ID.nl logo
Ode aan orde: je immense fotocollectie beheer je zo
© tilialucida - stock.adobe.com
Huis

Ode aan orde: je immense fotocollectie beheer je zo

Smartphones en digitale camera’s hebben geleid tot een enorme toename in het aantal genomen foto’s. Het is inmiddels niet ongewoon om persoonlijke verzamelingen van tienduizenden foto’s te hebben. Maar hoe beheer je zulke omvangrijke collecties en hoe vind je snel de foto’s die je zoekt?

In dit artikel bieden we praktische tips en technieken om orde te scheppen in je fotocollectie:

  • Maak albums aan in Google Foto's
  • Zet lokaal een duidelijke mappenstructuur op
  • Zet met PhotoSift of PhotoMove 2 nieuwe foto's direct in de juiste lokale mappen
  • Beheer en bewerk de metadata met XnView MP
  • Of ga aan de slag met darktable, een complete fotobeheertool

Lees ook: Pixlr: een lichte online fotobewerker voor basisbewerkingen

Foto’s nemen is een prima manier om herinneringen vast te leggen, maar uitgebreide verzamelingen maken het vaak moeilijk om specifieke foto’s terug te vinden. In dit artikel bieden we praktische tips en technieken om orde te scheppen in je fotocollectie. We bespreken ook kort enkele diensten en apps die hierbij van pas kunnen komen. Een en ander zal natuurlijk ook afhangen van je persoonlijke voorkeuren. Zo werk je misschien graag met raw-foto’s en dan wil je tools die juist dit formaat ondersteunen, of je bewaart je foto’s om privacyredenen liever lokaal. In dit artikel proberen we in elk geval rekening te houden met de meest gangbare gebruiksscenario’s.

We beginnen met het scenario waarbij foto’s bij een clouddienst als Google Foto’s worden opgeslagen. Deze methode is erg populair omdat hier het fotobeheer grotendeels door Google wordt geautomatiseerd. Toch richten we ons voornamelijk op fotografie-enthousiastelingen die zélf de controle willen behouden over de opslag en het beheer van hun collecties, en clouddiensten hooguit zien als onderdeel van hun back-upstrategie.

1 Google Foto’s

Je kunt foto’s en video’s gemaakt met je smartphone automatisch laten uploaden naar Google Foto’s, zowel op Android als iOS. Installeer de Google Foto’s-app en log in met je Google-account. Tik rechtsboven in de app op je profielfoto, ga naar Instellingen voor foto’s, selecteer Back-up en activeer deze functie. Je ziet ook hoeveel opslagruimte Google Foto’s gebruikt van je totale Google Drive-opslag. Tik op Opslagruimte beheren of bezoek koop extra opslagruimte (100 GB voor 19,99 euro per jaar) via deze pagina.

Met opties als Grote foto’s en video’s en Wazige foto’s kun je eenvoudig ongewenste bestanden verwijderen. Om meer opslagruimte te besparen, vind je in de browser de optie Bestaande foto’s en video’s overzetten naar Opslagbesparing, waarbij foto’s die in originele kwaliteit zijn opgeslagen, worden gecomprimeerd naar lagere kwaliteit. Overweeg zorgvuldig of je dit wilt, aangezien het proces onomkeerbaar is.

Lees zeker ook: Weet wat je nog niet wist over Google Foto's

Google Foto’s biedt de mogelijkheid om snel grote foto’s en video’s en wazige foto’s te verwijderen.

2 Uploaden naar Google Foto’s

Je kunt ook foto’s van je digitale camera of pc naar Google Foto’s overbrengen. Ga naar www.photos.google.com, klik rechtsboven op Uploaden en selecteer Computer. Navigeer naar het gewenste station, kies de foto’s die je wilt uploaden en upload ze via Openen.

Voor automatische back-up van pc-foto’s naar Google Foto’s, download en installeer je Google Drive voor desktop (www.photos.google.com/apps). Klik rechts op het pictogram van de tool, kies het tandwielpictogram en ga naar Voorkeuren. Selecteer Mijn computer en voeg een map toe. Zet een vinkje bij Er wordt een back-up gemaakt in Google Foto’s en bevestig met Klaar. Je kunt kiezen tussen Oorspronkelijke kwaliteit of Opslagbesparing.

In het uitklapmenu bij Uploaden is er ook een optie Overzetten vanuit fotoverzamelingen, waarmee je foto’s van Facebook, Instagram en iCloud kunt back-uppen. Voor Facebook kan het bijvoorbeeld ook als volgt. Open je Facebook-account, ga naar Instellingen en kies Een kopie van je gegevens overzetten. Duid een profiel aan, selecteer Je foto’s en video’s evenals de bestemming, zoals Google Photos of andere diensten als Dropbox of Backblaze B2.

Je kunt foto’s vanuit je pc, maar bijvoorbeeld ook vanuit Facebook-albums naar Google Foto’s uploaden.

3 Automatisch indelen

Geüploade of geback-upte foto’s in Google Foto’s worden standaard chronologisch weergegeven, ingedeeld per maand of dag. In de webbrowser kun je via een tijdbalk snel door de tijd navigeren. Deze ordening is gebaseerd op de opnamedatum en -tijd in de exif-metadata van de foto’s. Bij ontbrekende exif-data wordt de datum van bestandscreatie of wijziging gebruikt. Zonder datumgegevens kan de foto op een willekeurige plek belanden. Met de opties Zoeken (mobiel) of Verkennen (webbrowser) kun je op diverse criteria sorteren.

Google Foto’s gebruikt geavanceerde algoritmen en machine learning voor het organiseren, waardoor je foto’s kunt indelen op basis van gezichtsherkenning, documenttypes (zoals Menu’s, Posters, Handschrift), objecten (zoals Wijn, Monumenten, Vlinders) en locatie. Sinds kort gebruikt Google Foto’s AI om gelijksoortige foto’s of screenshots en foto’s van documenten in ‘stapels’ te ordenen voor makkelijke toegang. Deze functie kun je naar wens in- of uitschakelen.

Slimme algoritmen geven Google Foto’s de mogelijkheid om foto’s in te delen volgens diverse (herkennings)criteria.

4 Foto’s zelf indelen

Gelukkig heb je als gebruiker ook enige controle over de organisatie van je foto’s. Zo kun je foto’s die je liever niet ziet maar ook niet wilt verwijderen, archiveren.

Voor een meer gepersonaliseerde organisatie kun je albums gebruiken. Open hiervoor de rubriek Albums (of eerst Bieb in de mobiele app) en kies Nieuw album of Album maken. Voer een albumtitel in en kies tussen Mensen en huisdieren selecteren of Foto’s selecteren. Bij de eerste optie gebruikt Google algoritmen om automatisch ook nieuwe foto’s van de geselecteerde personen of huisdieren toe te voegen. Bij de tweede optie bepaal je zelf de inhoud door specifieke foto’s te kiezen.

Foto’s kunnen ook uit albums verwijderd worden, en ook het delen van albums is eenvoudig – ontvangers hoeven hiervoor niet per se zelf een Google-account te hebben.

Foto’s in je eigen albums: handig om te tonen en te delen.

5 Tags en mappen

Bij lokale opslag van foto’s heb je meer controle, maar ook meer verantwoordelijkheid voor het beheer. Dit begint al met de manier waarop je foto’s opslaat.

Veel gebruikers bewaren al hun foto’s samen op één locatie (het zogeheten ‘piling’) en vertrouwen op slimme fotobeheertools om ze via tags in virtuele albums te organiseren voor een snelle en gerichte weergave. Deze methode is zeker een optie en we stellen later in dit artikel een paar van dergelijke tools voor, maar we adviseren toch om je foto’s ook ‘fysiek’ te ordenen (het zogeheten ‘filing’).

Dit betekent bijvoorbeeld foto’s een consistente, betekenisvolle naam geven en ze in een logische mappenstructuur plaatsen. Gebruik bijvoorbeeld mapnamen die het jaar van de foto’s aangeven, met submappen voor de maanden. Een handig naamgevingsschema voor fotobestanden is bijvoorbeeld locatie-gebeurtenis-nummer of jaar-maand-dag-gebeurtenis-nummer (zoals 2024-01-15-skireis-13.jpg). De onderdelen ‘jaar-maand’ kun je eventueel weglaten als dit al duidelijk is uit de mappenstructuur.

Een nadeel van deze methode is dat foto’s normaal gesproken dan slechts in één map staan – ook al zouden ze in meerdere mappen passen – tenzij je ze fysiek zou kopiëren. Anderzijds maakt deze methode het eenvoudiger om je collectie naar een ander apparaat over te zetten zonder afhankelijk te zijn van specifieke fotobeheersoftware voor een geordende weergave.

Ook je papierwerk ordenen?

Deze stickers kun je hergebruiken

6 Handige hulpmiddelen

Voor het snel indelen van nieuw geïmporteerde foto’s in gewenste mappen kunnen tools als PhotoMove en PhotoSift handig zijn.

Met de gratis versie van PhotoMove 2 kun je foto’s automatisch in een mappenstructuur \jaar\maand\dag plaatsen en eventueel ook nog \cameramodel, gebaseerd op de creatiedatum in de exif-metadata. De betaalde Pro-versie (circa 8 euro) biedt extra opties, zoals vermeld op de website.

Met het gratis, draagbare PhotoSift kun je foto’s snel een voor een naar de gewenste (sub)map verhuizen met een specifieke toetsaanslag. Zo kun je er bijvoorbeeld voor zorgen dat foto’s automatisch naar de submap \Barcelona gaan door op de B-toets te drukken.

Voor het hernoemen van fotobestanden in batch is ReNamer (gratis voor niet-commercieel gebruik) een nauwkeurige en snelle optie. Voeg bestanden toe en definieer hernoemregels, zoals Verwijderen, Vervangen, Serialiseren en Invoegen. Met deze laatste kun je zelfs bestanden hernoemen op basis van exif- en iptc-metatags van je foto’s. Gebruik Voorbeeld om de naamswijziging te bekijken en voer de batchoperatie ten slotte uit met Hernoemen.

Bestanden in batch hernoemen met Renamer, ook op basis van metadata.

7 Metatags

Ook als je je foto’s van zinvolle bestandsnamen hebt voorzien en ze overzichtelijk in mappen hebt geordend, moet je als fotografieliefhebber het belang van zogeheten metadata niet onderschatten. De meeste fotobeheertools maken namelijk via ‘tagging’ (het toevoegen van tags oftewel labels) intensief gebruik van zulke metadata om foto’s nauwkeuriger te definiëren en te organiseren.

In het kader ‘Metadata-frameworks’ lees je over de drie meest gangbare metadata-structuren voor fotobestanden: exif, iptc en xmp, maar helaas maken deze het beheer en de workflow tegelijk ook complexer. Het valt bijvoorbeeld niet uit te sluiten dat sommige metadata niet meegenomen worden bij het overstappen naar een andere beheertool, app of platform.

Om de metadata in een fotobestand te bekijken, kun je in eerste instantie Windows Verkenner gebruiken. Klik met de rechtermuisknop op een foto, selecteer Eigenschappen en open het tabblad Details. Hier zie je verschillende metadata, ingedeeld in secties als Beschrijving, Oorsprong, Afbeelding, Camera, Geavanceerde eigenschappen en GPS. De meeste van deze metadata kun je direct vanuit dit venster zelf aanpassen.

In Verkenner is er geen spoor van de achterliggende metadata-frameworks.

Metadata-frameworks Bij het maken van een foto met een digitale camera of smartphone wordt vaak informatie zoals datum, tijd, cameramerk en -model, belichtingstijd, en eventuele gps-coördinaten als exif-metadata (Exchangeable Image File Format) opgeslagen in het fotobestand. Helaas slaan niet alle fabrikanten deze metadata op dezelfde manier op.

Om ook gebruikers en apps in staat te stellen metadata toe te voegen, is het iptc-iim-framework ontworpen (International Press Telecommunication Council, gebaseerd op het Information Interchange Model), voor extra informatie zoals copyright, auteur en trefwoorden. Ook deze metadata worden helaas niet altijd uniform ingebed.

