ID.nl logo
Draai Linux-programma’s in Windows met WSL
© Reshift Digital
Huis

Draai Linux-programma’s in Windows met WSL

Sinds 2016 heeft Microsoft in zijn besturingssysteem de mogelijkheid opgenomen om Linux-programma’s in Windows te draaien, het Windows-subsysteem voor Linux (WSL). Hoe je daarmee start, leggen we hier uit.

Het Windows-subsysteem voor Linux (WSL) is een compatibiliteitslaag van Microsoft waarmee Linux-programma’s onder Windows gedraaid kunnen worden. In de eerste versie, die in 2016 uitkwam, ging het nog over een Linux-compatibele kernelinterface die geen enkele regel Linux-code bevatte.

WSL implementeerde dus systeemaanroepen van de Linux-kernel en zette die om naar de corresponderende Windows-aanroepen. Daardoor dachten Linux-programma’s dat ze op de Linux-kernel draaiden, maar eigenlijk draaiden ze op een compatibiliteitslaag boven op Windows. WSL was in het begin vooral onder andere namen bekend, zoals Ubuntu op Windows en Bash op Windows, omdat de standaard Linux-distributie van WSL een in samenwerking met Canonical gecreëerd Ubuntu-systeem was en je als gebruiker vooral in aanraking komt met de Linux-shell Bash.

Het was een huzarenstukje, maar toch was het onvoldoende: Microsoft had niet alle Linux-systeemaanroepen geïmplementeerd, waardoor diverse programma’s niet op WSL werkten. Bovendien waren de prestaties door de aanpak om systeemaanroepen te vertalen niet zo goed.

De ontwikkelaars van Microsoft gingen daarom weer naar de tekentafel en kwamen terug met een volledig nieuw ontwerp. WSL 2 is sinds juni 2019 beschikbaar voor Windows 10-gebruikers in het Windows Insider-programma en later dit jaar voor iedereen. Het draait een volledige Linux-kernel in een lichtgewicht virtuele machine onder Hyper-V. Dat lost heel wat problemen met compatibiliteit en prestaties op.

Waarom Linux-programma’s in Windows?

Microsoft richt zich met WSL vooral op softwareontwikkelaars, en dan in het bijzonder webontwikkelaars. De overgrote meerderheid daarvan werkt immers met opensource-projecten die op Linux draaien. Als webontwikkelaar had je vroeger twee keuzes. Ofwel je draaide Linux als desktopbesturingssysteem, maar dat is niet voor iedereen een optie. Ofwel draaide je Windows met je Linux-software in een virtuele machine, wat veel processorkracht vraagt en niet zo goed geïntegreerd is met Windows.

Met WSL wilde Microsoft tegemoetkomen aan de grote groep ontwikkelaars die Windows als zijn desktopbesturingssysteem wil blijven gebruiken, maar op een handige manier toegang tot zijn ontwikkelingsomgeving wil hebben. WSL is dan ook niet bedoeld om desktopsoftware zoals de Linux-versie van Firefox of Gimp te draaien, alhoewel dat zeker mogelijk is. Het gaat eerder om serversoftware zoals Apache en Nginx, en frameworks zoals Ruby on Rails.

WSL installeren

Open in het configuratiescherm het onderdeel Windows-onderdelen in- of uitschakelen en scrol helemaal naar onderen. Vink daar Windows-subsysteem voor Linux aan en klik op OK om het onderdeel te installeren. Herstart daarna je pc.

Met het subsysteem alleen ben je er nog niet: je moet een Linux-distributie downloaden om op WSL te draaien. Die vind je gewoon in de Microsoft Store. Zoek op ‘linux’ en klik op een van de distributies. Als voorbeeld installeren we Ubuntu 18.04 LTS, omdat dit een populaire Linux-distributie bij ontwikkelaars is en je hierop vijf jaar ondersteuning krijgt. Klik op Downloaden om de installatie te starten. Dat kan wel even duren, want in het geval van Ubuntu 18.04 LTS gaat het om 220 MB.

Ubuntu 18.04 LTS is niet de enige Linux-distributie die je in Windows kunt draaien. Het oudere Ubuntu 16.04 LTS is er ook nog, ondersteund tot april 2021. Ook Debian, SUSE Linux Enterprise Server, openSUSE Leap, Alpine Linux, Fedora Remix en Pengwin zijn van de partij. Verder vind je er ook nog gespecialiseerde distro’s zoals Kali Linux voor pentesters. Let op: niet al deze distributies zijn gratis! Tenzij je specifieke redenen hebt om een andere distributie te gebruiken, houd je het best bij Ubuntu 18.04 LTS. Ubuntu was immers de eerste distro die op WSL verscheen en is dan ook het meest door Microsoft getest.

