ID.nl logo
6 cameratips voor je Samsung-telefoon
Huis

6 cameratips voor je Samsung-telefoon

De smartphones van Samsung zijn uitgerust met prima camera's, maar gebruik je wel alle mogelijkheden ervan om de mooiste foto’s en video’s te maken? In dit artikel geven we een paar handige tips om nog mooiere beelden met je Samsung-telefoon te schieten.

Wat kun je van dit artikel verwachten?

  • Tips om meer uit de camera-app van je telefoon te halen
  • Hoe je slowmotionvideo’s maakt
  • Hoe je makkelijker selfies en groepsfoto’s maakt

Meer lezen? Bijzonder: fotografeer zelf een komeet!

1. Experimenteer met de Pro Modus

Om toegang te krijgen tot alle geavanceerde foto-opties van je Samsung-telefoon, ga je direct naar de Pro Modus, die je in de camera-app op je smartphone vindt. In deze modus kun je onder meer experimenteren met de scherptediepte. Zo kun je bijvoorbeeld de achtergrond wazig maken. Op deze manier kun je mooie portretfoto’s maken.

Door de sluitertijd in te stellen, bepaal je hoeveel licht er in je camera valt. Dit speelt vooral een rol als je in de avond op pad gaat en een mooie foto wilt maken bij weinig licht. Door de sluitertijd wat te verlengen, komt er meer licht binnen in de camera en wordt je foto minder donker. Zet je telefoon wel op een statief, om te voorkomen dat je foto onscherp wordt. Wil je juist plotselinge bewegingen op beeld vastleggen, dan kies je voor een kortere sluitertijd.

Overigens kun je in veel gevallen het beste de nachtmodus gebruiken om in de avond een mooie foto te maken. In deze modus staan alle instellingen al goed. Tik in de camera-app op Meer en vervolgens op Nacht.

2. Bokeh voor een dromerig effect

“Met bokeh maak je esthetisch aangename effecten van een vage of onscherpe achtergrond”, aldus Samsung. Bokeh laat je onderwerp eruit springen tegen een wazige achtergrond, wat een dromerig effect creëert. Het effect wordt softwarematig toegepast. In de camera-app vind je de optie onder Live Focus. Door de regelaar naar rechts te schuiven, wordt de achtergrond waziger. Door te kiezen voor Live focus video kun je dit wazige effect zelfs toepassen op je bewegende beelden.

©oneinchpunch - stock.adobe.com

Met het bokeh-effect maak je de achtergrond vaag voor een dromerig effect.

3. Video’s in slowmotion schieten

De camera-app van je Samsung-telefoon stelt je ook in staat om video’s in slowmotion op te nemen, ideaal voor als je snelle beelden wilt opnemen en vertraagd wil afspelen. De optie vind je in de camera-app door linksonder in het scherm op Stand te tikken en vervolgens te kiezen voor Slow motion.

De nieuwste, wat duurdere Samsung-modellen, hebben zelfs een Super Slow-mo-functie, waarmee je video’s kunt opnemen van 960 frames per seconde, beduidend meer dan de 240 frames per seconde in de reguliere slowmotionmodus. Gebruik Super Slow-mo alleen als je echt bepaalde details wilt zien in je video’s, want de beeldkwaliteit in deze modus is wel minder dan de reguliere slowmotionmodus.

4. Beelden optimaliseren

De camera-app van je smartphone heeft ook een Scène-optimalisatie-optie. Wanneer de camera een onderwerp of scène herkent, verschijnt er een icoon op het scherm en worden kleuren automatisch geoptimaliseerd. Zo kan de camera bijvoorbeeld herkennen dat je bloemen of bergen op de foto hebt gezet, waarna de foto zo wordt bewerkt dat de kleuren er mooier uitspringen. Ook worden er wat aanpassingen gedaan aan de belichting van de foto. Het zijn kleine veranderingen, die je foto’s net even wat meer leven geven.

5. Laat de camera-app een suggestie doen

Heb jij niet altijd oog voor hoe je een mooie foto maakt? Gelukkig kan een Samsung-telefoon je een handje helpen. Sinds de lancering van de Galaxy S10 vind je op ieder toestel van Samsung de Best Shot-functie. Als je deze aanzet, dan kijkt je telefoon met je mee voor het beste shot. Richt je camera op het gele cirkeltje in beeld en je hebt automatisch het perfecte plaatje. De Samsung-telefoon geeft advies op basis van kunstmatige intelligentie: de smartphone heeft miljoen foto’s geanalyseerd om in te schatten wat in jouw situatie het beste kiekje is. Je hoeft alleen nog op de knop te tikken om de foto te maken.

Zet je telefoon stevig neer als je met de S Pen een groepsfoto of selfie maakt.

6. Gebruik de S Pen als afstandsbediening

Een selfie of groepsfoto van afstand maken kan nog weleens een uitdaging zijn. Gelukkig hoef je je telefoon niet vast te houden als je een S Pen hebt. De pen werkt via bluetooth op een afstand van maximaal 10 meter. Zoek een plekje waar je je telefoon rechtop kunt zetten (of gebruik een statief) en druk het knopje op de S Pen in om de foto te maken. Druk het knopje twee keer in om tussen de voor- en achtercamera te switchen. Het best is om de camera aan de achterkant van je toestel te gebruiken, aangezien je daarmee foto’s van de hoogste kwaliteit maakt.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.