ID.nl logo
Alles over Google Gemini, Googles antwoord op ChatGPT
Huis

Alles over Google Gemini, Googles antwoord op ChatGPT

De markt voor generatieve AI-modellen is inmiddels een drukbevolkt speelveld. Met razend populaire tools zoals ChatGPT en Microsofts Copilot kan een techgigant als Google natuurlijk niet achterblijven. Googles antwoord is Gemini, een geavanceerd taalmodel dat diverse taken kan aanpakken. Maar wat houdt Gemini precies in? Hoe kan het worden ingezet? En weet Google hiermee de concurrentie te overtreffen?

Google Gemini is het resultaat van Google Deepmind en Research, en bestaat in drie vormen:

✧ Gemini Ultra is het boegbeeld van Google en is een betaalde optie ✧ Gemini Pro is daar een een afgeslankte vorm van ✧ Gemini Nano is dan weer een compact model voor smartphonegebruik, zoals de Google Pixel 8 Pro

Omdat Google Gemini multimodaal is, kan het systeem meer dan alleen tekst genereren.

Als je de laatste twaalf maanden op het internet gezeten hebt, dan ben je de term ongetwijfeld weleens tegengekomen: generatieve AI, oftewel kunstmatige intelligentie waarmee je zelf allerlei soorten content genereert, nakijkt of aanpast. Het bekendste voorbeeld is ChatGPT, maar inmiddels hebben we ook Google Gemini. Dit AI-model is ontwikkeld door het AI-onderzoekslab van Google, genaamd Deepmind, in samenwerking met Google Research. De kunstmatige intelligentie is beschikbaar in drie smaken, die we hieronder zullen behandelen.

Lees ook: 5 alternatieven voor de ChatGPT-app

Dit is Google Gemini

Allereerst Gemini Ultra, dat fungeert als het boegbeeld. Hiermee laat Google precies zien wat het bedrijf in huis heeft als het gaat om generatieve kunstmatige intelligentie. Daar vlak onder hangt Gemini Pro, een versie die je het best kunt omschrijven als een afgeslankte vorm van Ultra. Tot slot is er Gemini Nano, een versie die is bedoeld voor smartphones, zoals de Google Pixel 8 Pro. Google Gemini is van oorsprong multimodaal, wat betekent dat het model niet alleen met tekst werkt, maar ook overweg kan met audio, afbeeldingen, video’s en programmeertalen.

Dat gaat iets verder dan je in eerste instantie zou denken. Om een compleet beeld te geven: Google Gemini is in de basis in staat allerlei vormen van informatie te begrijpen, bewerken en combineren. Zo kun je een foto uploaden en vragen: "Wat gebeurt er op deze foto?" Gemini omschrijft dan wat er in de foto te zien is. Ondertussen kun je extra vragen blijven stellen, terwijl Gemini onthoudt wat de eerste prompt was. Al die context wordt vervolgens meegenomen in vervolgvragen, waardoor er een compleet beeld kan ontstaan van de vraagstukken die je hebt. Gemini kan dus – zoals het er nu naar uitziet – overweg met complexe reeksen aan prompts. Dat dankt de chatbot aan z’n specifieke training, waarbij tekst, afbeeldingen, video’s en audio uit één bron komen.

In de meeste gevallen is het zo dat chatbots training krijgen op basis van meerdere bronnen, waar teksten, afbeeldingen, video’s en meer vanuit verschillende datasets komen. Google Gemini hoeft dus geen informatie achteraf samen te voegen.

Niet meer zo letterlijk

In theorie zou deze manier van informatie vergaren moeten leiden tot een betere chatbot. Google Gemini kan zodoende namelijk ‘intuïtiever’ te werk gaan. Als je hem de opdracht zou geven een afbeelding te maken op basis van bepaalde beeldspraak, dan zou de bot dat niet meer letterlijk nemen (zoals nu vaak nog het geval is, en mits er ondersteuning is voor de taal waarin je hem wilt gebruiken). 'Een boom van een kerel' zou in dit geval geen afbeelding moeten opleveren van een boom met een gezicht, maar daadwerkelijk een man die lang en breed is. Overigens is beeldgeneratie vooralsnog niet mogelijk in de huidige versie Gemini, al werkt Google daar op de achtergrond hard aan.

Afbeelding gemaakt met Microsoft Copilot, dat werkt op basis van ChatGPT4.

Je komt de naam Gemini trouwens ook tegen bij andere digitale producten van Google, waardoor er wellicht wat verwarring kan ontstaan. Er zijn immers ook Gemini-apps die werken op mobiele apparaten en het web. Voorheen lanceerde Google die software onder de noemer Google Bard, maar die moet nu dus plaatsmaken voor de naam en het product Gemini. Wat je daar als gebruiker van merkt? Nou, los van de naam in de praktijk misschien niet zo heel veel, omdat je de producten nog steeds op dezelfde manier gebruikt. Maar achter de schermen is de technologie anders, waardoor de producten beter werken.