©PXimport

©PXimport

Na de installatie kun je Ubuntu opstarten door in de Windows Store op Starten te klikken of door in het startmenu op het icoontje van Ubuntu te klikken. De eerste keer duurt het opstarten enkele minuten omdat de gedownloade bestanden nu pas uitgepakt worden in het virtuele bestandssysteem van Ubuntu. De volgende keren is Ubuntu in enkele seconden opgestart.

Hierna krijg je de vraag om een gebruikersnaam te kiezen. Je werkt nu immers in een ander besturingssysteem en niet met je Windows-account. Je hoeft dan ook niet dezelfde gebruikersnaam te kiezen. In Linux zijn gebruikersnamen overigens altijd volledig in kleine letters en zonder spaties. Kies bijvoorbeeld je voornaam in kleine letters. Daarna vul je ook een wachtwoord in en herhaal je dat.

Controleren of het gelukt is

Je krijgt nu een Linux-opdrachtprompt te zien. Controleer maar eens of je echt Linux draait door uname -a in te voeren.

Het programma uname geeft met de optie -a eerst de naam van de kernel weer (hier Linux), dan de hostnaam, dan de kernelversie (hier 4.4.0-18362-Microsoft) en helemaal op het einde het besturingssysteem (hier GNU/Linux). Op alle gebieden lijkt het dus alsof we hier met een Linux-distributie te maken hebben, op het vreemde achtervoegsel aan de kernelversie na. Daarin staat het buildnummer van je Windows-distributie en natuurlijk de naam Microsoft.

Met het distributieonafhankelijke programma lsb_release verifiëren we eenvoudig dat we Ubuntu draaien: lsb_release -a.

©PXimport

Je bent nu ingelogd als de gebruiker die je tijdens de installatie van Ubuntu aangemaakt hebt. Elke keer dat je nu Ubuntu opstart, logt Windows je automatisch als deze gebruiker in. Daarvoor wordt je wachtwoord niet gevraagd. Je gebruiker behoort tot de groep sudo en kan dus ook beheertaken uitvoeren door opdrachten te beginnen met sudo. In dat geval wordt er wel naar je wachtwoord gevraagd. Vergeet het dus niet.

Het eerste wat je moet doen, is je distributie updaten. Windows doet dat niet voor je: de distributies die je met WSL draait, staan volledig los van Windows en dien je zelf te updaten. Werk dus de pakketbronnen bij en upgrade alle geïnstalleerde pakketten naar de nieuwste beschikbare versie met de opdrachten:

sudo apt update
sudo apt upgrade

Daarna kun je willekeurige programma’s installeren met:

sudo apt install pakketnaam

Weet je niet zeker onder welke pakketnaam een programma of softwarebibliotheek beschikbaar is, gebruik dan de zoekfunctie van apt:

apt search zoekterm

Server draaien

Om te tonen hoe je een server in je Ubuntu draait, starten we de ingebouwde webserver van Python op:

python3 -m http.server

Windows Defender geeft nu een waarschuwing. Sta de toegang van Python tot het netwerk toe. Als je nu in je browser naar het adres http://localhost:8000 gaat, krijg je de inhoud van de directory te zien die de webserver van Python deelt, dus de directory waarin je bovenstaande Python-opdracht opgestart hebt. Dat werkt ook als je op een andere computer in je thuisnetwerk naar http://IP:8000 gaat, waarbij IP het ip-adres van de Windows-computer is war WSL op draait.

Hetzelfde geldt als je bijvoorbeeld de webserver Apache, Nginx of lighttpd installeert en opstart in Ubuntu. Vergeet dan niet poort 80 in de geavanceerde instellingen van Windows Defender toe te staan.

De netwerktoegang werkt ook in de andere richting: je Ubuntu-systeem gebruikt gewoon de dns-server die in Windows ingesteld is en kan alle computers in je thuisnetwerk bereiken onder hun ip-adres en hostnaam. Dit is dus een eenvoudige manier om Linux-diensten uit te proberen of tijdens de ontwikkeling van een project tijdelijk te draaien.

