ID.nl logo
Raambeveiliging: deze opties zijn er om je ramen te beveiligen
© @
Zekerheid & gemak

Raambeveiliging: deze opties zijn er om je ramen te beveiligen

Inbrekers komen je woning niet alleen binnen via de voor- of achterdeur, maar ook via een raam. Om het risico op een inbraak te verminderen is het slim om je ramen goed te beveiligen, zowel op de beneden- als bovenverdieping. In dit artikel bespreken we welke opties je hebt voor raambeveiliging.


In dit artikel lees je onder andere: Welke soorten raamsloten er zijn | Waar je ook aan kunt denken bij raambeveiliging | Hoe je inbraak via het raam nog meer kunt voorkomen

Ook interessant: Zo vind je een beveiligingscamera die bij jouw situatie past.


Waar veel mensen kiezen voor een veilig slot op de voor- en achterdeur, worden de ramen vaak vergeten. Toch is dit een veelvoorkomende manier voor inbrekers om je huis binnen te raken. Met de volgende beveiligingsmogelijkheden voor ramen maak je het potentiële inbrekers niet te makkelijk.

Raamsloten

Met een goed slot zorg je ervoor dat een inbreker langer de tijd nodig heeft om binnen te komen. Dit verkleint de kans op een inbraak, omdat inbrekers liever kiezen voor snelle en makkelijke toegang tot een woning. Er zijn verschillende soorten raamsloten. Espagnoletten, raambomen en raamgrendels komen het meest voor. 

Het is aan te raden om een slot met een SKG-keurmerk te kiezen. Zo zorg je ervoor dat het slot minder makkelijk te forceren is. Een slot met meer sterren biedt een betere beveiliging. Een professionele slotenmaker kan je adviseren over welke soorten sloten het meest geschikt zijn in jouw situatie.

Naast sloten kun je een dievenklauw gebruiken om naar buiten draaiende ramen te beveiligen tegen inbraak. Dit mechanisme bestaat uit een bus en stift van staal, en wordt boven ieder scharnier op het raam bevestigd. Het raam is dan niet vanaf buitenaf te openen, zelfs niet als het scharnier door een inbreker geforceerd wordt.

©Ronstik

Raamsensoren

Over het algemeen is het aan te raden om niet voor één, maar meerdere beveiligingslagen te kiezen. Het is een handige manier om inbrekers te vertragen en te ontmoedigen. Naast sloten voor je ramen kun je ook denken aan raamsensoren om je huis te beveiligen. Deze sensoren zijn doorgaans ook geschikt voor deuren. Een raamsensor maakt gebruik van magneten. Het ene deel bevestig je op het raam en het andere deel op het kozijn.

De sensor kan door middel van de magneten detecteren of een raam geopend wordt. Sommige raamsensoren kun je koppelen aan een alarmsysteem, maar er bestaan ook slimme varianten die je een notificatie sturen op je smartphone en die je kunt koppelen aan andere smarthomeproducten. Als de raamsensor beweging detecteert, kunnen bijvoorbeeld de slimme lampen automatisch aangaan en kan er een slimme sirene worden ingeschakeld.

Benieuwd naar welke andere sensoren er zijn om je huis te beveiligen? We vertellen je er alles over!

Anti-inbraakfolie

Inbrekers slaan met enige regelmaat de ruiten van een raam of deur in om toegang te krijgen tot een woning. Door een anti-inbraakfolie te gebruiken, kan een inbraakpoging ontmoedigd worden. Anti-inbraakfolie is gemaakt van polycarbonaat of polyester en wordt op de ruit bevestigd. Dit sterke materiaal zorgt ervoor dat de glasscherven blijven plakken in de hechtlaag van de folie.

De ruit kan wel barsten, maar de glassplinters en scherven worden bij elkaar gehouden. Anti-inbraakfolie is transparant, waardoor het je zicht naar buiten niet belemmert. In sommige gevallen is het zelfs mogelijk om anti-inbraakfolie te combineren met andere soorten folies, zoals een zonwerende folie.

