ID.nl logo
Review Oppo Reno10 Pro  - Zet formule door die niet werkt
Huis

Review Oppo Reno10 Pro - Zet formule door die niet werkt

De formule van Oppo is bekend en wordt ook voor deze Reno10 Pro weer toegepast. Op papier en in de hand een prachtige smartphone, maar het gaat mis zodra je ‘m aan zet. Hoe dat precies zit lees je in deze Oppo Reno10 Pro review.

Oké
Conclusie

Om de Oppo Reno10 Pro een goede keuze te laten zijn in z’n prijsklasse hoeft het merk niet terug naar de tekentafel. De smartphone doet veel goed: het scherm, de prestaties, snelladen en het ontwerp zijn pluspunten. Om er positief uit te springen ten opzichte van merken die de smartphonemarkt domineren moet Oppo echter meer liefde besteden aan de software. ColorOS, met al zijn bloatware en matige update-ondersteuning biedt niet de ervaring die je mag verwachten. Ook zal betere software de camera-prestaties ongetwijfeld veel goed doen, want ook die loopt niet in lijn met de grote jongens.

Plus- en minpunten
  • Design
  • Scherm
  • Prestaties
  • Snelladen
  • ColorOS en bloatware
  • Updatebeleid
  • Geen draadloos opladen
  • Groothoekcamera
  • Betere alternatieven verkrijgbaar voor minder geld

Ondanks dat Oppo veel geld in de Nederlandse markt heeft gepompt zijn de beste smartphones van het Chinese merk behoorlijk zeldzaam in het straatbeeld. Kijken we naar de populariteit van het merk op bijvoorbeeld de smartphonepagina van Kieskeurig.nl, dan moeten we flink scrollen voordat het merk voorbijkomt tussen alle Samsung- en Apple-smartphones. En de Oppo-smartphones die voorbijkomen, zijn in lagere prijssegmenten te vinden. Dat terwijl Oppo in alle prijsklasses vertegenwoordigd is. Zo ook met deze Oppo Reno10 Pro, die vanaf 659 euro verkrijgbaar is.

Lees ook: de beste smartphones van nu

Het lijkt er op dat de nieuwe Oppo Reno10 Pro niet snel bij de goed verkopende smartphones gaat scharen, want de formule voor dit redelijk hoog geprijsde toestel lijkt het Chinese merk blijft onveranderd. Dat houdt in dat er zeker indruk gemaakt wordt, kijken we naar het ontwerp van de smartphone en specificaties. En kijken we naar de prijsklasse, dan liggen er mogelijk wel kansen. 659 euro is een soort hoge middenklasse-prijs, waarin je ook kunt kiezen voor een Pixel 7 van Google, een Samsung Galaxy S23 en een iPhone SE . Aangezien het laatste toestel relatief oud is, lijken er kansen te liggen voor Oppo.

Knappe smartphone

Het ontwerp van de smartphone mag er wezen, dankzij licht afgebogen schermranden en een dunne rand aan de zijkant oogt het toestel scherp. Ook de achterkant (die van matglas gemaakt is) loopt net zo rond af als voorkant. Het camera-eiland complimenteert het ontwerp helaas niet, de drie zwarte cirkels in een ovaalvormig figuur doen denken aan drie kookpitjes. Desondanks is de Oppo Reno10 Pro een juweel te noemen.

Maar wel een kwetsbaar juweel. Want door een overvloed aan glas (wat altijd gevoelig is voor barsten en krassen) en dunne randen ligt het toestel wel lekker in de hand, maar voelt de smartphone ontzettend gevoelig voor val- en stootschade. De smartphone zonder hoesje gebruiken voelde erg onveilig, maar zo’n hoesje doet het ontwerp weer teniet. Fijn is overigens wel dat er op het scherm een screenprotector geplaatst is.

Mooi ontwerp met kookpitjes.