Adobe Systems ontwikkelde daarom een flexibel en uitbreidbaar formaat, xmp genoemd (Extensible Metadata Platform), dat verschillende soorten metadata kan bevatten, inclusief exif en iptc, wat het gebruik breder maakt. Xmp wordt steeds populairder, maar het is wel raadzaam om te controleren welke metatags behouden blijven in je fotobestanden bij het exporteren en opnieuw importeren, in afwachting dat de Metadata Working Group (MWG) tot eenduidige instructies komt voor het verwerken van deze metadata.

8 Metadata-beheer

Je zult waarschijnlijk een geavanceerde fotobeheertool gebruiken die het beheer van metadata vergemakkelijkt en deels automatiseert. Toch is het nuttig om zelf inzicht te krijgen in de metadata-structuren. Een goede gratis tool hiervoor is XnView MP. Na installatie en opstarten van de app, gebruik je de knop Bladeren om je fotomap te openen. Kies een foto, het liefst eentje waarvan je de tags via Verkenner hebt bekeken of gewijzigd. Activeer in Beeld / Infokader bij voorkeur alle opties. Je ziet in het onderste deelvenster nu verschillende tabbladen met informatie over de geselecteerde foto. Tags uit Verkenner vind je vooral terug in de exif- en xmp-frameworks.

Je kunt metadata hier niet direct wijzigen, maar wel via het menu Metadata, ook voor meerdere foto’s tegelijk. Naast de optie Schoon metadata op (waar je kiest welke metadata je wilt verwijderen uit exif, xmp en/of iptc-iim), GPS-gegevens bewerken en Tijdstempel wijzigen zijn er opties zoals Edit IPTC en Edit XMP. Deze geven toegang tot diverse tabbladen met informatietypes als Bijschrift, Categorieën, Datum/tijd, Beschrijving, Herkomst, die je haast allemaal kunt wijzigen (voer je aanpassingen door met Schrijven). Gebruik de knoppen Sjabloon opslaan en Sjabloon laden als je dezelfde tags op andere foto’s wilt toepassen.

Het is erg leerzaam om te zien hoe andere software, zoals Windows Verkenner of fotobeheertools, de metadata verwerken die je in XnView MP hebt gecreëerd of aangepast.

XnView laat je metadata op diverse niveaus creëren en wijzigen.

9 Fotobeheersoftware

We hebben het al gehad over fotobeheertools die deel uitmaken van ‘Digital Asset Management’-software. Deze tools helpen bij het organiseren van foto’s, vaak door slim het toevoegen van tags, en kunnen foto’s in virtuele albums plaatsen voor snelle toegang en weergave. Sommige tools bieden ook geavanceerde bewerkingsfuncties en flexibele export- en deelopties.

Een prima keuze is Adobe Lightroom, maar dat is niet goedkoop (na een gratis proefperiode, vanaf ongeveer 12 euro per maand). Voordeligere, maar minder krachtige alternatieven zijn ACDSee (vanaf ongeveer 60 euro) en Zoner Photo Studio X (ongeveer 60 euro per jaar).

Interessant: Foto’s bewerken met AI? Wij hebben 15 gratis presets voor je!

Geheel gratis is darktable, een opensource en semiprofessionele tool, beschikbaar voor Windows, macOS en Linux. Dit programma biedt een indrukwekkende functionaliteit voor zowel het beheer als de bewerking van foto’s. We geven je hier alleen een korte introductie van de beheermodule van versie 4.6. Een uitgebreide handleiding vind je in dit online pdf-bestand.

Of lees dit artikel voor een snelle start met darktable: Darktable: bewerk je foto's met hét gratis Lightroom-alternatief

Darktable is een indrukwekkende tool voor zowel het beheer als de bewerking van foto’s.

10 Metadata toevoegen

Installeer darktable en open het programma. Er is een Nederlandstalige interface beschikbaar, die je instelt via het tandwielpictogram onder General. Kies het tabblad bibliotheek (ontwikkelen is voor fotobewerking). Om foto’s te importeren, inclusief raw-formaten, klik je op importeren linksboven en kies je toevoegen aan bibliotheek (of kopieer en importeer als je de fotobestanden eerst wilt hernoemen).

