ID.nl logo
Zijn goedkope smarthomeproducten wel veilig?
© Gorodenkoff Productions OU
Zekerheid & gemak

Zijn goedkope smarthomeproducten wel veilig?

Van goedkope smarthomeproducten denken we vaak dat ze onveiliger zijn dan duurdere slimme apparaten. In dit artikel bespreken we in hoeverre dat klopt en of je je zorgen moet maken als je huis vol staat met koopjes.

In dit artikel vertellen we je:

  • Waarom goedkope smarthomeproducten mogelijk slechter beveiligd zijn.
  • Dat duurdere slimme apparaten ook niet veilig hoeven te zijn.
  • Hoe je onveilige producten zoveel mogelijk kunt vermijden.

Lees ook: Laat al je slimme apparaten samenwerken in een hub!

Vrijwel elk apparaat is tegenwoordig verbonden met internet. Denk aan smart-tv’s, slimme verlichting en slimme speakers. Er zijn zelfs slimme wasmachines, slimme koelkasten en slimme tandenborstels. Al deze apparaten maken ons leven makkelijker en efficiënter, bijvoorbeeld door de lampen automatisch aan en uit te doen of te meten hoelang en hoe goed je je tanden poetst. 

Een smarthome kent veel voordelen, maar is tegelijkertijd een aantrekkelijk doelwit voor criminelen. Slimme apparaten verzamelen doorgaans veel informatie over gebruikers en hun gedrag. Met die gegevens kan mogelijk achterhaald worden wanneer je thuis bent, hoe gezond je bent en zelfs wat je financiële situatie is. Ook vormen smarthomeapparaten voor criminelen een toegangsweg naar andere apparaten die met hetzelfde netwerk verbonden zijn, zoals een smartphone of laptop.

Voordat je je huis vult met slimme apparaten, is het verstandig om over de mogelijke privacyrisico’s na te denken en eventuele beveiligingsmaatregelen te nemen. Het is in elk geval goed je te realiseren dat er risico’s aanwezig zijn bij alle smarthomeapparaten, ook bij de bekende dure merken. Van goedkope smarthomeproducten wordt gedacht dat de risico’s nog groter zijn, omdat ze mogelijk over minder geavanceerde beveiligingsfuncties beschikken en minder vaak updates ontvangen om kwetsbaarheden te dichten.

Lees ook: Wat is een bridge voor je smarthome en wat kun je ermee?

©AndSus - stock.adobe.com

Zijn goedkope slimme apparaten slechter beveiligd?

Zoals bij alle goedkope producten en diensten kun je je bij slimme apparaten afvragen of je niet betaalt met iets anders dan geld, bijvoorbeeld met je privacy. Vooropgesteld: dit hoeft niet altijd het geval te zijn, maar om kosten te besparen zullen fabrikanten van goedkopere apparaten eerder geneigd zijn om voor minder geavanceerde beveiligingsfuncties te kiezen. 

Zo kan het zijn dat er op de encryptie en het aantal beveiligingsupdates wordt bezuinigd. Goedkopere smarthomeproducten worden dan ook vaak geleverd met een zwak standaardwachtwoord of een open netwerkpoort. Dat maakt ze eenvoudiger te compromitteren door criminelen.

Daarnaast bestaan er zorgen over de herkomst van goedkope slimme apparaten; de meeste smarthomeapparaten voor een prikkie zijn afkomstig uit China, waar fabrikanten te maken hebben met minder strenge regels op het gebied van privacy en beveiliging. Ook wordt er gedacht dat Chinese fabrikanten of zelfs de Chinese overheid toegang hebben tot de data die de smarthomeapparaten verzamelen. 

Onderzoeksplatform Pointer ontdekte (inmiddels heel wat jaren geleden) bijvoorbeeld dat het Chinese smarthomeplatform Tuya (dat gebruikt wordt door smarthomeproducten van onder meer HEMA, Action, Lidl en Kruidvat) meer informatie deelt met zijn servers dan je lief is. Tuya zegt zelf overigens dat het aan alle nationale en internationale beveiligings- en privacynormen voldoet.

