven er dan geen ingewikkelde rekensom op los te laten om te weten dat een oven an sich meer verbruikt dan een airfryer. Je leest meer over de wattage in de handleiding van de oven of airfryer.

©Brebca

Een cake kun je zowel in de oven als in de airfryer klaarmaken

Airfryer versus oven: de energiezuinigheid

Hoe zit het precies met de energiezuinigheid van die apparaten? Nou, over het algemeen kun je stellen dat airfryers energiezuiniger zijn dan ovens. Ze zijn compacter, hebben minder tijd nodig om op te warmen (in sommige gevallen hoeft dit niet eens, iets dat we in de bovenstaande berekening niet eens hebben meegenomen) en ze verbruiken simpelweg minder energie. Ze doen er ongeveer even lang over om voedsel gaar te krijgen, en dat terwijl ze dus minder energie verbruiken. Het grote nadeel van een airfryer is meestal dat je er alleen kleine gerechten of porties mee klaarmaakt.

Wanneer je een groot gezin hebt, vaak moet bakken voor je werk of gewoon vaak grote hoeveelheden voedsel klaarmaakt, dan kan een oven economischer zijn. Voor die situaties is een oven meer kosteneffectief en veelzijdiger. Bovendien kun je er ook groter soorten voedsel in klaarmaken, wat tijdens feestdagen handig kan zijn. Daarom kunnen we niet beweren dat een airfryer altijd de beste keuze. Voor kleine gezinnen en kleine porties wel; en ook het lagere verbruik spreekt in het voordeel. Maar voor grote huishoudens en kokers blijft de oven de meest veelzijdige optie.

Wil je op andere manieren geld besparen in huis? Dan kun je ook eens aan een slimme watermeter denken. Daarnaast kan het geen kwaad de circulatiepomp van je verwarmingsinstallatie eens te checken. Bovendien hoeft een regendouche niet zoveel geld te kosten als voorheen. Ook als je gewoon op zoek bent naar algemene bespaartips voor elke kamer in huis, dan kun je terecht op ID.nl.

Watch on YouTube

Meer video's van ID.nl zien? Abonneer je dan op ons YouTube-kanaal!

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos