ID.nl logo
Zonnestroom uit je gevel: zo werkt het!
Energie

Zonnestroom uit je gevel: zo werkt het!

Bij projecten waar het dak omwille van de oriëntatie, de belasting, de beschikbare oppervlakte of de esthetiek niet geschikt is voor traditionele zonnepanelen, is het mogelijk om energie uit de gevelafwerking te halen. Behalve dat je zo groene energie opwekt, geven deze panelen het gebouw ook een strakke uitstraling.

In het kort … Het is mogelijk om zonnestroom via gevelpanelen om te zetten naar elektriciteit. Deze panelen absorberen niet alleen de zonne-energie, ze zorgen ook voor een strakke uitstraling door hun afwerking. Bovendien is hetzelfde procédé mogelijk voor balustrades.

We hebben het hier niet over ‘zonnepanelen voor de gevel’ (je mag trouwens niet zomaar zonnepanelen aan je gevel bevestigen). De panelen die hier aan bod komen, zijn gecertificeerd als gevelbekleding én als zonnebekleding. Het gaat om een zogeheten BIPV-toepassing, Building Integrated Photovoltaics, waarbij de zonnecellen geïntegreerd zijn in de schil van het gebouw. BIPV zijn de zonnepanelen van de toekomst, want ze wekken niet enkel energie op, maar combineren verschillende functies.  

Veilige gevelafwerking

Deze gevelpanelen zijn volledig conform de Europese bouwvoorschriften en voldoen aan strenge veiligheidsvoorschriften. De panelen zijn bijvoorbeeld beschermd door veiligheidsglas dat bij breuk in kleine stukjes versplintert het glas zonder scherpe randen. Het glas is bovendien volledig omhuld door PVB-folie dat de stukjes en splinters bij eventuele breuk samenhoudt. Bovendien werden de panelen getest in extreme weersomstandigheden. Bij traditionele zonnepanelen is de opbouw anders en daar wordt ook een andere folie gebruikt. Alle bedrijven die we over deze gevelpanelen spraken werken met de producten van Pixasolar, een fabrikant uit Taiwan. 

©Hermans Technisolar

40 zonnepanelen met marmerstructuur tegen de zijgevel van het SPA ONE welnesscenter in Oosterhout. (Foto: )

Keramische printlaag

Er is een assortiment printpatronen beschikbaar om architecten te inspireren, maar daarnaast kan een architect zelf ook een uniek ontwerp in full-color en in hoge resolutie laten uitwerken dat dan wordt aangebracht. De afdruk wordt niet op het zonnepaneel gelijmd, maar komt tussen twee glaslagen, zodat de keramische printlaag beschermd is. Het gaat om keramische inkjetprinting waarmee texturen nagebootst worden als hout, baksteen, marmer, natuursteen enzovoort … De glasbescherming zorgt ervoor dat de print bestand is tegen weerinvloeden en Uv-licht. 

Ook interessant: Is mijn dak geschikt voor zonnepanelen?

Er zijn verschillende standaard texturen beschikbaar, maar ook een gepersonaliseerd ontwerp is mogelijk. (Foto: )

Op maat en randloos

De gevelpanelen zijn randloos. Je ziet dus geen frame. De lengte van de panelen is variabel tussen 60 cm en 240 centimeter en dit schuift telkens op in veelvouden van 30 centimeter. De breedte is variabel tussen 60 en 120 centimeter, opnieuw uitbreidbaar per 30 centimeter. Naast designpanelen produceert Pixasolar full black- en monokleur-panelen op maat. Het duurt ongeveer zes maanden voordat deze panelen geleverd zijn. Bovendien is er een mogelijkheid om wandpanelen en zelfs dummies in eigen maten te maken. De dummies dienen dan om de constructie aan te vullen, maar ze produceren geen elektriciteit. Op die manier worden moeilijke hoekjes afgewerkt met panelen die er hetzelfde uitzien, maar die geen zonnecellen bevatten.