Gebruik het plusknopje bij locaties om naar je fotomap(pen) te navigeren. Zet een vinkje bij onderliggende map om ook foto’s uit submappen toe te voegen en bevestig met voeg toe aan bibliotheek. Voor het instellen van metadata voor je gaat importeren, klik je op het tabblad bibliotheek op parameters linksboven, zet je een vinkje bij pas metadata toe en vul je deze in naar wens.

Na import zie je de metadata van een geselecteerde foto in het rechterdeelvenster bij metadata-editor, labelen en geotagging. Hier kun je metadata wijzigen en toevoegen. Belangrijk: darktable slaat metadata en fotobewerkingen standaard op in sidecar-bestanden met dezelfde naam als het fotobestand, maar met de extensie xmp. Dit maakt darktable een moderne (want xmp-gebaseerde) en non-destructieve fotobeheertool, aangezien de originele fotobestanden ongewijzigd blijven.

Wil je toch dat alle aangepaste tags of bewerkingen zich daadwerkelijk in de (xmp-metadata van) fotobestanden doorzetten, klik dan helemaal rechtsonder op export, stel de opties naar wens in en bevestig nogmaals met export. Elke degelijke foto-app hoort deze metadata netjes op te pikken.

Alle tags (en andere aanpassingen) belanden standaard in een non-destructief xmp-sidecarbestand.

11 Afbeeldingen filteren

Darktable toont standaard alle foto’s uit de geselecteerde map in het linkerdeelvenster, bij collecties. Door gebruik te maken van filters kun je echter specifieke foto’s weergeven. Klik op het pijlknopje net onder collecties om uit verschillende filters te kiezen, waaronder metadata zoals label, auteur, classificatie, camera, lens en beeldverhouding. Je kunt ook filters combineren. Stel je eerste filter in, klik dan op het pijlknopje naast je ingestelde filter en kies bijvoorbeeld afbeeldingen toevoegen of afbeeldingen uitsluiten voor een volgend filter. De inclusie- of exclusiefilters kun je wijzigen door op het knopje naast een filter te klikken en opties als wijzig in <en>, wijzig in <of>, of wijzig in <behalve> te selecteren. De resultaten van je filters zie je direct in de digitale lichtbak.

Bovenaan vind je opties om de weergave van je fotoselectie aan te passen. Je kunt hier kiezen uit zestien sorteringscriteria onder sorteer op. Met knoppen onderaan pas je zaken als de zoomfactor en de weergavemodus aan.

Met de juiste tags (metadata) en filters haal je er zo de gezochte foto’s uit.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer
© luismolinero
Huis

6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer

Als je alles uit je staafmixer wilt halen, moet je wel weten hoe je ermee om moet gaan. Met deze tips krijg je niet alleen de beste (lees: lekkerste) resultaten, maar gaat je staafmixer ook langer mee. Win-win! 

In het kort: Een staafmixer is in principe een heel simpel apparaat. Je zet hem aan en hij pureert de boel voor je. Maar let op: een staafmixer kan overbelast raken en sneller stukgaan als je hem niet op de juiste manier gebruikt. Ook kunnen je gerechten er minder lekker op worden. Wil je weten hoe je je staafmixer optimaal benut? Lees dan de tips in dit artikel.

Lees ook: Dit kun je allemaal (nog meer) met een staafmixer

Tip 1: Ingrediënten voorsnijden

Hoewel staafmixers erg krachtig kunnen zijn, hebben ze ook relatief kleine mesjes. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een blender kan het voor een staafmixer daarom lastig zijn om grote stukken goed en gelijkmatig te verpulveren. Je kunt je staafmixer dus een handje helpen door je ingrediënten van tevoren in kleinere stukken te snijden. Hiermee verklein je de kans op klonten of stukjes in je soep of saus én raken de messen minder snel overbelast. 

Tip 2: Let op het vermogen

Het is altijd belangrijk om rekening te houden met het vermogen van je staafmixer, want dat bepaalt welke ingrediënten het apparaat kan pureren. Het pureren van harde ingrediënten zoals noten of ongekookte groenten met een staafmixer met een laag vermogen gaat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Of het lukt wel, maar met een overbelaste motor tot gevolg. Voor harde ingrediënten is vaak een vermogen van minstens 600 watt nodig. Wil je vaak en veel gaan pureren, kies dan voor een vermogen van minstens 1000 watt. Maar let ook op het toerental, oftewel het aantal rotaties per minuut (RPM). Een staafmixer kan namelijk een laag vermogen hebben, maar wél een toerental van minstens 10.000 RPM. Dan is hij alsnog krachtig genoeg om harde ingrediënten te pureren. 

