ID.nl logo
Veiliger inloggen doe je zo
© Reshift Digital
Huis

Veiliger inloggen doe je zo

Wanneer je je ergens aanmeldt, doe je dat meestal (alleen) met een wachtwoord. Echt veilig is dat niet en daarom bieden veel diensten tweefactorauthenticatie aan. Daarbij is naast je wachtwoord nog iets extra’s vereist, zoals een token of vingerafdruk. Maar als het van FIDO2 afhangt, loggen we binnenkort zonder wachtwoord in. Welke manieren zijn er zoal om veiliger inloggen mogelijk te maken?

Al in 2004 voorspelde Bill Gates de snelle ondergang van wachtwoorden, maar meer dan vijftien jaar later gebruiken we die nog volop. Daar kleven flink wat risico’s aan. Trojans en keyloggers kunnen je wachtwoorden onderscheppen en phishing-mails houden je in het vizier. Helemaal erg is het als je zowat overal hetzelfde wachtwoord gebruikt. Met dat ene wachtwoord kunnen hackers zich immers bij verschillende services aanmelden.

In dit artikel bespreken we ruwweg drie manieren om zo’n inlogproces beter te beveiligen. In eerste instantie houden we het gebruik van wachtwoorden aan, maar zorgen we er met een slimme wachtwoordkluis voor dat ook tientallen complexe wachtwoorden goed te behappen blijven. Vervolgens zoomen we in op diverse implementaties van tweefactorauthenticatie (2FA) en ten slotte halen we de toekomst naar het heden met FIDO2 en WebAuthn, waarmee je je veilig en zonder wachtwoorden bij services kunt aanmelden.

01 KeePassXC (desktop)

Zolang je wachtwoorden gebruikt, zorg je maar beter voor complexe exemplaren die voor elke dienst of app verschillend zijn. Een wachtwoordbeheerder helpt je dat beheersbaar te houden. Een degelijke en gratis opensource-tool is KeePassXC, beschikbaar voor Linux, macOS en Windows (ook portable). KeePassXC is een community-vork van KeePassX dat op zijn beurt een cross-platform-port is van KeePass.

We bekijken kort de Windows 64bit-versie 2.5.3. Die installeer je met een handvol muisklikken. De eerste keer klik je op Nieuwe database aanmaken, tenzij je wachtwoorden uit je browser wilt ophalen. Dit laatste doe je met CSV-bestand importeren. Vanuit Chrome bijvoorbeeld exporteer je die als volgt: ga naar Instellingen / Wachtwoorden, klik op het knopje met de drie puntjes en kies voor Wachtwoorden exporteren.

Geef een naam op voor je kluis, vul een sterk hoofdwachtwoord in en kies een locatie. Omdat het bestand versleuteld is, kun je dit in de synchronisatiemap van je cloudopslagservice plaatsen: zo is je kluis ook onderweg bereikbaar.

Je belandt nu in het hoofdvenster van KeePassXC. Vanuit het contextmenu kun je een Nieuwe groep aanmaken en binnen zo’n groep kun je een Nieuw item creëren, met ingrediënten als Gebruiksnaam, Wachtwoord en URL. Laat onder Auto-tip het vinkje staan bij Auto-type inschakelen, zodat de velden via de optie Auto-type uitvoeren netjes voor je worden ingevuld op de webpagina.

©PXimport

Single sign-on

Internetgiganten als Google, Facebook en Apple hebben al langer door dat wachtwoordloos aanmelden eraan zit te komen en proberen er hun voordeel mee te doen via het ‘single sign-on’-concept (sso). Gebruikers hoeven slechts één keer bij een identiteitsprovider (idp) in te loggen. Daarna kunnen ze zich met een druk op de knop aanmelden bij andere diensten die met die idp in zee zijn gegaan. Je hebt vast al begrepen dat deze internetgiganten zelf voor idp spelen. Het komt er dus op neer dat zij in jouw plaats je identiteit bevestigen of ontkennen. Dat geeft hun flink wat macht: het is alsof zij een volmacht hebben over jouw identiteit. De vraag is in hoeverre je je daar comfortabel bij voelt.

