ID.nl logo
Review Oppo Reno10 Pro  - Zet formule door die niet werkt
Huis

Review Oppo Reno10 Pro - Zet formule door die niet werkt

De formule van Oppo is bekend en wordt ook voor deze Reno10 Pro weer toegepast. Op papier en in de hand een prachtige smartphone, maar het gaat mis zodra je ‘m aan zet. Hoe dat precies zit lees je in deze Oppo Reno10 Pro review.

Oké
Conclusie

Om de Oppo Reno10 Pro een goede keuze te laten zijn in z’n prijsklasse hoeft het merk niet terug naar de tekentafel. De smartphone doet veel goed: het scherm, de prestaties, snelladen en het ontwerp zijn pluspunten. Om er positief uit te springen ten opzichte van merken die de smartphonemarkt domineren moet Oppo echter meer liefde besteden aan de software. ColorOS, met al zijn bloatware en matige update-ondersteuning biedt niet de ervaring die je mag verwachten. Ook zal betere software de camera-prestaties ongetwijfeld veel goed doen, want ook die loopt niet in lijn met de grote jongens.

Plus- en minpunten
  • Design
  • Scherm
  • Prestaties
  • Snelladen
  • ColorOS en bloatware
  • Updatebeleid
  • Geen draadloos opladen
  • Groothoekcamera
  • Betere alternatieven verkrijgbaar voor minder geld

Ondanks dat Oppo veel geld in de Nederlandse markt heeft gepompt zijn de beste smartphones van het Chinese merk behoorlijk zeldzaam in het straatbeeld. Kijken we naar de populariteit van het merk op bijvoorbeeld de smartphonepagina van Kieskeurig.nl, dan moeten we flink scrollen voordat het merk voorbijkomt tussen alle Samsung- en Apple-smartphones. En de Oppo-smartphones die voorbijkomen, zijn in lagere prijssegmenten te vinden. Dat terwijl Oppo in alle prijsklasses vertegenwoordigd is. Zo ook met deze Oppo Reno10 Pro, die vanaf 659 euro verkrijgbaar is.

Lees ook: de beste smartphones van nu

Het lijkt er op dat de nieuwe Oppo Reno10 Pro niet snel bij de goed verkopende smartphones gaat scharen, want de formule voor dit redelijk hoog geprijsde toestel lijkt het Chinese merk blijft onveranderd. Dat houdt in dat er zeker indruk gemaakt wordt, kijken we naar het ontwerp van de smartphone en specificaties. En kijken we naar de prijsklasse, dan liggen er mogelijk wel kansen. 659 euro is een soort hoge middenklasse-prijs, waarin je ook kunt kiezen voor een Pixel 7 van Google, een Samsung Galaxy S23 en een iPhone SE . Aangezien het laatste toestel relatief oud is, lijken er kansen te liggen voor Oppo.

Knappe smartphone

Het ontwerp van de smartphone mag er wezen, dankzij licht afgebogen schermranden en een dunne rand aan de zijkant oogt het toestel scherp. Ook de achterkant (die van matglas gemaakt is) loopt net zo rond af als voorkant. Het camera-eiland complimenteert het ontwerp helaas niet, de drie zwarte cirkels in een ovaalvormig figuur doen denken aan drie kookpitjes. Desondanks is de Oppo Reno10 Pro een juweel te noemen.

Maar wel een kwetsbaar juweel. Want door een overvloed aan glas (wat altijd gevoelig is voor barsten en krassen) en dunne randen ligt het toestel wel lekker in de hand, maar voelt de smartphone ontzettend gevoelig voor val- en stootschade. De smartphone zonder hoesje gebruiken voelde erg onveilig, maar zo’n hoesje doet het ontwerp weer teniet. Fijn is overigens wel dat er op het scherm een screenprotector geplaatst is.

Mooi ontwerp met kookpitjes.

Met een knap scherm

Ook het scherm zelf is oogstrelend.  Het scherm heeft een doorsnee van 6,7 inch en een beeldverhouding van 20 bij 9. Een flink scherm en een flink toestel dus, dat dankzij zijn gebogen randen niet onwerkbaar groot is. Qua kleurweergave en helderheid valt de smartphone positief op, ook kun je kiezen om het scherm een verversingssnelheid van 120 hertz te geven voor soepel lopen beeld. Of 60 hertz, wat accuvriendelijker is.

Onder het scherm is de vingerafdrukscanner geplaatst, wat inmiddels gebruikelijk is voor vrijwel alle nieuwe Android-smartphones. De vingerafdrukscanner werkt best vlot en accuraat zoals je mag verwachten. Net als het feit dat de selfiecamera met een gat bovenin het midden van het scherm geplaatst is. Deze camera kan ook gebruikt worden voor gezichtsherkenningsontgrendeling. Houdt er echter wel rekening mee dat onder andere Oppo onlangs in het nieuws is geweest omdat deze manier van smartphone-ontgrendeling niet altijd even veilig is.

Qua aansluitingen moet je het alleen doen met een usb-c-poort. Er is geen audiopoort. Opslaggeheugen uitbreiden met een geheugenkaartje zit er ook niet in, hoewel een tweede simkaart wel weer mogelijk is.

Het scherm van de Oppo Reno10 Pro is dik in orde.

Intern ook knap voor elkaar

In deze prijsklasse kun je niet altijd de beste Snapdragon-chipset verwachten. Deze vind je niet in de Oppo Reno10 Pro. De Snapdragon 778G presteert echter prima in zowel praktijk als benchmarks. Fijn is ook dat Oppo er liefst 12GB aan werkgeheugen in heeft gepropt. Dat is bovengemiddeld veel. Onze uitvoering beschikt ook over 256GB opslaggeheugen, wat genoeg moet zijn om het ontbreken van een geheugenkaartslot op te vangen.

De smartphone gaat ongeveer anderhalf à twee dagen mee op een opgeladen accu. Dat is redelijk lang voor een 4.600 mAh accu, alhoewel dat natuurlijk erg afhankelijk is van je gebruik. Oppo heeft de onderdelen en software wat dat betreft zuinig afgesteld. Wil je meer uit de accu halen, dan kun je altijd nog 5G uitzetten of de schermverversingsnelheid op 60 hertz zetten.

Dat opladen gaat verschrikkelijk snel dankzij de 80watt-snellader die bijgesloten is. Dat is nogal een verschil met de topsmartphones van Apple, Samsung en Google, die niet over snellaadfunctie beschikken vanwege mogelijke snellere accuslijtage op langere termijn. Groot pluspunt is dat Oppo de adapter gewoon in de doos meelevert. Een draadloze oplaadfunctie ontbreekt echter. Dat is iets wat de concurrentie wél weer biedt.

Camerasysteem is degelijk

Oppo weet dat een goede camera belangrijk is om mee te scoren bij groot publiek. Het merk zet er dan ook dik op in met ontwikkelingen en marketing. Zo ook deze Oppo Reno10 Pro. De smartphone is aan de achterzijde uitgerust met drie camera’s: een groothoeklens (8 megapixel), zoomlens (32 megapixel) en een primaire camera met 50 megapixel. Aan de voorkant zit een 32 megapixelcamera. Drie camera’s aan de achterzijde die alle drie een duidelijke camerafunctie hebben. Dat is fijn. Geen overbodige extra macrolenzen dus die je in praktijk niet gebruikt.

Verkijk je overigens niet op het hoge aantal megapixel: de resolutie wordt teruggeschaald naar 12 megapixel om wel de vastgelegde details te kunnen gebruiken - zonder dat je opslag nodeloos volloopt. Desgewenst kun je foto’s ook in de volle resolutie opslaan.