©Петр Смагин

Anti-inbraakstrips

Met een anti-inbraakstrip - ook wel raamstrip of deurstrip genoemd - wordt het voor inbrekers lastiger om een raam (of deur) met een breekijzer te openen. De sluitnaad is dan namelijk niet langer zichtbaar vanaf de buitenkant van je huis. Er zijn zowel anti-inbraakstrips voor naar binnen draaiende ramen als naar buiten draaiende ramen.

Glasbreuksensor

Een glasbreuksensor kan je op de hoogte stellen als de ruiten worden ingeslagen. De sensor kan namelijk op basis van geluidsgolven waarnemen of er glas in de ruimte wordt gebroken. Een glasbreuksensor plaats je niet óp, maar ín de buurt van een raam. Het heeft een bereik van enkele meters, in sommige gevallen zelfs tot tien meter.

Rolluiken

Een rolluik is niet alleen handig om je slaapkamer volledig te verduisteren, of de warmte of kou in huis te houden. Het is ook een effectief middel tegen inbraken. Rolluiken zijn gemaakt van een stevig materiaal, zoals aluminium of staal. Ook maakt een vergrendelingssysteem het moeilijker om de rolluik op te tillen of te openen. Rolluiken werken dan ook afschrikwekkend. Het laat potentiële inbrekers zien dat je huis goed beveiligd is en dat het meer tijd en moeite kost om binnen te komen. 

Meer weten over rolluiken? We leggen je uit welke soorten rolluiken er zijn en waar je op moet letten bij de aanschaf.

©sutichak - stock.adobe.com

Barrièrestangen en tralies

Veel huizen hebben ook een of meerdere kleinere ramen, bijvoorbeeld in de wc of badkamer. Maar ook een bovenlicht (een klein raam boven een deur of raam) wordt regelmatig door inbrekers gebruikt om binnen te komen. Met een barrièrestang kun je voorkomen dat dit gebeurt. Je plaatst deze aan de binnenkant van een raam of bovenlicht, waardoor de doorgang geblokkeerd wordt. Met een (sier)tralie maak je het ook bij grotere ramen lastiger voor inbrekers om binnen te raken. 

Tips om inbraak via het raam te voorkomen

Een inbreker heeft zonder de juiste raambeveiliging enkel een breekijzer of schroevendraaier nodig om een raam te openen. Met het juiste hang- en sluitwerk (en andere beveiligingsmethodes) maak je het indringers een stuk lastiger. 

Naast onder meer sloten, sensoren en rolluiken zijn er andere manieren om de kans op inbraak via het raam te verkleinen. Een belangrijke daarin is het sluiten van alle ramen als je het huis verlaat. Doe de ramen het liefst volledig dicht. Ramen in kiepstand zijn bijvoorbeeld al van buitenaf te openen met een stuk touw en een keukenrol.

©Rainer Fuhrmann - stock.adobe.com

Ook is het verstandig om plantenbakken, containers en andere objecten onder een raam te verplaatsen. Deze kunnen namelijk gebruikt worden om op het (platte )dak te klimmen. Het is daarnaast belangrijk om de schuur of garage waarin je gereedschap en ladder(s) staan goed te beveiligen. Zo voorkom je dat inbrekers met jouw gereedschap je huis binnenkomen of via een ladder je woning betreden via een raam op de bovenverdieping.

Daarnaast is het niet onbelangrijk om te zorgen voor voldoende buitenverlichting. Ook kun je (slimme) verlichting koppelen aan een bewegingsmelder, zodat de lampen in je tuin aan gaan als er beweging gedetecteerd wordt. De kans is groot dat een inbreker het dan op het lopen zet. Een lamp die ineens aanspringt, trekt namelijk de aandacht van bijvoorbeeld buren. 

Ook het plaatsen van stickers van een beveiligingsbedrijf of -systeem kan een afschrikwekkende functie hebben. Dit geeft potentiële inbrekers het idee dat je woning goed beveiligd is, zelfs als dit misschien niet het geval is. Toch is het verstandig om niet alleen stickers te plakken, maar ook daadwerkelijk voor goede sloten en andere beveiligingsmethodes te zorgen.

Nooit te veel geld betalen voor het beveiligen van je huis? We vertellen je hoe je voor een prikkie een volwaardig alarmsysteem opzet!


Watch on YouTube

Toch liever professionele beveiliging?

Vraag een offerte aan voor inbraakbeveiliging:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.