©PXimport

02 KeePassXC (browser)

Het is natuurlijk nog fijner als de id-velden geheel automatisch worden ingevuld, zodra je de bijhorende webpagina bezoekt. Daar heb je een browserplug-in als KeePassXC-Browser voor nodig. Hier krijg je de nodige instructies.

In het kort komt het hierop neer. Installeer de plug-in die je kunt vinden in de respectievelijke webstores van onder meer Chrome, (Edge) Chromium en Firefox. Start nu eerst KeePassXC op, zorg dat je database ontgrendeld is en kies Extra / Instellingen / Browserintegratie, waar je een vinkje plaatst bij Browserintegratie inschakelen en bij de gewenste browser(s). Bevestig met OK.

Vervolgens ga je naar je browser en klik je op het knopje KeePassXC-browser. Kies desgewenst voor Opnieuw laden. Klik vervolgens op Verbinding maken, geef de verbinding een naam en bevestig met Opslaan en toegang verlenen.

Je browser en KeePassXC zijn nu verbonden. Test het uit door naar een url te surfen waarvan de id in je kluis is opgenomen. Hooguit moet je voor je aanmelding nog op het KeePassXC-knopje in het (bovenste) id-veld klikken. Klik op Nieuw om een id aan je database toe te voegen.

©PXimport

03 KeePassXC (mobiel)

Je wilt je wachtwoordkluis natuurlijk ook vanaf je smartphone kunnen benaderen. KeePassXC heeft hiervoor zelf geen mobiele apps ontwikkeld, maar speelt leentjebuur bij KeePass2Android (Android) en Strongbox (iOS), beide beschikbaar in de officiële stores. We nemen KeePass2Android als voorbeeld.

Installeer de app en start die op. Allereerst verwijs je naar het kdbx-bestand van je kluis en vul je het hoofdwachtwoord in. Je kunt het vinkje bij Snel Openen inschakelen laten staan, zodat je een database naderhand met slechts drie tekens weer kunt openen. Bevestig met Openen en kies vervolgens voor Ja als je die database voortaan ook met je vingerafdruk wilt kunnen benaderen. Je kunt nu de opgeslagen id’s gebruiken.

Nieuwe id’s voeg je toe met de blauwe plusknop. Van hieruit kun je ook groepen creëren en sjablonen opvragen voor specifieke id’s, zoals Credit card en WLAN.

©PXimport

04 KeePassXC (TOTP)

KeePassXC biedt ook ondersteuning voor zogenoemde one-time passwords: dat zijn codes die op het moment zelf worden gegenereerd en slechts heel kort geldig blijven. We bekijken dat aan de hand van Dropbox.

Meld je aan op de Dropbox-site, klik op je profielicoon en kies voor Instellingen. Ga naar het tabblad Beveiliging en zet Tweestapsverificatie op Aan. Klik op Aan de slag en vul je wachtwoord in. Stip Via een mobiele app aan, druk op Volgende en klik op voer de geheime code handmatig in. Kopieer de code naar het Windows-klembord en rechtsklik op het (inmiddels toegevoegde) Dropbox-id in KeepassXC. Kies TOTP / TOTP instellen (Time-based One-Time-Password) en plak de code in het veld Geheime sleutel. Bevestig met OK. Terug op de Dropbox-site klik je op Volgende.

Er wordt je nu om een code gevraagd en die krijg je van KeePassXC. Rechtsklik op het Dropbox-id en kies voor TOTP/ Toon TOTP. De gevraagde code verschijnt: deze is slechts enkele seconden geldig, waarna automatisch een nieuwe wordt aangemaakt. Vul die snel in Dropbox in en klik op Volgende (2x).

Meteen duikt een venster op met back-up-TAN-codes. Druk deze codes af en bewaar ze op een veilige plaats, want je hebt ze nodig als KeepassXC met TOTP niet meer functioneert of beschikbaar is. Rond af met Volgende (2x).

©PXimport

05 Authenticator-app

Je hebt het inmiddels al door: wat Dropbox tweestapsverificatie noemt is hetzelfde als tweefactorauthenticatie (2FA) en de TOTP-functie van KeePassXC is slechts één 2FA-methode. Een vuistregel voor 2FA is wel dat beide factoren je veiligheidshalve maar beter niet via hetzelfde medium kunnen bereiken, wat in ons voorbeeld met KeePassXC nog wel het geval is. Maar er is een handig alternatief in de vorm van een authenticator-app.

Een van de bekendste is Google Authenticator (Android en iOS), maar daar hangen wel een paar minpuntjes aan vast en dan niet alleen op het vlak van privacy. Zo ontbreekt een back-upfunctie en bij een verloren telefoon zul je je identiteit aan de supportdienst moeten kunnen bewijzen, wat nog niet zo eenvoudig is.

Het eveneens gratis Authy is een goed alternatief. Het is beschikbaar voor macOS, Linux, Windows, Android en iOS. We bekijken hier de iOS-versie.

Installeer de app en start die op. Allereerst vul je het telefoonnummer van je smartphone en je e-mailadres in. Vervolgens geef je aan hoe je de verificatiecode wilt ontvangen: Phone call of SMS. Zodra je de ontvangen code hebt ingevuld, kun je via de plusknop je eerste authenticator-account creëren bij een van de services die door Authy wordt ondersteund. Je scant nu de code van de site waar je 2FA wilt activeren of klikt op Enter key manually. Bij het eerste account krijg je nu de kans een back-up te maken van alle Authy-accounts. Geef een wachtwoord op, klik op Enable backups en tik nogmaals het wachtwoord in. Bewaar je toegevoegde account. Je kunt nu nog meer accounts toevoegen.

©PXimport

06 2FA-methodes

TOTP is een populaire 2FA-methode, maar er zijn er meer. We stellen je enkele alternatieven voor of, zo je wilt, extra methodes als back-up.

We doen dat aan de hand van een Google-account, waar je Beveiliging opent, desgewenst Authenticatie in twee stappen selecteert en op Aan de slag klikt.

Standaard stelt Google de methode Google-prompt voor. Vind je dit een geschikte methode, klik dan op Nu proberen. Op smartphones waarop je met je Google-account bent aangemeld, duikt nu een push-notificatie op en hoef je daar alleen maar op Ja te tikken. In je browser vul je het telefoonnummer in als back-upoptie of klik je op Andere back-upoptie gebruiken voor een TAN-lijst (Transactie Autorisatie Nummer; eigenlijk ook weer een 2FA-methode). Deze bewaar je dan op een veilige plaats. Bevestig met Inschakelen, zodat 2FA voortaan actief is voor je Google-account.

In dit 2FA-venster tref je trouwens nog extra back-upstappen aan, waaronder Authenticator-app (zoals KeePassXC of Authy) en Beveiligingssleutel (zie verder).

Ook handig om te weten: Hier vind je een thematisch overzicht van websites die 2FA ondersteunen.

©PXimport

07 FIDO U2F

Het hoge woord is intussen gevallen: ‘beveiligingssleutel’ (security key), ook wel dongle, token of authenticator genoemd. Dat is een klein apparaatje, vaak beschikbaar als usb-a- of usb-c-stick, maar ook via Bluetooth, NFC en Lightning. Bekende fabrikanten zijn onder meer Feitian, SoloKeys, Titan en Yubico. De prijzen schommelen meestal ergens tussen 25 en 75 euro.

Op www.dongleauth.info vind je een overzicht van sites die met zo’n sleutel overweg kunnen. De meeste ondersteunen zo’n beveiligingssleutel (alleen) in combinatie met een wachtwoord. Je hebt hiervoor een beveiligingssleutel nodig die met U2F (Universal Second Factor) overweg kan. Dat is een methode voor het authenticeren met twee factoren zoals die door de FIDO Alliance (Fast IDentify Online) werd gespecificeerd en die onderliggend met CTAP1 (Client To Authenticator Protocol 1) werkt. Nagenoeg alle beveiligingssleutels kunnen met U2F overweg, maar even dubbelchecken voor aanschaf kan geen kwaad. Let op: ook de browser waarmee je je aanmeldt moet U2F ondersteunen. Dat is onderhand voor de meeste browsers wel het geval, maar Safari kan nog weleens lastig doen.