In praktijk komen de primaire camera en de zoomcamera het beste uit de bus. Veel details en kleuren worden vastgelegd. Bovendien staan de camera’s hun mannetje bij bijvoorbeeld schaduwdelen, tegenlicht of weinig licht. De nachtmodus kan niet tippen aan die van Samsung- en Google-smartphones in dezelfde prijsklasse: minder detail en vooral meer beweging. De groothoeklens is kwalitatief tot veel minder in staat dan de andere twee lenzen.

Geen overbodige camera's: een groothoeklens, zoomlens en primaire cameralens.
Van zoom tot groothoek. De uiterst linkse en rechtse foto's laten wel zichtbaar kwaliteitsverschil zien.

Oppo probeert vooral de portretmodus in het zonnetje te zetten. Maar de Reno10 Pro is echt wel een klasse minder dan (wederom) Google, Samsung en Apple op dit gebied. Niet alleen is er een vervelende sluitervertraging die bewegingsonscherpte veroorzaakt, ook wordt de scherptediepte niet zo goed bepaald, waardoor sommige randen onscherp zijn en het vaak geen natuurlijke portretfoto wordt. Zelfs met gunstige lichtomstandigheden.

Ondanks dat Oppo z'n camera 'AI Portrait Cam' bestempelt, is deze niet van hoogwaardige klasse.

Al met al moet ik concluderen dat het camerasysteem geen indruk maakt. Maar wel in staat is om degelijke foto’s te schieten. De concurrentie ligt voor op Oppo, en dat verschil lijkt alleen maar groter te worden. De slimme softwarematige aansturing die Samsung, Google en Apple loslaten op de aansturing van de lenzen maakt het verschil.

Tot zover het goede van de Oppo Reno10 Pro

Zoals ik in het intro van deze review al aangaf gaat het bij Oppo (en andere Chinese merken zoals Xiaomi, Honor, Huawei en Oppo’s zustermerken) mis wanneer je de smartphone inschakelt. De Oppo Reno10 Pro draait op de recentste Androidversie: Android 13. De ondersteuning schiet hierbij gewoonweg tekort. Met twee Android-versiesupdates en drie jaar veiligheidsupdates in het verschiet scoort Oppo ronduit onvoldoende op het gebied van ondersteuning. Samsung (vier versie-updates, vijf jaar ondersteuning), Google (drie versie-updates, vijf jaar maandelijkse veiligheidsupdates en directe uitrol) en Apple hebben dit veel beter voor elkaar en zijn daarmee een betere keuze als het op veiligheid en functionaliteit aan komt.

En dat ColorOS is toch echt wel een paar flinke stappen terug ten opzichte van de Androidbasis die Oppo gebruikt. Het oogt allemaal ontzettend rommelig en kinderlijk gekleurd. Maar dat is iets persoonlijks. Waar het vooral misgaat is de ongeloofelijke hoeveelheid voorgeïnstalleerde rommel-apps die je voor je kiezen krijgt: bloatware. Aan Google-apps ontkom je niet in Android. Maar een tweede browser, een twee applicatiewinkel (die niet eens werkt), een tweede fotogalerij zijn gewoon niet nodig. De telefoonbeheer-app voegt werkelijk niks toe. En dan is er nog een enorme overdaad aan voorgeïnstalleerde apps die er waarschijnlijk alleen maar op staan omdat Oppo daar wat voor terugkrijgt: mobiele pay-to-win-games, privacy-minachtende social media apps, winkel-apps zoals Amazon en Joom, Booking.com, Netflix en veel meer. Kersje op deze vreselijke taart: Lang niet al deze overbodige apps kun je verwijderen.

De hoeveelheid bloatware is schrikbarend, en de apps zijn zelfs ongebruikt al actief op de achtergrond.

Ook ongezien is de Android-basis er niet beter op geworden met ColorOS. Om accu te sparen worden hongerige apps die op de achtergrond draaien afgesloten. Dat is niet fijn als je die apps juist gebruikt. Onder batterijbeheer kun je batterijhongerige apps met een druk op de knop afsluiten en zien hoeveel batterijtijdswinst je ermee boekt. Dat is leuk. Maar in praktijk komt het er op neer dat zo’n app weer op de achtergrond gestart moet worden, wat meer rekenkracht - en dus energie kost. En je systeem en apps instabieler maken.

Alternatieven voor de Oppo Reno10 Pro

Zoals duidelijk wordt heeft Oppo een wereld te winnen op softwaregebied, om bijvoorbeeld de cameraprestaties in lijn te brengen met die van Samsung, Google en Apple of de volwassen-ervaring te bieden van iOS en de Android-basis. Hierdoor zijn er gewoonweg beter alternatieven dan deze Oppo Reno10 Pro.

Apple valt wel af in deze prijscategorie. De iPhone SE uit 2022 was al verouderd en een afrader toen deze op de markt verscheen. Samsung heeft met de Galaxy A54 een telefoon die wat minder luxe voorkomt, maar een stuk betaalbaarder is en verder een redelijk gelijkwaardige ervaring biedt. De Galaxy S23, eerder genoemd in deze review, is op alle fronten een veel betere keuze. Met name de software en camera maken het verschil ten opzichte van deze Reno10 Pro.

Toch heeft Google het beste alternatief in handen: de Google Pixel 7 is behoorlijk goedkoper en biedt een betere camera, draadloos laden, betere software en snelle updates. Alleen het snelle laden en goede accuduur vind je niet terug op de Pixel 7.

Conclusie: Oppo Reno10 Pro kopen?

Om de Oppo Reno10 Pro een goede keuze te laten zijn in z’n prijsklasse hoeft het merk niet terug naar de tekentafel. De smartphone doet veel goed: het scherm, de prestaties, snelladen en het ontwerp zijn pluspunten. Om er positief uit te springen ten opzichte van merken die de smartphonemarkt domineren moet Oppo echter meer liefde besteden aan de software. ColorOS, met al zijn bloatware en matige update-ondersteuning biedt niet de ervaring die je mag verwachten. Ook zal betere software de camera-prestaties ongetwijfeld veel goed doen, want ook die loopt niet in lijn met de grote jongens.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning
© Vadym - stock.adobe.com
Gezond leven

Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning

Meta zou in de loop van dit jaar gezichtsherkenningstechnologie aan diens slimme brillen willen toevoegen.

Dat claimt The New York Times van bronnen te hebben vernomen. De gezichtsherkenningstechnologie zou ergens later dit jaar naar de slimme Ray-Ban- en Oakley-brillen van het bedrijf komen.

Volgens The New York Times zouden de brillen met de technologie gezichten in de omgeving kunnen identificeren via de ingebouwde camera. Daar zouden de brillen profielen van socialmediaplatforms van Meta, zoals Facebook en Instagram, voor gebruiken. Vervolgens zouden dragers van de bril informatie over de persoon in kwestie krijgen.

Logischerwijs zorgt het gerucht voor wat ophef rondom privacy. Meta zou dan ook nog overwegen dat het alleen mogelijk wordt om de technologie in te zetten bij mensen waar de drager een connectie mee heeft op social media. Maar het is nog niet uitgesloten dat Meta er voor kiest dat met de bril ook vreemden herkend kunnen worden via openbare profielen.

Het lijkt waarschijnlijk dat de functie er komt; The New York Times citeert een interne memo van Meta waarin te lezen valt dat het een goed moment is om de functie te lanceren gezien de huidige politieke onrust. Dit omdat veel organisaties die bezwaar zouden maken tegen dergelijke technologie, het te druk zouden hebben met andere problemen. Meta zelf heeft het gerucht aan The New York Times bevestigd noch ontkend.

▼ Volgende artikel
RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt
© ID.nl
Huis

RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

Je merkt het aan laptops, smartphones en gameconsoles: de prijzen lopen dit jaar op. Inflatie speelt mee, maar dat is niet de voornaamste reden. Waar chipmakers, vooral de geheugenfabrikanten, tot voor kort vooral produceerden voor de traditionele (consumenten)markt, gaat er nu steeds meer capaciteit naar grote AI-datacenters. Daardoor worden geheugen en opslag schaarser. En als iets schaarser wordt, stijgt de prijs. Hoe dat zit en wat dat voor jou betekent, lees je hier.