©www.externa.be

De clips houden de randloze panelen op hun plaats. (Foto: )

VERMOGEN De opbrengst van gewone zonnepanelen is afhankelijk van vier factoren: het gemiddelde aantal zonuren, de ligging van de zonnepalen, de hellingshoek en eventueel schaduwobjecten rond het huis. Door de combinatie van deze factoren kun je nooit precies voorspellen wat de opbrengst van zonnepanelen per vierkante meter zal worden. Wel kun je een gemiddelde opbrengst voorhouden. Een standaard zonnepaneel van 1,13 meter breed en 1,72 meter hoog meet dus 1,94 vierkante meter. De opbrengst wordt uitgedrukt in Wattpiek (Wp). Eén standaard zonnepaneel is 1,94 vierkante meter. De opbrengst per (geheel) zonnepaneel is óf 327 óf 344 kWh. Dat betekent dat één zonnepaneel óf 169 kWh per m² oplevert ofwel 177 kWh per vierkante meter. Bij de gevelpanelen bepaalt nog een extra factor het rendement: de print. Deze gevelpanelen hebben een lager vermogen dan de traditionele zonnepanelen. Neem bijvoorbeeld de uitvoering in jade-structuur, dat paneel heeft 115 Wp per vierkante meter, of de uitvoering ‘Zeenevel’ daar is de opbrengst 145 Wp per vierkante meter.

Lager vermogen dan bij gewone zonnepanelen

Het vermogen aan elektriciteit dat deze gevelbekleding kan opwekken, is sterk afhankelijk van afwerking en meestal is dat de bedrukking. Zo zijn er wel vermogens tot 200 Wp/m² mogelijk, bijvoorbeeld de uitvoering Pixablack en Lucide. Maar de panelen met de bedrukking leveren een lager vermogen dan gewone zonnepanelen. Het nieuwe Pixasolar Metalic haalt bijvoorbeeld een vermogen tot 165 Wp/m² en is een van de meest efficiënte gekleurde panelen op de markt.

Lees ook: Hoeveel stroom wekken mijn zonnepanelen op? Deze apps vertellen het je

©www.externa.be

Ook een houtstructuur is mogelijk. (Foto www.externa.be)

Weten = meten, zeker bij energie

Check zelf welke apparaten in jouw huis stroom slurpen...

Prijzen

Wat de prijszetting betreft, mag je de gevelpanelen niet vergelijken met afzonderlijke zonnepanelen die op het dak worden geplaatst, omdat ze meteen als afwerking van de gevel dienstdoen. De woordvoerder van Externa houdt vol dat als je in de prijsvergelijking rekening houdt met de kosten van de gevelbekleding en dat de panelen zich na vijf jaar hebben terugverdiend.  

WAT MAG EN WAT MAG NIET De panelen waarover we hier spreken, vallen onder de categorie bouwelementen en niet onder zonnepanelen.  Mag je trouwens zomaar zonnepanelen tegen een gevel plaatsen? Voor zonnepanelen op het dak is er geen omgevingsvergunning nodig. De wet Omgevingsrecht artikel 2.1 bepaalt voor welke bouwwerken en veranderingen een omgevingsvergunning nodig is. En het Ministerieel besluit omgevingsrecht, bijlage II, artikelen 2 en 3somt de uitzonderingen op waarvoor geen vergunning nodig is. De zonnepanelen op het dak behoren tot de uitzonderingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is, maar zonnepanelen aan de gevel worden niet expliciet behandeld. Dat betekent dat als puntje bij paaltje komt, dit zal afhangen van de interpretatie van deze regelgeving. Voor zover we konden terugvinden zijn hierover geen uitspraken van een rechter of een bevoegd gezag.   Aan de andere kant mogen veranderingen aan gebouwen ook niet in strijd zijn met de ‘redelijke eisen van welstand‘ volgens artikel 12 van de Woningwet. Dat betekent dat je steeds een risico loopt wanneer je zonnepanelen aan de voorgevel van je huis hangt, want de gemeente kan aanvoeren dat dit in strijd is met de welstandeisen. Dit zal afhangen van de hoeveelheid panelen, of ze zichtbaar zijn vanaf openbaar gebied en of ze uit de toon vallen met de omgeving. Je kunt wel een aanvraag voor een vergunning doen waarbij de welstandscommissie de zaak zal bekijken. Of je kunt het risico nemen dat de gemeente er geen probleem van maakt.  Het komt erop neer dat je aan de achterkant van je woning meestal wel panelen mag hangen, maar aan de voorkant maakt de welstandscommissie er vaak bezwaar tegen. Voor alle duidelijkheid, hierboven hebben we het over ‘gewone zonnepanelen’, deze bezwaren gelden niet voor deze gevelpanelen.