©Khaletski Siarhei | goffkein.pro

Tip 3: Niet te lang pureren

Lang achter elkaar pureren is funest voor de messen en de motor van een staafmixer. Beter is om in pulsen te pureren, waarbij je de motor tussen het pureren door steeds een paar seconden laat rusten. Vooral bij dikkere mengsels, zoals notenpasta, smoothies en dikke soepen, is dit belangrijk. Het is afhankelijk van het vermogen van een staafmixer hoe lang hij achter elkaar kan pureren. Vaak staat dit aangegeven bij de specificaties. Heb je geen idee? Pureer zachte ingrediënten dan niet langer dan 1,5 minuut en harde ingrediënten niet langer dan 45 seconden. Maakt je staafmixer een raar geluid of wordt hij erg warm, stop dan meteen met pureren. Dit zijn signalen dat het apparaat overbelast is. 

Tip 4: De juiste snelheid

De meeste staafmixers hebben meerdere snelheidsstanden en dat is niet zonder reden. Zo heb je voor het fijn pureren van dikkere mengsels en harde ingrediënten vaak een hogere snelheid nodig dan voor lichte bereidingen. En de turbostand kan handig zijn om harde ingrediënten kort maar krachtig te verpulveren of om een extra gladde soep te maken. Soms wil je een combi van snelheden gebruiken. Je begint bijvoorbeeld met een lage snelheid om spatten in de keuken te voorkomen en bouwt vervolgens geleidelijk op naar een hogere snelheid voor een glad resultaat. 

Tip 5: Ronddraaiende beweging

Beweeg je je staafmixer tijdens het pureren altijd gewoon op en neer? Op zich niks mis mee, want pureren doet het apparaat toch wel. Maar wil je zeker weten dat je geen plekken overslaat, maak dan tijdens het op en neer gaan óók een cirkelvormige beweging. Want op een mayonaise met klontjes zit natuurlijk niemand te wachten. 

©VI Studio

Tip 6: Schoonmaken

Een staafmixer neemt je veel werk uit handen, maar daar moet je wel iets voor terugdoen. Een staafmixer die niet goed schoongemaakt wordt, zal sneller vastlopen door aangekoekte etensresten. De motor moet dan tijdens het pureren harder werken en zal waarschijnlijk sneller overbelast raken. Daarnaast is een vieze staafmixer natuurlijk niet zo hygiënisch. Wil je geen bacteriën en nare geurtjes in je verse soep, maak je staafmixer dan na elk gebruik goed schoon. Dat kost je nauwelijks moeite: laat het apparaat even draaien in een maatbeker met warm water en wat afwasmiddel of doe hem, als dat kan, in de vaatwasser.

Nog meer doen met je staafmixer?

De beste accessoires, van gardes tot hakmolens

▼ Volgende artikel
Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates
Huis

Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates

Tijdens het persevent van Sony op het Europese hoofdkwartier in Weybrigde in het Verenigd Koninkrijk werden de nieuwe soundbars en tv's van 2025 aangekondigd. Het bedrijf zegt het misschien niet met zoveel woorden, maar de boodschap is duidelijk: minder frequente updates van alle modellen, en miniled blijft de technologie voor het topmodel.

 De 2023 A95L qd-oled-tv heeft twee jaar in het aanbod gestaan, ondanks het feit dat er vorig jaar wel degelijk een nieuw paneel beschikbaar was. In 2025 krijgt het model wel een update. De Bravia 8 II - te lezen als Bravia 8 Mark 2 - zal uitgerust zijn met het nieuwste (3e generatie) qd-oled-paneel van Samsung Display. Sony claimt dat dit paneel een 25% hogere piekhelderheid zal leveren ten opzichte van de A95L. Als we kijken naar wat Samsung Display (de panelfabrikant) claimde op CES, dan kan dit paneel tot 4.000 nits piekhelderheid leveren. We vermoeden dat Sony daar onder zal blijven, het merk is over het algemeen wat voorzichtiger en pusht zijn oled-panelen niet tot het uiterste op het gebied van piekhelderheid. Opmerkelijk genoeg vermeldde Sony expliciet dat de Bravia 8 II goedkoper zal zijn dan de A95L, maar concrete prijzen zijn er nog niet. De Bravia 8 II zal beschikbaar zijn in 55 en 65 inch.