AI als Rupsje Nooitgenoeg

Zie de geheugenchipindustrie als een bakkerij met een beperkt aantal ovens. Jarenlang werd de capaciteit van die ovens gebruikt voor standaardbrood: regulier DRAM-geheugen (Dynamic random access memory)en NAND-opslag (flashgeheugen) voor consumententech. Nu vragen AI-servers om een nieuw soort brood: high bandwidth memory (HBM). HBM is speciaal geheugen dat direct naast de rekenchip zit, zodat data veel sneller heen en weer kan. En de vraag is groot: marktanalisten verwachten dat datacenters in 2026 een heel groot deel van de geproduceerde geheugenchips gaan opslokken, met schattingen die richting 70 procent gaan Het gevolg is simpel: als meer ovens worden gereserveerd voor dat 'speciale brood', kan er minder standaardbrood gebakken worden. En dat betekent dus dat gewoon geheugen fors duurder aan het worden is.

©Bron prijsdata: Tweakers

RAM-tekort is niet de enige oorzaak

Dat de prijzen van geheugen en opslag in korte tijd zo gestegen zijn, ga je dus voelen: want dit zijn basis-onderdelen in bijna elke laptop of smartphone. Daar komt nog bij dat ook cpu's tijdelijk lastiger te leveren (en in sommige gevallen duurder) waren. Ook van andere onderdelen (denk: printplaten, batterijen en stroomregelchips) is de prijs omhoog aan het gaan. Daarnaast maken nieuwe standaarden zoals Wifi 7 en USB 4 sommige onderdelen bovendien complexer en daarmee duurder.

Geheugenchip en geheugen, wat is het verschil?

Een geheugenchip is het fysieke onderdeel dat uit de fabriek komt: zo'n klein rechthoekig blokje dat je op een printplaat ziet zitten. Je kunt het zien als bakstenen en een muur. De geheugenchips zijn de bakstenen. Een RAM-module is de muur, opgebouwd uit meerdere bakstenen op één printplaat. Een typische module bevat meerdere chips die samen die 8, 16 of 32 GB vormen. En precies daarom werkt een tekort aan chips zo snel door. Als er minder chips beschikbaar zijn, kun je minder RAM-modules maken, minder ssd's vullen en minder chips plaatsen in laptops, telefoons en tablets.

©Batorskaya Larisa

Laptops, smartphones en consoles: daarom worden ze duurder

De onderstaande tabel laat zien globaal zien welk deel van het budget naar de verschillende onderdelen gaat. Daarbij moet wel aangetekend dat het om een schatting van percentages gaat; harde cijfers hierover zijn moeilijk te vinden.  Hierdoor zie je beter waar de pijn van de huidige geheugen- en chiptekorten het hardst wordt gevoeld.

OnderdeelLaptopSmartphone (premium)Gameconsole (PS5 Pro/Xbox)
Geheugen & opslag10% - 25%10% - 20%35% of meer
Processor (CPU/SoC)15% - 30%25% - 35%30% - 40%
Scherm / Display10% - 20%15% - 25%N.v.t.
Behuizing / Koeling5% - 10%5% - 10%10% - 15%
Batterij5% - 10%5% - 10%N.v.t.

Kijk je puur naar deze tabel, dan zou je verwachten dat vooral gameconsoles heel sterk in prijs gaan stijgen. Maar volgens kenners van de markt zouden consolebouwers hun best doen om in ieder geval voorlopig de prijs gelijk te houden – juist omdat de Switch 2 net uit is en de Xbox Series en PS5 al meerdere prijsverhogingen hebben gehad. De klap daar zal eerder opgevangen worden door alles eromheen: denk aan accessoires en abonnementen zoals PlayStation Plus.