De verschillende versies

Hoewel zo’n pakket met AI-diensten dan ineens heel onoverzichtelijk lijkt, is dit geen vreemde aanpak van Google. De Amerikaanse advertentiegigant presenteert wel vaker producten en diensten die op elkaar lijken, maar in de basis weinig met elkaar te maken hebben. Maar goed, met Google Gemini kun je dus een hoop zaken genereren en (laten) aanpassen. Om goed te kunnen begrijpen wat Google Gemini in zijn mars heeft, moeten we per versie bekijken wat de opties zijn. Gemini is in elk geval ontworpen om op elk (soort) apparaat te kunnen werken.

Gemini Ultra is het grootste taalmodel binnen deze reeks, ontworpen voor complexe taken. Op het moment van schrijven voert Google nog tests uit met Ultra, maar nu al presteert het model beter dan bijvoorbeeld ChatGPT-4. Gemini Pro biedt een balans tussen schaalbaarheid en prestaties, en fungeert als tool die allerlei soorten taken op zich kan nemen. Op dit moment fungeert Pro als basis voor de Google Gemini-chatbot, die voorheen door het leven ging als Google Bard. Qua prestaties is Gemini Pro vergelijkbaar met ChatGPT-3.5 Turbo.

Gemini uitproberen op een Pixel?

Kijk hier voor de beste deals!

En dan hebben we nog Google Gemini Nano. Deze versie draai je straks lokaal op een smartphone, zoals een Pixel-apparaat. In theorie betekent het dat de slimme assistent aan boord van jouw smartphone sneller op vragen en opdrachten kan reageren dan wanneer een chatbot eerst nog met een externe server contact legt. Momenteel werkt Gemini Nano al op een Google Pixel 8 Pro, waardoor gebruikers toegang krijgen tot slimme antwoorden (die voor je gegenereerd worden) wanneer ze gebruikmaken van het Google-toetsenbord. Dat werkt (anno maart 2024) nog niet in Nederland.

Lees ook: AI-instapcursus: dit kun je allemaal doen met ChatGPT

De verschillen tussen die versies

Het verschil tussen al die versies zit 'm in het aantal parameters dat ze tot hun beschikking hebben. Hoe meer meetbare waarden, hoe beter een chatbot kan omgaan met complexe verzoeken. Helaas is het zo dat Google – en ook andere bedrijven – de kaarten met dergelijke informatie dicht tegen de borst houdt. Tenzij dergelijke aanbieders een reden vinden om die informatie te delen natuurlijk. Google Gemini Nano is in elk geval in twee varianten te gebruiken: een met 1,8 miljard en een met 3,25 miljard verschillende datapunten.

Momenteel heeft Google nog altijd geen exacte cijfers bekendgemaakt omtrent het aantal parameters voor Gemini Pro en Gemini Ultra. We kunnen echter wel een grove schatting doen, als we kijken naar wat de concurrentie momenteel uitvreet. Zo beschikt ChatGPT-3 over 175 miljard parameters, terwijl LLaMA 2 (van Facebook-moederbedrijf Meta) het moet doen met maximaal 65 miljard stuks. ChatGPT loopt hierin dus voor op LLaMA 2. We kunnen ons niet voorstellen dat Google daar onder zit – maar wellicht vindt het bedrijf binnenkort de ruimte om er meer over te vertellen.

Waar haalt Google Gemini zijn informatie vandaan? Onder meer een gigantische dataset met biljoenen punten aan tekst, audio en meer. Maar ook archieven aan websites, afbeelding-tekstdatabases en eigen databronnen zoals Google Boeken.

Waar komen we Google Gemini tegen?

Het kan zijn dat je straks Googles eigen apps gebruikt met ondersteuning van Google Gemini. De AI is echter vanaf het begin af aan opgebouwd als basis voor andere ontwikkelaars, die hun producten de nodige boost op basis van kunstmatige intelligentie kunnen geven. Het grote voordeel – ten opzichte van de concurrentie – is dat die apps en diensten direct geïntegreerd kunnen worden met een veelheid aan internetdiensten, zoals de cloud en webhosting. Met deze stap wil Google een voet tussen de deur krijgen van de AI-markt, die vooral gedomineerd wordt door OpenAI.

OpenAI is het bedrijf achter de verschillende versies van ChatGPT. Daar kun je op dit moment van alles mee, zoals vakanties plannen, je eigen chatbot mee maken en afbeeldingen mee genereren. Bovendien gebruiken andere bedrijven (zoals Microsoft) ChatGPT als basis voor hun eigen AI-diensten. Neem bijvoorbeeld Microsoft Copilot, waar je zelf ook afbeeldingen mee kunt maken. Dat zijn kansen die Google niet wil laten liggen. Je zult dus mogelijk niet direct in aanraking komen met de software, maar wel indirect en in allerlei verschillende applicaties.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.