ID.nl logo
Encryptie omzeilen: Zo werken backdoors
© Reshift Digital
Huis

Encryptie omzeilen: Zo werken backdoors

Wat begon als een simpele kopieerbeveiliging, is uitgegroeid tot een toegangspoort voor internetcriminelen. Backdoors in software, apps en zelfs besturingssystemen zijn een vrijwel onzichtbare, en daarom extra gevaarlijke, manier om iemands systeem binnen te dringen. Ook overheden maken gebruik van zulke achterdeurtjes, en vragen soms zelfs om kwetsbaarheden in te bouwen. Kun je encryptie omzeilen?

Een oogje in het zeil houden over huis en haard? Bestel een videodeurbel bij Bol.com

Een telefoontje van Mark Rutte: of het kabinet een sleutel van de achterdeur van je huis mag hebben. Niet om naar binnen te gaan, natuurlijk, maar om naar binnen te kúnnen. Zo kan eventueel de buurman in de gaten worden houden, want er is een vermoeden dat hij zich met illegale praktijken bezighoudt. Er zijn weinig mensen die in zo’n geval hun sleutel zomaar zouden afstaan. Toch is deze vergelijking aan de orde van de dag in ons digitale leven.

Overheden over de gehele wereld zouden het liefst de sleutels hebben van de achterdeuren van elk programma en iedere onlinedienst, allemaal onder het mom van veiligheid. De meeste bedrijven gaan hier niet op in, maar aan wetgeving valt moeilijk te ontkomen.

Waarom wil de overheid zo graag via de achterdeur naar binnen? En waarom staan veel bedrijven en privacyorganisaties op hun achterste benen? Veiligheid is altijd een belangrijk argument, maar als het gaat om gefabriceerde backdoors, is de remedie vaak erger dan de kwaal.

Wat is een encryptie-backdoor?

Veel software, of dat nu een mailprogramma, een chat-app of een sociaal medium is, is beveiligd via encryptie, al dan niet end-to-end. Je hebt je vingerafdruk nodig om je telefoon te ontgrendelen, je moet je wachtwoord invoeren om je Gmail-account te bekijken. Die encryptie, of versleuteling, is behoorlijk waterdicht. Zelfs veiligheidsdiensten lopen om de haverklap vast op het hacken van een iPhone, en zonder wachtwoord in iemands e-mail grasduinen, is vrijwel onmogelijk. Tot zover het goede nieuws.

Maar wat als er een achterdeur in de software is ingebouwd, en de sleutel ervan gaat stiekem van hand tot hand? In dat geval kan je account zomaar worden binnengedrongen door een overheid of een veiligheidsdienst... of door een internetcrimineel.

©PXimport

Hoe werkt een backdoor?

Een backdoor die niet bewust vooraf is ingebouwd, begint vaak als een trojan, een virus dat zich vermomt als een stukje gewone software, zoals de Grieken de stad Troje wisten in te nemen door zich te verstoppen in een houten paard. Die software kan van alles zijn: een bijlage in een e-mail, een aangepaste foto, of een zipje met daarin het eigenlijke bestand. Dit is de reden dat je altijd moet opletten als je iets downloadt. Ken je de afzender niet, of weet je niet zeker wat de bestandsextensie betekent? Wees dan extra voorzichtig.

Als zo’n bestand eenmaal op je systeem aanwezig is, begint het echte werk. De meeste backdoorsoftware dringt het besturingssysteem binnen. Eenmaal daar wordt een rootkit geïnstalleerd, een softwarepakketje dat zich diep in het systeem nestelt. Op die manier wordt de rootkit niet opgemerkt door virusscanners of antimalwaretools, en bovendien is het vrijwel onmogelijk om het te verwijderen zonder het systeem te beschadigen. Ondertussen heb jij als gebruiker geen idee dat de achterdeur wagenwijd openstaat.

Rootkits kunnen op deze manier worden geïnstalleerd, maar het kan ook anders. Apple kan bijvoorbeeld een manier inbouwen om iPhones op afstand te ontgrendelen, bijvoorbeeld op verzoek van de Amerikaanse overheid. Dat het bedrijf verklaart nooit te hebben meegewerkt aan dergelijke praktijken en overheidsverzoeken altijd heeft aangevochten, is een geruststelling, maar dat het nooit gebeurt, valt niet te bewijzen.

©PXimport

Bekende cases

De bekendste backdoor in software is Pegasus, waar we elders in dit artikel meer over vertellen. Maar Pegasus is zeker niet de eerste bekende achterdeur.

In 2005 werd Sony onderdeel van een schandaal dat een vroege voorloper van Pegasus genoemd kan worden. Om te voorkomen dat muziek op cd zomaar verspreid kon worden, stuurde het bedrijf softwarepakketjes mee op die cd’s. Die software installeerde ongewild een kopieerbeveiliging.

