ID.nl logo
Geld overmaken in vreemde valuta, hoe doe je dat zo goedkoop mogelijk?
© mars58 - stock.adobe.com
Zekerheid & gemak

Geld overmaken in vreemde valuta, hoe doe je dat zo goedkoop mogelijk?

Als je met je eigen, traditionele bankrekening geld overmaakt in vreemde valuta, kan dat wel eens duur uitpakken. Het is slim om vooraf de kosten van geld wisselen te vergelijken, want er zijn online betaaldiensten en banken waar je veel minder betaalt.

Na het lezen van dit artikel heb je antwoord op de volgende vragen. 💸 Met welke kosten krijg je te maken bij een overschrijving in vreemde valuta? 💸 Hoe kun je besparen op deze kosten? 💸 Wat is de beste keuze voor betalen in een webwinkel?

Ook interessant voor jou: Dit moet je weten over betalen in een andere munt

Koop je weleens iets in een buitenlandse webwinkel of maak je geld over naar iemand buiten de eurozone? Dan heb je te maken met een andere muntsoort. Meestal kun je de rekening gewoon met je eigen bankrekening of creditcard betalen, maar daar komen wel kosten bij kijken. 

©Valerii Evlakhov

Geld overschrijven binnen Europa

Maak je geld over naar een land dat de euro als betaalmiddel heeft? Dan is een overschrijving gratis, zoals je gewend bent.

Moet je een betaling doen naar een Europees land dat een andere munt als betaalmiddel heeft? Ook dan kan overschrijven voor jou gratis zijn. Het ligt eraan of je de betaling kunt doen in euro’s en of het land valt binnen het SEPA-gebied. Bij het SEPA-gebied horen alle landen van de Europese Unie plus IJsland, Liechtenstein, Monaco, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland. Je kunt naar die landen geld overmaken in euro’s zonder extra kosten. De ontvanger moet het bedrag dat je moet betalen dan dus wel in euro’s vermelden.

Ook al zie je zelf geen kosten bij een SEPA-overboeking, de ontvanger krijgt niet altijd de volledige waarde van het bedrag dat je hebt overgemaakt. Er kan geld geld wegvloeien voor de kosten van geld wisselen door de bank in het buitenland en voor de eventuele kosten die de buitenlandse bank bij de ontvanger in rekening brengt.

Wil je een overboeking doen binnen het SEPA-gebied in een andere muntsoort? Dan moet je wél kosten betalen. Het verschilt per bank hoe hoog die kosten zijn en hoe ze worden berekend. Het kan een vast bedrag zijn per overschrijving (meestal tussen de 6 en 15 euro) en/of een percentage van het te betalen bedrag (meestal 0,1 procent met een minimum van bijvoorbeeld 5 euro). Ook betaal je kosten voor geld wisselen. 

©pla2na

Betalingen buiten Europa

Wil je geld overmaken naar een land dat niet bij het SEPA-gebied hoort, zoals de Verenigde Staten, Canada, Australië, Turkije of Oekraïne? Dan krijg je te maken met hogere kosten. Je betaalt dan niet alleen de transactiekosten van je eigen bank, maar ook de kosten van de buitenlandse bank (OUR). In totaal kan het gaan om enkele tientjes tot 50 euro en meer. Je kunt ook met de ontvanger afspreken dat de ander deze kosten betaalt.

Daarbovenop komen nog de kosten voor geld wisselen. Sommige banken bieden maar een beperkt aantal valuta aan waarin je geld kunt overmaken. Moet je geld overmaken in een valuta die je bank niet aanbiedt? Dan kun je het bedrag misschien in dollars overmaken, waarna het door de buitenlandse bank wordt omgewisseld in de valuta van het betreffende land. Dit brengt nog weer extra kosten met zich mee. 

Kan het goedkoper?

Als je maar af en toe geld overmaakt naar het buitenland, houden de kosten je misschien niet zo bezig. Maar als je vaker betalingen doet naar een land met een andere muntsoort, dan is het slim om te kijken naar alternatieven.

Internationale betaaldienst

Met een internationale betaaldienst kun je online geld overmaken naar het buitenland zonder hoge kosten. Wise is een betaaldienst die openstaat voor zakelijke én particuliere gebruikers. Je kunt er in bijna heel de wereld mee betalen. Voor iedere overschrijving betaal je een vast tarief plus een percentage van het bedrag dat je overmaakt. Deze kosten hangen af van het valutapaar. Voordat je de overboeking doet, zie je precies hoe hoog de kosten zijn, zodat je ze kunt vergelijken met de kosten van je eigen bank.

Om met Wise te kunnen betalen, moet je je eerst registreren met je e-mailadres of met je Google- of Facebookaccount. Vervolgens kun je het bedrag en de valuta kiezen en de gegevens invullen van de bankrekening van de ontvanger. Je betaalt via een bankoverschrijving of met een debit- of creditcard. Als je bankiert bij Bunq kun je binnen de Bunq-app gebruikmaken van Wise. 

Betaalrekening bij een andere bank

Bij sommige banken is geld overmaken in vreemde valuta erg goedkoop, bijvoorbeeld bij de online banken Revolut en N26. N26 werkt hiervoor samen met betaaldienst Wise. Ook bij Wise zelf kun je een betaalrekening openen. Bij Revolut en Wise kun je zelfs een betaalrekening hebben in een andere muntsoort, zoals Britse ponden of Amerikaanse dollars. Je kunt betalingen in ponden of dollars dan rechtstreeks van je eigen saldo doen, zonder dat er eerst gewisseld hoeft te worden. Maar ook als je alleen euro’s op je bankrekening hebt staan, ben je met zo’n speciale betaalrekening meestal veel goedkoper uit. 

©Leonid Iastremskyi

PayPal of creditcard?

Voor betalen in een buitenlandse webwinkel gebruiken veel mensen PayPal of een creditcard. Ook deze betaalmethoden brengen kosten met zich mee. Bij PayPal krijg je deze kosten vooraf te zien als je de betaling in vreemde valuta instelt. Je kunt ook eerst het bedrag omrekenen met een tool in de Wallet (in de PayPal-app of op internet). Als je een creditcard hebt gekoppeld aan je PayPal-account, gelden de valutawisselkosten van PayPal.

Lees ook: Zo werkt betalen met PayPal (en dit is waarom het zo handig is)

Betalen in vreemde valuta met je creditcard is meestal duurder. Creditcards rekenen bovenop de wisselkoers nog een koersopslag van bijvoorbeeld 2 procent. Je kunt de kosten berekenen met behulp van de Wisselkoerscalculator.

Smartphones waar je iets aan hebt

Populair én minder dan 600 euro

Powered by Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.

▼ Volgende artikel
We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2
Huis

We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2

Samen met onze vrienden van bol geven we wekelijks een nieuwe game weg, en deze week is dat natuurlijk Mario Tennis Fever.

Fever verscheen namelijk deze week voor de Nintendo Switch 2 en is volgens onze Simon een uitstekende Mario-sportgame. Met z'n Fever Rackets - die speciale slagen vol onvoorspelbare effecten mogelijk maken - goede basisgameplay en flink wat content weet Fever boven de afgelopen delen uit te stijgen:

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Winnen

Wat moet je doen om te winnen? Ga naar de website van bol, vind de productcode in de url (bestaande uit zestien cijfers) en vul die hieronder in het invulformulier in! Vergeet ook niet je naam en emailadres in te vullen, dan sturen we je zo snel mogelijk een code om de game fysiek op bol.com te bestellen!

Werkt het formulier niet? Klik dan hier.

Watch on YouTube