ID.nl logo
De slimme watermeter: dit is het en dit heb je eraan
Energie

De slimme watermeter: dit is het en dit heb je eraan

Natuurlijk wil je weten hoeveel gas en stroom je verbruikt, maar het kan ook interessant zijn om te weten hoeveel water je verbruikt. Niet omdat je daar honderden euro's mee kunt besparen٭ (de tarieven voor water liggen gelukkig een enorm stuk lager dan voor energie), maar wel omdat duurzaamheid intussen helemaal geen vies woord meer is, integendeel. Dat monitoren van je waterverbruik gaat heel makkelijk met een slimme watermeter. Wat zo'n meter precies doet en wat de voordelen zijn? ID.nl legt het uit.

٭ Soms trouwens wel. Daar komen we verderop op terug!

In dit artikel praten we je bij over slimme watermeters: 💧 Wat heb je aan een slimme watermeter (en wat zijn de voordelen?) 💧 Hoe installeer en gebruik je een slimme watermeter? 💧 Helpt een watermeter je geld te besparen?

Ook het lezen waard: Zuinig douchen met een regendouche? Het kán!

Wanneer je denkt aan het woord slim, dan denk je tegenwoordig al gauw aan een smarthome. Een huis vol producten die onderling met elkaar communiceren en allerlei zaken automatisch voor je regelen. Maar het kan ook veel simpeler. Dat bewijst de slimme watermeter: een apparaat waarmee je je waterverbruik in huis meet. En dat slimme? Nou, je kunt hem aan je wifi-netwerk koppelen en dan de gegevens uitlezen die het apparaatje gemeten heeft.

Wat heb je aan een slimme watermeter?

Om te bepalen of een slimme watermeter iets voor jou is, wil je natuurlijk eerst weten wat je er precies aan hebt. In het kort: zo’n slimme meter geeft je allereerst inzicht. Want je verbruik is letterlijk zichtbaar wanneer je water ziet stromen. En wanneer je geen water in beweging ziet, dan is er dus geen verbruik. Daarnaast maakt het je bewust van de hoeveelheid water die er dagelijks bij jou doorheen gaat. Dat kan ervoor zorgen dat je bewuster met water omgaat. En dat kan geld schelen. Niet heel veel (afhankelijk van je drinkwaterleverancier liggen de prijzen ergens tussen de 85 cent en 1,73 euro per kubieke meter (deze prijzen zijn inclusief 9 procent btw), maar toch. Alle kleine beetjes, enzovoorts.

Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikt 100.000 liter (100 m3) drinkwater per jaar

- Drinkwaterbedrijf PWN

Inzicht en bewustwording ...

... dat zijn ook meteen de twee grootste voordelen van zo’n slimme watermeter voor in huis. Na het installeren kun je het apparaat koppelen aan een gratis beschikbare app. Daarin kun je tot op de minuut je verbruik in kaart brengen. Je stelt de kostprijs in en ziet dan ook staan wat je verbruik maandelijks kost. Zo kun je bijvoorbeeld voor jezelf bepalen of je misschien korter moet gaan douchen (of de douche even uitzet wanneer je je inzeept) of op een andere manier moet gaan afwassen. En wat verbruikt die wasmachine nou eigenlijk? Dat krijg je allemaal te zien.

Binnen de app van HomeWizard kun je nauwkeurig je verbruik volgen. In de bovenstaande screenshot staat het waterverbruik er niet tussen, maar ook dat kun je dus terugzien binnen de app.

De slimme watermeter gebruiken

De slimme watermeter koppel je aan de watermeter die je al bij jou in huis hebt hangen. Je hebt hier nog wel een adapter voor nodig, maar in principe moet je elke slimme meter aan elke analoge meter kunnen koppelen. Lees je voor aankoop wel even in. Niet alleen over wat het product kan, maar ook of dat compatibel is met jouw watermeter. Neem bijvoorbeeld de HomeWizard Watermeter, één van de populairste slimme meters van dit moment. Die werkt met de meeste watermeters met een Itron-, Elster- of Sensus-montage. Je kunt deze watermeter trouwens ook kopen als onderdeel van een set die ook je stroom- en/of gasverbruik meet.

Een slimme watermeter installeren is gelukkig zo gepiept en binnen enkele minuten gefikst. Via de meegeleverde adapter sluit je hem aan op de analoge meter. Je moet erop letten dat de watermeter met internetverbinding goed bevestigd zit op de literdraaiwiel. Via dit draaiwiel kan het apparaat namelijk meten hoeveel water je verbruikt. Om even het voorbeeld van de HomeWizard-versie aan te halen: dat kan tot 0,3 liter nauwkeurig. De positie van het literdraaiwiel bepaalt het verbruik. Daar kan dus een lichte afwijking in zitten, maar verder is de meting gelukkig nauwkeurig.

Slimme watermeters heb je in allerlei vormen. Sommige werken met wifi, zoals die van HomeWizard, terwijl andere meters aan slimme smarthomesystemen gekoppeld kunnen worden, zoals ).

💧 Slimme watermeter installeren Let tijdens het installeren van de watermeter goed op de instructies van de fabrikant. Meestal zit er een papieren handleiding bij en anders vind je die instructies online, bijvoorbeeld op YouTube. Daar lees of zie je dan precies hoe je het apparaat aansluit en of je nog specifieke handelingen moet verrichten. Welke handelingen dat zijn, hangt af van de analoge meter die je hebt hangen.

©Andrzej Rostek

De hamvraag (ook al is het spaarvarken niet van vlees en bloed 😉) is natuurlijk: helpt een slimme watermeter je besparen?

٭ We zouden nog even terugkomen op dat besparen

Het toilet van een goede vriend van ID.nl’s Eline bleef continu doorlopen. Voor zijn gevoel was dat echter iets dat alleen maar incidenteel gebeurde. Want hoe gaat dat? Je trekt de deur van de badkamer achter je dicht en bent zoiets meteen weer vergeten. Totdat de rekening kwam. Ongelogen: 300 euro! Of die collega die (nadat hij de tuinslang had afgekoppeld) vergeten was zijn buitenkraan af te sluiten. Maar het was herfst, dus hij kwam nauwelijks meer in de tuin. De grote plassen (formaat pierenbad) vielen hem zelf niet op, totdat een vriend die op bezoek was buiten in de tuin een sigaretje ging roken ...

Wie een slimme watermeter heeft, merkt dat er iets niet klopt. Want met zo'n meter ga je vanzelf bewuster met je waterverbruik om. Daar valt ook lekkagedetectie onder. Want hoe kan het nou ineens zijn dat je waterverbruik geleidelijk aan omhoog gaat, terwijl er tot zover je weet geen enkele kraan openstaat? Dan moet er ergens een lekkage zijn. De slimme watermeter kan niet helpen opsporen wáár precies, maar laat wel zien dat er ergens een probleem is. Het is aan jou om uit te zoeken wat er aan de hand is. Maar of dat nu een vergeten kraan is of een echte lekkage: dankzij de watermeter grijp je een stuk sneller in dan zónder. Goed voor het milieu, en uiteindelijk dus ook goed voor je portemonnee!

Elke druppel is er één!

Snel gedaan: een waterbesparende douchekop gebruiken.

💧Heb jij een nieuwe CV-ketel nodig?

Vraag een offerte aan voor cv-ketels:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.