©PXimport

08 U2F-authenticatie

We tonen kort hoe je met Google en U2F aan de slag gaat met behulp van Chrome voor desktop en een Yubico Security Key (circa 25 euro). Deze token is trouwens ook met NFC-ondersteuning beschikbaar, zodat je die ook mobiel kunt inzetten (circa 35 euro).

Meld je opnieuw aan en kies voor Beveiliging / Authenticatie in twee stappen / Beveiligingssleutel toevoegen.

Heb je al eerder een smartphone aan je account gekoppeld? Dan kun je wellicht de ingebouwde beveiligingssleutel van dat toestel gebruiken. Dat geldt normaliter voor smartphones vanaf Android 7 of iOS 10, met ingeschakelde Bluetooth-functie en locatieservice.

Wij kiezen hier voor USB of Bluetooth (Externe beveiligingssleutel). Klik op Volgende en plaats je beveiligingssleutel in de usb-poort. De knop op de sleutel licht op en zodra je die aanraakt, verschijnt een pop-upvenster met de vraag of Google het merk en model van je sleutel mag bekijken. Bevestig met Toestaan. Even later is de sleutel bij Google geregistreerd en klik je op Gereed. Je kunt die voortaan gebruiken in de 2FA-inlogprocedure bij Google, naast eventuele andere methodes. Na het invullen van je wachtwoord klik je dan op Annuleren en vervolgens op Probeer het op een andere manier, zodat je zelf de gewenste 2FA-methode kunt selecteren.

©PXimport

09 FIDO2-test

Als je de uitleg rond FIDO U2F hebt gelezen, kun je misschien al raden dat er ook een CTAP2-protocol bestaat. Dat klopt en dat is het nieuwe verbindingsprotocol van FIDO2, de opvolger van FIDO. Dit protocol ondersteunt weliswaar nog U2F, maar maakt ook inloggen zonder wachtwoord mogelijk, op voorwaarde uiteraard dat je over een FIDO2-sleutel beschikt en dat zowel je browser, platform/applicatie als de webservice (oftewel Relying Party of RP) dat eveneens ondersteunt. De webservice gebruikt dan de open JavaScript-interface WebAuthn om met de FIDO2-module van de browser te communiceren.

We maken voor een wachtwoordloze login opnieuw gebruik van een Yubico Security Key. Je kunt een en ander eerst uitproberen op de demosite.

Vul een gebruikersnaam in en klik op Register. Mogelijk verschijnt nu een pop-upvenster waarin je Windows Hello kunt instellen om je voortaan aan te melden bij deze site, want ook Hello is sinds Windows 10 1903 officieel gecertificeerd voor FIDO2.

Maar wij willen onze sleutel gebruiken, dus klikken we hier op Annuleren. Als het goed is, duikt er nu een tweede pop-upvenster op dat naar een beveiligingssleutel vraagt. Zodra je je sleutel hebt aangeraakt, kun je daarmee inloggen. Je krijgt ook te zien welke referenties (gedurende 24 uur) bewaard worden door de site van je token, waaronder de publieke sleutel.

©PXimport

10 Authenticatie (Microsoft)

Je kunt deze manier van aanmelden ook al in het ‘echt’ gebruiken, zoals bij Microsoft. Meld je met je wachtwoord aan en kies bovenaan voor Beveiliging / Meer beveiligingsopties. In de rubriek Windows Hello en beveiligingssleutels kies je Uw aanmeldingsmethoden beheren (dit is de directe link).

Om je voortaan wachtwoordloos te kunnen aanmelden bij diverse Microsoft-services kun je kiezen tussen Windows Hello instellen en Een beveiligingssleutel instellen. Wij gaan voor de laatste optie. Druk op Volgende en op Doorgaan en stop de sleutel in de pc. Die moet je nu wel nog van een pincode voorzien. Bevestig met OK, raak je sleutel aan en klik op Toestaan. Geef je sleutel desgewenst een naam mee, klik op Volgende en rond af met OK.

Test het uit door je af te melden en je bijvoorbeeld bij OneDrive aan te melden. Vul je naam in, klik op Aanmelden met Windows Helloof met een beveiligingssleutel / Beveiligingssleutel, stop de sleutel in je pc, vul de pincode in en raak de sleutel aan. Je bent nu ingelogd bij OneDrive.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.