ID.nl logo
Welke aanbieders van beveiligingssystemen zijn er?
© africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)
Zekerheid & gemak

Welke aanbieders van beveiligingssystemen zijn er?

Een alarmsysteem kan zowel financiële als emotionele schade door een inbraak of brand voorkomen. In dit artikel bespreken we welke aanbieders van beveiligingssystemen er zijn en wat de verschillen tussen deze partijen zijn.


In dit artikel lees je onder andere: Wat het verschil is tussen een beheerd en een onbeheerd beveiligingssysteem | Welke aanbieders van beveiligingssystemen er zijn | Hoe je zelf een alarmsysteem kunt samenstellen

Ook interessant: Dit zijn de verschillen tussen een alarmsysteem en een signaleringssysteem


Beheerd of onbeheerd beveiligingssysteem

Er zijn verschillende aanbieders van beveiligingssystemen. Voordat we ze bespreken, nemen we de verschillen tussen een beheerd en onbeheerd systeem met je door. Je hebt het beheer van het alarmsysteem indien gewenst namelijk zelf in de hand, maar je kunt ook voor een beheerd beveiligingssysteem kiezen. Je huurt dan een beveiligingsbedrijf in om een alarmsysteem te installeren en te onderhouden. Daarnaast ligt de monitoring in de handen van dat bedrijf. Vaak word je aangesloten bij een centrale meldkamer, waardoor er vierentwintig uur per dag actie kan worden genomen in het geval van een alarm of melding.

Of je voor een beheerd of onbeheerd beveiligingssysteem kiest, is afhankelijk van je persoonlijke situatie en voorkeuren. In de meeste gevallen is een onbeheerd beveiligingssysteem goedkoper. Bovendien houd je het beheer in eigen hand en ben je niet afhankelijk van andere partijen. 

Een beheerd beveiligingssysteem is voornamelijk geschikt als je weinig verstand hebt van het zelfstandig installeren en bedienen van het systeem. Ook als je veel waardevolle spullen in huis hebt, zorg je er met een beheerd beveiligingssysteem voor dat je eigendommen door professionele beveiligingsmedewerkers in de gaten gehouden worden.

©Andrey Popov

Deze aanbieders leveren een beheerd beveiligingssysteem

Ben je geïnteresseerd in een beheerd beveiligingssysteem, dan is er genoeg om uit te kiezen. Enkele grote aanbieders in Nederland zijn WoonVeilig, Feenstra en Verisure, maar je kunt ook terecht bij een beveiligingsbedrijf in je regio. We nemen drie grote aanbieders van alarmsystemen en de kosten ervan met je door.

WoonVeilig

Bij WoonVeilig kun je terecht voor een alarmsysteem om zelf te installeren, al is het ook mogelijk om dit uit te besteden. De prijs van het startpakket bedraagt 299 euro (exclusief eventuele installatiekosten) en bestaat uit een basisstation met ingebouwde sirene, twee bewegingsmelders, een raam- en deursensor, een afstandsbediening voor aan je sleutelbos, een bedieningspaneel en waarschuwingsstickers. Het basispakket is uit te breiden met onder meer extra bewegingsmelders, raam- en deursensoren, afstandsbedieningen, camera’s en brandbeveiliging. Je bedient het beveiligingssysteem van WoonVeilig met een sleutelhanger, app, pincode of via Smart Assist. 

WoonVeilig biedt daarnaast een beveiligingsdienst aan voor 8,95 euro per maand. Je kunt dan onder andere gebruikmaken van slimme beveiligingsfuncties zoals Smart Assist en koppelingen met onder meer Google Assistant en Homey. Met Smart Assistant wordt het alarm automatisch ingeschakeld als de laatste bewoner het huis verlaat. 

De beveiligingsdienst is uit te breiden met een videobeveiligingsdienst, waarbij er video-opnames worden gemaakt bij alarm. Deze uitbreiding kost 4 euro per maand extra en vereist een beveiligingscamera van het bedrijf. Daarnaast biedt WoonVeilig een Alarmwacht aan voor 6 euro extra per maand. In geval van alarm wordt dit dag en nacht opgevolgd door een gecertificeerde beveiliger. 

©Daniel Jedzura

Feenstra

De beveiligingssystemen van Feenstra worden via een beveiligde VPN-verbinding aangesloten op de eigen meldkamer van het bedrijf. Er zijn verschillende componenten toe te voegen aan het basisalarmsysteem, waaronder een bedieningspaneel, rookmelder, bewegingsmelder, sirene en glasbreukmelder.