Met een knap scherm

Ook het scherm zelf is oogstrelend.  Het scherm heeft een doorsnee van 6,7 inch en een beeldverhouding van 20 bij 9. Een flink scherm en een flink toestel dus, dat dankzij zijn gebogen randen niet onwerkbaar groot is. Qua kleurweergave en helderheid valt de smartphone positief op, ook kun je kiezen om het scherm een verversingssnelheid van 120 hertz te geven voor soepel lopen beeld. Of 60 hertz, wat accuvriendelijker is.

Onder het scherm is de vingerafdrukscanner geplaatst, wat inmiddels gebruikelijk is voor vrijwel alle nieuwe Android-smartphones. De vingerafdrukscanner werkt best vlot en accuraat zoals je mag verwachten. Net als het feit dat de selfiecamera met een gat bovenin het midden van het scherm geplaatst is. Deze camera kan ook gebruikt worden voor gezichtsherkenningsontgrendeling. Houdt er echter wel rekening mee dat onder andere Oppo onlangs in het nieuws is geweest omdat deze manier van smartphone-ontgrendeling niet altijd even veilig is.

Qua aansluitingen moet je het alleen doen met een usb-c-poort. Er is geen audiopoort. Opslaggeheugen uitbreiden met een geheugenkaartje zit er ook niet in, hoewel een tweede simkaart wel weer mogelijk is.

Het scherm van de Oppo Reno10 Pro is dik in orde.

Intern ook knap voor elkaar

In deze prijsklasse kun je niet altijd de beste Snapdragon-chipset verwachten. Deze vind je niet in de Oppo Reno10 Pro. De Snapdragon 778G presteert echter prima in zowel praktijk als benchmarks. Fijn is ook dat Oppo er liefst 12GB aan werkgeheugen in heeft gepropt. Dat is bovengemiddeld veel. Onze uitvoering beschikt ook over 256GB opslaggeheugen, wat genoeg moet zijn om het ontbreken van een geheugenkaartslot op te vangen.

De smartphone gaat ongeveer anderhalf à twee dagen mee op een opgeladen accu. Dat is redelijk lang voor een 4.600 mAh accu, alhoewel dat natuurlijk erg afhankelijk is van je gebruik. Oppo heeft de onderdelen en software wat dat betreft zuinig afgesteld. Wil je meer uit de accu halen, dan kun je altijd nog 5G uitzetten of de schermverversingsnelheid op 60 hertz zetten.

Dat opladen gaat verschrikkelijk snel dankzij de 80watt-snellader die bijgesloten is. Dat is nogal een verschil met de topsmartphones van Apple, Samsung en Google, die niet over snellaadfunctie beschikken vanwege mogelijke snellere accuslijtage op langere termijn. Groot pluspunt is dat Oppo de adapter gewoon in de doos meelevert. Een draadloze oplaadfunctie ontbreekt echter. Dat is iets wat de concurrentie wél weer biedt.

Camerasysteem is degelijk

Oppo weet dat een goede camera belangrijk is om mee te scoren bij groot publiek. Het merk zet er dan ook dik op in met ontwikkelingen en marketing. Zo ook deze Oppo Reno10 Pro. De smartphone is aan de achterzijde uitgerust met drie camera’s: een groothoeklens (8 megapixel), zoomlens (32 megapixel) en een primaire camera met 50 megapixel. Aan de voorkant zit een 32 megapixelcamera. Drie camera’s aan de achterzijde die alle drie een duidelijke camerafunctie hebben. Dat is fijn. Geen overbodige extra macrolenzen dus die je in praktijk niet gebruikt.

Verkijk je overigens niet op het hoge aantal megapixel: de resolutie wordt teruggeschaald naar 12 megapixel om wel de vastgelegde details te kunnen gebruiken - zonder dat je opslag nodeloos volloopt. Desgewenst kun je foto’s ook in de volle resolutie opslaan.