Bij laptopfabrikanten en smartphonemakers ligt dat anders. Die hebben geen andere producten in het ümfeld die ingezet kunnen worden om de kosten van het belangrijkste product niet al te veel te hoeven verhogen. De stijgende kosten van geheugen, opslag en processor zullen daar dus wel impact gaan hebben, zo is de verwachting.

Welke prijsstijgingen kun je verwachten?

Het blijft een inschatting, maar verschillende marktonderzoeken komen grofweg op hetzelfde neer. Voor een nieuwe laptop moet je dit jaar rekening houden met een extra kostenpost van ongeveer 100 tot 200 euro, afhankelijk van het segment en de gekozen configuratie. Bij smartphones gaat het vaker om 50 tot 100 euro per model. Het precieze bedrag verschilt per merk, maar de tendens is duidelijk: als consument ga je meer betalen.

Hogere prijzen of minder waar voor je geld

Die impact heeft grofweg twee smaken. Enerzijds zal vooral premium tech duurder worden, maar krijg je daar wel meer voor terug; anderzijds zullen bij mid-range tech de prijzen waarschijnlijk minder hard stijgen, maar krijg je daar tegelijkertijd minder waar voor je geld. Krimpflatie.

Premiumtech: duurder, maar meer mogelijkheden

Hier spelen twee dingen: niet alleen zijn chips minder goed leverbaar, er wordt tegelijkertijd hard gewerkt aan nieuwe productietechnieken (zoals de 2-nanometer chiptechnologie van marktleider TSMC). De productie van zo'n nieuwe chip is een ingewikkeld en duur proces. Dat drijft de prijs op.

Wel is het zo dat je als consument profiteert van de mogelijkheden van de nieuwste generatie chips. Die kunnen langer hoge prestaties volhouden en toch koeler blijven, simpelweg omdat de chip efficiënter met energie omgaat. Dat merk je echt in de praktijk. Dus ja, je betaalt meer, maar je krijgt er ook meer voor terug.

©StocksJust4You - stock.adobe.com

Mid-range: niet duurder, wel mindere specs

Bij de middenklasse proberen merken de prijs aantrekkelijk te houden. Als onderdelen duurder worden, moeten ze ergens compenseren. Je krijgt dan voor ongeveer dezelfde adviesprijs als het model van vorig jaar een smartwatch of telefoon met minder opslag, minder RAM of trager werkgeheugen dan de generatie van vorig jaar. Of het model wordt uitgekleed: extra's (bijvoorbeeld een snellere opslagvariant, betere camera, luxere afwerking) verdwijnen.

En de budgetmodellen?

Hele goedkope modellen hebben het extra lastig. Daar zit weinig marge op, dus een stijging van onderdelenprijzen hakt er direct in. Het principe is hetzelfde als bij mid-range, maar het pakt hier vaker scherper uit: er is minder ruimte om kosten op te vangen, dus je merkt het sneller in RAM, opslag of snelheid. Daarnaast kunnen fabrikanten in het laagste segment ook kiezen om instapmodellen te schrappen, of om 'nieuwe' modellen uit te brengen die intern weinig veranderen. Dat betekent vaak ook: minder keuze voor jou.

Conclusie

Tech is in 2026 duurder geworden omdat de chipindustrie zich steeds meer richt op AI-datacenters. Daardoor verschuift productiecapaciteit naar specialistisch geheugen, en stijgen de prijzen van standaardgeheugen en opslag.

Het advies voor jou is vooral praktisch: als je nu al weet dat je extra RAM, een grotere ssd of een nieuwe smartphone, laptop of gameconsole nodig hebt, wacht dan niet te lang. De signalen uit de markt wijzen erop dat prijzen en beschikbaarheid voorlopig onder druk blijven staan. Dat maakt vergelijken weer belangrijker dan de afgelopen jaren. Kijk niet alleen naar de prijs, maar kijk extra goed naar de specificaties. En kijk daarbij vooral naar RAM en opslag: daar zie je de effecten van wat er nu speelt het snelst terug.