ID.nl logo
Foto's organiseren met DigiKam
© Reshift Digital
Huis

Foto's organiseren met DigiKam

De hoeveelheid foto’s op je computer groeit iedere week. Merk je dat het steeds meer moeite kost om het juiste kiekje of het gezochte filmpje terug te vinden? Het gratis programma digiKam helpt je foto's organiseren en tegelijk heeft het tal van bewerkingsmogelijkheden om je foto’s meer uitstraling te geven.

Bij velen zijn foto’s verspreid over diverse mappen. Soms zijn ze georganiseerd per jaar, dan weer per persoon of gelegenheid. En als er op je computer een fotomap bestaat met de naam Allerlei, dan is het de hoogste tijd om dit artikel met schaamrood op de kaken te lezen.

Voordat het echt een zootje wordt, stel je orde op zaken met een behoorlijk fotobeheerprogramma. Er zijn nogal wat fotomanagers waarvoor je de creditkaart moet trekken, maar digiKam is gratis. En dan hebben we het niet over een instapversie waarbij je later kunt upgraden naar een meer geavanceerde uitvoering, maar echt gratis.

DigiKam is opensource en wordt regelmatig geüpdatet. Met dit programma kun je enorme bibliotheken beheren, zelfs fotobanken van meer dan 100.000 afbeeldingen. Het programma is beschikbaar in het Nederlands en er is een versie voor Windows, macOS en Linux.

Lees ook:Zo verwijder je automatisch dubbele foto's

Installeren

Op de homepage www.digikam.org kies je de installer voor je systeem. Daarna selecteer je een server op een kaartje om software binnen te halen. Er is trouwens een snelle server in Nederland. In dit geval installeren we digiKam 7.6 64 bit. In de installatiewizard klik je snel door enkele schermpjes om akkoord te gaan met de voorwaarden. 

Wanneer de installatie is afgerond, open je het programma. Je zult merken dat digiKam je systeemtaal (Nederlands) heeft overgenomen.

©PXimport

Configureren

Daarna helpt de assistent je om de applicatie te configureren. Je kunt de configuratie later in het programma steeds wijzigen via het menu Instellingen. Eerst duid je aan waar je de afbeeldingen wilt opslaan. Het programma zal de map Afbeeldingen voorstellen. De software maakt drie databases aan: een voor verzamelingen, een voor gecomprimeerde miniaturen en een voor informatie over gezichtsherkenning. Hou het gerust bij het voorgestelde type: SQLite.

In de volgende stap kun je aangeven of het programma informatie mag toevoegen aan de metagegevens van de foto’s. Daarna bepaal je hoe de afbeeldingen worden weergegeven in de voorbeeldmodus. Selecteer daar dat je de gereduceerde versie wilt zien, dat werkt het snelst.

Vervolgens moet je kiezen hoe afbeeldingen worden geopend als je met links op de miniatuurweergave klikt. Je hebt de keuze tussen Open een voorbeeld — dat is onze voorkeur — of Openen in de bewerker. Ten slotte vraagt de assistent of je tekstballonnen wilt zien wanneer je de muisaanwijzer boven een item houdt. Ook dat sta je het best toe.

©PXimport

Foto’s in albums plaatsen

De eerste keer dat je het programma opent, zitten er uiteraard nog geen afbeeldingen in de bibliotheek. In het menu Importeren merk je al de veelzijdigheid van digiKam. Uiteraard vind je hier de opties om afbeeldingen uit bepaalde mappen toe te voegen, maar je kunt ook foto’s rechtstreeks downloaden van Google Foto’s of kopiëren van een usb-opslagapparaat of een geheugenkaart. Het is zelfs mogelijk om de scanner rechtstreeks aan te spreken.

Wanneer je een bron hebt gekozen, vraagt de software in welk album van digiKam je de afbeeldingen wilt plaatsen. Je krijgt een overzicht van de bestaande albums en je kunt een nieuw album aanmaken. Je geeft het album een naam, je duidt aan bij welke categorie dit album hoort (diverse, natuur, party, reizen enzovoort). Daarna selecteer je een datum die bij het nieuwe album hoort.