In praktijk komen de primaire camera en de zoomcamera het beste uit de bus. Veel details en kleuren worden vastgelegd. Bovendien staan de camera’s hun mannetje bij bijvoorbeeld schaduwdelen, tegenlicht of weinig licht. De nachtmodus kan niet tippen aan die van Samsung- en Google-smartphones in dezelfde prijsklasse: minder detail en vooral meer beweging. De groothoeklens is kwalitatief tot veel minder in staat dan de andere twee lenzen.

Geen overbodige camera's: een groothoeklens, zoomlens en primaire cameralens.
Van zoom tot groothoek. De uiterst linkse en rechtse foto's laten wel zichtbaar kwaliteitsverschil zien.

Oppo probeert vooral de portretmodus in het zonnetje te zetten. Maar de Reno10 Pro is echt wel een klasse minder dan (wederom) Google, Samsung en Apple op dit gebied. Niet alleen is er een vervelende sluitervertraging die bewegingsonscherpte veroorzaakt, ook wordt de scherptediepte niet zo goed bepaald, waardoor sommige randen onscherp zijn en het vaak geen natuurlijke portretfoto wordt. Zelfs met gunstige lichtomstandigheden.

Ondanks dat Oppo z'n camera 'AI Portrait Cam' bestempelt, is deze niet van hoogwaardige klasse.

Al met al moet ik concluderen dat het camerasysteem geen indruk maakt. Maar wel in staat is om degelijke foto’s te schieten. De concurrentie ligt voor op Oppo, en dat verschil lijkt alleen maar groter te worden. De slimme softwarematige aansturing die Samsung, Google en Apple loslaten op de aansturing van de lenzen maakt het verschil.

Tot zover het goede van de Oppo Reno10 Pro

Zoals ik in het intro van deze review al aangaf gaat het bij Oppo (en andere Chinese merken zoals Xiaomi, Honor, Huawei en Oppo’s zustermerken) mis wanneer je de smartphone inschakelt. De Oppo Reno10 Pro draait op de recentste Androidversie: Android 13. De ondersteuning schiet hierbij gewoonweg tekort. Met twee Android-versiesupdates en drie jaar veiligheidsupdates in het verschiet scoort Oppo ronduit onvoldoende op het gebied van ondersteuning. Samsung (vier versie-updates, vijf jaar ondersteuning), Google (drie versie-updates, vijf jaar maandelijkse veiligheidsupdates en directe uitrol) en Apple hebben dit veel beter voor elkaar en zijn daarmee een betere keuze als het op veiligheid en functionaliteit aan komt.

En dat ColorOS is toch echt wel een paar flinke stappen terug ten opzichte van de Androidbasis die Oppo gebruikt. Het oogt allemaal ontzettend rommelig en kinderlijk gekleurd. Maar dat is iets persoonlijks. Waar het vooral misgaat is de ongeloofelijke hoeveelheid voorgeïnstalleerde rommel-apps die je voor je kiezen krijgt: bloatware. Aan Google-apps ontkom je niet in Android. Maar een tweede browser, een twee applicatiewinkel (die niet eens werkt), een tweede fotogalerij zijn gewoon niet nodig. De telefoonbeheer-app voegt werkelijk niks toe. En dan is er nog een enorme overdaad aan voorgeïnstalleerde apps die er waarschijnlijk alleen maar op staan omdat Oppo daar wat voor terugkrijgt: mobiele pay-to-win-games, privacy-minachtende social media apps, winkel-apps zoals Amazon en Joom, Booking.com, Netflix en veel meer. Kersje op deze vreselijke taart: Lang niet al deze overbodige apps kun je verwijderen.

De hoeveelheid bloatware is schrikbarend, en de apps zijn zelfs ongebruikt al actief op de achtergrond.

Ook ongezien is de Android-basis er niet beter op geworden met ColorOS. Om accu te sparen worden hongerige apps die op de achtergrond draaien afgesloten. Dat is niet fijn als je die apps juist gebruikt. Onder batterijbeheer kun je batterijhongerige apps met een druk op de knop afsluiten en zien hoeveel batterijtijdswinst je ermee boekt. Dat is leuk. Maar in praktijk komt het er op neer dat zo’n app weer op de achtergrond gestart moet worden, wat meer rekenkracht - en dus energie kost. En je systeem en apps instabieler maken.