©Eric Beeckmans | ID.nl

De Bravia 5 en Bravia 3

Verder naar onder in de line-up worden de Bravia 5 en Bravia 3 aangekondigd, ze vervangen respectievelijk de X90L en de X75WL. De Bravia 5 wordt uitgerust met de XR-processor (ook te vinden op de hogere modellen) en een XR Backlight Master Drive, een miniled-achtergrondverlichting die zes keer meer zones zal gebruiken dan de X90L. Hij zal beschikbaar zijn in 55, 65, 75,85, en 98 inch. De Bravia 3 is een instap 4K-model met direct led-achtergrondverlichting en de X1-processor. Dit model zal beschikbaar zijn in 43, 50, 55, 65, 75, en 85 inch. Beide modellen ondersteunen Dolby Vision en Dolby Atmos.

Demo's van nieuwe modellen

Sony toonde een aantal demonstraties van de nieuwe modellen, in vergelijking met een aantal concurrenten (dat waren uiteraard 2024-modellen). De Bravia 8 II stond opgesteld naast de voorganger de A95L, een Sony referentie studiomonitor, en een LG G4 en Samsung S95D. Zowel in Vivid Mode als de Filmmaker Mode (of vergelijkbaar want Sony gebruikt geen Filmmaker Mode) liet de Bravia 8 II een sterke indruk na. Zijn beelden leunen erg dicht tegen de studioreferentie aan. Kleuren in zeer heldere accenten zijn beter, en donkere gradaties worden nauwkeuriger weergegeven.

De Bravia 5 stond opgesteld naast een X85L (wat overigens een ietwat vreemde vergelijking is, want het toestel vervangt de X90L) en een Samsung QN85D. De XR Backlight Master Drive geeft de Sony flink wat extra helderheid en een duidelijke verbetering in contrast. Sony toonde ook een nieuwe techniek voor ruisonderdrukking bij oude bronnen (SD-content zoals Friends). Dat presteerde in sommige gevallen goed, maar liet in andere gevallen meer ruis zien. Mogelijk verfijnt Sony dit nog voordat het model op de markt komt. Het feit dat de testen in Vivid beeldmode gedaan werden, maakt de vergelijking ook moeilijk, vermits fabrikanten daar vaak veel vrijheid nemen.

Audioverwerking, beeldverwerking en Studio Calibrated

Op het gebied van beeldverwerking liet Sony dit keer geen belangrijke nieuwigheden zien. Ons oordeel over het nieuwe ruisonderdrukkingsalgoritme dat tijdens de Bravia 5 demo getoond werd, laten we nog even achterwege totdat we het zelf kunnen testen. De Bravia 3 heeft een nieuw algoritme voor beeldkwaliteit, maar dat werd alleen in Vivid-mode getoond en dat is een test waaruit weinig op te maken valt.  

©Eric Beeckmans | ID.nl

Sony benadrukte verder nog de aanwezigheid van Voice Zoom 3 op de Bravia 8 II en Bravia 5. Daarmee kan de processor nauwkeurig stem of dialogen isoleren van de rest van de audio. Zo kun je die selectief versterken (voor film kijken ’s avonds) of verzwakken (om de commentator bij sport wat stiller te maken).

De tagline van Sony, ‘Cinema is coming home', wil de fabrikant garanderen met een aantal Studio Calibrated beeldmodes: Netflix Adaptive Calibrated Mode, Prime Video Calibrated Mode en Sony Pictures Core Calibrated Mode. Die modi zijn specifiek in samenwerking met de respectievelijke streamingdienst opgezet. Voor alle andere content is er de ‘Professional’-beeldmode.