Bestanden uitwisselen

Een andere manier waarop Microsoft Linux met Windows geïntegreerd heeft, is via de bestandssystemen. Als je onder Linux met het commando mount de aangekoppelde bestandssystemen bekijkt, zie je dat onmiddellijk. In de uitvoer zie je dat de C:-schijf van Windows op de directory /mnt/c aangekoppeld is, de D:-schijf onder /mnt/d enzovoort. Je hebt in Linux dus gewoon toegang tot al je Windows-bestanden. Dat is ideaal als je bijvoorbeeld ontwikkelaar bent en in Windows in Visual Studio je broncode bewerkt in een project in C:\dev\mijnproject. In Linux heb je dan toegang tot dezelfde code via /mnt/c/dev/mijnproject om ze bijvoorbeeld in een testomgeving uit te rollen.

Lange tijd was de andere richting niet ondersteund: in Windows volwaardige toegang krijgen tot het Linux-bestandssysteem. Sinds Windows 10 versie 1903 (de update van mei 2019) kan het wel. Zorg dat je in je distributie ingelogd bent en typ de volgende opdracht:

explorer.exe .

Je krijgt nu in Verkenner de huidige directory te zien waarin je in Ubuntu bezig was. Je kunt nu gewoon bestanden verslepen, kopiëren, hernoemen en alle bewerkingen in het contextmenu op de bestanden uitvoeren.

©PXimport

Windows-programma’s in Linux en andersom

De oplettende lezer heeft zeker opgemerkt dat we hierboven een Windows-programma, explorer.exe, uitgevoerd hebben in Linux. Hoe is dat mogelijk? Een snelle blik op de omgevingsvariabele $PATH maakt dat duidelijk:

echo $PATH | tr : "\n"

In deze variabele staan de directory’s die de Linux-shell raadpleegt als je een programmanaam intypt. De eerste paden zijn niet ongewoon: /usr/local/sbin, /usr/local/bin enzovoort, maar dan zien we een heleboel paden onder /mnt/c, zoals /mnt/c/WINDOWS/system32. En kijk eens waar dat programma explorer.exe staat met de opdracht:

which explorer.exe

Ja hoor, in /mnt/c/WINDOWS/explorer.exe. Microsoft integreert op deze manier dus alle Windows-programma’s in je Linux-systeem. Je kunt dus gewoon in je Linux-shell de opdracht notepad.exe .vimrc uitvoeren, waarna het Windows-programma Notepad opgestart wordt en je er het tekstbestand in je Linux-systeem mee zou kunnen bewerken als je dat niet graag in vim of nano doet. We raden dit overigens niet echt aan, omdat Linux en Windows nog altijd andere regeluiteinden in tekstbestanden gebruiken: LF versus CRLF.

Deze integratie tussen programma’s werkt ook in de andere richting. Als je een Opdrachtprompt in Windows geopend hebt, kun je met de volgende opdracht je Linux-distributie opstarten: wsl. Je distro verlaten doe je met: exit. Overigens sluit je zo de terminalsessie, maar de distro blijft op de achtergrond wel draaien.

Als je meerdere distro’s voor WSL geïnstalleerd hebt, kun je ze opvragen met: wsl -l. En je start een specifieke distro op met: wsl -d distronaam. Je kunt nu ook rechtstreeks vanuit de Opdrachtprompt van Windows een specifiek programma in je Linux-distro opstarten: wsl top.

Tot slot

Bekijk ook zeker Microsofts documentatie over het configuratiebestand van WSL. In elke distributie kun je namelijk in het bestand /etc/wsl.conf functionaliteit van WSL in- of uitschakelen. Dit bestand heeft de vorm van een .ini-bestand, waarmee je bijvoorbeeld de directory instelt waaronder je Windows-schijven aangekoppeld worden, of die schijven automatisch aangekoppeld worden of niet, en of het opstarten van Windows-programma’s vanuit je distributie mogelijk is.

Wil je WSL nog finetunen, kijk dan eens naar de uitvoer van wsl --help. Zo kun je een distributie als je standaarddistributie instellen, een distributie met een andere dan de standaard aangemaakte gebruiker opstarten enzovoort. Gebruik je liever een grafische interface, dan is er ook WSL-DistroManager.

Op de wiki van Ubuntu vind je ook meer uitleg over een betere integratie met Windows. Zo kun je met wat tweaks ook grafische programma’s in je distributie draaien en zelfs audio inschakelen. Daarvoor dien je op Windows een X-server en PulseAudio-server te draaien. Je vindt er ook links naar nieuwere Ubuntu-versies.