Alternatieven voor de Oppo Reno10 Pro

Zoals duidelijk wordt heeft Oppo een wereld te winnen op softwaregebied, om bijvoorbeeld de cameraprestaties in lijn te brengen met die van Samsung, Google en Apple of de volwassen-ervaring te bieden van iOS en de Android-basis. Hierdoor zijn er gewoonweg beter alternatieven dan deze Oppo Reno10 Pro.

Apple valt wel af in deze prijscategorie. De iPhone SE uit 2022 was al verouderd en een afrader toen deze op de markt verscheen. Samsung heeft met de Galaxy A54 een telefoon die wat minder luxe voorkomt, maar een stuk betaalbaarder is en verder een redelijk gelijkwaardige ervaring biedt. De Galaxy S23, eerder genoemd in deze review, is op alle fronten een veel betere keuze. Met name de software en camera maken het verschil ten opzichte van deze Reno10 Pro.

Toch heeft Google het beste alternatief in handen: de Google Pixel 7 is behoorlijk goedkoper en biedt een betere camera, draadloos laden, betere software en snelle updates. Alleen het snelle laden en goede accuduur vind je niet terug op de Pixel 7.

Conclusie: Oppo Reno10 Pro kopen?

Om de Oppo Reno10 Pro een goede keuze te laten zijn in z’n prijsklasse hoeft het merk niet terug naar de tekentafel. De smartphone doet veel goed: het scherm, de prestaties, snelladen en het ontwerp zijn pluspunten. Om er positief uit te springen ten opzichte van merken die de smartphonemarkt domineren moet Oppo echter meer liefde besteden aan de software. ColorOS, met al zijn bloatware en matige update-ondersteuning biedt niet de ervaring die je mag verwachten. Ook zal betere software de camera-prestaties ongetwijfeld veel goed doen, want ook die loopt niet in lijn met de grote jongens.

▼ Volgende artikel
Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken
Huis

Microsoft Gaming-baas Phil Spencer en Xbox-president Sarah Bond vertrekken

Microsoft Gaming-ceo Phil Spencer en Xbox-directeur Sarah Bond vertrekken bij het Amerikaanse bedrijf.

Dat hebben verschillende media vernomen, en Spencer zelf heeft het inmiddels ook bevestigd via social media. Daarbij publiceerde IGN ook interne e-mails van Microsoft's ceo Satya Nadella, de te vertrekken Spencer en de nieuwe Microsoft Gaming-ceo Asha Sharma en Matt Booty.

Naar verwachting vertrekt Spencer, die bijna veertig jaar bij Microsoft werkzaam was, aanstaande maandag. Xbox-president Sarah Bond - waarvan voorheen werd gedacht dat ze Spencer uiteindelijk zou vervangen - gaat ook weg. Asha Sharma is op dit moment nog de president van Microsofts CoreAI en gaat dus Microsoft Gaming bestieren. Matt Booty, het hoofd van Xbox Game Studios, wordt gepromoot naar chief content officer en zal nauw samenwerken met Sharma.

"Afgelopen najaar deelde ik met Satya dat ik nadacht over mijn vertrek en het beginnen aan het volgende hoofdstuk van mijn leven", zo stelt Spencer in zijn e-mail. "Vanaf dat moment gingen we aan de slag met onze aanpak, met het oog op het behoud van stabiliteit en het versterken van de fundering die we hebben gebouwd. Xbox is altijd meer dan een bedrijf geweest. Het is een levendige gemeenschap bestaande uit spelers, makers en teams die erg veel geven om wat we bouwen en hoe we dat doen. Het verdient een goed doordacht plan voor de toekomst."