Vervolgens geef je aan welke map en bestanden je wilt binnenhalen. Als je met de muisaanwijzer over een miniatuur gaat, kun je in de linkerbovenhoek van het miniatuur aangeven of je het bewuste bestand wilt selecteren of deselecteren. Je kunt ook gewoon alles downloaden. Wil je selectiever te werk gaan, dan is het mogelijk om alleen de raw-bestanden, uitsluitend jpg/tiff-bestanden of alleen videobestanden binnen te halen.

©PXimport

Miniaturen en voorbeelden

De geïmporteerde albums behouden de oorspronkelijke mappenstructuur. Als je bijvoorbeeld de map Foto’s importeert, vind je alle submappen terug in de linkerkolom bij de albums. Wanneer je in de linkerkolom een map aanklikt, verschijnt de inhoud op het centrale werkvlak.

Onder elk miniatuur lees je de bestandsindelingen van de beeldbestanden. Bij sommige staat ARW, dan weten we dat het om raw-bestanden gaat. Bij filmpjes staat bijvoorbeeld MP4. Inderdaad, ook video’s kun je met dit programma beheren. Bij foto’s lees je onderaan JPG, PNG of TIF. Wanneer je op een miniatuur klikt, is het mogelijk een sterwaardering van één tot en met vijf toe te kennen. Tegelijk kun je de foto roteren.

Dubbelklik je op een miniatuur, dan kom je in de voorbeeldmodus en verschijnt de rest van de miniaturen uit dit album in een band boven de foto. Door middel van pijltjes kun je door de afbeeldingen bladeren.

©PXimport

Kaart, tabel, diashow

We gaan naar de knoppenbalk bovenaan. Klik je op Map, dan toont digiKam een kaart die aangeeft waar alle foto’s van het geselecteerde album werden genomen. De foto’s moeten dan wel locatiegegevens bevatten. Links onder de kaart staat een knop met een wereldbol. Hiermee schakel je tussen verschillende kaarttypes. Hier kun je ook aangeven dat je enkel miniaturen op de kaart wilt zien, of ook nummers die het aantal foto’s weergeven die bij deze locatie horen.

Vaak beschik je over foto’s die geen locatiegegevens bevatten. Geen nood, je kunt die informatie ook later toevoegen met digiKam. Selecteer de miniaturen van foto’s die op dezelfde plaats werden genomen. Door de Ctrl-toets ingedrukt te houden, kun je meerdere foto’s tegelijk selecteren. Ga vervolgens naar het menu Items / Bewerken van geolocatie

Je krijgt dan het lijstje van de geselecteerde foto’s en een kaart te zien. Aan de rechterzijkant van dit deelvenster gebruik je het tabblad Zoeken en daar typ je de naam in van de locatie. De locatiezoeker zal een pin plaatsen op de kaart en deze informatie toevoegen aan de metagegevens van de geselecteerde foto’s.

Via de knoppenbalk kun je de inhoud van een album ook als Tabel bekijken. Dan zie je de datum en tijd waarop de foto’s en video’s werden gemaakt. Met de knop daarnaast produceert digiKam een Diashow van het album. Via het pijltje dat naar beneden wijst, beslis je om alle afbeeldingen van de map af te spelen of slechts een bepaalde selectie of een submap.

De laatste knop gebruik je om de geselecteerde foto schermvullend weer te geven.

Tip: Bestel de Cursusbundel Smartphonefotografie om voortaan nog knappere kiekjes te schieten!

