ID.nl logo
Huis

Libratone Q Adapt On-Ear – Koptelefoon voor stadsmensen

Libratone staat als bedrijf bekend om zijn kleurrijke speakers, maar nu waagt het Deense bedrijf zich aan een nog beter draagbaar audio-apparaat, namelijk een koptelefoon. De Libratone Q Adapt komt in twee versies: oordopjes en een on-ear-headphone, die in alles is geoptimaliseerd voor de iPhone. Die laatste hebben wij mee de stad in genomen – de plek waar de Q Adapt het best tot zijn recht komt.

De Q Adapt is namelijk een on-ear-koptelefoon met actieve ruisonderdrukking, wat inhoudt dat het omgevingsgeluid digitaal wordt geneutraliseerd en een ‘schonere’ versie richting je oren wordt gestuurd. Dat werkt in de praktijk behoorlijk goed, maar daarover later meer. Lees ook: De beste koptelefoons van 2016.

Uiterlijk en materiaal

Eerst maar eens kijken naar dat wat het eerst opvalt: de looks. Daarin doet de koptelefoon van Libratone goede zaken. Doordat de Q Adapt een on-ear-koptelefoon is, heb je niet te maken met enorme oorschelpen die je halve gezicht afschermen. In plaats daarvan zijn het kleine, schijfvormige speakers die met een metalen buis aan elkaar zijn bevestigd. De kussentjes zelf zijn zacht, maar door de veerkracht waarmee de koptelefoon zich aan je hoofd klampt, kan hij voor mensen met een wat breder gelaat nog wel eens wat vervelend gaan zitten.

©PXimport

De bovenkant van de koptelefoon is bekleed met een soort stof, en door het kussen erin rust hij prima op je hoofd. Fijn is dat de lengte is aan te passen door een schuifsysteem zonder ‘tussenstops’, zodat je de koptelefoon op elke denkbare hoogte kunt instellen en niet aan vooraf bepaalde maten vastzit.

De Q Adapt is er in twee kleuren: wit en donkergrijs-zwart. De in-ear-versie is er ook in een huidskleurige versie en in het roze.

Gebruiksgemak

Veel verstand van koptelefoons hoef je niet te hebben als je de Q Adapt wil gebruiken. Zet de koptelefoon aan, zet bluetooth aan op je smartphone en de verbinding wordt automatisch gemaakt. Je kunt natuurlijk ook gewoon de meegeleverde audiojack gebruiken, maar de bluetoothverbinding werkt prima. Op drukke plekken wil hij nog wel eens kort haperen en één keer werd de verbinding verbroken en moest ik hem handmatig weer herstarten, maar over het algemeen is de verbinding via bluetooth stabiel.

Libratone heeft op meer vlakken nagedacht over gebruiksgemak, al komt dat niet overal even goed uit de verf. De oorkussens zijn namelijk een soort touchscreen, waarbij je door met je vinger in de rondte te scrollen het volume kunt aanpassen. In de praktijk werkt dat wat onhandig, maar het is zeker beter dan je telefoon uit je broekzak pakken. Handig is ook dat je de muziek kunt pauzeren door twee vingers kort op de oorschelp te leggen, of het geluid even kunt muten en de noise cancelling te pauzeren door hetzelfde met je hele hand te doen.

Geluid

De geluidsweergave is misschien wel de achilleshiel van de Q Adapt, en dat is voor een koptelefoon natuurlijk een vervelende constatering. Het is niet zo dat het geluid slecht is, maar het bereik valt wat tegen en vooral de basweergave is niet te vergelijken met andere koptelefoons uit deze prijsklasse. Er valt nog een en ander te regelen in de app, maar dat voelt eerder als een spoedreparatie dan als een echte feature.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

In de hoge tonen kan de Q Adapt wel weer prima mee met de rest. Toch klinkt het geluid door de wat mindere basweergave soms wat hol, al is dat bij on-ear-headphones wel vaker het geval. Hou je echter van een extra diepe bas, dan is de Q Adapt misschien niet de juiste koptelefoon voor je.

Noise cancelling

De noise cancelling in de Q Adapt is omgedoopt tot CityMix, en dat is geen toeval. Libratone zet de Q Adapt in de markt als de perfecte koptelefoon voor het stadsleven. De touchkussens zijn daar een belangrijk onderdeel van, maar minstens net zo belangrijk is de ruisonderdrukking. En die werkt meer dan naar behoren.

De ruisonderdrukking kent vier standen, waartussen je kunt wisselen door een knop onderaan de rechter oorschelp of via de Libratone-app. In de laagste stand worden alleen de hardste geluiden wat verminderd, handig als je door een drukke straat fietst. Wil je even een momentje voor jezelf naast het monument op de Dam, dan kun je kiezen voor de hoogste stand, waarin alles behalve sirenes en gillende mensen wordt gereduceerd tot een gezellig gemompel.

De ruisonderdrukking werkt erg goed, al wilde de app een enkele keer niet meewerken, waardoor het uit- en aanzetten van de koptelefoon noodzakelijk was. Door de bocht genomen is het echter een feature die terecht erg belangrijk wordt gemaakt, en die vooral handig is als je veel door een drukke stad forenst (en daarbij niet continu je telefoon uit je broekzak wil halen om de noise cancelling aan of uit te zetten.

©PXimport

Conclusie

De Libratone Q Adapt On-Ear is een mooi ogende koptelefoon die bij veel kledingstijlen en gezichtstypes past. Hij zit wel wat strak om je hoofd en van on-ear moet je natuurlijk houden. De bediening is op papier ontzettend handig en hoewel het in de praktijk soms wat tegenvalt, is het alsnog een stuk beter dan de hele tijd je telefoon bij de hand houden. De geluidsweergave is een probleem voor mensen die van een diepe bas houden, want in dat opzicht kan de Q Adapt niet mee met zijn prijsgenoten. Groot pluspunt is echter de actieve ruisonderdrukking CityMix, die met een druk op de knop op de koptelefoon of in de app wisselt tussen vier standen, van het afvijlen van scherpe randjes tot het bijna volledig blokkeren van omgevingsgeluid. Mede door die feature betaal je wel 249 euro, en dat is voor een koptelefoon met een matige basweergave wel wat veel.

Uitstekend
Conclusie

Libratone Q Adapt On-Ear ------------------------ **Prijs:** €249,- **Kleuren:** Zwart, wit **Connectiviteit:** Bluetooth, 3,5mm AUX (bijgeleverde kabel) **Accuduur:** 20+ uur na 3 uur opladen **Gewicht:** 200 gram **Extra's:** Actieve ruisonderdrukking, handige app, koppelen aan andere koptelefoon om samen te luisteren **Website:** [libratone.com](https://www.libratone.com/us/products/q-adapt-on-ear)

Plus- en minpunten
  • CityMix noise-cancelling
  • Looks
  • Makkelijk te koppelen / bedienen
  • Basweergave
  • Zit (te) stevig op het hoofd
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.