"Ik wil Phil bedanken voor zijn uitzonderlijke leiderschap en samenwerking", aldus Nadella in zijn e-mail naar werknemers. "In meer dan 38 jaar bij Microsoft, waaronder 12 jaar aan het hoofd van de gamedivisie, heeft Phil geholpen met het transformeren van wat we doen en hoe we dat doen."

View post on X

De nieuwe Microsoft Gaming-ceo aan het woord

Sharma, de nieuwe ceo van Microsoft Gaming, meldt in haar e-mail: "Mijn eerste taak is simpel: begrijpen hoe dit werkt en het vervolgens beschermen. Dat begint bij drie verplichtingen. Ten eerste geweldige games - daar begint alles mee. We moeten geweldige games hebben die door onze spelers geliefd worden." Vervolgens vertelt Sharma over het belang van onvergetelijke personages, de macht geven aan ontwikkelstudio's en iconische franchises.

"Ten tweede: de terugkeer van Xbox. We verbinden ons opnieuw aan onze trouwe Xbox-fans en -spelers, die de afgelopen 25 jaar in ons hebben geïnvesteerd, en de ontwikkelaars waar we de uitgebreide universa en ervaringen die onze spelers wereldwijd omarmen mee hebben gebouwd. We zullen onze afkomst eren met een vernieuwde inzet voor Xbox, te beginnen bij de console, die heeft gevormd wie we zijn." Sharma benadrukt daarbij dat games tegenwoordig op meerdere apparaten te vinden zijn, en spreekt uit dat Microsoft zich niet wil limiteren aan één apparaat. "Terwijl we uitbreiden op pc, mobiel en cloud, moet Xbox naadloos, onmiddellijk en waardig voor de gemeenschappen die we serveren voelen."

Het derde punt van Sharma is "de toekomst van spelen. We nemen de heruitvinding van spelen waar. Daarom zullen we investeren in nieuwe zakenmodellen en nieuwe manieren om te spelen door gebruik te maken van wat we al hebben: iconische teams, personages en werelden waar mensen van houden. Maar we zullen die werelden niet behandelen als statische IP om uit te melken en geld uit te onttrekken. We bouwen een gedeeld platform en gereedschappen die ontwikkelaars en spelers de macht geven om hun eigen verhalen te creëren en delen."

Over Spencer en de staat van Xbox

Phil Spencer werd in 2014 hoofd van Xbox, toen hij de opdracht had Xbox One van een gebrekkige release het jaar ervoor te redden. Tijdens die consolegeneratie werd onder andere het populaire Xbox Game Pass gelanceerd. Dankzij onder andere die service en zijn veelvuldige interviews werd hij al snel populair onder gamers.

Na de Xbox Series X en S-release in 2020 begon de mening over Spencer om te slaan, vooral gevoed door de veranderingen rondom Xbox als merk. Sinds enkele jaren komen de spellen van Xbox-ontwikkelaar zelfs vaak ook op andere platforms uit - bijvoorbeeld op PlayStation 5 en Nintendo Switch. Tegelijkertijd loopt de verkoop van de huidige Xbox Series X en S-consoles flink terug. Spencer zelf verscheen de afgelopen jaren steeds minder vaak in interviews, en ook de vele ontslagrondes en studiosluitingen binnen de Xbox-divisie zorgden voor reputatieschade.

Tegelijkertijd werden onder Spencers leiding grote aankopen als Bethesda en Activision Blizzard gedaan, bekend van gamefranchises als The Elder Scrolls, Fallout en Call of Duty.

Microsoft heeft eerder laten weten aan een nieuwe console te werken, die de grenzen tussen consoles en pc moet vervagen. Voor zover bekend wordt dit een apparaat die in feite pc-games af gaat spelen, alsmede Xbox-games, en waarop verschillende digitale pc-winkels bereikbaar zullen zijn - en dus niet alleen die van Microsoft zelf.