Luisteren ze mee?

Uiteraard moeten we ook een kanttekening plaatsen: van slimme apparaten uit andere landen, zoals de Verenigde Staten, kunnen net zo goed gegevens worden ingezien door de fabrikant. Zo zijn er bij slimme speakers zoals Google Home en Amazon Echo zorgen dat medewerkers meeluisteren met gesprekken. Ook kon Amazon met zijn Ring-deurbellen op kritiek rekenen voor het delen van videogegevens met politiediensten zonder toestemming van de gebruikers. Inmiddels is het hiermee gestopt.

Bedien je smarthome met je stem via je slimme speaker

Knusse verlichting en lampen aan, zonder van de bank op te staan!

Uit een recent onderzoek in opdracht van de Autoriteit Consument & Markt en de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur blijkt bovendien dat de meerderheid van populaire smarthomeapparaten, waaronder slimme babyfoons, lampen, wasmachines en smart-tv’s, geen updates ontvangt. De ACM en RDI vinden dan ook dat fabrikanten en verkopers te weinig doen om slimme apparaten veilig te houden. 

Het is dus lastig om overtuigend te kunnen stellen welke smarthomeproducten veilig zijn en welke niet. Daarom is het slim om voor je overgaat tot aankoop te onderzoeken of het smarthomeplatform of product waar je oog op is gevallen (recent) in het nieuws is geweest wegens beveiligingsproblemen of privacyrisico’s. 

Ook interessant: Besparen? Met sensors maak je je huidige domme apparaten slim

©rh2010

Zo houd je je smarthome veilig

Hoewel er geen garantie is dat een apparaat honderd procent veilig is, zijn er wel enkele manieren om de kans op een veilig product te vergroten. Zo doe je er verstandig aan om alleen bekende, gerespecteerde merken te kopen. Merken die langer bestaan, zijn doorgaans veiliger dan onbekende merken. 

Daarnaast verlaag je het risico op veiligheidsproblemen als je slimme producten aanschaft bij een bekende Nederlandse webshop of in een fysieke winkel. Platforms zoals AliExpress, Wish, Banggood kun je beter vermijden, maar ook bij Amazon en Bol.com worden er (veelal door externe verkopers) smarthomeproducten van onbekende merken verkocht. 

Ook ben je beter af met slimme apparaten die je zonder internetverbinding kunt gebruiken, al kun je je smarthome dan alleen bedienen als je thuis bent. Denkaan apparaten met draadloze protocollen zoals Zigbee, Z-Wave, Matter en Thread. Met deze lokale protocollen loop je minder risico om gehackt te worden. Verbind je een slim apparaat met internet, zorg er dan voor dat je een veilige hub gebruikt.

Wijzig de inlog!

Niet alleen welke producten je koopt, maar ook wat je ermee doet, is van invloed op de veiligheid van je smarthome. Zo doe je er verstandig aan de vaak makkelijk te kraken inloggegevens die een slim apparaat vanuit de fabriek krijgt, direct te wijzigen. 

Ook is het niet gek om je modem- of routerinstellingen eens onder de loep te nemen. Je modem of router vormt namelijk de toegangspoort tot je thuisnetwerk waarmee je slimme apparaten verbonden zijn. Zorg voor een sterk wachtwoord en installeer meteen nieuwe updates zodra ze beschikbaar worden.

Verder ben je als gebruiker zelf verantwoordelijk voor het updaten van je slimme apparaten. Check met enige regelmaat of er een update beschikbaar is, en installeer deze dan direct. In de meeste gevallen gebeurt dit niet automatisch, je moet zelf actie ondernemen.

Meer weten? Lees meer over het beveiligen van je smarthome


▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.