Solar-balustrade

Het is mogelijk om zelfs meerkleurige, op maat gemaakte patronen, of semi-transparante afwerkingen als borstwering te gebruiken. De fotovoltaïsche cellen zitten dan verwerkt in het glas. De solar-balustrades hebben een speciaal montageprofiel datervoor zorgt dat de borstwering robuust uitgelijnd wordt en dat alle kabels en connectoren uit het zicht verdwijnen. De balustrades in het zwart hebben een hoog vermogen van 175Wp/stuk en komen in een glossy, semi-glossy en matte uitvoering. Bij de semi-transparante uitvoering zitten de monokristallijnen zonnecellen tussen het glas verwerkt. Het lijken fijne zwarte lamellen, waardoor de panelen 45 procent transparant zijn. De esthetiek van de balustrade en het zicht blijven hierdoor bewaard. Ten derde is de balustrade ook beschikbaar in printuitvoering. 

Leestip: Transparante zonnepanelen: dit zijn de voor- en nadelen

©www.externa.be

Ook bij solar-balustrades zitten de zonnecellen in het glas verwerkt. (Foto: )

🔋 Hoe bespaar jij energie?

Doe mee met de Nationale Energiemonitor
Ook interesse in zonnepanelen? Vraag advies van een expert!👇🏻

Vraag een offerte aan voor zonnepanelen:

▼ Volgende artikel
Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp
© Gorodenkoff Productions OU
Huis

Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp

Resolutie is marketing, refreshrate is beleving. Waar 4K zorgt voor een mooi plaatje, zorgt een hoge verversing (Hz) ervoor dat je daadwerkelijk wint. Hieronder lees je waarom snelheid in feite de échte koning is in gaming.

Veel gamers staren zich blind op 4K-resolutie. Ze kopen een duur scherm, zetten de settings op Ultra en vragen zich vervolgens af waarom hun spel stroperig aanvoelt. De misvatting is dat 'mooier' gelijkstaat aan 'beter'. In werkelijkheid is de vloeibaarheid van het beeld – de refreshrate, oftewel verversingssnelheid – veel bepalender voor hoe direct en responsief een game aanvoelt. Aan het eind van dit artikel weet je precies of jij moet kiezen voor pixels of snelheid.

Hoe je ogen bedrogen worden door Hertz

Stel je voor dat je snel met je muis over je bureaublad beweegt. Op een standaard 60Hz-scherm zie je de cursor in schokjes over het beeld springen; je hersenen vullen de gaten in. Op een 144Hz- of 240Hz-gaming-monitor verdwijnen die gaten.

Het technische verschil zit hem in de verversingssnelheid: het aantal keren per seconde dat het beeld wordt vernieuwd. Bij 60 Hz krijg je elke 16,6 milliseconden een nieuw beeld. Bij 144 Hz is dat elke 6,9 milliseconden. Dat klinkt als een klein verschil, maar je voelt het direct. Het gestotter dat je onbewust gewend bent verdwijnt. Bewegingen voelen boterzacht aan, alsof de cursor (of je crosshair) aan je hand vastgeplakt zit in plaats van er achteraan zwemt. Dit effect wordt motion clarity genoemd: objecten blijven scherp, zelfs als ze snel door het beeld bewegen.

©Framestock

De winst in shooters en snelle actie

Wanneer werkt dit in je voordeel? Vooral in competitieve shooters zoals Call of Duty, Counter-Strike of Valorant. In dit soort games telt elke milliseconde. Een hogere refreshrate vermindert de input lag, oftewel de tijd tussen jouw klik en de actie op het scherm.

Stel, je draait je personage snel om. Bij een lage refreshrate wordt de vijand een fractie later getoond en zie je veel bewegingsonscherpte (motion blur). Met een hoge refreshrate zie je de vijand eerder en scherper, waardoor je sneller kunt reageren. Je hebt letterlijk actuelere informatie dan je tegenstander. Om dat te bereiken heb je wel een krachtige videokaart nodig die genoeg beelden per seconde (FPS) kan genereren om je snelle scherm bij te houden.

Wanneer resolutie het toch wint van snelheid

Is snelheid altijd heilig? Nee. Als je vooral tragere, meer verhalende games speelt (zoals Cyberpunk 2077 in de 'sightseeing' modus), Microsoft Flight Simulator of grafische RPG's, dan voegt 240 Hz weinig toe. In deze titels kijk je vaak naar stilstaande of langzaam bewegende omgevingen.

