ID.nl logo
Keuzehulp: de 7 beste smartphones tot 200 euro
© Wesley Akkerman
Huis

Keuzehulp: de 7 beste smartphones tot 200 euro

Zoek je een betaalbare smartphone die ‘gewoon goed’ is en een paar jaar mee kan? ID.nl helpt je graag en zet de 7 beste smartphones tot 200 euro op een rijtje. Zo kun jij een geïnformeerde keuze maken en ben je verzekerd van een fijne, goedkope telefoon.

Top 7 beste smartphones tot 200 euro

1. Samsung Galaxy A15 5G
2. Xiaomi Redmi Note 13 4G
3. Motorola Moto G31
4. Poco C65
5. Motorola Moto G24 Power
6. Nokia G22
7. Motorola Moto G54

Top 7 smartphones tot 200 euro

1. Samsung Galaxy A15 5G

Uitstekend
Conclusie

Deze smartphone is goedkoop, prima en krijgt vijf jaar updates.

Plus- en minpunten
  • Mooi oledscherm
  • Vijf jaar updates
  • Niet zo snel
  • Geen bijzondere camera's

Als je een goedkope smartphone met prima specificaties én jarenlange updates zoekt, is de Samsung Galaxy A15 5G een interessante keuze. Dit toestel, van een van de bekendste telefoonmerken, biedt een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding. Voor minder dan 200 euro koop je een toestel met een 6,5-inch oledscherm voorzien van scherpe Full-HD-resolutie en degelijke kunststof behuizing inclusief vingerafdrukscanner.

Onder de motorkap draait een eenvoudige MediaTek-processor met 4 GB werkgeheugen, dus verwacht niet dat de telefoon razendsnel is. Wel is hij vlot genoeg voor populaire apps als WhatsApp, e-mail en internet. De opslagcapaciteit is met 128 GB bovendien lekker ruim. De smartphone heeft meerdere camera's op de achterkant, kan contactloos pinnen dankzij een NFC-chip en ondersteunt snel 5G-internet.

Een 5000mAh-accu houdt de telefoon draaiende en laadt op met 25 watt. Dat is lekker snel voor een goedkope smartphone.

Samsung voorziet de Galaxy A15 5G van Android 14 en belooft meerdere Android-updates én beveiligingsupdates tot april 2029. Dat is dus vijf jaar vanaf de introductiedatum van de smartphone. In dit prijssegment is er geen andere telefoon te vinden die zo lang updates krijgt. Als je lang met de Galaxy A15 5G wilt doen, kan dat dus met een gerust gevoel.

©Samsung

2. Xiaomi Redmi Note 13 4G

Goed
Conclusie

Een betaalbare smartphone met prima functies en vier jaar updates.

Plus- en minpunten
  • Vier jaar updates
  • Goed scherm
  • Zware softwareschil
  • Matige camera's

De Xiaomi Redmi Note 13 4G is een betaalbare smartphone die veel dingen goed doet. Zo heeft het toestel een behuizing die getuige zijn IP54-certificering stof- en waterbestendig is en heb je een goed, groot scherm van 6,67 inch tot je beschikking. Dat oledscherm oogt scherp dankzij de Full-HD-resolutie en soepel dankzij de 120Hz-verversingssnelheid. De smartphone is niet bijster snel, maar wel vlot genoeg voor alle populaire apps.

De hoeveelheid werkgeheugen en opslagcapaciteit hangt af van de gekozen variant. Voor minder dan 200 euro koop je het instapmodel met 6 GB werkgeheugen en 128 GB opslagcapaciteit – cijfers waar lang niet alle concurrenten aan kunnen tippen. Een vlak waarop de Redmi Note 13 4G juist weer sommige andere telefoons voor zich moet dulden, is de camerakwaliteit. De camera's achter op de Xiaomi-smartphone zijn van matige kwaliteit.

Houd er ook rekening mee dat de telefoon geen 5G-ondersteuning heeft, al vinden we dat minder storend omdat 4G-internet in Nederland al erg snel is. De Xiaomi Redmi Note 13 4G krijgt updates naar Android 14 en 15, en ontvangt beveiligingsupdates tot januari 2028. Wel jammer is dat Xiaomi zijn softwareschil over Android volstopt met allerlei vreemde functies en games en apps (die gelukkig wel te verwijderen zijn).

©Rens Blom

3. Motorola Moto G31

Goed
Plus- en minpunten
  • Goed scherm
  • Complete specificaties
  • Oude software
  • Laadt langzaam op

De Motorola Moto G31 is zonder twijfel een van de beste smartphones onder de 200 euro. Dat komt met name door zijn zeer complete specificaties, die een hogere prijs doen vermoeden. Het toestel heeft een spatwaterbestendige behuizing en een goed 6,4-inch oledscherm met Full-HD-resolutie.

Ook prettig zijn de vlotte processor en de hoeveelheid werk- en opslaggeheugen van 4 GB en 64 GB. Je kunt het geheugen uitbreiden via microSD. De Moto G31 ondersteunt wifi 6 (802.11ax), NFC om contactloos te betalen en is uitgerust met een stel prima camera's. Verwacht alleen niet te veel van de macrocamera.

De grote accu gaat probleemloos een lange dag mee. Het opladen daarentegen duurt ook lang, want Motorola levert een trage 10 watt-adapter mee. Jammer is dat de Moto G31 vanuit de doos op Android 11 draait en maar één versie-update krijgt: naar Android 12. Die versie was echter al beschikbaar. Je kunt ook rekenen op twee jaar beveiligingsupdates. In deze prijsklasse zijn er smartphones met een langer updatebeleid te koop, onder andere van Samsung.  

4. Poco C65

Goed
Conclusie

De Poco C65 is een echte budgetsmartphone met de nodige compromissen, maar een prima keuze voor wie weinig wil uitgeven aan een smartphone.

Plus- en minpunten
  • Technisch prima
  • Lange accuduur
  • Onduidelijk updatebeleid
  • Teleurstellende camera's

Als je écht weinig wilt uitgeven aan een nieuwe smartphone, dan kun je de Poco C65 overwegen. Dit toestel kost zo'n 150 euro en biedt voor dat lage bedrag toch een aardig totaalpakket. Het plastic ontwerp komt degelijk genoeg over en is voorzien van functies als een microSD-kaartslot en een vingerafdrukscanner.

Het grote scherm oogt vanzelfsprekend niet heel fraai, maar is ook niet slecht. Houd er wel rekening mee dat het beeld minder scherp oogt door de HD-resolutie. De Poco C65 is niet snel, maar ook niet langzaam. De hoeveelheid werkgeheugen (6 GB) en opslagcapaciteit (128 GB) verrast ons in positieve zin.

Ook de accuduur is met anderhalve dag gebruik ruim voldoende. Wel gek is dat Poco een 10 watt-oplader bij de telefoon levert, terwijl het toestel opladen met 18 watt ondersteunt. Je kunt beter dus zelf een 18 watt-oplader regelen.

De camera's van de Poco C65 zijn matig, wat we snappen gezien de prijs, maar toch. Vervelender vinden we het softwarebeleid van Poco. De fabrikant – die onderdeel uitmaakt van Xiaomi – levert veel commerciële apps en games mee in de Android-software, al kun je die gelukkig wel zelf verwijderen. Maar welk updatebeleid er geldt voor de Poco C65, blijft onduidelijk.

Lees verder in onze uitgebreide Poco C65-review.

©Wesley Akkerman

5. Motorola Moto G24 Power

Goed
Conclusie

De Motorola Moto G24 Power heeft vooral een uitstekende accuduur, maar ook veel werkgeheugen en opslagcapaciteit voor apps en foto's.

Plus- en minpunten
  • Uitstekende accuduur
  • Veel werkgeheugen en opslagcapaciteit
  • Minder scherp scherm
  • Matige camera's

De Motorola Moto G24 Power is een budgetsmartphone met een lange accuduur als grootste troef. Deze smartphone kun je twee dagen gebruiken voordat je een oplader moet pakken. Of 's avonds als je naar bed gaat, als je het héél bont maakt. Veel andere toestellen zouden dan allang leeg zijn.

De uitstekende accuduur dankt de Moto G24 Power aan zijn bovengemiddeld grote accucapaciteit van 6000 mAh en een scherm met HD-resolutie. Zo'n scherm verbruikt minder stroom dan een Full-HD-scherm. Het scherm is namelijk de grootste stroomvreter.

Op andere vlakken presteert de Moto G24 Power prima, zoals we van betaalbare Motorola-telefoons gewend zijn. Het toestel kan tegen een regenbuitje, heeft veel werkgeheugen (8 GB) en opslagcapaciteit (256 GB) voor je apps, foto's en andere bestanden.

Verwacht geen razendsnelle telefoon of geweldige camera's, want ook Motorola moet bezuinigingen uitvoeren. Die zie je bijvoorbeeld ook terug in het gebrek aan 5G-ondersteuning. En hoewel het fijn is dat de Moto G24 Power dankzij zijn HD-scherm langer meegaat op een accubeurt, betekent de lagere schermresolutie ook dat het beeld minder scherp oogt.

Het updatebeleid is met één versie-update (naar Android 15) en drie jaar regelmatige beveiligingsupdates ook niet bijzonder, maar op zich prima.

6. Nokia G22

Goed
Plus- en minpunten
  • Zelf te repareren
  • Schone software
  • Niet de snelste
  • Oudere software

©RB | ID.nl

De Nokia G22 is een heel interessante smartphone als je duurzaamheid belangrijk vindt. Cruciale onderdelen van deze telefoon zijn namelijk zelf te repareren. Denk aan het scherm, de achterkant en de usb-c-poort. Ook de accu kun je zelf vervangen. Veruit de meeste smartphones zijn niet zelf te repareren. Nokia stelt echter reparatiehandleidingen beschikbaar en verkoopt vervangende onderdelen (inclusief de juiste schroevendraaier) via zijn eigen website.

Los van het duurzame karakter is de Nokia G22 een prima smartphone met bijvoorbeeld veel opslaggeheugen (128 GB) en een grote 5050mAh-accu die redelijk snel oplaadt. Ook handig is de aanwezigheid van een 3,5mm-poort om je bedrade hoofdtelefoon aan te sluiten. Verwacht echter geen wonderen van de snelheid van de smartphone, de cameraprestaties of de scherpte van het beeldscherm. Dit grote 6,5inch-scherm toont namelijk een relatief lage HD-resolutie.

Prettig is dat de Nokia G22 draait op een nagenoeg niet-aangepaste versie van het Android-besturingssysteem. Minder fijn is dat Nokia kiest voor Android 12 uit 2021. Het bedrijf belooft twee versie-updates en drie jaar beveiligingsupdates. Om positief af te sluiten: de Nokia G22 komt met drie jaar garantie, waar twee jaar de norm is.

7. Motorola Moto G54

Goed
Conclusie

Telefoon met goede specificaties maar een kort updatebeleid.

Plus- en minpunten
  • Veel geheugen en opslagcapaciteit
  • Veel functies
  • Matig updatebeleid
  • Opladen duurt lang

Als je weinig wilt uitgeven aan een nieuwe smartphone, is de Motorola Moto G54 uit het najaar van 2023 een interessante optie. Het toestel heeft niet alleen een groot en scherp Full-HD-scherm van 6,5 inch, maar ook een hoge 120Hz-verversingssnelheid waardoor het display soepel overkomt. Die laatste functie is nog niet gangbaar in dit prijssegment. Hetzelfde geldt voor de royale hoeveelheid werkgeheugen (8 GB) en opslagcapaciteit (256 GB). Op dit toestel kun je dus heel veel apps, foto's en video's opslaan.

De van plastic gemaakte telefoon gaat ruimschoots een dag mee op een accubeurt en laadt op via een usb-c-poort. De oplader zit in de doos. Opladen duurt wel een paar uur; een bezuiniging van Motorola. Waar níét op bezuinigd is, is de camera op de achterkant. Die 50megapixel-hoofdcamera is voorzien van optische beeldstabilisatie (OIS) om bewogen foto's tegen te gaan. OIS is zeldzaam in zo'n goedkope telefoon. De Moto G54 is daarnaast voorzien van een groothoekcamera en een nutteloze macrocamera.

Jammer is het beroerde updatebeleid. Motorola geeft de Moto G54 alleen een update naar Android 14 en belooft drie jaar beveiligingsupdates. Concurrerende merken bieden langer versie-updates en soms ook beveiligingsupdates.

©Wesley Akkerman

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.