©PXimport

Tagging

In de linkerbalk zie je diverse tabbladen. Met de bovenste tab ga je naar de albums. Daaronder staat het tabblad Tags, daarmee open je de tabbeheerder. Tags zijn onmisbaar als je in een enorme fotobibliotheek snel bepaalde afbeeldingen wilt terugvinden. Tags in de fotocollectie werken hetzelfde als hashtags op internet. Dankzij tags vind je alle afbeeldingen met dezelfde kernwoorden voor locaties, namen van mensen en gebeurtenissen.

Door met rechts op een miniatuur te klikken, kom je bij de opdracht Tag toewijzen. Sneller is het om met de Ctrl-toets ingedrukt een reeks bestanden te selecteren, zodat je die samen in één keer dezelfde tag kunt geven. Je kunt een eerder gebruikte tag selecteren of een nieuwe tag plaatsen. Ook is het mogelijk een tag-hiërarchie te gebruiken zoals Citytrips/Parijs/Eiffeltoren.

Om het visueel nog duidelijker maken, kun je tags herkenbaar maken met pictogrammen. Daarnaast kun je een sneltoets aan veelgebruikte tags koppelen.

©PXimport

Labels

De termen tags en labels worden vaak door elkaar gebruikt. Bij digiKam betekenen ze verschillende dingen. Tags zijn herkenwoorden die zoekopdrachten gemakkelijker maken. Labels zijn sterren, vlaggen of kleuren die categorieën aanduiden. Door in het tabblad Labels op vijf sterren te klikken, breng je alle topfoto’s in beeld die je voorzien hebt van het maximale aantal sterren. 

DigiKam heeft vier verschillende vlaggetjes die bijvoorbeeld aangeven of een foto in behandeling of geaccepteerd is. In het tabblad Labels zie je dus welke foto’s een bepaald vlaggetje, kleur of sterwaardering hebben gekregen.

Datums en tijdlijn

Een tabblad dat vaak van pas komt, is Datums. Hier verschijnen de jaren waarin je foto’s en video’s hebt opgenomen. Ieder jaar kun je openklikken in maanden om zo de mediabestanden chronologisch te bekijken. En onderaan kun je zelfs een dag in een kalendertje selecteren.

Onder dit tabblad zit het tabblad Tijdlijn, waar je per tijdseenheid (jaar, maand, week, dag) ziet hoeveel foto’s je hebt genomen. In het tabblad Zoek noteer je de tags of het tijdstip waarmee je de fotobank wilt doorzoeken. Iedere zoekopdracht kun je trouwens opslaan om later nog eens te gebruiken.

©PXimport

Sneltoetsen

Sneltoetsen zorgen dat je nog vlotter met dit programma werkt. Al deze sneltoetsen kun je zelf nog aanpassen in de instellingen.

T: open het tabblad Tags
Ctrl+selectie slepen: gezichtsherkenning

Ctrl+D: dubbels zoeken

Ctrl+Shift+D: tijd en datum aanpassen

Ctrl+0 ... Ctrl+5: sterwaardering toevoegen
Alt+0 ... Alt+3: kleur van vlaggetje aanpassen
Ctrl+Alt+0 ... Ctrl+Alt+9: kleurlabel plaatsen
Alt+Shift+T: titel van afbeelding bewerken
Ctrl+Shift+G: locatie bewerken
Ctrl+Shift+M: metagegevens bewerken

Alt+Shift+C: commentaar bewerken

Gezichtsherkenning

In digiKam werken ook AI-algoritmen voor automatische gezichts-tagging. Je moet die gezichtsherkenning een beetje op weg helpen door eerst zelf enkele mensen met naam te noemen. Hoe meer je deze gezichtsherkenning helpt, hoe efficiënter die wordt.

Houd je de Ctrl-toets ingedrukt en sleep je een selectievak rond een gezicht, dan vraagt digiKam je een naam in te voeren. Je kunt in de modus Voorbeeld ook het pictogram met het poppetje gebruiken: Een gezichtstag toevoegen. Wanneer er meerdere mensen op een foto staan en je al enkele personen hebt getagd, dan kun je de knop ernaast gebruiken: Gezichtstags tonen.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.