Bij Feenstra is het mogelijk om een alarmsysteem te kopen of te huren. Bij het kopen van het beveiligingssysteem ben je geen installatiekosten kwijt. Je betaalt daarnaast een vast bedrag per maand voor onder meer de dienstverlening van het beveiligingsbedrijf, zoals regelmatig onderhoud en vierentwintig uur per dag service. Het basispakket kost bij Feenstra eenmalig 855 euro. De maandelijkse kosten bedragen daarbij 35 euro per maand. Het basispakket is tegen een meerprijs uit te breiden met extra componenten. 

Wil je niet kopen maar huren, dan ben je minstens 37 euro per maand kwijt. De installatiekosten bedragen 109 euro. Je zit dan vijf jaar aan het abonnement vast. Daarna is het maandelijks opzegbaar. Het beveiligingssysteem wordt daarna jouw eigendom. Er is ook een abonnementsoptie die na drie jaar maandelijks opzegbaar is. Je betaalt dan minstens 37,50 euro per maand (en 109 euro installatiekosten). Het systeem blijft hierbij echter eigendom van Feenstra. 

©APchanel - stock.adobe.com

Verisure

Verisure biedt een basispakket aan met een basisstation, een bedieningspaneel, alarmsleutels, shocksensoren, een binnencamera en een sirene. Hier kunnen extra's aan worden toegevoegd, zoals een videodeurbel en rookmelders. Het is bovendien mogelijk om een rookgordijn te laten activeren in geval van alarm. Bediening van het beveiligingssysteem werkt via de eigen app van het bedrijf.

Bij alarm wordt de melding geverifieerd door medewerkers van de meldkamer. Er wordt in dit geval een stille luistermodus geactiveerd. In het geval van een inbraak wordt de politie door de meldkamer op de hoogte gesteld. Via een SOS-knop is het ook mogelijk om in andere gevallen direct om hulp te vragen. Naast de politie kan ook de brandweer of ambulance worden gebeld.

Verisure vermeldt geen prijzen op zijn website, maar na navraag door ID.nl blijkt het afnemen van een alarmsysteem mogelijk te zijn vanaf 29,90 euro per maand. De exacte kosten zijn afhankelijk van de samenstelling van je pakket. De installatiekosten bedragen 299 euro.

©qunica.com - stock.adobe.com

Bij deze merken kun je terecht voor een onbeheerd beveiligingssysteem

Als je het beveiligingssysteem liever in eigen beheer houdt, kom je al snel uit bij smarthomemerken zoals Eufy, Ring, Somfy, Gigaset, Ajax, Frient, Bosch, Netatmo of Aeotec. Deze alarmsystemen nemen geen contact voor je op met een centrale meldkamer, maar sturen je een pushmelding via een app. Enkele van deze bedrijven bieden een alarmset aan met verschillende onderdelen. Zo’n basispakket is doorgaans uitbreidbaar met extra componenten. Naast inbraakwerende accessoires kun je in veel gevallen ook een rookmelder koppelen.

De Eufy Home Alarm Kit beschikt bijvoorbeeld over een basisstation met alarm, een bedieningspaneel, een bewegingssensor en raam- en deursensoren. Aan dit beveiligingssysteem is onder meer een slimme deurbel en beveiligingscamera van het merk toe te voegen. Het vijfdelige basispakket heeft een adviesprijs van 139 euro. Een maandelijks abonnement is in dit geval niet vereist, omdat de data op het basisstation wordt opgeslagen. 

Lees ook: Welke typen beveiligingssensoren zijn er om mijn huis te beveiligen?

Ook bij Ring kun je terecht voor een alarmsysteem. De basisset bestaat uit vijf producten en kost 250 euro. Naast een basisstation met alarm krijg je voor dat bedrag een bedieningspaneel, raam- en deursensor, bewegingssensor en een signaalversterker. Het beveiligingssysteem is uit te breiden met verschillende andere producten, zoals een noodknop, een buitensirene met led en een glasbreuksensor.

Lees ook: Je huis beveiligen met een sirene: dit moet je weten

Het is echter niet per se nodig om een standaardpakket te kopen. In plaats daarvan kun je je eigen beveiligingssysteem samenstellen door middel van verschillende beveiligingsproducten. In plaats van een samengesteld beveiligingspakket kies je dan alleen voor de accessoires die je echt wilt gebruiken. Wel moet je er rekening mee houden dat producten van verschillende merken niet altijd aan elkaar te koppelen zijn. Het is daarom slim om het bij één merk te houden. 

Lees ook: Raambeveiliging: deze opties zijn er om je ramen te beveiligen


Watch on YouTube

Meer beveiligingsvideo's van ID.nl zien? Klik dan hier.

Vraag een offerte aan voor inbraakbeveiliging:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.