Canonical installeert in zijn Ubuntu-distributie voor WSL ook het pakket ubuntu-wsl, dat enkele handige programma’s bevat voor meer integratie met Windows. Zo kun je met wslusc een snelkoppeling op je Windows-bureaublad creëren, met wslsys vraag je systeeminformatie over je Windows- of Linux-installatie op en met wslview open je een url in de standaardbrowser van Windows. Deze tools maken het werken met WSL net iets handiger.

▼ Volgende artikel
Productiever met de muis: zo werk je een stuk efficiënter
© tippapatt | stock.adobe.com
Huis

Productiever met de muis: zo werk je een stuk efficiënter

Efficiënt werken draait niet alleen om software. Soms zit de grootste winst in iets eenvoudigs, zoals hoe je de muis gebruikt. De Windows-muis zit vol slimme functies die de meeste gebruikers nooit opmerken: automatisch scrollen, vensters in lay-outs plaatsen, snel bestanden selecteren, acties aan muisknoppen koppelen…

 De middelste muisklik (scrollwieltje-klik) is een onderschatte snelkoppeling. Klik met het scrollwieltje op een app die vastgemaakt is aan de taakbalk en er wordt meteen een nieuw venster van die app geopend. Handig als bijvoorbeeld Word al actief is en je snel een tweede leeg document wilt openen. Ook in Windows Verkenner werkt dit trucje. Klik met het scrollwieltje op een map en hij opent in een nieuw tabblad. Een tabblad sluiten gaat al even eenvoudig. Klik met het scrollwieltje op het tabblad van Verkenner of de webbrowser en het verdwijnt meteen. Kortom, de scrollwieltje-klik is de snelste manier om tabbladen te openen en te sluiten.

Je kunt met rechtsklikken een map in een nieuw tabblad openen, maar nog sneller gaat het met de scrollwieltje-klik.

Automatisch scrollen

Wist je dat je helemaal niet hoeft te blijven draaien aan het scrollwieltje om door lange webpagina’s of documenten te gaan? Klik ergens op de pagina met het scrollwieltje (middelste muisknop). Er verschijnt een rond pictogram bij de cursor: automatisch scrollen is actief . Beweeg nu de muis lichtjes omhoog of omlaag. De pagina begint automatisch te scrollen. Hoe verder je de cursor van het pictogram af beweegt, hoe sneller de pagina scrollt. Breng je de cursor terug naar het midden, dan vertraagt het scrollen of stopt het helemaal. Ideaal voor lange artikelen, pdf’s of Word-documenten. Als je klaar bent, klik je nogmaals op het scrollwieltje om automatisch scrollen uit te schakelen.

De nieuwe cursor geeft aan dat je automatisch horizontaal en verticaal kunt scrollen.
Muisknoppen aanpassen met XMBC

Heb je jezelf een high-end muis cadeau gedaan, dan krijg je daar meestal bijbehorende software bij waarmee je knoppen en snelkoppelingen kunt configureren. Daarmee kun je de productiviteit van de muis enorm verhogen. Maar ook met een gewone muis kun je verrassend veel aanpassen dankzij X-Mouse Button Control (XMBC, www.kwikr.nl/xmbc). De freewaretool werkt met profielen per programma, zodat je de standaard muisbediening niet verandert. X-Mouse Button Control is een klein maar bijzonder krachtig Windows-programma waarmee je muisknoppen kunt herprogrammeren. Vooral handig voor wie veel aan de pc werkt, games speelt of specifieke software gebruikt met terugkerende handelingen. Enkele voorbeelden van wat je met XMBC kunt doen: een muisklik instellen om met één handeling tekst te kopiëren of plakken; extra muisknoppen simuleren (ideaal voor gamers die geen duimknoppen hebben); een schermafdruk maken via een muisknop; of meteen een screenshot-tool zoals het Knipprogramma starten. De tool is gratis en reclamevrij. Enig minpunt: de interface oogt wat technisch en kan beginners even afschrikken.

Met XMBC kun je toepassingen koppelen aan muisknoppen.

Snap Layouts

In Windows 11 kun je vensters moeiteloos in een vaste indeling op het scherm plaatsen dankzij Snap Layouts. De officiële Nederlandstalige term is Uitgelijnde vensters, maar vrijwel iedereen spreekt van Snap Layouts. In plaats van zelf vensters te verslepen en te schalen, kies je een voorgedefinieerde lay-out: twee vensters naast elkaar, drie of vier vensters in een raster, een asymmetrische verdeling, zoals 1/3 + 2/3 van het scherm. Open een venster dat je wilt plaatsen. Beweeg de muisaanwijzer boven de knop Maximaliseren. Er verschijnt een menu met verschillende lay-outs. Je kunt ook de toetscombinatie Windows-toets+Z gebruiken. Klik op een lay-outzone en het venster wordt daar automatisch in geplaatst. Windows toont vervolgens de andere open vensters. Klik om de resterende zones te vullen. Extra handig is ook de volgende methode. Sleep een venster langzaam naar het midden bovenaan het scherm. Hierdoor verschijnt een raster met alle beschikbare lay-outs. Laat los om het venster vast te klikken. Het is mogelijk om de instellingen aan te passen via Instellingen / Systeem / Multitasking en dan kies je Uitgelijnde vensters. Hier kun je onder andere bepalen of Windows suggesties toont voor het vullen van de andere zones.

Selecteer hoe je de vensters wilt uitlijnen.

Horizontaal scrollen

Werk je in een grote spreadsheet, bewerk je een brede afbeelding of wil je in een video-editor door de tijdlijn bewegen? Dan hoef je niet te mikken op de kleine schuifbalk onderaan het scherm, je kunt ook horizontaal scrollen met het scrollwieltje. Om horizontaal te scrollen met een muis en het scrollwieltje, houd de Shift-toets ingedrukt en scrol daarna omhoog of omlaag met het scrollwieltje. In sommige programma’s, zoals Microsoft Excel, is de sneltoets Ctrl+Shift in combinatie met het scrollwieltje. Scrol je naar beneden, dan verschuift de inhoud van links naar rechts. Scrol je naar boven, dan gaat de inhoud van rechts naar links. Laat je de Shift-toets los, dan werkt het scrollwieltje weer gewoon verticaal.

Met Ctrl+Shift kun je in Excel horizontaal scrollen met het muiswieltje.

Slepen met de rechtermuisknop

We slepen bestanden en mappen bijna altijd met de linkermuisknop om ze te verplaatsen. Maar probeer het eens met de rechtermuisknop, dat geeft je veel meer controle. Klik met de rechtermuisknop op een bestand of map en sleep het naar de gewenste locatie. Wanneer je de muisknop loslaat, verschijnt een snelmenu waarin je kunt kiezen: Hierheen kopiëren, Hierheen verplaatsen, Hier snelkoppelingen maken. Heb je een compressietool geïnstalleerd, zoals 7-Zip of WinRAR, dan verschijnen die opties ook in het menu. Je kunt bovendien meerdere items selecteren en die tegelijk met de rechtermuisknop slepen. Ideaal om in één keer snelkoppelingen op het bureaublad te plaatsen.

Door met rechts te slepen, opent een snelmenu.

Meteen het volledige contextmenu

In Windows 11 is het contextmenu (het menu dat verschijnt bij een rechtermuisklik) vereenvoudigd. Pictogrammen voor Knippen, Kopiëren, Plakken, Naam wijzigen en Verwijderen staan bovenaan en het menu zelf is korter. Dat oogt overzichtelijker, maar soms heb je juist het klassieke volledige contextmenu nodig. Je kunt onderaan op Meer opties weergeven klikken, maar dat kost telkens een extra handeling. Ben je het beu om telkens die extra klik te moeten maken? Houd dan gewoon de Shift-toets ingedrukt en klik met de rechtermuisknop op de map of het bestand. Hierdoor opent direct het volledige klassieke contextmenu waar je toegang hebt tot alle rechtermuisknopopties van Windows.

Links het gewone contextuele menu van Windows 11, rechts het volledige menu.

Vensters maximaliseren en verkleinen

Dubbelklik op de titelbalk bovenaan een venster om een venster te maximaliseren. Staat het venster al gemaximaliseerd? Dubbelklik opnieuw op de titelbalk en het venster keert terug naar zijn vorige formaat. Dit werkt een stuk sneller dan mikken op de kleine maximaliseer-/herstelknop. Je kunt ook dubbelklikken op het pictogram van het venster in de linkerbovenhoek om dat venster meteen te sluiten. Bij sommige moderne Windows 11-apps staat er géén pictogram in de titelbalk en werkt deze truc dus niet. Voorbeelden waarbij het wel werkt: Kladblok, Taakbeheer, register-editor en veel traditionele desktopsoftware. 

Sneller zoomen

Een van de meest onderbenutte functies van de muis is de mogelijkheid om in en uit te zoomen met behulp van het scrollwieltje. Houd de Ctrl-toets ingedrukt en rol met het wieltje omhoog om in te zoomen, rol omlaag om uit te zoomen. Dit werkt bijna overal: op webpagina’s, Word-documenten, Excel-sheets, pdf-bestanden, fototoepassingen en grafische software, Windows Verkenner … Het voordeel is dat je hand op het toetsenbord én op de muis blijft, zonder de workflow te onderbreken. In sommige browsers kun je met Ctrl+0 (nul) altijd terugkeren naar 100 procent zoom. In Microsoft Word werkt Ctrl+muiswieltje zelfs terwijl je een selectie maakt in de statusbalk onderaan, waardoor je extra controle krijgt over de weergave.

Via Ctrl+muiswieltje kun je traploos inzoomen.

Slimmer selecteren

Meerdere bestanden selecteren hoeft geen gedoe te zijn. Windows biedt twee handige methoden. De eerste manier (Shift+klik) gebruik je om een aaneengesloten reeks items te selecteren. Klik op het eerste bestand in de reeks, houd de Shift-toets ingedrukt en klik op het laatste bestand. Alles daartussen wordt automatisch geselecteerd. De tweede manier (Ctrl+klik) dient om meerdere niet-aansluitende bestanden te selecteren. Houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op elk bestand dat je wilt toevoegen. Als je per ongeluk het verkeerde bestand hebt geselecteerd, klik je er nogmaals op terwijl je de Ctrl-toets nog steeds ingedrukt houdt. Vaak is het handig om deze twee methoden te combineren. Veronderstel dat je eerst met Shift-klik een aansluitende reeks bestanden hebt geselecteerd vanaf nummer 7 tot en met 63, maar je wilt bestand 52, 57 en 60 niet in de selectie. Dan kun je met Ctrl-klik deze drie items uit de selectie verwijderen.

Met Shift-klik selecteer je een aaneengesloten reeks bestanden.
▼ Volgende artikel
Pokémon FireRed en LeafGreen komen op 27 februari naar Switch eShop
Huis

Pokémon FireRed en LeafGreen komen op 27 februari naar Switch eShop

Er gingen onlangs al geruchten over, maar nu is het zo goed als zeker: vanaf 27 februari zijn Pokémon FireRed Version en Pokémon LeafGreen Version speelbaar op Nintendo Switch en Nintendo Switch 2 via de eShop.

Na eerdere geruchten zijn beide games nu inmiddels op de Nintendo eShop verschenen: hier en hier. Daarbij kost elk spel 20 euro.

Officieel zijn de Switch-releases van de klassieke games nog niet aangekondigd op moment van schrijven. Op 27 februari is het Pokémon Day, een jaarlijkse viering van alles rondom Pokémon. Het ligt dan ook in de lijn der verwachting dat de Switch-versies van de games op die dag worden aangekondigd en meteen worden uitgebracht.

Volgens de beschrijving op de eShop wordt lokale draadloze multiplayer ondersteund, en zal Pokémon Home op een later moment ook worden ondersteund. Overigens zullen diverse regio's unieke taalversies ontvangen, net als bij het origineel. Dat betekent bijvoorbeeld dat mensen die het spel in de Verenigde Staten kopen, alleen een Engelse taal kunnen selecteren in de games.

Er gingen eerder al geruchten dat de Pokémon-games opnieuw uitgebracht zouden worden om de franchise te vieren. De Pokémon-reeks bestaat dit jaar namelijk dertig jaar.

View post on Instagram
 

Over Pokémon FireRed en LeafGreen

Pokémon Red en Pokémon Blue waren de eerste Pokémon-games die in 1996 verschenen, terwijl FireRed Version en LeafGreen Version uit 2004 afkomstige Game Boy Advance-remakes zijn van de spellen.

In deze Pokémon-games verkennen spelers de originele Kanto-regio, waar men wilde pokémon tegenkomt die men kan vangen, om ze vervolgens in te zetten in gevechten tegen andere pokémon. Spelers nemen het namelijk op tegen ervaren Gym Leaders en proberen de beste pokémontrainer ooit te worden. De FireRed- en LeafGreen-versies van de game voegen ook de nieuwe regio Sevii Islands toe.