In dat geval wil je juist de texturen van de bomen, de reflecties in het water en de details in gezichten zien. Een 4K-monitor op 60 of 120 Hz is dan een logischer keuze dan een onscherp 1080p-scherm op 360 Hz. De visuele pracht weegt hier zwaarder dan de milliseconden reactietijd. Ook voor console-gamers die op de bank zitten, is een goede televisie met 4K en HDR vaak indrukwekkender dan puur de hoogste framerates.

Situaties waarin een hoge refreshrate zinloos is

Er zijn momenten dat investeren in een snel scherm weggegooid geld is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je hardware de snelheid niet kan leveren; als je videokaart maar 50 frames per seconde kan leveren, heeft een 144Hz-scherm geen nut omdat het scherm wacht op de computer. Daarnaast beperken oude kabels je bandbreedte, waardoor je monitor soms terugvalt naar 60 Hz zonder dat je het doorhebt. Ook op oudere consoles zoals de Nintendo Switch of de standaard PS4 heb je niets aan snelle schermen, omdat deze hardware fysiek gelimiteerd is op 60 Hz of lager.

Bepaal wat jouw setup aankan

Kijk dus kritisch naar je huidige situatie voordat je naar de winkel rent. Heb je een high-end pc die makkelijk 120+ FPS haalt in jouw favoriete games? Dan is een upgrade naar een 144- of 165Hz-monitor de grootste sprong in spelplezier die je kunt maken. Speel je op een PlayStation 5 of Xbox Series X? Zoek dan specifiek naar een scherm met HDMI 2.1-ondersteuning om 120 Hz op 4K mogelijk te maken. Zit je ver van je scherm af en speel je relaxed? Investeer dan liever in resolutie en kleurdiepte.

©Proxima Studio

Kortom: snelheid is de sleutel tot succes!

Verversingssnelheid is belangrijker dan resolutie voor iedereen die actie- of competitieve games speelt. Het zorgt voor een vloeiender beeld, minder input lag en betere motion clarity, wat je direct een voordeel geeft in het spel. Resolutie is vooral luxe voor het oog, maar refreshrate is pure prestatie voor de speler.

▼ Volgende artikel
Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn
© HBO Max
Huis

Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn

Game of Thrones kennen we als een reeks brute, grootschalige verhalen, maar A Knight of Seven Kingdoms is het tegenovergestelde. Wat blijkt? Met een schattig, kleinschalig verhaal voelt Westeros alleen maar groter.

Het regent. Op een heuvel, onder een boom, zien we een kast van een vent in de weer met een schop. Een ridder, lijkt het. Hij graaft een graf. Tegelijkertijd praat de ridder in zichzelf: er is in de buurt een toernooi, en we kijken waarschijnlijk naar de winnaar. De muziek zwelt op, terwijl onze held vastberaden in de verte staart. De iconische Game of Thrones-muziek lijkt ons te gaan overspoelen, klaar om naar een prachtig geanimeerde intro te gaan. In plaats daarvan, knippen we naar een shot waarin onze held achter een boom staat te poepen.

Watch on YouTube

De boodschap is duidelijk: de serie heeft schijt aan de verwachtingen die je van Game of Thrones hebt. De serie stond er ooit immers om bekend dat het brak met de conventies van mainstream fantasy. Nu de reeks daar inmiddels zelf toe behoort, is het aan A Knight on Seven Kingdoms om er weer een flinke draai aan te geven.

Een ridder van de heg

Nog een spin-off? George R. R. Martin is toch die schrijver die nooit schrijft? Tja, dat valt wel mee. Hoewel de beste man zich al tien jaar uit een hoekje probeert te schrijven met het langverwachte Winds of Winter, heeft hij een hoop andere verhalen in Westeros verteld.

Zo komen de verhalen van House of the Dragon uit het boek Fire and Blood, waarin we volgen hoe de Targaryen-familie zichzelf met generaties aan ruzies ten val brengt. Maar George R. R. Martin heeft de schaal ook wel eens flink verkleind: in het korte boek The Hedge Knight, dat nog stamt uit de vorige eeuw, volgen we een ridder en zijn schildknaap.

©HBO Max

Daarin volgen we de ridder Dunk - niet onze eigen Dunke, maar Ser Duncan The Tall. Hij is een ‘hagenridder’: een ridder zonder verwantschap aan een heer. Of, in andere woorden: een freelancer die, als hij niet werkt, in de heg mag slapen. Dunk blijft niet lang een zzp’er: hij ontmoet de kale stadsjongen Egg, die dolgraag zijn schildknaap wil zijn.

Vrede!?

De verhalen van dit geliefde tweetal bieden de basis van A Knight of the Seven Kingdoms. De twist? Er is vrede in Westeros - ja, het kan echt - en we volgen een nobody, dus er is ineens ruimte voor een gezellig, klein verhaal. Dat wordt gereflecteerd in de afleveringen: geen dik uur, maar een comfortabel halfuurtje.

©HBO Max

De ridder Dunk wil dolgraag bewijzen dat hij een eervolle ridder is, maar dat is in het brute Westeros best een uitdaging. Al helemaal als je een lompe lieverd als Dunk bent. Dan komt zo’n slimme, wereldwijze schildknaap als Egg ineens goed van pas.

Het wordt al helemaal lastig als je niet eens kan bewijzen dat je een ridder bent. Dan mag je namelijk niet eens meedoen aan een toernooi - eentje waarbij Dunk overigens zijn paard en zijn spullen kwijtraakt, mocht hij verliezen.

Meneer, mag ik meedoen?

Met dat toernooi wordt een van de Game of Thrones-clichés lekker op zijn kop gezet. In de oorspronkelijke serie zagen we in aflevering vier een heftig toernooi en House of the Dragon opende er zelfs mee: het is vaak een goede manier om zonder grote verhaalconsequenties te laten zien hoe gewelddadig Westeros is.

©HBO Max

In A Knight of the Seven Kingdoms komen we dat toernooi niet eens bínnen. Eerst moet Dunk maar eens bewijzen dat hij een ridder is, uitzoeken hoe zo’n toernooi werkt en een heer overtuigen hem te helpen - maar ook dansen, touwtje trekken en een poppenspel aanschouwen. Het is een fantastische stap terug van al die grootschalige oorlogen.

Doordat het verhaal zo’n piepkleine focus heeft, begin je om iedereen te geven: iemand die z’n paard verkoopt in A Knight of Seven Kingdoms is vele malen pijnlijker dan een draak die wordt doodgeschoten in Game of Thrones. We bevinden ons nog steeds in de brute wereld, maar het komt allemaal wat harder aan omdat we ook zien hoe grappig en gezellig het kan zijn.

©HBO Max

Een fossiele brandstof

Toch loopt ook A Knight of Seven Kingdoms een zeker risico. De kwaliteit van Game of Thrones kelderde toen de makers het bronmateriaal inhaalden. Ook die van House of the Dragon nam wat af, toen showrunner Ryan Condal besloot George R.R. Martin niet langer te raadplegen en de grote climax werd doorgeschoven naar het volgende seizoen.

Er zijn momenteel drie korte boeken rondom Dunk en Egg, waarvan dit eerste seizoen het eerste boek beslaat. George R.R. Martin zegt nog twaalf verhalen in zijn hoofd te hebben, maar volgens HBO-baas Casey Bloys moeten de seizoenen van A Knight of Seven Kingdoms jaarlijks verschijnen: dat klinkt goed, maar dan mag Martin wel even doorschrijven. Zijn verhalen voelen nu als een fossiele brandstof: het is een enorm waardevolle bron, maar die wordt niet echt meer aangevuld.

©HBO Max

Gelukkig lijken showrunner Ira Parker en George R.R. Martin goed bevriend. De schrijver heeft Parker een outline gegeven van de twaalf verhalen, dus in theorie kan de serie daarmee verder - maar laten we niet vergeten dat dit bij de laatste seizoenen van Game of Thrones óók het geval was.

Bombastisch gefluit

Toch verdient Ira Parker ons optimisme, want A Knight of Seven Kingdoms is een fenomenale toevoeging aan de wereld van A Song of Ice and Fire. Verhalen hebben contrast nodig: door het klein te houden, voelt de wereld groot. Door het lief te houden, komen de gemene momenten keihard aan.

©HBO Max

De muziek is hier een spectaculair voorbeeld van. De bombastische muziek wordt ons aan het begin als wortel voorgehouden, maar dat is het ook wel - in plaats daarvan moeten we het doen met een gezellig gitaartje, iemand die fluit en het gezang van de vogeltjes.

Als het balletje dan eenmaal gaat rollen, neemt de muziek toch een bombastischer formaat aan - maar op dat moment voelt het verdiend. En, het allerbelangrijkste: in die epische muziek zit óók gewoon nog dat schattige gefluit.

Afleveringen van A Knight of Seven Kingdoms verschijnen wekelijks op HBO Max.