Tweejaarlijkse cyclus en miniled als toptechnologie

Net als vorig jaar heeft Sony alleen een deel van line-up vernieuwd. Dat is een aanpak die we toejuichen, want het maakt de verbeteringen die een nieuw model krijgt veel duidelijker. Sony kan daar eventueel nog wel van afwijken, bijvoorbeeld als een model het slecht doet in de markt. Maar we hopen dat dit voorbeeld navolging krijgt.

De 2024 Bravia 9 - een miniled-model - geldt nog steeds als het topmodel, ondanks de vernieuwde Bravia 8 II QD-OLED. Sterker nog, Sony kondigde voor volgend jaar een RGB-miniled technologie aan die duidelijk voorbestemd is om het nieuwe topmodel te worden.

Wat is een rgb-miniled achtergrondverlichting?

De achtergrondverlichting is het onderdeel van een lcd-tv dat licht produceert. Dat kunnen witte leds zijn, maar een moderne premium lcd-tv gebruikt doorgaans talloze minileds die blauw licht produceren, dat via een quantum dot-folie wordt omgezet naar wit licht. De leds worden onderverdeeld in zones die de processor individueel kan aansturen om het contrast te verbeteren. In donkere zones dimt hij het licht, in heldere zones kan hij de leds sterker aansturen. Om kleur te produceren wordt elke pixel met behulp van een kleurfilter opgedeeld in een rode, groene en blauwe subpixel.

©Sony

RGB-miniled technologie vervangt dit systeem door trio's van rode, groene en blauwe minileds te gebruiken die samen wit licht creëren, waardoor de quantum dot-laag overbodig wordt. Omdat er nog steeds veel minder leds dan pixels zijn, blijft het kleurenfilter nodig om per pixel de juiste kleuren te creëren. Net zoals bij een huidige miniled-tv worden de leds onderverdeeld in zones om het contrast te verbeteren.

©Sony

Maar deze technologie kan nog een stapje verder gaan. Als de processor detecteert dat er in een bepaalde zone enkel groen licht nodig, dan kan hij de rode en blauwe leds uitschakelen. Dat is alvast veel efficiënter dan het overbodige licht weg te filteren.

Wachten tot 2026 voor nog rijkere, helderdere kleuren

Sony claimt dat dit soort achtergrondverlichting een piekhelderheid van 4.000 nits en kleurbereik van 99 % P3 kan bereiken en 90% Rec.2020. Dat is een flinke upgrade ten opzichte van de beste tv’s die momenteel wel 4000 nits halen, maar eerder 95% P3 en 75% Rec.2020 leveren. Concreet kan een rgb-miniled veel helderdere kleuren tonen, die toch erg intens zijn.

©Sony

Daarnaast zijn ook meer nauwkeurige kleurgradaties mogelijk, en dat zowel in heel donkere als heel heldere tinten. Een aangezien meer en meer filmmakers vaak erg donkere scènes gebruiken, zou dat een welkome verbetering zijn. De technologie heeft nog twee extra voordelen. Ze is schaalbaar naar grote tv-maten. En een rgb-miniled tv zou ook een betere kijkhoek hebben, al liet Sony niet weten hoe dat gerealiseerd wordt. Sony zal een eerste model vermoedelijk in 2026 lanceren.

Ook bij audio een beperkt aantal nieuwe modellen

Net als bij de televisies worden ook de audioproducten niet meer elk jaar vernieuwd zo blijkt. Vorig jaar kreeg de top van het aanbod een make-over, dit jaar is de onderste helft aan de beurt. De Bravia Theatre Bar 6 is een 3.1.2 soundbar met subwoofer. De Bravia Theatre System 6 is een 5.1 soundbar met bijgeleverde surroundluidsprekers en subwoofer. Beide ondersteunen Dolby Atmos, DTS:X, Voice Zoom 3. We kregen een korte demo van de vernieuwde Bravia Bar 6, die een duidelijk vollere en stevigere klank produceerde dan de voorganger.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Daarnaast zijn er ook twee optionele accessoires. De Bravia Theatre Rear 8 bestaat uit één paar draadloze surroundluidsprekers die je kunt gebruiken om de Bar 6 uit te breiden. De Bravia Theatre Sub 7 is een compacte draadloze subwoofer van 100W.

Bekijk andere Sony-tv's op Kieskeurig.nl: