ID.nl logo
Schone ramen zonder strepen? Zo heb je nooit meer last van streepstress
© Brian Jackson - stock.adobe.com
Huis

Schone ramen zonder strepen? Zo heb je nooit meer last van streepstress

Het is voorjaar, en dat betekent: meer zon. Heerlijk, maar je ziet ineens wel hoe ontzettend vies de ramen eigenlijk zijn. Als even sprayen met een glasreiniger niet meer volstaat, dan wordt het tijd om emmer en spons te pakken en aan de slag te gaan. Met deze tips lukt het iedereen om de ramen te lappen zonder strepen.

⏱ Dit artikel geeft antwoord op de volgende vragen:

  • Hoe vaak moet je je ramen lappen?
  • Wat heb je nodig voor het zemen van ramen?
  • Hoe lap je je ramen het beste?
  • Hoe kun je ramen lappen waar je met een (huishoud)trap niet bij kunt?

Lees ook: Top 10 vervelendste huishoudklussen: zo maak je ze leuker!

Hoe vaak moet je de ramen wassen?

Het ligt er natuurlijk een beetje aan hoe snel je je stoort aan een raam dat niet meer helemaal schoon is, maar meestal is vier keer per jaar voldoende voor de binnenkant van je ramen. Zeem je zelf ook de buitenboel? Dan is zes tot acht keer het beste voor de ramen. Als je vuil namelijk te lang laat zitten, wordt het alleen maar lastiger om het eraf te krijgen. Bovendien kan té stevig boenen dan schade veroorzaken aan het glas of de kozijnen veroorzaken.

Ramen zemen: dit heb je nodig

🗹 Emmer met lauw tot heet water
🗹 Scheutje afwasmiddel of schoonmaakazijn
🗹 Schone spons
🗹 Zeem
🗹 Trekker of raamwisser zonder scheurtjes
🗹 Microvezeldoek
🗹 (Keuken)trap of ladder

©Ivonne Wierink

Het kan altijd makkelijker

Vergelijk ruitenreinigers

Stappenplan voor superschone ramen

De beste dag om de ramen te wassen is op een bewolkte dag, want met veel zon zal het water snel opdrogen en is een streeploos eindresultaat nog lastiger. Klaar voor de start? Houd dan deze volgorde aan voor streeploze ramen:

• Zorg eerst dat je goed bij de ramen kunt, dus haal de vensterbank binnen leeg en haal buiten eventuele bloempotten of meubilair weg.
• Zijn de ramen behoorlijk vies, bijvoorbeeld door vogelpoep of zand door een flinke storm of verbouwing? Spuit dan eerst met een waterslang het ergste vuil weg. Krijg je de vogelpoep niet weg? Een beetje tandpasta kan helpen om het weg te poetsen.
• Vul een emmer met lauw tot heet water en doe hier een paar druppels afwasmiddel of schoonmaakazijn in. Dit zijn allebei middelen die goed ontvetten. Overdrijf niet, want te veel afwasmiddel maakt het zemen lastiger: te veel sop maakt streeploos schoonmaken bijna niet mogelijk. Gebruik je liever geen schoonmaakmiddel? Dan kun je ook een ui in vier stukken snijden en aan het water toevoegen.
• Dompel een schone spons – open deur, maar: geen schuurspons – helemaal onder in de emmer met sop en maak de ramen goed nat. Vergeet niet om ook de hoekjes en kozijnen mee te nemen.
• Droog eerst de randen van het raam en het kozijn met een zeem. Zo voorkom je straks druppels op je droge raam.
• Check nog even de raamwisser, is het rubber nog helemaal intact? Scheurtjes zorgen gegarandeerd voor strepen, dus dit is geen onbelangrijk gedeelte van de klus. Het rubber kun je bijsnijden met een stanleymes of anders vervangen door nieuwe rubbers. Die zijn los verkrijgbaar.
• Trek de raamwisser steeds in banen van boven naar beneden; voor elke nieuwe baan maak je de raamwisser even droog met een licht vochtige zeem of microvezeldoek.
• Is het raam nog wat nat of zie je toch nog een streep hier en daar? Gebruik dan een schone microvezeldoek om het raam goed droog te maken. Dit kan trouwens ook met een krantenprop.
• Neem tot slot nog even de vensterbank af nu hij toch leeg is en klaar is deze schoonmaakklus.

Je kunt je ramen het best lappen als het bewolkt is. Doe je het op een zonnige dag, dan droogt het water namelijk sneller op en heb je dus meer kans op strepen.

- Monique, schoonmaakexpert van ID.nl

Ramen wassen op hoogte

Nog even een tip voor helden die de bovenramen buiten willen zemen en liever niet op een wiebelend keukentrapje willen staan: de veiligste manier om dit te doen is met een telescoopsteel. Kies er eentje die niet te zwaar is en met watertoevoer. Je kunt de telescoopsteel dan aansluiten op de tuinslang. Zo doen professionele glazenwassers het ook; het scheelt je een hoop onhandig gehannes!

©josh joshua/EyeEm

Robotruitenreiniger

Ben je wel in voor nieuwe snufjes en heb je een enorme hekel aan ramen zemen? Laat dan een robot het werk doen! Het aanbod aan robotraamwissers is (nog) beperkt en je bent er aardig wat geld aan kwijt (reken op ergens tussen de 125 en 500 euro), maar ze nemen je wel al het werk uit handen. Je bedient ze met de meegeleverde afstandsbediening of met een app en de slimme sensoren weten precies waar de ruit stopt en het kozijn begint.!

Helder verhaal toch?

Het blijft niet de leukste klus, maar met de tips in dit artikel krijg je je ramen in ieder geval goed en streeploos schoon. Doe het vooral regelmatig: daarmee bespaar je jezelf op de lange termijn een hoop tijd en ergernis!


🧽 Toch professionele hulp nodig?

Vraag een offerte aan voor schoonmaak:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.