Het vertrek van twee belangrijke kopstukken binnen Microsofts gamedivisie is opvallend, zeker in combinatie met het feit dat de gametak van het bedrijf schijnbaar in een transitieperiode zit. Ook het feit dat de nieuwe ceo van Microsoft Gaming van CoreAI afkomt, houdt de gemoederen onder gamers bezig. Microsoft zet groots in op kunstmatige intelligentie, maar onder gamers heerst vooral onvrede over de invloed die AI tegenwoordig heeft op hun hobby. Sharma benadrukte in haar interne e-mail echter dat Xbox zich niet gaat richten op "zielloze AI-slop".

▼ Volgende artikel
Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5
© Ayo man | Law of God
Huis

Het geheugen van je computer: dit is het verschil tussen DDR4 en DDR5

Toen je je laptop kocht, keek je waarschijnlijk vooral naar de processor, de grafische chip en hoeveel GB werkgeheugen erin zit. Of dat werkgeheugen DDR4 of DDR5 is, is voor de meeste mensen geen doorslaggevende factor. Toch is het wel handig om te weten wat de verschillen zijn tussen DDR4, dat je vooral in oudere laptops tegenkomt, en DDR5, dat bij nieuwe modellen meestal de standaard is. DDR5 kan per seconde meer data verwerken dan DDR4. Wat dat verschil betekent en wanneer extra gigabytes meer opleveren dan de stap naar DDR5, lees je in dit artikel.

In dit artikel

je leest wat DDR4 en DDR5 precies van elkaar onderscheidt, wanneer je dat verschil in snelheid en energieverbruik echt merkt en waarom het voordeel van DDR5 ten opzichte van DDR4 bij gamen vaak beperkt blijft. Ook leggen we uit waarom DDR4 niet automatisch meer de goedkope keuze is, waarom je DDR4 en DDR5 niet kunt uitwisselen en wat dat betekent voor upgraden bij laptops en desktops. Tot slot lees je hoe je op Windows en Mac snel checkt of je meer RAM nodig hebt.

Lees ook: RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

De techniek achter DDR4 en DDR5

Het grootste verschil tussen DDR4 en DDR5 zit in de datasnelheid en bandbreedte. Zie het als een digitale weg: DDR4 is een prima route waar het verkeer netjes doorrijdt, DDR5 is een bredere snelweg waar per seconde meer data overheen kan. Daardoor hoeft de processor bij zware taken waarbij veel data heen en weer gaat (denk bijvoorbeeld aan videobewerking) minder vaak te wachten op nieuwe informatie. Let wel: die extra 'rijstroken' leveren pas winst op als je processor, grafische chip en software er ook echt gebruik van maken. Bij lichte taken, zoals browsen en tekstverwerken, is werkgeheugenbandbreedte zelden de bottleneck. Gaat dat langzaam, dan heeft dat eerder te maken met de processor, opslag, of de browser.

DDR5 kan ook helpen met het energieverbruik, omdat het op een lagere spanning werkt: 1,1 volt in plaats van 1,2 volt bij DDR4. In een laptop kan dat iets schelen, al hangt het effect af van wat je doet en hoe de rest van het systeem is opgebouwd. Daarnaast zit bij DDR5 een deel van de stroomregeling op de geheugenmodule zelf. Dat kan de stroomvoorziening stabieler maken, maar het maakt de module ook wat complexer om te produceren.

Wat biedt DDR5 in de praktijk?

DDR5 komt vooral tot zijn recht bij taken die veel werkgeheugenbandbreedte vragen, zoals 8K videobewerking of complexe simulaties. Daarbij blijft de processor (en soms de GPU) meestal de doorslaggevende factor: die bepaalt of je systeem zo'n klus überhaupt vlot aankan. DDR5 kan helpen om wachttijd te verminderen, maar het maakt een trage CPU niet ineens snel. Een ander voordeel is dat je per module hoge capaciteiten kunt halen. Voor zware desktop-werkstations zijn systemen met 256 GB aan werkgeheugen inmiddels realiteit. Bij laptops ligt die grens doorgaans lager, vaak rond de 128 GB, omdat ze meestal minder geheugenslots hebben. Bovendien is het werkgeheugen bij veel modellen vastgesoldeerd, waardoor je later niet kunt uitbreiden.