In 2017 werd het relatief veilig geachte macOS getroffen door een backdoor-tool. De software, OSX.Dok genoemd, installeerde via een omweggetje de backdoor Bella. Bella kon wachtwoorden onderscheppen, screenshots maken en versturen, het scherm delen, en de microfoon en webcam aansturen. Het geliefde macOS bleek toch niet zo waterdicht als gedacht.

©PXimport

Cryptomunten

Een van de redenen waarom backdoors zo gevaarlijk zijn, is het feit dat ze onzichtbaar zijn en blijven voor de gewone gebruiker. Ransomware, hoe vervelend ook, opereert eerst in de luwte om je systeem te infecteren, maar openbaart zich vroeg of laat. Je weet dat je een virus hebt opgelopen, en je kunt zelf beslissen wat je eraan doet. 

De meeste soorten malware laten zich uiteindelijk zien door bestanden te verwijderen, te veranderen of onbereikbaar te maken, maar een encryptie-backdoor is er juist op gericht om onopgemerkt te blijven.

Pegasus is de bekendste vorm van een backdoor, maar er zijn de laatste tijd meerdere varianten opgedoken. WordPress, een wereldwijd veel gebruikt contentmanagementsysteem, staat bekend om zijn kwetsbaarheid, mede vanwege de mogelijkheid tot het installeren van software van externe partijen, die mogelijkerwijs besmet kan zijn met een vorm van malware die een malafide rootkit kan installeren. 

Tools voor het kopen, verkopen en bijhouden van cryptomunten zijn ook een dankbaar doelwit, maar ook bekende programma’s en systemen als Microsoft Exchange en macOS zijn in het verleden op eenzelfde manier aangevallen.

©PXimport

Waarom wil de overheid een backdoor?

Het belangrijkste argument van overheden voor toegang tot een backdoor, is om criminelen te kunnen volgen en hun communicatie in de gaten te kunnen houden. In eerste instantie klinkt dat als een goed idee: hoe meer de overheid weet van criminelen, des te groter de pakkans. In werkelijkheid ligt het iets genuanceerder.

De overheid, en aan overheden gelieerde veiligheidsdiensten, vragen bedrijven soms om een achterdeur in te bouwen waarmee de normaal gesproken zo stevige encryptie kan worden omzeild. Op die manier kan men meekijken met versleutelde communicatie, data verzamelen, locaties tracken en andere persoonsgegevens opvragen, allemaal ten behoeve van de nationale of internationale veiligheid. Die achterdeurtjes worden dus vooraf al ingebouwd, niet om meteen te gebruiken, maar om de mogelijkheid te hebben, mocht de situatie erom vragen.

©PXimport

Waarom willen wij geen backdoor?

Dat de onderwereld niet blij is met zo’n verstopte achterdeur, is logisch. Voor de gewone gebruiker lijkt er niet al te veel aan de hand, maar dat is niet helemaal waar. Van een kabinet als het onze mag worden verwacht dat de morele regels min of meer worden nageleefd, en dat er niet wordt ingebroken in willekeurige accounts. Maar als de Nederlandse overheid de sleutels heeft, zal dat ook gelden voor minder democratische regimes.

Daarbij hebben backdoors in het verleden bewezen lang niet altijd waterdicht te zijn. De deur zit ingebouwd in de software, en de code daarvan kan door iedereen worden uitgelezen. Door overheden, door programmeurs én door kwaadwillenden.

Meer weten over hoe versleuteling je bestanden en gegevens juist veilig kan houden? Bestel dan de Cursusbundel Veilig met Encryptie!

©PXimport

Het veiligheidsargument

Het belangrijkste raakpunt tussen de wensen van overheden en die van bedrijven en diensten, is het veiligheidsargument. Overheden willen graag toegang tot bepaalde gegevens om criminelen te kunnen vervolgen. Aan de andere kant is toegang tot de achterdeur in handen van diezelfde criminelen juist een gevaar voor de veiligheid. Deze touwtrekwedstrijd ligt aan de basis van de discussie.

Alle grote techbedrijven zijn het er inmiddels over eens: een backdoor zorgt juist voor een gebrek aan veiligheid. Als de overheid door de achterdeur naar binnen kan, kan in theorie iedereen door de achterdeur naar binnen. En met de wereldwijde hacks die ons de afgelopen jaren hebben opgeschrikt, kunnen persoonlijke gegevens van miljoenen mensen zomaar op straat komen te liggen.

