ID.nl logo
Ode aan orde: je immense fotocollectie beheer je zo
© tilialucida - stock.adobe.com
Huis

Ode aan orde: je immense fotocollectie beheer je zo

Smartphones en digitale camera’s hebben geleid tot een enorme toename in het aantal genomen foto’s. Het is inmiddels niet ongewoon om persoonlijke verzamelingen van tienduizenden foto’s te hebben. Maar hoe beheer je zulke omvangrijke collecties en hoe vind je snel de foto’s die je zoekt?

In dit artikel bieden we praktische tips en technieken om orde te scheppen in je fotocollectie:

  • Maak albums aan in Google Foto's
  • Zet lokaal een duidelijke mappenstructuur op
  • Zet met PhotoSift of PhotoMove 2 nieuwe foto's direct in de juiste lokale mappen
  • Beheer en bewerk de metadata met XnView MP
  • Of ga aan de slag met darktable, een complete fotobeheertool

Lees ook: Pixlr: een lichte online fotobewerker voor basisbewerkingen

Foto’s nemen is een prima manier om herinneringen vast te leggen, maar uitgebreide verzamelingen maken het vaak moeilijk om specifieke foto’s terug te vinden. In dit artikel bieden we praktische tips en technieken om orde te scheppen in je fotocollectie. We bespreken ook kort enkele diensten en apps die hierbij van pas kunnen komen. Een en ander zal natuurlijk ook afhangen van je persoonlijke voorkeuren. Zo werk je misschien graag met raw-foto’s en dan wil je tools die juist dit formaat ondersteunen, of je bewaart je foto’s om privacyredenen liever lokaal. In dit artikel proberen we in elk geval rekening te houden met de meest gangbare gebruiksscenario’s.

We beginnen met het scenario waarbij foto’s bij een clouddienst als Google Foto’s worden opgeslagen. Deze methode is erg populair omdat hier het fotobeheer grotendeels door Google wordt geautomatiseerd. Toch richten we ons voornamelijk op fotografie-enthousiastelingen die zélf de controle willen behouden over de opslag en het beheer van hun collecties, en clouddiensten hooguit zien als onderdeel van hun back-upstrategie.

1 Google Foto’s

Je kunt foto’s en video’s gemaakt met je smartphone automatisch laten uploaden naar Google Foto’s, zowel op Android als iOS. Installeer de Google Foto’s-app en log in met je Google-account. Tik rechtsboven in de app op je profielfoto, ga naar Instellingen voor foto’s, selecteer Back-up en activeer deze functie. Je ziet ook hoeveel opslagruimte Google Foto’s gebruikt van je totale Google Drive-opslag. Tik op Opslagruimte beheren of bezoek koop extra opslagruimte (100 GB voor 19,99 euro per jaar) via deze pagina.

Met opties als Grote foto’s en video’s en Wazige foto’s kun je eenvoudig ongewenste bestanden verwijderen. Om meer opslagruimte te besparen, vind je in de browser de optie Bestaande foto’s en video’soverzetten naar Opslagbesparing, waarbij foto’s die in originele kwaliteit zijn opgeslagen, worden gecomprimeerd naar lagere kwaliteit. Overweeg zorgvuldig of je dit wilt, aangezien het proces onomkeerbaar is.

Lees zeker ook: Weet wat je nog niet wist over Google Foto's

Google Foto’s biedt de mogelijkheid om snel grote foto’s en video’s en wazige foto’s te verwijderen.

2 Uploaden naar Google Foto’s

Je kunt ook foto’s van je digitale camera of pc naar Google Foto’s overbrengen. Ga naar www.photos.google.com, klik rechtsboven op Uploaden en selecteer Computer. Navigeer naar het gewenste station, kies de foto’s die je wilt uploaden en upload ze via Openen.

Voor automatische back-up van pc-foto’s naar Google Foto’s, download en installeer je Google Drive voor desktop (www.photos.google.com/apps). Klik rechts op het pictogram van de tool, kies het tandwielpictogram en ga naar Voorkeuren. Selecteer Mijncomputer en voeg een map toe. Zet een vinkje bij Er wordt een back-up gemaakt in GoogleFoto’s en bevestig met Klaar. Je kunt kiezen tussen Oorspronkelijke kwaliteit of Opslagbesparing.

In het uitklapmenu bij Uploaden is er ook een optie Overzetten vanuitfotoverzamelingen, waarmee je foto’s van Facebook, Instagram en iCloud kunt back-uppen. Voor Facebook kan het bijvoorbeeld ook als volgt. Open je Facebook-account, ga naar Instellingen en kies Een kopie van je gegevensoverzetten. Duid een profiel aan, selecteer Je foto’s en video’s evenals de bestemming, zoals Google Photos of andere diensten als Dropbox of BackblazeB2.

Je kunt foto’s vanuit je pc, maar bijvoorbeeld ook vanuit Facebook-albums naar Google Foto’s uploaden.

3 Automatisch indelen

Geüploade of geback-upte foto’s in Google Foto’s worden standaard chronologisch weergegeven, ingedeeld per maand of dag. In de webbrowser kun je via een tijdbalk snel door de tijd navigeren. Deze ordening is gebaseerd op de opnamedatum en -tijd in de exif-metadata van de foto’s. Bij ontbrekende exif-data wordt de datum van bestandscreatie of wijziging gebruikt. Zonder datumgegevens kan de foto op een willekeurige plek belanden. Met de opties Zoeken (mobiel) of Verkennen (webbrowser) kun je op diverse criteria sorteren.

Google Foto’s gebruikt geavanceerde algoritmen en machine learning voor het organiseren, waardoor je foto’s kunt indelen op basis van gezichtsherkenning, documenttypes (zoals Menu’s, Posters, Handschrift), objecten (zoals Wijn, Monumenten, Vlinders) en locatie. Sinds kort gebruikt Google Foto’s AI om gelijksoortige foto’s of screenshots en foto’s van documenten in ‘stapels’ te ordenen voor makkelijke toegang. Deze functie kun je naar wens in- of uitschakelen.

Slimme algoritmen geven Google Foto’s de mogelijkheid om foto’s in te delen volgens diverse (herkennings)criteria.

4 Foto’s zelf indelen

Gelukkig heb je als gebruiker ook enige controle over de organisatie van je foto’s. Zo kun je foto’s die je liever niet ziet maar ook niet wilt verwijderen, archiveren.

Voor een meer gepersonaliseerde organisatie kun je albums gebruiken. Open hiervoor de rubriek Albums (of eerst Bieb in de mobiele app) en kies Nieuwalbum of Album maken. Voer een albumtitel in en kies tussen Mensen en huisdieren selecteren of Foto’s selecteren. Bij de eerste optie gebruikt Google algoritmen om automatisch ook nieuwe foto’s van de geselecteerde personen of huisdieren toe te voegen. Bij de tweede optie bepaal je zelf de inhoud door specifieke foto’s te kiezen.

Foto’s kunnen ook uit albums verwijderd worden, en ook het delen van albums is eenvoudig – ontvangers hoeven hiervoor niet per se zelf een Google-account te hebben.

Foto’s in je eigen albums: handig om te tonen en te delen.

5 Tags en mappen

Bij lokale opslag van foto’s heb je meer controle, maar ook meer verantwoordelijkheid voor het beheer. Dit begint al met de manier waarop je foto’s opslaat.

Veel gebruikers bewaren al hun foto’s samen op één locatie (het zogeheten ‘piling’) en vertrouwen op slimme fotobeheertools om ze via tags in virtuele albums te organiseren voor een snelle en gerichte weergave. Deze methode is zeker een optie en we stellen later in dit artikel een paar van dergelijke tools voor, maar we adviseren toch om je foto’s ook ‘fysiek’ te ordenen (het zogeheten ‘filing’).

Dit betekent bijvoorbeeld foto’s een consistente, betekenisvolle naam geven en ze in een logische mappenstructuur plaatsen. Gebruik bijvoorbeeld mapnamen die het jaar van de foto’s aangeven, met submappen voor de maanden. Een handig naamgevingsschema voor fotobestanden is bijvoorbeeld locatie-gebeurtenis-nummer of jaar-maand-dag-gebeurtenis-nummer (zoals 2024-01-15-skireis-13.jpg). De onderdelen ‘jaar-maand’ kun je eventueel weglaten als dit al duidelijk is uit de mappenstructuur.

Een nadeel van deze methode is dat foto’s normaal gesproken dan slechts in één map staan – ook al zouden ze in meerdere mappen passen – tenzij je ze fysiek zou kopiëren. Anderzijds maakt deze methode het eenvoudiger om je collectie naar een ander apparaat over te zetten zonder afhankelijk te zijn van specifieke fotobeheersoftware voor een geordende weergave.

Ook je papierwerk ordenen?

Deze stickers kun je hergebruiken

6 Handige hulpmiddelen

Voor het snel indelen van nieuw geïmporteerde foto’s in gewenste mappen kunnen tools als PhotoMove en PhotoSift handig zijn.

Met de gratis versie van PhotoMove 2 kun je foto’s automatisch in een mappenstructuur \jaar\maand\dag plaatsen en eventueel ook nog \cameramodel, gebaseerd op de creatiedatum in de exif-metadata. De betaalde Pro-versie (circa 8 euro) biedt extra opties, zoals vermeld op de website.

Met het gratis, draagbare PhotoSift kun je foto’s snel een voor een naar de gewenste (sub)map verhuizen met een specifieke toetsaanslag. Zo kun je er bijvoorbeeld voor zorgen dat foto’s automatisch naar de submap \Barcelona gaan door op de B-toets te drukken.

Voor het hernoemen van fotobestanden in batch is ReNamer (gratis voor niet-commercieel gebruik) een nauwkeurige en snelle optie. Voeg bestanden toe en definieer hernoemregels, zoals Verwijderen, Vervangen, Serialiseren en Invoegen. Met deze laatste kun je zelfs bestanden hernoemen op basis van exif- en iptc-metatags van je foto’s. Gebruik Voorbeeld om de naamswijziging te bekijken en voer de batchoperatie ten slotte uit met Hernoemen.

Bestanden in batch hernoemen met Renamer, ook op basis van metadata.

7 Metatags

Ook als je je foto’s van zinvolle bestandsnamen hebt voorzien en ze overzichtelijk in mappen hebt geordend, moet je als fotografieliefhebber het belang van zogeheten metadata niet onderschatten. De meeste fotobeheertools maken namelijk via ‘tagging’ (het toevoegen van tags oftewel labels) intensief gebruik van zulke metadata om foto’s nauwkeuriger te definiëren en te organiseren.

In het kader ‘Metadata-frameworks’ lees je over de drie meest gangbare metadata-structuren voor fotobestanden: exif, iptc en xmp, maar helaas maken deze het beheer en de workflow tegelijk ook complexer. Het valt bijvoorbeeld niet uit te sluiten dat sommige metadata niet meegenomen worden bij het overstappen naar een andere beheertool, app of platform.

Om de metadata in een fotobestand te bekijken, kun je in eerste instantie Windows Verkenner gebruiken. Klik met de rechtermuisknop op een foto, selecteer Eigenschappen en open het tabblad Details. Hier zie je verschillende metadata, ingedeeld in secties als Beschrijving, Oorsprong, Afbeelding, Camera, Geavanceerde eigenschappen en GPS. De meeste van deze metadata kun je direct vanuit dit venster zelf aanpassen.

In Verkenner is er geen spoor van de achterliggende metadata-frameworks.

Metadata-frameworks Bij het maken van een foto met een digitale camera of smartphone wordt vaak informatie zoals datum, tijd, cameramerk en -model, belichtingstijd, en eventuele gps-coördinaten als exif-metadata (Exchangeable Image File Format) opgeslagen in het fotobestand. Helaas slaan niet alle fabrikanten deze metadata op dezelfde manier op.

Om ook gebruikers en apps in staat te stellen metadata toe te voegen, is het iptc-iim-framework ontworpen (International Press Telecommunication Council, gebaseerd op het Information Interchange Model), voor extra informatie zoals copyright, auteur en trefwoorden. Ook deze metadata worden helaas niet altijd uniform ingebed.

Adobe Systems ontwikkelde daarom een flexibel en uitbreidbaar formaat, xmp genoemd (Extensible Metadata Platform), dat verschillende soorten metadata kan bevatten, inclusief exif en iptc, wat het gebruik breder maakt. Xmp wordt steeds populairder, maar het is wel raadzaam om te controleren welke metatags behouden blijven in je fotobestanden bij het exporteren en opnieuw importeren, in afwachting dat de Metadata Working Group (MWG) tot eenduidige instructies komt voor het verwerken van deze metadata.

8 Metadata-beheer

Je zult waarschijnlijk een geavanceerde fotobeheertool gebruiken die het beheer van metadata vergemakkelijkt en deels automatiseert. Toch is het nuttig om zelf inzicht te krijgen in de metadata-structuren. Een goede gratis tool hiervoor is XnView MP. Na installatie en opstarten van de app, gebruik je de knop Bladeren om je fotomap te openen. Kies een foto, het liefst eentje waarvan je de tags via Verkenner hebt bekeken of gewijzigd. Activeer in Beeld / Infokader bij voorkeur alle opties. Je ziet in het onderste deelvenster nu verschillende tabbladen met informatie over de geselecteerde foto. Tags uit Verkenner vind je vooral terug in de exif- en xmp-frameworks.

Je kunt metadata hier niet direct wijzigen, maar wel via het menu Metadata, ook voor meerdere foto’s tegelijk. Naast de optie Schoon metadata op (waar je kiest welke metadata je wilt verwijderen uit exif, xmp en/of iptc-iim), GPS-gegevens bewerken en Tijdstempel wijzigen zijn er opties zoals Edit IPTC en Edit XMP. Deze geven toegang tot diverse tabbladen met informatietypes als Bijschrift, Categorieën, Datum/tijd, Beschrijving, Herkomst, die je haast allemaal kunt wijzigen (voer je aanpassingen door met Schrijven). Gebruik de knoppen Sjabloon opslaan en Sjabloon laden als je dezelfde tags op andere foto’s wilt toepassen.

Het is erg leerzaam om te zien hoe andere software, zoals Windows Verkenner of fotobeheertools, de metadata verwerken die je in XnView MP hebt gecreëerd of aangepast.

XnView laat je metadata op diverse niveaus creëren en wijzigen.

9 Fotobeheersoftware

We hebben het al gehad over fotobeheertools die deel uitmaken van ‘Digital Asset Management’-software. Deze tools helpen bij het organiseren van foto’s, vaak door slim het toevoegen van tags, en kunnen foto’s in virtuele albums plaatsen voor snelle toegang en weergave. Sommige tools bieden ook geavanceerde bewerkingsfuncties en flexibele export- en deelopties.

Een prima keuze is Adobe Lightroom, maar dat is niet goedkoop (na een gratis proefperiode, vanaf ongeveer 12 euro per maand). Voordeligere, maar minder krachtige alternatieven zijn ACDSee (vanaf ongeveer 60 euro) en Zoner Photo Studio X (ongeveer 60 euro per jaar).

Interessant: Foto’s bewerken met AI? Wij hebben 15 gratis presets voor je!

Geheel gratis is darktable, een opensource en semiprofessionele tool, beschikbaar voor Windows, macOS en Linux. Dit programma biedt een indrukwekkende functionaliteit voor zowel het beheer als de bewerking van foto’s. We geven je hier alleen een korte introductie van de beheermodule van versie 4.6. Een uitgebreide handleiding vind je in dit online pdf-bestand.

Of lees dit artikel voor een snelle start met darktable: Darktable: bewerk je foto's met hét gratis Lightroom-alternatief

Darktable is een indrukwekkende tool voor zowel het beheer als de bewerking van foto’s.

10 Metadata toevoegen

Installeer darktable en open het programma. Er is een Nederlandstalige interface beschikbaar, die je instelt via het tandwielpictogram onder General. Kies het tabblad bibliotheek (ontwikkelen is voor fotobewerking). Om foto’s te importeren, inclusief raw-formaten, klik je op importeren linksboven en kies je toevoegen aan bibliotheek (of kopieer en importeer als je de fotobestanden eerst wilt hernoemen).

Gebruik het plusknopje bij locaties om naar je fotomap(pen) te navigeren. Zet een vinkje bij onderliggende map om ook foto’s uit submappen toe te voegen en bevestig met voeg toe aan bibliotheek. Voor het instellen van metadata voor je gaat importeren, klik je op het tabblad bibliotheek op parameters linksboven, zet je een vinkje bij pas metadata toe en vul je deze in naar wens.

Na import zie je de metadata van een geselecteerde foto in het rechterdeelvenster bij metadata-editor, labelen en geotagging. Hier kun je metadata wijzigen en toevoegen. Belangrijk: darktable slaat metadata en fotobewerkingen standaard op in sidecar-bestanden met dezelfde naam als het fotobestand, maar met de extensie xmp. Dit maakt darktable een moderne (want xmp-gebaseerde) en non-destructieve fotobeheertool, aangezien de originele fotobestanden ongewijzigd blijven.

Wil je toch dat alle aangepaste tags of bewerkingen zich daadwerkelijk in de (xmp-metadata van) fotobestanden doorzetten, klik dan helemaal rechtsonder op export, stel de opties naar wens in en bevestig nogmaals met export. Elke degelijke foto-app hoort deze metadata netjes op te pikken.

Alle tags (en andere aanpassingen) belanden standaard in een non-destructief xmp-sidecarbestand.

11 Afbeeldingen filteren

Darktable toont standaard alle foto’s uit de geselecteerde map in het linkerdeelvenster, bij collecties. Door gebruik te maken van filters kun je echter specifieke foto’s weergeven. Klik op het pijlknopje net onder collecties om uit verschillende filters te kiezen, waaronder metadata zoals label, auteur, classificatie, camera, lens en beeldverhouding. Je kunt ook filters combineren. Stel je eerste filter in, klik dan op het pijlknopje naast je ingestelde filter en kies bijvoorbeeld afbeeldingen toevoegen of afbeeldingen uitsluiten voor een volgend filter. De inclusie- of exclusiefilters kun je wijzigen door op het knopje naast een filter te klikken en opties als wijzig in <en>, wijzig in <of>, of wijzig in <behalve> te selecteren. De resultaten van je filters zie je direct in de digitale lichtbak.

Bovenaan vind je opties om de weergave van je fotoselectie aan te passen. Je kunt hier kiezen uit zestien sorteringscriteria onder sorteer op. Met knoppen onderaan pas je zaken als de zoomfactor en de weergavemodus aan.

Met de juiste tags (metadata) en filters haal je er zo de gezochte foto’s uit.
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht
Huis

Arc Raiders is meer dan 14 miljoen keer verkocht

De extraction shooter Arc Raiders is een groot succes: de game is sinds release 30 oktober vorig jaar meer dan 14 miljoen keer verkocht.

Dat heeft uitgever Nexon deze week aangekondigd bij het bekendmaken van de kwartaalcijfers van het bedrijf. In januari was er daarbij een piek van 960.000 gelijktijdige spelers over alle platforms waarneembaar, en sindsdien zijn er zo'n zes miljoen wekelijkse actieve spelers. Arc Raiders heeft wat Nexon betreft dan ook alle verwachtingen overtroffen.

Arc Raiders kwam zoals gezegd afgelopen oktober uit en is ontwikkeld door het in Stockholm gevestigde bedrijf Embark Studios, dat bestaat uit voormalige Battlefield-ontwikkelaars, waronder de voormalige ceo van DICE, Patrick Söderlund. Hiervoor bracht Embark al de shooter The Finals uit.

Over Arc Raiders

Toen Arc Raiders uitkwam, bleek het spel al snel een hit op Steam en consoles. Dit terwijl de markt voor multiplayershooters zeer competitief is, met franchises als Call of Duty en Battlefield waarvan afgelopen najaar ook nieuwe delen zijn uitgekomen.

De game houdt een derdepersoonsaanzicht aan en betreft een extraction shooter. Spelers gaan in Arc Raiders richting de oppervlakte van de aarde, waar buitenaardse robots genaamd Arcs voor chaos zorgen. Spelers proberen hier waardevolle materialen, wapens en medicijnen te vinden - alleen of in teamverband. Andere spelers lopen echter ook rond op het oppervlak en kunnen je team helpen of juist tegenzitten. Het doel is heelhuids weer ondergronds te geraken met de verzamelde spullen.

▼ Volgende artikel
Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat
© ImageFlow - stock.adobe.com
Huis

Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat

Je smartphone gebruik je wellicht voor allerlei handige zaken, maar wist je dat je je telefoon ook kunt gebruiken om apparaten in je huis te bedienen? Vaak heb je daar niet eens zoveel voor nodig. Maar hoe begin je en waar moet je allemaal op letten?

In dit artikel

Je ziet hoe je je telefoon inzet als afstandsbediening voor verlichting, verwarming, tv en andere slimme functies in huis. We laten je stap voor stap zien hoe je apparaten toevoegt, kamers indeelt, routines bouwt en je slimme huis laat reageren op tijd, locatie en aanwezigheid. Ook lees je waar je op let bij compatibiliteit en hoe je alles netjes en veilig houdt met onderhoud en updates. 

Lees ook: Starten met smarthome in één middag: een stappenplan voor beginners

We gebruiken thuis steeds meer slimme apparaten die het leven moeten vergemakkelijken. Bijna alle apparaten die je op internet aansluit, zoals een televisie of een basisstation voor slimme lampen, kun je op afstand bedienen of in ieder geval via je wifi-verbinding thuis aansturen. Dat hangt natuurlijk af van het merk en type producten dat je gebruikt en via welke protocollen dit gaat, maar het heeft ook te maken met je telefoon.

Wanneer is een apparaat slim?

Een slim apparaat is een lamp, thermostaat, tv, stekker, gordijnmotor of sensor die via wifi, bluetooth of een standaard als Matter verbonden is met internet en op afstand te bedienen is. Dat bedienen kan bijvoorbeeld via een app van de fabrikant van de apparatuur, maar het is ook mogelijk met de app van Google, Google Home. Deze app is op de meeste Android-toestellen aanwezig, maar als dat bij jou niet het geval is, kun je deze downloaden via de Google Play Store. De app is er ook voor de iPhone en werkt vrijwel hetzelfde. We gebruiken in dit artikel de Android-versie voor alle uitleg en afbeeldingen.

Google Home tref je aan in Google Play, maar kan soms al geïnstalleerd zijn. Check sowieso altijd op updates als je de app al hebt.
Google Home

Google Home is de app die al die apparaten verzamelt en bestuurt; je bedient ze met tikken op je scherm, via het snelle bedieningspaneel van Android en met spraak via de Google Assistant. Wanneer je apparaten in de Google Home-app toevoegt, kun je er routines mee bouwen: vaste acties die automatisch of met één tik worden uitgevoerd, zoals alle lampen uit zodra je het huis verlaat of de verwarming lager zodra iedereen slaapt. Inmiddels kun je met Google Home al meer dan 50.000 apparaten aansturen; je herkent ze aan de Works with Google Home of Matter-logo's.

Starten met aansturen

Om je slimme apparaten te kunnen aansturen, gebruik je een Android-telefoon met Android 11 of hoger. Het werkt in principe ook met oudere versies, maar sinds versie 11 kun je de meeste opties voor slimme apparaten direct vanaf je vergrendelingsscherm benaderen en hoef je dus niet eerst de app te openen om je apparaten te bedienen. Installeer de Google Home-app uit de Play Store en meld je aan met je Google-account. Aanmelden is vereist zodat de instellingen voor al je apparaten worden opgeslagen en ook via andere Android-toestellen zijn te bereiken. Je kunt er ook voor kiezen om een nieuw account aan te maken, dat je dan bijvoorbeeld met je huisgenoten kunt delen. Op die manier kan iedereen in huis bij dezelfde instellingen voor je slimme apparaten en hoef je je persoonlijke data niet met je huisgenoten te delen. Met de Google Home-app kun je eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts, dus het is in theorie mogelijk om meerdere slimme huizen te beheren.

Met de Google Home-app kun je - net als alle andere Google-apps - eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts.

Systemen zijn niet altijd compatibel

Voordat je een slim apparaat kunt toevoegen aan Google, moet dat apparaat eerst al zijn ingesteld met de app van de fabrikant, bijvoorbeeld Philips Hue, IKEA Home smart, Tado of de app van je gordijnmotor. Daarna koppel je ze in Google Home. Het is handig om minstens één slimme lamp of slimme stekker te hebben om mee te oefenen, plus bijvoorbeeld een televisie met Chromecast-functionaliteit. Heb je een smartspeaker of smartdisplay met ingebouwde Google Assistant (zoals de Nest Hub), dan kun je die gebruiken als extra microfoon in huis, maar strikt nodig is die niet, omdat je ook via je telefoon tegen de Assistant kunt praten. Apple-gebruikers hebben een vergelijkbaar systeem via Apple HomeKit en de Apple Home-app. Apple gebruikt een gesloten systeem, waardoor je niet kunt communiceren met Google Home en moeten de apparaten die je met een Apple-smartphone wilt aansturen, ook specifiek compatibel zijn met Apple HomeKit. Via Home Assistant - een losstaand protocol voor slimme apparaten - is het mogelijk om een koppeling te maken tussen Android-apparaten en Apple-apparaten, maar daar gaan we in dit artikel niet verder op in.

©sdx15 - stock.adobe.com

Ook Apple heeft een Home-app, maar die is niet compatibel met Android.

Lees ook: Philips Hue SpatialAware: dit is het en zo gebruik je het

Apparaten toevoegen en huis indelen

Om Google Home te gebruiken voeg je je eerste apparaten toe aan de Google Home-app en deel je ze logisch in kamers in, zodat aansturen en automatiseren later veel eenvoudiger wordt. Je opent eerst Google Home, controleert of het juiste huis geselecteerd is; als dit nog niet is aangemaakt, maak je dat aan. Vervolgens voeg je een nieuw apparaat toe met de +-knop, rechts bovenin. Tot slot kies je voor Apparaat.

Een nieuw apparaat toevoegen aan Google Home doe je hier.

Koppelen

Je krijgt nu de mogelijkheid om een apparaat direct toe te voegen door middel van een QR-code, die je vaak achter op een product vindt. Apparaten die Matter of Nest ondersteunen, kun je op deze manier dus direct toevoegen. Wil je een apparaat toevoegen dat geen Matter-ondersteuning biedt, dan kan dat alleen als je het betreffende apparaat hebt geconfigureerd via het systeem van dat merk, bijvoorbeeld een lamp van Philips Hue die aan de Hue-bridge is gekoppeld. In dat geval kies je voor de optie Apps of services koppelen. Vervolgens krijg je een overzicht van alle compatibele diensten die met Google Home werken.

Kies uit de lijst met compatibele merken om een koppeling te maken.

Lees ook: Matter uitgelegd: de nieuwe standaard voor een zorgeloos slim huis

Toestemming verlenen

Om een apparaat via deze route toe te voegen aan Google Home, moet je inloggen bij het account van de fabrikant waarvan je de dienst afneemt, bijvoorbeeld Philips Hue. Er komen nog wat meldingen in beeld omtrent de mogelijkheden die Google krijgt met betrekking tot de data van je externe account.

Wanneer de apparaten zichtbaar zijn als tegels, houd je een tegel even vast en kies je voor het tandwieltje. Vervolgens tik je op Ruimte en kun je het apparaat eventueel nog in een andere ruimte plaatsen. Dat kan door de betreffende ruimte aan te tikken uit de lijst, of zelf een nieuwe ruimte aan te maken. Het is handig om je apparaten onder te verdelen in ruimtes, omdat je - bijvoorbeeld in het geval van lampen - deze per ruimte in één keer kunt uitschakelen. Zo kun je dan bij je bedtijdroutine eerst de lichten in de woonkamer uitschakelen en daarna die op de overloop, zonder dat je je hele huis in duisternis brengt of juist iedere lamp afzonderlijk moet uitzetten.

Soms moet je extra toestemmingen goedkeuren om een apparaat te kunnen gebruiken.

Apparaten handmatig en met spraak bedienen

Heb je al je apparaten toegevoegd en eventueel onderverdeeld in verschillende ruimtes, dan kun je ze nu bedienen via je Google Home-app. Open de app, tik op de knop Alle apparaten bovenaan en je ziet alle tegels van de in Google Home aanwezige apparaten. Tik bijvoorbeeld op een lamptegel om die direct aan of uit te schakelen, of houd de tegel even vast om een schuifregelaar voor helderheid of kleur te zien.

Voor een slimme thermostaat tik je op de thermostaat-tegel en verschuif je de temperatuur hoger of lager; vaak kun je ook kiezen tussen de modi Verwarmen of Verkoelen, maar dat is afhankelijk van de aangeboden functies in het apparaat zelf, want niet alle functies zijn ook altijd te benaderen vanuit Google Home. Ook een andere handige optie is het bedienen van je televisie. Heb je een tv of Chromecast gekoppeld, dan kun je via de tegel media pauzeren of stoppen. Vervolgens activeer je spraakbediening door op je Android-telefoon de Google Assistant op te roepen, bijvoorbeeld via de Assistant-knop, een veegbeweging of door "Hey Google" te zeggen. Vervolg die aanroep dan door concrete opdrachten als "Doe de lampen in de woonkamer uit", "Zet de thermostaat op 20 graden" of "Speel Netflix op tv woonkamer". Omdat de Google Assistant de door jou opgegeven namen en kamers uit Google Home gebruikt, loont het dat je die eerder netjes hebt ingesteld.

Tik je op een slimme lamp in de Google Home-app, dan zie je de opties die geboden worden, bijvoorbeeld het aanpassen van de kleurtoon en de helderheid.

Slimme routines maken

Nu je weet hoe je apparaten direct bedient, laten we je zien dat je ook automatiseringen of routines kunt instellen, zodat combinaties van acties met één tik of automatisch worden uitgevoerd. Om dat voor elkaar te krijgen in de Google Home-app tik je onderaan op de knop Automatisering en kun je kiezen uit een aantal voorgestelde routines, zoals wat er gebeurt als je van huis weggaat, of juist aankomt. Het nadeel hiervan is dat je wel de locatie-instellingen op je telefoon moet aanzetten en je huisadres in Google Home moet instellen, maar we kunnen goed voorstellen dat je daar niet op zit te wachten, privacytechnisch gezien dan. Als je een nieuwe routine wilt maken, tik je rechtsboven op de knop Nieuw > Automatisering. Geef de automatisering eerst een naam, zodat deze alvast kan worden opgeslagen nog voordat je iets instelt. Een routine bestaat altijd uit drie delen: een starter, een voorwaarde (die is optioneel) en een actie. Een starter kun je het beste zien als een gebeurtenis, bijvoorbeeld: het is 20:00, er wordt een beweging gedetecteerd, of de temperatuur van de slimme thermostaat is lager dan 16 graden. Een starter kan ook een spraakopdracht zijn. Stel dat je een 'Alles uit'-routine wilt: je geeft de routine een naam, kiest als trigger bijvoorbeeld het spraakcommando "Ik ga weg" en voegt als acties toe dat alle lampen uit moeten, de thermostaat naar 17 graden gaat en de tv wordt uitgezet.

De opbouw van een routine in Google Home.

Lampen automatisch aanpassen

Voor een filmavond-scenario maak je een automatisering die handmatig start of op een spraakzin als "Filmavond": je selecteert dan bij Actie bewerken de lampen in de woonkamer en zet de helderheid naar bijvoorbeeld 20 procent, je zet eventueel gekleurde lampen op warm wit en schakelt een slimme stekker van de sfeerverlichting in. Heb je gordijnen met een slimme motor, dan voeg je toe dat die naar 100 procent dichtgaan. Tot slot wijs je de tv- of Chromecast-tegel toe om een bepaalde app te starten of in elk geval de tv in te schakelen. Omdat deze routines gebruikmaken van de apparaten en kamers die je eerder hebt ingericht, zie je direct hoe belangrijk een goede basisconfiguratie is.

De kleur en helderheid van de lampen kun je automatisch aanpassen bij het inschakelen van de tv.

Automatiseren op tijd, locatie en aanwezigheid

Nu je basisroutines hebt, ga je een stap verder door je huis zichzelf te laten aanpassen op tijd, locatie en aanwezigheid, zodat je smartphone meer regisseur dan bedieningspaneel wordt. In Automatisering kun je een routine laten starten op vaste tijden, bij zonsopkomst of zonsondergang of wanneer de toestand 'Thuis' of 'Afwezig' verandert. Stel bijvoorbeeld een ochtendroutine in die op werkdagen om 7:00 uur de thermostaat naar 20 graden zet, de gordijnen in de woonkamer op 50 procent opent en de keukenlampen op 60 procent helderheid inschakelt. In de avond kun je een routine laten starten rond zonsondergang, zodat de buitenlamp en de lamp bij de voordeur automatisch aangaan. Aanwezigheidsdetectie gaat nog een stap verder: Google Home kan via de locatie van je telefoon en sensors van bijvoorbeeld een Nest-thermostaat of Nest-speakers bepalen of er iemand thuis is. Wanneer iedereen weg is, kan de Afwezig-routine lampen uitzetten, de thermostaat terugschakelen en eventueel een robotstofzuiger starten. Je stelt dat in via de Instellingen in Google Home onder aanwezigheidsdetectie, waar je toestemming geeft voor gebruik van je telefoonlocatie en aangeeft welke apparaten mogen 'meekijken'.

Concrete scenario's

Nu je de algemene principes beheerst, richt je je op drie alledaagse toepassingen die samen veel comfort opleveren: licht, warmte en entertainment. Voor verlichting maak je in Google Home aparte scènes aan via Automatisering, zoals 'Thuiswerken' met helder wit licht op 80 procent in je werkkamer en 'Ontspannen' met warm licht op 30 procent in de woonkamer. Je roept ze op met "Hey Google, thuiswerken" of via een tegel in het bedieningspaneel. Voor verwarming stel je in de Google Home-app temperatuurschema's in voor je Nest-thermostaat, bijvoorbeeld overdag 20 graden en 's nachts 17 graden; voor warm water kun je eveneens schema's instellen, zodat de slimme boiler niet onnodig aanstaat. De routine 'We zijn weg' verlaagt de temperatuur en zet lampen uit. Voor tv-bediening koppel je je Chromecast of ingebouwde Chromecast-tv aan Google Home en wijs je die toe aan de kamer 'Woonkamer'. Daarna werkt "Hey Google, speel YouTube op tv woonkamer" of je tikt in de app op de tv-tegel om afspelen te pauzeren of te stoppen. Als je deze drie functies eenmaal soepel bedient, zie je hoe makkelijk het is om extra apparaten, zoals gordijnen of een slimme stekker voor je koffiezetapparaat, in bestaande routines in te passen.

Noodzakelijk onderhoud en uitbreiden

Nu je smartphone de centrale afstandsbediening van je slimme huis is, is het belangrijk dat je installatie veilig, overzichtelijk en toekomstbestendig blijft. Controleer regelmatig in Google Home onder Settings en Devices of er geen oude of dubbele apparaten meer staan, bijvoorbeeld een lamp die je hebt vervangen; verwijder ongebruikte apparaten, zodat routines niet breken en blijven hangen omdat een bepaald apparaat niet meer bestaat. Kijk af en toe ook kritisch naar machtigingen: in aanwezigheidsdetectie bepaal je expliciet welke apparaten en telefoons mogen meedoen aan 'Thuis' en 'Afwezig' en dus jouw locatie kunnen opvragen. Dat is misschien niet altijd gewenst. Koop je uitbreidingen, test die nieuwe apparaten eerst in een simpele routine, zoals een losse scène voor één kamer, voordat je ze in al je automatiseringen opneemt. Controleer daarnaast ook op updates: Google Home wordt bijvoorbeeld regelmatig bijgewerkt, zeker nu er ook steeds meer AI-functies worden toegevoegd. En ook je slimme apparatuur: vaak wordt er nieuwe firmware uitgebracht, maar die kun je niet vanuit Google Home updaten; dat moet doorgaans via het slimme apparaat zelf of de aangesloten hub. Tot slot kun je, mocht je later voor het Apple-ecosysteem kiezen, veel apparaten dankzij Matter eenvoudig ook aan Apple Home koppelen, al beheer je ze dan in een aparte app. Door regelmatig op te ruimen, updates te installeren en je routines te finetunen, blijft je slimme huis betrouwbaar en voelt je smartphone echt als een krachtige, maar toch overzichtelijke universele afstandsbediening.

Het updaten van de firmware van aangesloten apparaten gaat doorgaans via de app van de fabrikant zelf, niet via Google Home.
View post on TikTok