©Batorskaya Larisa

DDR5 voor gamers: nodig of niet?

Voor gamers blijft het voordeel van DDR5 vaak beperkt. In veel games gaat het om een klein verschil, en op 1440p of 4K zie je dat meestal nog minder terug omdat je dan eerder tegen de grens van de videokaart aanloopt dan tegen die van het werkgeheugen. Ook hier geldt: de keuze voor CPU en vooral GPU bepaalt je gameprestaties veel sterker dan de stap van DDR4 naar DDR5. Dat verschil tussen DDR4 en DDR5 is onderzocht in een vergelijkingstest van de gezaghebbende site Tom's Hardware. Daarbij ging het bijvoorbeeld om 3% verschil in gameprestaties in Assassin's Creed Valhalla, 2% in Far Cry 6, Tom Clancy's Ghost Recon Breakpoint, Watch Dogs: Legion en Borderlands 3, en 1% in Shadow of the Tomb Raider en Wolfenstein: Youngblood.

©Crystal Dynamics

Het verschil tussen RAM en opslag

Veel mensen halen werkgeheugen (RAM) en opslaggeheugen (SSD of HDD) door elkaar, terwijl ze iets heel anders doen: RAM is het korte-termijngeheugen waarin de gegevens staan van programma's die je nú gebruikt, waardoor je met meer RAM makkelijker en sneller tussen meerdere apps schakelt, maar zodra je de computer uitzet is dit geheugen weer leeg. Opslaggeheugen is juist het lange-termijngeheugen waarop je foto's, documenten en andere bestanden blijven staan, ook als er geen stroom is.

Is een laptop met DDR4 nog goed genoeg?

Ja, voor de meeste Nederlanders is een laptop met DDR4 nog steeds goed genoeg. Gebruik je hem vooral voor internetten, Netflix kijken, Microsoft Office en af en toe een simpele fotobewerking, dan merk je in de praktijk nauwelijks verschil tussen DDR4 en DDR5. Bij laptops is DDR4 of DDR5 bovendien vaak geen losse keuze: het hangt samen met de generatie processor die in het model zit.

DDR5 kan wel voordeel geven bij zwaardere taken waarbij de computer grote hoeveelheden data tegelijk moet verwerken, maar dat wordt pas echt interessant als je met zware programma's werkt, of als je games zo soepel mogelijk wilt laten lopen - ervan uitgaande dat je CPU en GPU die werklast ook aankunnen. Denk aan situaties waarin je merkt dat je laptop moeite heeft om alles bij te houden, ook al staat de beeldkwaliteit niet eens extreem hoog. In veel situaties blijft het verschil klein. Belangrijker is vaak de hoeveelheid werkgeheugen: 16 GB voelt meestal merkbaar fijner dan 8 GB, ongeacht of het DDR4 of DDR5 is.

DDR4 is niet meer vanzelfsprekend goedkoop

Lange tijd was DDR4 de slimme, goedkope keuze als je vooral op de prijs lette: het verschil met DDR5 was groot. Door de huidige tekorten klopt dat beeld minder. DDR4-geheugen is flink duurder geworden; in sommige gevallen is de prijs zelfs meer dan verdubbeld. DDR5 is ook duurder geworden, maar omdat de productie van DDR4 wordt afgebouwd, kan DDR4 relatief harder in prijs oplopen. Daardoor ligt DDR4 in veel gevallen dichter tegen DDR5 aan dan je zou verwachten. Wie nu een nieuw systeem koopt, is met DDR4 vaak nog steeds het minst kwijt, alleen is 'goedkoop' bij werkgeheugen momenteel een rekbaar begrip.