Totalitaire regimes krijgen wellicht dezelfde toegang, met alle gevolgen van dien. Maar ook als de overheid geen kwaad in de zin heeft, is het een kwestie van tijd voor een achterdeur door anderen wordt ontdekt.

©PXimport

Bad guys

Volgens Rejo Zenger van privacyorganisatie Bits of Freedom is het inbouwen van achterdeurtjes om meerdere redenen een slecht idee. “Ten eerste zou het betekenen dat we de ingeslagen weg van het steeds beter beveiligen van onze informatie achter ons laten. Het niet verder versterken of zelfs bewust verzwakken van de digitale infrastructuur introduceert grote maatschappelijke risico’s.”

Niet alleen de achterdeur zelf, ook de rest van de software wordt minder veilig, aldus Zenger. “Het inbouwen van kwetsbaarheden maakt de software complexer, en complexiteit is een vijand van veiligheid. Vroeg of laat maken de bad guys gebruik van zo’n achterdeur.”

©PXimport

Zelf doen

Kun je zelf iets doen om je te beschermen tegen het gebruik van zulke achterdeurtjes? Volgens Zenger is dat een lastig verhaal. “Als gebruiker heb je lang niet altijd de controle over de software die op je apparaten draait. Daarom is het des te belangrijker dat overheden een goed beleid hebben: ze zouden de installatie van achterdeurtjes niet moeten afdwingen en juist moeten inzetten op maatregelen die de beveiliging van onze digitale infrastructuur versterken. Dat kan door ervoor te zorgen dat onbekende kwetsbaarheden op verantwoorde wijze worden gemeld bij de maker van de software.”

Omdat je als gebruiker zo afhankelijk bent van softwareproducenten en overheden, zijn organisaties als Bits of Freedom een belangrijke spin in het web. “Bits of Freedom strijdt al jaren voor een veilige digitale infrastructuur, bijvoorbeeld door te lobbyen of campagnes te voeren”, zegt Zenger. “Dat is nodig om in alle vrijheid met elkaar te kunnen communiceren en om onze privacy te beschermen. We zijn dan ook bijzonder kritisch op voorstellen die de veiligheid van onze digitale communicatie verzwakken en daarmee onze mensenrechten onder druk zetten.”

©PXimport

Pegasus

Dat de Nederlandse overheid ook gebruikmaakt van achterdeurtjes in software, werd begin juni op pijnlijke wijze duidelijk. De Volkskrant publiceerde dat de AIVD omstreden hacksoftware gebruikt van de Israëlische NSO Group. Met die software, Pegasus genaamd, kun je iemands locatie nauwkeurig volgen en zelfs de microfoon op iemands telefoon aanzetten.

De software werd onder meer gebruikt om in te breken in de telefoons van verdachten in het Marengo-proces. Met zo’n belangrijke strafzaak in het achterhoofd valt nog wel wat te zeggen voor het gebruik van dergelijke software, maar de grens tussen wat door de beugel kan en wat moreel verwerpelijk is, is geen rechte lijn. Volgens Amnesty International wordt de software wereldwijd ook gebruikt om journalisten, politici en activisten in de gaten te houden. 

Een bijkomend probleem is dat de Israëlische overheid wellicht weet dat Nederland de software gebruikt, en voor welke doeleinden. Dat is informatie die je als overheid liever voor jezelf houdt. De mogelijkheid dat de Israëlische overheid mee kan kijken met de software van de NSO Group is namelijk niet ondenkbaar.

©PXimport

Niets te verbergen?

Natuurlijk heb je niets te verbergen. Je vriendenlijst op Facebook is niet geheim, en die felicitaties in de groep-app mag iedereen lezen. De overheid heeft toegang tot je belastingaangifte, en je bank kent je rekeningnummers; dat is allemaal niet zo erg. Maar vallen diezelfde gegevens in handen van personen of bedrijven die er niets mee te maken hebben, dan wordt het een ander verhaal. Je telefoonnummer zie je niet graag op internet rondslingeren, om over een kopie van je identiteitsbewijs nog maar te zwijgen.

In andere landen zijn de risico’s nog groter. Er zijn plekken op de wereld waar homoseksualiteit of vrijheid van godsdienst anders worden beleefd dan hier. Iets simpels als een connectie op Facebook of een berichtje in een chat-app kan al reden zijn om vervolgd te worden. Backdoors worden ingebouwd om de ‘goeden’ te beschermen tegen de ‘kwaden’, maar wie goed is en wie kwaad, is niet altijd even duidelijk.

Iedereen heeft volgens de Nederlandse wet recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. Met grof geschut grasduinen door persoonlijke gegevens, alleen maar om de pakkans van criminelen iets te verhogen – met alle risico’s die daarmee gepaard gaan – past daar niet bij.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.