©ronstik

Upgraden: wat wel en niet kan

DDR4 en DDR5 zijn nooit onderling uitwisselbaar, ook niet in een desktop. De inkeping zit op een andere plek en het platform moet het juiste type werkgeheugen ondersteunen. Je kunt dus geen DDR5 plaatsen in een systeem dat voor DDR4 is gemaakt, en andersom ook niet.

Bij laptops betekent dit meestal dat als je wilt overstappen op DDR5 je een nieuwe laptop zult moeten kopen. Veel laptops hebben namelijk geen uitbreidbaar werkgeheugen meer: de geheugenchips zitten voor ruimte- en kostenbesparing op het moederbord gesoldeerd, en bij sommige ontwerpen zelfs in hetzelfde pakket als de processor. Dan kun je later niets meer bijprikken. Dat is ook precies waarom DDR4 vs DDR5 bij laptops zelden de hoofdvraag is: je kiest een model, en daar hoort dit type geheugen bij.

Bij een desktop heb je vaak meer speelruimte, maar ook daar is het geen kwestie van alleen de geheugenmodules wisselen. Wil je van DDR4 naar DDR5, dan heb je een moederbord nodig dat DDR5 ondersteunt, en vaak ook een processor die bij dat moederbord past. Heb je vooral te weinig werkgeheugen (bijvoorbeeld 8 of 16 GB) en merk je dat je pc daardoor traag wordt, dan is extra DDR4 bijplaatsen meestal de goedkoopste verbetering. Pas als je toch al toe bent aan een grotere upgrade van je pc, wordt de stap naar DDR5 logisch.

Wanneer moet je echt upgraden?

Echt upgraden is pas zinvol als je merkt dat je huidige machine niet meer probleemloos werkt bij zware klussen zoals grote fotobestanden bewerken, video's monteren of veel dingen tegelijk doen. Heb je nu een laptop met 16 GB of 32 GB DDR4 die nog vlot werkt? Blijf die dan vooral gebruiken zolang de prijzen zo hoog liggen. Twijfel je, kijk dan eerst wat de oorzaak van de mindere prestaties is: zit je werkgeheugen tegen zijn limiet, of zijn het vooral je processor of GPU die de klus niet bijbenen?

Zo controleer je of je extra RAM nodig hebt

Voordat je besluit om een flinke investering te doen in een nieuw systeem of extra geheugen, is het slim om te kijken hoe je huidige computer presteert onder druk. Je kunt dit eenvoudig zelf testen op zowel Windows als Mac.

Windows

Open eerst de programma's die je normaal gesproken tegelijk gebruikt, zoals je browser met veel tabbladen, Word en een videocall. Druk daarna op Ctrl + Shift + Esc om Taakbeheer te openen. Ga naar het tabblad Prestaties en klik op Geheugen. Kijk vervolgens naar de grafiek en het percentage dat in gebruik is: blijft dat langere tijd rond de 80 tot 90 procent hangen terwijl je gewoon je dagelijkse werk doet, dan zit je tegen de grens van je werkgeheugen aan. Dat merk je vaak aan kleine haperingen, zoals tabbladen die trager laden of apps die later reageren. Zie je tegelijk dat je pc veel met de schijf bezig is, bijvoorbeeld omdat programma's ineens langzamer worden terwijl je opslaglampje blijft knipperen, dan is de kans groot dat Windows tijdelijk data op de SSD parkeert omdat het werkgeheugen volloopt.

Apple

Open je gebruikelijke programma's en druk daarna op Command + Spatiebalk. Typ Activiteitenweergave en druk op enter. Klik bovenin op het tabblad Geheugen en kijk onderaan naar de grafiek bij Geheugendruk. Is die groen, dan is er niets aan de hand. Wordt de grafiek geel of rood, dan heeft je Mac meer geheugen nodig om alles vlot te blijven draaien. Let ook op Gebruikte swap: als dat oploopt tot meerdere gigabytes, dan is je werkgeheugen in de praktijk te krap.